<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR15134_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening inzake de behandeling van beroep- en bezwaarschriften Deventer 2002</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Deventer</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-03-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Deventer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch Gemeenteblad, 31-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening inzake de behandeling van beroep- en bezwaarschriften Deventer 2002</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005537&amp;g=2014-12-31">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>1.3</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR351099_1">Verordening behandeling bezwaarschriften Deventer</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      
      Verordening inzake de behandeling van beroep- en bezwaarschriften
                Deven
      ter 2002
      
      
      
      
      
      (Algemene Wet
            Bestuursrecht)
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel I: Algemene bepalingen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 1: Begripsbepalingen</label>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>bestuursorgaan: het gemeentelijk orgaan dat dient te beschikken
                                    op een bezwaar- of beroepschrift;</al></li>
              <li nr="b."><al>verwerend orgaan: het gemeentelijk orgaan dat het bestreden
                                    besluit heeft genomen;</al></li>
              <li nr="c."><al>commissie: één der adviescommissies als bedoeld in artikel
                                    3;</al></li>
              <li nr="d."><al>indiener: degene die tegen een besluit van een gemeentelijk
                                    orgaan een beroep- of bezwaarschrift heeft ingediend bij een
                                    bestuursorgaan.</al></li>
              <li nr="e."><al>wet: de Algemene Wet Bestuursrecht.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 2: Inleidende bepaling</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Ter voorbereiding van de beslissing op bij een bestuursorgaan
                                    ingediende beroep- of bezwaarschriften worden deze behandeld in
                                    één der commissies als bedoeld in artikel 3.</al></li>
              <li nr="2."><al>In afwijking van het bepaalde in lid 1 worden bezwaarschriften
                                    inzake gemeentelijke belastingen behandeld door één of meer door
                                    burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtenaren.</al></li>
            </lijst>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel II: Behandeling van bezwaar- en beroepschriften</label>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Afdeling 1: Commissies</label>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 3: Indeling in commissies</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Er is een commissie, genaamd Bezwarencommissie Personele
                                        Aangelegenheden, ter voorbereiding van de beslissing op
                                        bezwaarschriften die zijn ingediend bij een bestuursorgaan
                                        tegen de door of namens dat bestuursorgaan als werkgever ten
                                        aanzien van haar ambtenaren of daarmede gelijk te stellen
                                        werknemers genomen besluiten.</al></li>
                <li nr="2."><al>Er is een commissie, genaamd Algemene
                                        Bezwaarschriftencommissie, ter voorbereiding van de
                                        beslissing op de overige beroep- of bezwaarschriften die
                                        zijn ingediend op grond van enige wettelijke regeling,
                                        uitgezonderd de belastingwetgeving.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 4: Samenstelling der commissies</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Een commissie als bedoeld in artikel 3 bestaat uit een
                                        voorzitter en ten minste twee leden, benoemd door de
                                        gemeenteraad op voorstel van burgemeester en wethouders. Op
                                        dezelfde wijze wordt een genoegzaam aantal plaatsvervangende
                                        leden benoemd. Ten aanzien van hen zijn de voor de leden
                                        gegeven bepalingen van deze verordening van overeenkomstige
                                        toepassing. In plaats van de benoeming van plaatsvervangende
                                        leden kunnen op voorstel van burgemeester en wethouders ook
                                        extra leden worden benoemd, die via een roulatiesysteem
                                        worden ingezet.</al></li>
                <li nr="2."><al>De voorzitter en de leden van een commissie kunnen geen deel
                                        uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van
                                        een bestuursorgaan van de gemeente Deventer. </al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 5: Kamers</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen een commissie indelen in
                                        één of meer kamers die belast worden met de behandeling van
                                        bezwaar- of beroepschriften.</al></li>
                <li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders kunnen voor elke kamer
                                        vaststellen welke categorie of categorieën bezwaar- of
                                        beroepschriften door haar zullen worden behandeld.</al></li>
                <li nr="3."><al>Elke kamer bestaat uit ten minste drie leden, te weten een
                                        voorzitter en minstens twee leden, uit het midden van de
                                        commissie aangewezen.</al></li>
                <li nr="4."><al>De kamer kan beslissen dat de behandeling van een bezwaar-
                                        of beroepschrift door de commissie zal geschieden.</al></li>
                <li nr="5."><al>Met betrekking tot de werkwijze van ingestelde kamers is het
                                        bepaalde ten aanzien van de werkwijze van de commissie
                                        zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.</al></li>
                <li nr="6."><al>Een door een kamer uitgebracht advies wordt aangemerkt als
                                        een advies van een commissie.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 6: Secretariaat</label>
              </kop>
              <al>Het secretariaat van een commissie wordt bekleed door een of meer
                                door burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtenaren. </al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 7: Zittingsduur</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De leden van een commissie worden benoemd voor een periode
                                        van vier jaar.</al></li>
                <li nr="2."><al>De raad ontslaat de voorzitter of een lid van
                                        commissie:</al><lijst>
                    <li nr="a"><al>op zijn verzoek;</al></li>
                    <li nr="b"><al>wanneer hij uit hoofde van ziekte of gebreken
                                                blijvend ongeschikt is zijn functie te
                                                vervullen;</al></li>
                    <li nr="c"><al>bij de aanvaarding van een ambt of betrekking welke
                                                bij deze verordening onverenigbaar is verklaard met
                                                het voorzitterschap of het lidmaatschap van een
                                                commissie;</al></li>
                    <li nr="d"><al>wanneer hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                                uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel
                                                hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd
                                                die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;</al></li>
                    <li nr="e"><al>wanneer hij ingevolge een onherroepelijk geworden
                                                rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in
                                                staat van faillissement is verklaard, surséance van
                                                betaling heeft verkregen of wegens schulden is
                                                gegijzeld;</al></li>
                    <li nr="f"><al>wanneer hij naar het oordeel van de raad door
                                                handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het
                                                in hem c.q. een commissie te stellen vertrouwen.
                                                Hiervan is in ieder geval sprake indien gehandeld
                                                wordt in strijd met deze verordening of de op grond
                                                daarvan vastgestelde nadere regelen.</al></li>
                  </lijst></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 8: Jaarverslag</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De secretariaten van de in artikel 3 genoemde commissies
                                        registreren de ingediende beroep- en bezwaarschriften en de
                                        daarop genomen beslissingen.</al></li>
                <li nr="2."><al>Jaarlijks brengt een commissie een jaarverslag uit. Dit
                                        verslag wordt in ieder geval ter kennis gebracht van de
                                        gemeenteraad en de bestuursorganen waaraan in het
                                        verslagjaar is geadviseerd.</al></li>
                <li nr="3."><al>Het jaarverslag bevat in ieder geval een overzicht van
                                        behandelde zaken en de daarop genomen beslissingen. Voorts
                                        kunnen in een jaarverslag omstandigheden worden gesignaleerd
                                        die het indienen van beroep- of bezwaarschriften in de hand
                                        werken, en kunnen in een jaarverslag voorstellen worden
                                        gedaan om gebleken gebreken in de organisatie of in
                                        procedures te verbeteren.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 9: Overleg</label>
              </kop>
              <al>De voorzitter van de Algemene Bezwaarschriftencommissie en een of
                                meer kamervoorzitters overleggen in ieder geval een maal per jaar
                                met de meest functionele raadscommissie over het functioneren van de
                                bezwaarschriftenprocedure.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 10: Nadere regels</label>
              </kop>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen ter
                                uitvoering van deze verordening.</al>
              <al/>
            </artikel>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Afdeling 2: Procedure behandeling door commissie</label>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 11: Ingediend beroep- of bezwaarschrift</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Op het ingediende beroep- of bezwaarschrift wordt de datum
                                        van ontvangst aangetekend.</al></li>
                <li nr="2."><al>Het beroep- of bezwaarschrift met de daarbij overgelegde
                                        stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de bevoegde
                                        commissie gesteld.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 12: Verstrekking van stukken aan een commissie</label>
              </kop>
              <al>Het bestuursorgaan is verplicht aan een commissie alle stukken over
                                te leggen die betrekking hebben op de zaak die onderwerp is van het
                                bezwaar- of beroepschrift.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 13: Vooronderzoek</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De voorzitter van een commissie is in verband met de
                                        voorbereiding van de behandeling van een beroep- of
                                        bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle inlichtingen in te
                                        winnen of te doen inwinnen.</al></li>
                <li nr="2."><al>De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de
                                        commissie bij deskundigen, al of niet ambtenaren van de
                                        gemeente zijnde, advies of inlichtingen inwinnen en dezen
                                        indien hij dit nodig oordeelt voorts uitnodigen ter zitting
                                        te verschijnen.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 14: Procedurele vereisten</label>
              </kop>
              <al>De hierna genoemde bevoegdheden zoals vermeld in de wet worden voor
                                de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter
                                van een commissie, die hiertoe de secretaris kan machtigen.</al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>artikel 2:1, tweede lid;</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een
                                        termijn waarbinnen het verzuim in de zin van niet voldoen
                                        aan de vereisten als gesteld in artikel 6:5 van de wet, kan
                                        worden hersteld;</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 6:17, voor zover het betreft de verzending van
                                        stukken tijdens de behandeling door de commissie;</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 7:2 en 7:16, voorzover het betreft het uitnodigen
                                        voor de hoorzitting;</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 7:4, tweede lid;</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 7:6, tweede en vierde lid;</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 7:18, tweede en zesde lid, en</al></li>
                <li nr="-"><al>artikel 7:20, vierde lid.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 15: Hoorzitting</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De voorzitter van een commissie bepaalt plaats en tijdstip
                                        van de zitting waarin belanghebbenden en het verwerende
                                        orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich in persoon of
                                        bij gemachtigde te doen horen.</al></li>
                <li nr="2."><al>Een commissie kan voorts ambtenaren der gemeente en andere
                                        deskundigen ter zitting horen.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 16: Oproeping belanghebbenden</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De voorzitter deelt belanghebbenden en het verwerende orgaan
                                        ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk mede dat
                                        zij in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen
                                        tijdens deze zitting.</al></li>
                <li nr="2."><al>Indien een belanghebbende of het verwerende orgaan wijziging
                                        wenst van het tijdstip van de zitting, dient zulks binnen
                                        drie dagen na de in het eerste lid bedoelde mededeling,
                                        onder opgaaf van redenen, te worden verzocht aan de
                                        voorzitter.</al></li>
                <li nr="3."><al>De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld
                                        in het tweede lid wordt zo spoedig mogelijk voor het
                                        tijdstip van de zitting aan betrokkenen bekendgemaakt.</al></li>
                <li nr="4."><al>De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te
                                        wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd
                                        in de voorgaande leden.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 17: Quorum</label>
              </kop>
              <al>Voor de beslissing over het uit te brengen advies is vereist dat
                                minimaal drie leden, waaronder begrepen de voorzitter, aanwezig
                                zijn. Een lid kan zich hierbij laten vervangen door een
                                plaatsvervangend lid.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 18: Niet-deelneming aan de behandeling</label>
              </kop>
              <al>De voorzitter en de leden van een commissie nemen niet deel aan de
                                behandeling van een beroep- of bezwaarschrift indien daarbij hun
                                onpartijdigheid in het geding kan zijn.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 19: Openbaarheid van zitting</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De zitting is openbaar.</al></li>
                <li nr="2."><al>De deuren worden gesloten indien de voorzitter van een
                                        commissie of een der aanwezige leden dit nodig oordeelt of
                                        indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.</al></li>
                <li nr="3."><al>Indien de commissie vervolgens van oordeel is dat gewichtige
                                        redenen zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten,
                                        vindt de zitting met gesloten deuren plaats.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 20: Schriftelijke verslaglegging</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Het verslag als bedoeld in de artikelen 7.7 en 7:21 van de
                                        wet vermeldt de namen van de aanwezigen, met daarbij een
                                        omschrijving van hun hoedanigheid. Het houdt een korte
                                        vermelding in van hetgeen over en weer is gezegd en van
                                        hetgeen voor het overige ter hoorzitting is voorgevallen.
                                        Indien de hoorzitting geheel of gedeeltelijk niet openbaar
                                        was, of indien belanghebbenden respectievelijk hun
                                        gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord,
                                        maakt het verslag hiervan melding. Het verslag verwijst
                                        voorts naar de eventueel ter zitting overgelegde
                                        bescheiden.</al></li>
                <li nr="2."><al>Het verslag wordt getekend door de voorzitter en de
                                        secretaris van een commissie.</al></li>
                <li nr="3."><al>Aan het bepaalde in dit artikel wordt ook geacht te zijn
                                        voldaan indien de verslaglegging deel uitmaakt van het
                                        schriftelijke advies dat een commissie uitbrengt.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 21: Nader onderzoek</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Indien na afloop van de zitting als bedoeld in artikel 15,
                                        doch voordat het advies is uitgebracht, een nader onderzoek
                                        wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter van een
                                        commissie uit eigen beweging of op verzoek van een commissie
                                        dit onderzoek houden. Verkregen informatie of adviezen
                                        worden in afschrift aan de leden van deze commissie, het
                                        bestuursorgaan en de belanghebbenden toegezonden. Zij kunnen
                                        binnen een daartoe gestelde termijn schriftelijk
                                        reageren.</al></li>
                <li nr="2."><al>De leden van de commissie, het bestuursorgaan en de
                                        belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de
                                        in het eerste lid bedoelde nadere informatie of adviezen aan
                                        de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het
                                        beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist
                                        omtrent een dergelijk verzoek.</al></li>
                <li nr="3."><al>Op een nieuwe hoorzitting als bedoeld in het tweede lid zijn
                                        de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op
                                        de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige
                                        toepassing.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 22: Raadkamer en advies</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Een commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren
                                        over het door haar aan het bestuursorgaan uit te brengen
                                        advies.</al></li>
                <li nr="2."><al>Een commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het
                                        uit te brengen advies. Van minderheidsstandpunten wordt
                                        desgewenst in het advies melding gemaakt. Ingeval de stemmen
                                        staken beslist de stem van de voorzitter.</al></li>
                <li nr="3."><al>Het advies is gemotiveerd en bevat een voorstel aan het
                                        bestuursorgaan inzake de te nemen beslissing.</al></li>
                <li nr="4."><al>Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van een
                                        commissie ondertekend.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 23: Uitbrengen van het advies</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Het advies wordt, onder medezending van het in artikel 19
                                        bedoelde verslag en eventueel door een commissie ontvangen
                                        nadere informatie of adviezen, aan het bestuursorgaan
                                        uitgebracht. Gelijktijdig wordt het advies aan
                                        belanghebbenden toegezonden.</al></li>
                <li nr="2."><al>Indien naar het oordeel van de voorzitter van een commissie
                                        de termijn ontoereikend is voor achtereenvolgens het
                                        uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing
                                        door het bestuursorgaan, verzoekt hij dat bestuursorgaan
                                        tijdig de beslissing te verdagen.</al></li>
                <li nr="3."><al>Van een besluit tot verdaging wordt mededeling gedaan aan de
                                        belanghebbenden en, in het geval van behandeling van een
                                        beroepschrift, aan het verwerende orgaan.</al></li>
                <li nr="4."><al>Indien een bestuursorgaan afwijkt van het advies van de
                                        Algemene Bezwaarschriftencommissie zendt dit orgaan zijn
                                        beslissing en het advies ter informatie toe aan de meest
                                        functionele vaste commissie van advies aan burgemeester en
                                        wethouders.</al></li>
              </lijst>
              <al/>
            </artikel>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Afdeling 3: Procedure bezwaarschriftbehandeling gemeentelijke belastingen</label>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 24: Het indienen van een bezwaarschrift</label>
              </kop>
              <al>Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst
                                aangetekend.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 25: Jaarverslag</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De in het tweede lid van artikel 2 bedoelde ambtenaren
                                        registreren de ingediende bezwaarschriften en de daarop
                                        genomen beslissingen.</al></li>
                <li nr="2."><al>Jaarlijks brengt het dienstonderdeel waarbij de in het
                                        tweede lid van artikel 2 bedoelde ambtenaren werkzaam zijn
                                        een jaarverslag uit. Dit verslag wordt in ieder geval ter
                                        kennis gebracht van de gemeenteraad en de bestuursorganen
                                        waaraan in het verslagjaar is geadviseerd.</al></li>
                <li nr="3."><al>Het jaarverslag bevat in ieder geval een overzicht van
                                        behandelde zaken en de daarop genomen beslissingen. Voorts
                                        kunnen in een jaarverslag omstandigheden worden gesignaleerd
                                        die het indienen van bezwaarschriften in de hand werken, en
                                        kunnen in een jaarverslag voorstellen worden gedaan om
                                        gebleken gebreken in de organisatie of in procedures te
                                        verbeteren.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 26: Hoorzitting</label>
              </kop>
              <al>De heffingsambtenaar bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting
                                waarin belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld zich in
                                persoon of bij gemachtigde te doen horen.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 27: Oproeping belanghebbenden</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De heffingsambtenaar deelt belanghebbenden ten minste twee
                                        weken voor de zitting schriftelijk mede, dat zij in de
                                        gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens deze
                                        zitting.</al></li>
                <li nr="2."><al>Indien een belanghebbende wijziging wenst van het tijdstip
                                        van de zitting, dient zulks binnen drie dagen na de in het
                                        eerste lid bedoelde mededeling, onder opgaaf van redenen, te
                                        worden verzocht.</al></li>
                <li nr="3."><al>De beslissing op een verzoek als bedoeld in het tweede lid,
                                        wordt zo spoedig mogelijk voor het tijdstip van de zitting,
                                        aan de betrokkene bekendgemaakt.</al></li>
                <li nr="4."><al>De heffingsambtenaar is bevoegd in bijzondere omstandigheden
                                        af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als
                                        genoemd in de voorgaande leden.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 28: Openbaarheid van zitting</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>De zitting is openbaar.</al></li>
                <li nr="2."><al>De deuren worden gesloten indien degene die leiding heeft
                                        ter zitting het nodig oordeelt of indien een belanghebbende
                                        daartoe een verzoek doet.</al></li>
                <li nr="3."><al>Indien degenen die met het horen belast zijn vervolgens
                                        beslissen dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich
                                        tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de
                                        zitting plaats met gesloten deuren.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 29: Schriftelijke verslaglegging</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Het verslag als bedoeld in artikel 7.7 van de wet vermeldt
                                        de namen van de aanwezigen, met daarbij een vermelding van
                                        hun hoedanigheid. Het houdt een korte vermelding in van al
                                        hetgeen over en weer is gezegd en van al hetgeen voor het
                                        overige ter zitting is voorgevallen. Indien de zitting
                                        geheel of gedeeltelijk niet openbaar was, of indien
                                        belanghebbenden respectievelijk hun gemachtigden niet in
                                        elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag
                                        hiervan melding. Het verslag verwijst voorts naar de
                                        eventueel ter zitting overgelegde bescheiden.</al></li>
                <li nr="2."><al>Het verslag wordt getekend door degene die de leiding had
                                        tijdens de zitting.</al></li>
              </lijst>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel 30: Nader onderzoek</label>
              </kop>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Indien na afloop van de zitting, doch voordat de beslissing
                                        wordt genomen, een nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn,
                                        geschiedt dit onderzoek door of onder leiding van de
                                        heffingsambtenaar. Verkregen informatie of adviezen worden
                                        in afschrift aan de belanghebbenden toegezonden.</al></li>
                <li nr="2."><al>Belanghebbenden kunnen binnen een week, na verzending van de
                                        in het eerste lid bedoelde nadere informatie of adviezen een
                                        verzoek indienen tot het beleggen van een nieuwe
                                        hoorzitting. Het bestuursorgaan beslist omtrent een
                                        dergelijk verzoek.</al></li>
                <li nr="3."><al>Op een nieuwe hoorzitting als bedoeld in het tweede lid zijn
                                        de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op
                                        de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige
                                        toepassing.</al></li>
              </lijst>
              <al/>
            </artikel>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel III: Slotbepaling</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 31: inwerkingtreding en citeertitel</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Tegelijkertijd met de inwerkingtreding van deze verordening
                                    vervalt de Verordening behandeling beroep-, bezwaar- en
                                    verzoekschriften Deventer.</al></li>
              <li nr="2."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening inzake
                                    de behandeling van beroep- en bezwaarschriften Deventer 2002.
                                </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>