<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR146737_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene verordening Ondergrondse Infrastructuren van de gemeente Loon op Zand</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Loon op Zand</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Loon op Zand</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>AVOI Loon op Zand</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">De artikelen 149, 154, 156 en 229 van de Gemeentewet, artikel 1 van de Belemmeringenwet Privaatrecht, de artikelen 5.2 en 5.4 van de Telecommunicatiewet en artikel 2.1.5.2 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV)Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2000-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2000-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-09</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene verordening Ondergrondse Infrastructuren van de gemeente Loon op Zand</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>AVOI gemeente Loon op Zand</vet></al><al>officiële titel</al><al>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren
                                            van de gemeente Loon op Zand</al><al/><al>citeertitel AVOI</al><al>gemeente Loon op Zand</al><al/><al>wettelijke grondslag</al><al>De artikelen 149, 154, 156 en 229 van de
                                            Gemeentewet, artikel 1 van de Belemmeringenwet
                                            Privaatrecht, de artikelen 5.2 en 5.4 van de
                                            Telecommunicatiewet en artikel 2.1.5.2 van de
                                            Algemene Plaatselijke Verordening (APV)</al><al/><al>datum aanmaak</al><al>1 november 2011</al><al/><al>De raad van de gemeente Loon op Zand;</al><al>gelezen het voorstel van het college van 1 november 2011;</al><al>gelet op de artikelen 149, 154, 156 en 229 van de Gemeentewet, artikel 1
                        van de Belemmeringenwet Privaatrecht, de artikelen 5.2 en 5.4 van de
                        Telecommunicatiewet en artikel 2.1.5.2 van de Algemene Plaatselijke
                        Verordening (APV);</al><al>overwegende dat het wenselijk is regels te stellen voor de realisatie
                        van één uniform regime voor al het werk in en onder de grond in de
                        openbare ruimte en de gemeente in staat te stellen de gewenste regierol
                        optimaal in te vullen;</al><al>B E S L U I T:</al><al>vast te stellen de volgende <vet>Algemene Verordening Ondergrondse
                        Infrastructuren van de gemeente Loon op Zand.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="b."><al>net: verzameling van een of meer ondergrondse kabel(s) en/of
                                    leiding(en), inclusief lege buizen, kokerconstructies en
                                    voorzieningen, bestemd voor het transport van vaste, vloeibare
                                    of gasvormige stoffen, van energie (netten van nutsbedrijven) of
                                    van informatie (openbare elektronische communicatienetwerken als
                                    bedoeld in artikel 1.1 onder h. van de
                                    Telecommunicatiewet);</al></li><li nr="c."><al>kabels en leidingen: (ondergrondse) openbare kabels en/of
                                    (buis)leidingen als onderdeel van een net;</al></li><li nr="d."><al>voorzieningen: ondergrondse ondersteunings- en
                                    beschermingswerken (waaronder buizen) ten behoeve van kabels en
                                    leidingen;</al></li><li nr="e."><al>huisaansluiting: het gedeelte van de kabel of leiding in of op
                                    openbare gronden dat een net verbindt met een
                                    netwerkaansluitpunt, ten behoeve van een onroerende zaak, of met
                                    een ander net;</al></li><li nr="f."><al>netbeheerder: degene die een kabel- cq leidingennet
                                    beheert;</al></li><li nr="g."><al>aanvrager: de natuurlijke of rechtspersoon die aan het college
                                    instemming, vergunning of toestemming verzoekt voor het leggen,
                                    hebben, onderhouden, verwijderen etc. van kabels en leidingen in
                                    openbare gronden die door de gemeente beheerd worden;</al></li><li nr="h."><al>opdrachtgever: de natuurlijke of rechtspersoon, zijnde een
                                    netbeheerder, die opdracht geeft tot het uitvoeren van
                                    werkzaamheden; </al></li><li nr="i."><al>grondroerder: de natuurlijke of rechtspersoon onder wiens
                                    verantwoordelijkheid of leiding de werkzaamheden worden
                                    verricht;</al></li><li nr="j."><al>gedoogplichtige: degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld
                                    in de Belemmeringenwet Privaatrecht of de
                                    Telecommunicatiewet;</al></li><li nr="k."><al>openbare gronden: openbare wegen met inbegrip van de daartoe
                                    behorende stoepen, glooiingen, bermen, sloten, bruggen,
                                    viaducten, tunnels, duikers, beschoeiingen en andere werken en
                                    wateren met de daartoe behorende bruggen, plantsoenen, pleinen
                                    en andere plaatsen, die voor eenieder toegankelijk zijn;</al></li><li nr="l."><al>werkzaamheden: handmatige en mechanische werkzaamheden in of op
                                    openbare gronden in verband met de aanleg, instandhouding en
                                    opruiming van kabels en leidingen; </al></li><li nr="m."><al>aanleggen: het aanbrengen, leggen, onderhouden, omleggen,
                                    vernieuwen, herstellen en verwijderen van kabels en leidingen en
                                    het verrichten van hierbij behorende werkzaamheden; </al></li><li nr="n."><al>voorschriften: de door het college vast te stellen beleidsregels
                                    en bepalingen betreffende de voorbereiding en uitvoering van
                                    ontwerp, aanleg, exploitatie, onderhoud en verwijdering van
                                    kabels en leidingen</al></li><li nr="o."><al>werkzaamheden van niet ingrijpende aard: werkzaamheden die
                                    dusdanig beperkt zijn dat, ter beoordeling door het college, een
                                    lichter procedureel regime toegepast kan worden voor
                                    ondervermelde werkzaamheden indien en voor zover daarbij geen
                                    rijbanen of andere verhardingen, wateren of groenvoorzieningen
                                    (in de zin van beplanting) worden gekruist en geen boringen
                                    toegepast worden:</al><lijst><li nr="-"><al>het aanbrengen/verwijderen van kabels/leidingen van
                                            minder dan 25 meter in een aanwezig net;</al></li><li nr="-"><al>reparaties aan het net(werk) over een lengte van minder
                                            dan 25 meter dan wel van lasgaten;</al></li><li nr="-"><al>werkzaamheden met een grondoppervlakte van maximaal 10
                                            m<sup>2</sup>;</al></li><li nr="-"><al>(incidentele) huisaansluitingen met een gezamenlijke
                                            lengte korter dan 25 meter in of op openbare
                                            gronden;</al></li></lijst></li><li nr="p."><al>instemmingsbesluit: besluit van het college op een schriftelijke
                                    melding van voorgenomen werkzaamheden aan kabels en/of leidingen
                                    ten behoeve van een openbaar elektronisch communicatienetwerk
                                    als bedoeld in artikel 1.1 onder h. van de
                                    Telecommunicatiewet;</al></li><li nr="q."><al>vergunning: vergunning die door het college op schriftelijke
                                    aanvraag kan worden verleend voor werkzaamheden aan kabels en/of
                                    leidingen bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of
                                    gasvormige stoffen of van energie;</al></li><li nr="r."><al>spoedeisende werkzaamheden: werkzaamheden ten gevolge van een
                                    ernstige belemmering of storing in de dienstverlening via het
                                    net, waarvan uitstel redelijkerwijs niet mogelijk of niet
                                    gewenst is;</al></li><li nr="s."><al>niet-openbare kabels en leidingen: kabels en leidingen die niet
                                    gebruikt worden om openbare (voor het publiek beschikbare)
                                    diensten aan te bieden;</al></li><li nr="t."><al>herstel: het op vakkundige wijze terugbrengen van
                                    verhardingsmaterialen in de oorspronkelijke toestand; </al></li><li nr="u."><al>marktconforme kosten: kosten zoals deze onder normale
                                    omstandigheden in een markteconomie op de desbetreffende markt
                                    worden gemaakt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toepasselijkheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op het aanleggen, instandhouden,
                                onderhouden, verleggen en verwijderen van kabels en leidingen in, op
                                en boven de openbare gronden, voor zover de gemeente deze gronden
                                beheert, in eigendom heeft of daarover wettelijke
                                coördinatieverplichtingen heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college voert de regie over de efficiënte ordening van kabels en
                                leidingen in, op en boven de openbare gronden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve
                                fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van
                                toepassing op het bepaalde in deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning, instemming
                                of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden
                                voorschriften en beperkingen in acht te nemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college is bevoegd krachtens deze verordening regels en/of nadere
                            regels te stellen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Melding voor instemmingsbesluit of aanvraag voor vergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Vereiste van instemming of vergunning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden kabels van een openbaar elektronisch
                                    communicatienetwerk of leidingen van een netwerk van een
                                    nutsbedrijf in of op openbare gronden aan te leggen, in stand te
                                    houden, te onderhouden, te verleggen of te verwijderen, zonder
                                    of in afwijking van een voorafgaand door het college verleend
                                    instemmingsbesluit conform de Telecommunicatiewet
                                    respectievelijk een voorafgaand door het college verleende
                                    vergunning. </al></li><li nr="2."><al>Voor het verrichten van werkzaamheden van niet ingrijpende aard
                                    of spoedeisende werkzaamheden, is geen instemming of vergunning,
                                    als bedoeld in het eerste lid noodzakelijk maar kan worden
                                    volstaan met een melding vooraf aan het college.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid opgenomen verbod is niet van toepassing
                            werkzaamheden van de gemeente bij het uitvoeren van haar
                            publiekrechtelijke taak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Procedure van melding of aanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvrager doet minimaal acht weken voor de aanvang van de
                                    werkzaamheden bij het college melding voor een
                                    instemmingsbesluit dan wel aanvraag voor een vergunning als
                                    bedoeld in artikel 4, eerste lid, van deze verordening.</al></li><li nr="2."><al>Indien voor de voorgenomen werkzaamheden tevens
                                    (privaatrechtelijke) toestemming nodig is van andere
                                    grondeigenaren of grondbeheerders, dient de aanvrager deze
                                    toestemming te regelen en uiterlijk vier weken na ontvangst van
                                    de melding of aanvraag, het college een bewijs van toestemming
                                    te overleggen.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van het eerste lid van dit artikel geldt:</al><lijst><li nr="a."><al>in geval van voorgenomen werkzaamheden van niet ingrijpende aard, moet
                            de aanvrager minimaal vijf werkdagen voor uitvoering deze werkzaamheden
                            bij de gemeente melden op een door de gemeente aan te geven wijze. Op
                            grond van belangen als genoemd in artikel 8, eerste lid, van deze
                            verordening, kan het college bepalen dat realisatie op een ander
                            tijdstip moet plaats vinden.</al></li><li nr="b."><al>in geval van spoedeisende werkzaamheden volstaat een melding
                                    voorafgaand aan de start van de werkzaamheden.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het college is bevoegd via nadere regels delen van het
                                    grondgebied aan te wijzen waarop het derde lid van dit artikel
                                    niet van toepassing is. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Gegevensverstrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast over de te verstrekken gegevens
                                en de wijze van verstrekking bij een melding of aanvraag als bedoeld
                                in deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt de voor een melding of aanvraag, als bedoeld in
                                artikel 5 van deze verordening, te gebruiken formulieren vast. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijnen en geldigheidsduur</titel></kop><al>1.Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van de melding of
                            aanvraag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van deze verordening.
                            Betreft het een melding of aanvraag waarbij meer
                            grondeigenaren/beheerders zijn betrokken, dan wordt de beslissing pas
                            genomen als deze andere toestemmingen verkregen en overlegd zijn.</al><al>2.In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel, houdt
                            het college de beslissing aan, indien er in verband met de werkzaamheden
                            een omgevingsvergunning als bedoeld in de ‘Wet algemene bepalingen
                            Omgevingsrecht’ is vereist, tenzij de beschikking op een aanvraag van
                            genoemde vergunningen al is gegeven, en de in artikel 6:7 Algemene wet
                            bestuursrecht genoemde termijn is verstreken zonder dat bezwaren zijn
                            ingediend. Deze aanhouding eindigt na afloop van de bezwarentermijn,
                            tenzij er bezwaren zijn ingediend en tevens is verzocht om een
                            voorlopige voorziening; in dat geval eindigt de aanhouding met ingang
                            van de dag nadat op dat verzoek is beslist.</al><al>3.Indien een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven,
                            deelt het college dit aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een
                            redelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden
                            gezien.</al><al>4.Binnen 12 maanden na verlening van het instemmingsbesluit of van de
                            vergunning moeten de werkzaamheden zijn voltooid, tenzij anders is
                            bepaald. De geldigheidsduur kan door het college met maximaal 6 maanden
                            worden verlengd, na een schriftelijk met redenen omkleed verzoek.</al><al>5.Het instemmingsbesluit of de vergunning vervalt indien de netbeheerder
                            schriftelijk aan het college verklaart geen gebruik meer daarvan te
                            willen maken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Voorschriften, beperkingen en weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan aan een instemmingsbesluit of een vergunning
                                        voorschriften en beperkingen verbinden, dan wel een
                                        vergunning weigeren, in het belang van:</al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>de openbare veiligheid, waaronder mede verstaan wordt de
                                        verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het
                                        verkeer; </al></li><li nr="c."><al>het voorkomen of beperken van overlast; </al></li><li nr="d."><al>het voorkomen of beperken van schade;</al></li><li nr="e."><al>de bescherming van eventuele archeologische vondsten, van
                                        groenvoorzieningen, bomen en van beplantingen;</al></li><li nr="f."><al>het uiterlijk aanzien van de omgeving;</al></li><li nr="g."><al>de bereikbaarheid van gronden of gebouwen, waaronder mede
                                        verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van openbare
                                        gronden en gebouwen, het doelmatig beheer en onderhoud en
                                        het belang van nader aan te geven lokale evenementen als
                                        weekmarkten en kermissen;</al></li><li nr="h."><al>de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt het
                                        zo min mogelijk hinder veroorzaken voor in de grond
                                        aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of zonder
                                        noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder werken ten
                                        behoeve van de levering of het transport van elektronische
                                        informatie, gas, water en elektriciteit en de
                                        riolering;</al></li><li nr="i."><al>de bescherming van het milieu.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder draagt er zorg voor dat de voorschriften worden
                                nageleefd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en
                                opruiming van kabels en leidingen en medegebruik van voorzieningen
                                geschiedt conform de door het college vast te stellen voorschriften.
                            </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast over schadeherstel en
                                vergoeding van degeneratiekosten. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien het leidingentracé geen ruimte biedt voor de aanleg van
                                nieuwe kabels, legt de netbeheerder de gemeente een alternatief
                                tracé voor en wordt bezien of andere netbeheerders eventuele
                                voorgenomen werkzaamheden op dat tracé willen combineren, of (in
                                geval van elektronische communicatienetwerken) doet hij aan andere
                                netbeheerders een verzoek tot medegebruik van kabels en/of
                                leidingen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3a.</nr><titel>Algemeen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Eigendom</titel></kop><al>Indien de eigendom, exploitatie of beheer van een net, kabel of
                                leiding, als bedoeld in deze verordening, wordt overgedragen aan een
                                andere netbeheerder, stelt de voormalige netbeheerder het college
                                onverwijld van deze overdracht in kennis en is de voormalige
                                netbeheerder verplicht zorg te dragen voor overdracht van de rechten
                                en plichten krachtens deze verordening op de nieuwe
                                netbeheerder.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Overleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeente organiseert periodiek een overleg, waarvoor de bij
                                    de gemeente bekende netbeheerders en andere belanghebbende
                                    partijen worden uitgenodigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Dit overleg is mede gericht op de beoordeling van mogelijk
                                    medegebruik van voorzieningen en afstemming van gezamenlijk of
                                    gelijktijdig uit te voeren werkzaamheden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Netbeheerders kunnen desgewenst om overleg verzoeken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Informatieplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld schriftelijk in
                                    kennis van het feit dat een kabel niet langer ten dienste staat
                                    van een openbaar net in of op openbare gronden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder levert op verzoek van het college een overzicht
                                    van alle (niet) in gebruik zijnde kabels. De bewijslast van
                                    ingebruikname ligt bij de netbeheerder.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3b.</nr><titel>Netten voor transport van informatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Niet-openbare kabels en leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan een vergunning weigeren in geval van
                                    werkzaamheden aan niet-openbare kabels en/of leidingen in of op
                                    openbare gronden. In het geval van toestemming is het bepaalde
                                    in deze verordening van overeenkomstige toepassing, maar houdt
                                    dit geen gedoogplicht in van de betreffende kabels en leidingen.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Niet-openbare kabels en/of leidingen dienen op verzoek van het
                                    college, op kosten van de eigenaar van de kabels en/of
                                    leidingen, te worden verlegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Medegebruik van voorzieningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een beheerder van een netwerk voor het transport van informatie
                                    is verplicht om bij aanleg van kabels zoveel mogelijk
                                    (mede)gebruik te (laten) maken van bestaande, hetzij door andere
                                    netbeheerders dan wel door of in opdracht van de gemeente
                                    aangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten en
                                    –geleidingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de netbeheerder een redelijk aanbod wordt gedaan om
                                    gebruik te maken van de vooraangelegde voorzieningen, is deze
                                    verplicht van deze voorzieningen gebruik te maken. Bepalend voor
                                    de redelijkheid is of de voorzieningen tegen marktconforme
                                    prijzen ter beschikking worden gesteld.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3c.</nr><titel>Netten van nutsbedrijven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Verleggingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor verleggingen van leidingen van een netwerk van een
                                    nutsbedrijf in of op openbare gronden op verzoek van de
                                    gemeente, gelden de volgende bepalingen, tenzij en voor zover
                                    daarover andersluidende afspraken zijn overeengekomen:</al><lijst><li nr="a."><al>De netbeheerder is verplicht op verzoek van het college
                                            over te gaan tot het nemen van maatregelen voor kabels
                                            en leidingen ten dienste van zijn net, waaronder het
                                            verplaatsen, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de
                                            oprichting van gebouwen of de uitvoering van werken door
                                            of vanwege de gemeente in het algemeen belang; </al></li><li nr="b."><al>De gemeente en de netbeheerder zullen bij verwijdering,
                                            verlegging of aanpassing van leidingen en/of kabels
                                            elkaars schade zo veel mogelijk beperken;</al></li><li nr="c."><al>Na een schriftelijk verzoek van het college tot het
                                            nemen van maatregelen gaat de netbeheerder zo spoedig
                                            mogelijk over tot de uitvoering, doch niet later dan
                                            twaalf weken na de datum van ontvangst van het verzoek.
                                        </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien ten gevolge van werkzaamheden, niet zijnde gemeentelijke
                                        werkzaamheden<vet>, </vet>verplaatsing, wijziging of
                                    verwijdering van enig eigendom van de gemeente noodzakelijk is,
                                    dan wel ten behoeve van werkzaamheden speciale voorzieningen
                                    moeten worden getroffen, komen de kosten ervan voor rekening van
                                    de opdrachtgever, tenzij er redelijkerwijs aanleiding bestaat om
                                    de kosten over meerdere partijen te verdelen, dan wel om geen
                                    kosten in rekening te brengen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Verwijderen van kabels en leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De netbeheerder is verplicht na het geheel of gedeeltelijk
                                    intrekken van de vergunning de kabel of leiding binnen een door
                                    het college te bepalen termijn te verwijderen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Buiten gebruik gestelde kabels en leidingen dienen bij
                                    reconstructies op aanzegging van de gemeente te worden
                                    verwijderd. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De procedure uit deze verordening voor het verkrijgen van
                                    instemming of vergunning is van overeenkomstige toepassing op de
                                    verwijderingen, bedoeld in het eerste lid van dit artikel. </al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Straf-, toezicht-, overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Toezicht en handhaving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening zijn belast de bij besluit van het college
                                aangewezen personen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college vaststelt dat de verplichtingen van deze
                                verordening niet zijn nagekomen, kan het college besluiten
                                handhavend op te treden met inachtneming van de bepalingen zoals
                                vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na die waarop zij
                                bekend is gemaakt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het inwerkingtreden van deze verordening vervalt de
                                Telecommunicatieverordening gemeente Loon op Zand 1999. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Overgangsbepalingen en hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanwezigheid van kabels en/of leidingen in of op openbare
                                gronden, voor zover deze zijn gemeld of aangevraagd en aangelegd met
                                toepassing van verleende vergunningen of andere rechtsgeldige
                                overeenkomsten of andere schriftelijke afspraken met de gemeente,
                                wordt met ingang van deze verordening eveneens beheerst door de
                                regels daarvan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Instemmingsbesluiten op grond van de Telecommunicatieverordening en
                                vergunningen en ontheffingen op grond van de Algemene Plaatselijke
                                Verordening met betrekking tot kabels en leidingen, blijven na de
                                inwerkingtreding van deze verordening gelden, hetzij tot het einde
                                van hun looptijd, hetzij tot het tijdstip waarop zij met toepassing
                                van deze verordening worden ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op aanvragen, als bedoeld in het eerste lid, waarop bij de
                                inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met
                                toepassing van deze verordening een beslissing genomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college heeft de bevoegdheid op grond van afweging van de te
                                behartigen belangen en met in acht name van de redelijkheid en
                                billijkheid in incidentele en te motiveren gevallen af te wijken van
                                de bepalingen van deze verordening. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “AVOI gemeente Loon op
                            Zand”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 12 december
                        2011.</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening>de griffier (wnd), de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>J.M. van Berlo W.C. Luijendijk </ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al>…………………………………..……………..………………………</al><al><vet>Algemene toelichting</vet></al><al><vet>Achtergrond</vet></al><al>Voornaamste doel van de Algemene Verordening Ondergrondse
                            Infrastructuren (AVOI; hierna ‘AVOI’) is de realisatie van één uniform
                            regime voor al het werk in de openbare ruimte teneinde de gewenste
                            gemeentelijke regierol zo optimaal mogelijk te kunnen invullen.
                            Beleidsmatig, procesmatig en praktisch wordt voorzien in lokaal beleid
                            voor ordening van de openbare ondergrond en gelijke behandeling van
                            partijen. De AVOI geeft tevens invulling aan de wettelijke plicht voor
                            de gemeente om een Telecommunicatieverordening op te stellen. De AVOI
                            heeft ook betrekking op de netten van de nutsbedrijven. </al><al>De bestaande Telecommunicatieverordening van de gemeente vervalt
                            gelijktijdig met de inwerkingtreding van de AVOI, zodat er per saldo
                            geen verordening, en dus niet meer regelgeving, bijkomt.
                            Formeel-juridisch is sprake van onderscheid tussen medebewindstaken
                            (uitvoering van de Telecommunicatiewet) en gemeentelijke autonomie
                            (richting nutsbedrijven). Dat onderscheid is er formeel wel, maar
                            procedureel wordt met deze verordening juist beoogd zoveel mogelijk te
                            komen tot een gelijke behandeling van partijen en werkzaamheden.</al><al>De verordening met bijbehorende regelgeving is in regionaal verband
                            ontwikkeld en afgestemd. Het betreft de samenwerking tussen de betrokken
                            medewerkers van de gemeenten Alphen-Chaam, Goirle, Hilvarenbeek en Loon
                            op Zand.</al><al>De AVOI reguleert de werkzaamheden in de openbare ruimte, waarbij de
                            wegverharding (ook bermen, plantsoenen, e.d.) wordt opgebroken ten
                            behoeve van telecommunicatienetwerken of netwerken voor
                            nutsvoorzieningen die deels bestaan uit kabels en/of leidingen. Ook
                            objecten die nodig zijn voor deze werkzaamheden vallen onder de
                            reikwijdte van de AVOI. De APV blijft net als voorheen het vangnet voor
                            andere werkzaamheden en objecten in de openbare ruimte.</al><al>De AVOI is onder andere gericht op minimalisatie van overlast en
                            maatschappelijke kosten ten gevolge van werk in uitvoering; meer grip en
                            sturing op werkzaamheden; het waarborgen van bereikbaarheid,
                            leefbaarheid, veiligheid en communicatie tijdens werkzaamheden;
                            eenduidige regels en sanctiemogelijkheden; uniforme regels en een
                            efficiënt gebruik van de openbare ruimte.</al><al>De verordening heeft ten doel de regie en coördinatie te regelen met
                            betrekking tot kabels en leidingen van derden die in door de gemeente
                            beheerde grond willen werken. </al><al>Voor de kabels en leidingen van de gemeente zelf, zoals de riolering, is
                            om praktische redenen de verordening niet procedureel van toepassing. Om
                            redenen van effectiviteit en kwaliteit zullen echter intern binnen de
                            gemeente waar mogelijk afspraken en procedures worden gemaakt om de
                            bepalingen van deze verordening met het oog op regie en coördinatie
                            zoveel mogelijk ook intern na te leven.</al><al>Het doel van deze toelichting is aanvullende informatie te bieden. Zowel
                            voor gebruik binnen de gemeente als door de netbeheerders (hier gebruikt
                            als uniform verzamelbegrip voor de eigenaren en beheerders van de
                            betreffende netten en netwerken) is deze toelichting bestemd. Deze
                            toelichting heeft inhoudelijk en qua strekking niet alleen betrekking op
                            de raadsverordening, maar ook op de nadere regels die ter uitwerking
                            door het college zijn of worden vastgesteld. De meest actuele versie van
                            de verordening is steeds bepalend, is opvraagbaar en wordt
                            gecommuniceerd.</al><al><vet>Concretisering van beleid</vet></al><al>Beleidsmatige speerpunten voor de gemeentelijke belangenbehartiging
                            zijn:</al><lijst><li nr="1."><al><cursief>Afstemming bovengronds en ondergronds: </cursief>Er is
                                    veel ervaring opgedaan met het beleidsmatig en planologisch
                                    inkaderen van het gebruik van de bovengrondse openbare ruimte.
                                    Een dergelijke invulling moet ook geschieden voor de
                                    ondergrondse openbare ruimte. Tevens moet worden bewerkstelligd
                                    dat beide vormen op elkaar worden afgestemd en niet tot
                                    tegenstrijdigheden leiden. </al></li><li nr="2."><al><cursief>Schoon en fraai</cursief>: Na uitvoering en oplevering
                                    van (graaf)werkzaamheden moet opengebroken verharding en
                                    aangetast groen weer schoon en fraai worden hersteld, zodat zo
                                    min mogelijk, liefst geen, kwaliteitsverlies optreedt.
                                    Aanvullend worden ook andere aspecten in het oog gehouden, zoals
                                    de archeologische aspecten.</al></li><li nr="3."><al><cursief>Veilig: </cursief>Voor en tijdens werkzaamheden moet er
                                    zorg zijn voor verkeersdoorstroming, inclusief waarschuwing en
                                    geleiding, waarbij landelijke normeringen als minimum gelden.
                                    Naast de verkeersveiligheid moet op vooraf duidelijke wijze
                                    invulling worden gegeven aan afspraken op het gebied van
                                    calamiteiten.</al></li><li nr="4."><al><cursief>Bruikbaar en functioneel: </cursief>De bovengrond dient
                                    zoveel mogelijk en continu te kunnen worden gebruikt. De
                                    beperking daarvan door zowel de werkzaamheden als de permanente
                                    ligging van de kabels en leidingen zelf moet beperkt worden tot
                                    hetgeen strikt en redelijkerwijs noodzakelijk is. Gestreefd
                                    wordt naar het minimaliseren van de maatschappelijke kosten met
                                    als uitgangspunt dat de veroorzaker betaalt en dat aangerichte
                                    schade moet worden vergoed.</al></li><li nr="5."><al><cursief>Beperken overlast: </cursief>Werkzaamheden moeten niet
                                    alleen zo min mogelijk overlast opleveren voor de leefomgeving
                                    en de continuering van de bedrijfsmatige activiteiten. De
                                    uitvoeringswijze moet zodanig zijn dat de belangen van de al
                                    liggende kabels en leidingen behartigd worden.</al></li></lijst><al><vet>Kaders voor de gemeentelijke bevoegdheden en rollen</vet></al><al>De gemeentelijke bevoegdheden vloeien voort uit de Gemeentewet en de
                            Algemene Plaatselijke Verordening, uit sectorale wet- en regelgeving –
                            de WION en de Telecommunicatiewet - en uit contractuele afspraken met
                            netbeheerders. De gemeente is uit een veelheid aan rollen betrokken bij
                            deze werkzaamheden: economisch ontwikkelaar, aanbieder van communicatie
                            en cultuur, grondeigenaaar, ruimtelijk planner, aanlegger van
                            infrastructuur, verkeersregelaar, bodembeschermer, consument van
                            nutsvoorzieningen, archeologie etc. In het belang van de gemeente,
                            burgers, bedrijven en andere netwerkbeheerders moet een zorgvuldig,
                            uniform en integraal beleid gevoerd worden bij voorbereiding, uitvoering
                            en nazorg van werkzaamheden in openbare gronden. Belangrijk praktisch
                            uitgangspunt is, overeenkomstig de APV, dat werkzaamheden alleen in de
                            openbare ondergrond worden uitgevoerd na voorafgaand akkoord van de
                            gemeente. Deels zijn wettelijke regels van toepassing en deels vindt
                            invulling plaats waar de wetgever ruimte heeft gelaten voor eigen
                            invulling door lokale overheden, zij het dat aangesloten wordt bij
                            landelijke uniformering via bijvoorbeeld de VNG. Ondanks de soms
                            verschillende uitgangsposities van betrokken partijen wordt door de
                            gemeente harmonisering en uniformering (en gelijke behandeling)
                            nagestreefd.</al><al>Het opbreken van de openbare ruimte dient tot zo min mogelijk overlast
                            en schade te leiden, met waarborging van veiligheid en bereikbaarheid en
                            voorkoming van verstoring van openbare orde en ondergrondse ordening. De
                            grondroerders zijn verantwoordelijk voor juiste en tijdige
                            gegevensverwerking en voldoen aan de wettelijke plicht tot zorgvuldig
                            graven. Ten aanzien van het ontwerp, voorbereiding, uitvoering en beheer
                            van de werkzaamheden dient voldaan te worden aan de uniforme eisen die
                            door de gemeente zijn c.q. worden vastgelegd in (algemene) lokale
                            voorwaarden met voorschriften voor ondergrondse kabels en leidingen in
                            gemeentegrond (op termijn mogelijk te benoemen als ‘Handboek Kabels en
                            Leidingen’).</al><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al><vet>Begripsomschrijvingen</vet></al><al><vet><cursief>a. college </cursief></vet>Het college van burgemeester en
                            wethouders is bevoegd de taken voortvloeiende uit de AVOI af te
                            handelen, waarbij deze bevoegdheden voor wat betreft de uitvoering om
                            praktische redenen deels gemandateerd zijn of worden aan een of meer
                            daartoe aangewezen ambtenaren. Deze functie betreft enerzijds het houden
                            van toezicht en anderzijds het coördineren en verlenen van instemmingen
                            en vergunningen. Indien en voor zover de bevoegdheden op het gebied van
                            coördinatie, het verlenen van vergunningen en instemmingsbesluiten en
                            het houden van toezicht gemandateerd zijn aan een of meer
                            functionarissen, wordt tevens deze functionaris bedoeld.</al><al><vet><cursief>b. net </cursief></vet>De definitie is afgeleid van de Wet
                            Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION). Deze refereert aan
                            artikel 20 2<sup>e</sup> lid, Boek 5 Burgerlijk Wetboek, maar geeft ook
                            uitbreidingen, die worden overgenomen. </al><al>Het gaat om de volgende ondergrondse netten: </al><lijst><li nr="-"><al>de netten voor transport van vaste, vloeibare of gasvormige
                                    stoffen of energie oftewel de distributie- en transportnetten
                                    van de nutsbedrijven, zijnde voorzieningen van openbaar nut
                                    zoals gas, elektriciteit en water, en de aanlevering ervan</al></li><li nr="-"><al>de netten voor transport van informatie: de openbare
                                    elektronische communicatienetwerken (voor telecommunicatie en
                                    omroep, zoals gedefinieerd in de Telecommunicatiewet:
                                    transmissiesystemen, waaronder satellietnetwerken, vaste en
                                    mobiele terrestrische netwerken, elektriciteitsnetten, voor
                                    zover deze voor overdracht van signalen worden gebruikt en
                                    netwerken voor radio- en televisieomroep en
                                    kabeltelevisienetwerken, die geheel of hoofdzakelijk worden
                                    gebruikt om openbare elektronische communicatiediensten aan te
                                    bieden, waaronder mede wordt begrepen een netwerk, bestemd voor
                                    het verspreiden van programma's voor zover dit aan het publiek
                                    geschiedt. </al></li></lijst><al>Er wordt geen formeel onderscheid gemaakt tussen de termen net en
                            netwerk. Het begrip ‘ondergronds’ heeft formeel betrekking op dat deel
                            van de aarde vanaf het maaiveld tot circa 10 km diepte, zij het dat in
                            de praktijk graafwerkzaamheden zich op veel beperktere diepte afspelen. </al><al><vet><cursief>c. kabels en leidingen </cursief></vet>De netten bestaan
                            uit fysieke kabels en/of leidingen. De kabels/ leidingen zijn inclusief
                            de ondergrondse infrastructuur en de bovengrondse infrastructuur</al><lijst><li nr="-"><al>lege buizen,</al></li><li nr="-"><al>ondergrondse ondersteuningswerken (mantelbuizen, kabelgoten,
                                    handholes, lasdozen, duikers), </al></li><li nr="-"><al>beschermingswerken, </al></li><li nr="-"><al>signaalinrichtingen (zoals optische en elektrische
                                    versterkers)</al></li><li nr="-"><al>componenten voor het verbinden van kabels met onroerende zaken
                                    (conform artikel 16 a tot en met d, van Wet waardering
                                    onroerende zaken; zoals transformator-, schakel-, verdeel- en
                                    onderstations en andere hulpmiddelen, behoudens voor zover ze
                                    liggen binnen de installatie van een producent/afnemer). </al></li></lijst><al>Voorbeelden van de kabels en leidingen zijn telecommunicatie- en
                            omroepkabels (zoals gedefinieerd in art. 1.1 onder z
                            Telecommunicatiewet), elektriciteitskabels (koppel-, transport- en
                            distributiekabels), gasleidingen (transport-, distributie- en
                            dienstleidingen), leidingen voor warmte-koude opslag en waterleidingen.
                            Industriële of private netten behoren hier formeel toe, maar worden als
                            niet-openbare netten specifiek behandeld.</al><al><vet><cursief>d. voorzieningen </cursief></vet>Het gaat in deze
                            verordening niet alleen om de fysieke kabels en leidingen maar ook om
                            een veelheid aan ondersteunde of beschermingswerken ten behoeve van die
                            kabels en leidingen.</al><al><vet><cursief>e. huisaansluiting </cursief></vet>Huisaansluitingen
                            worden door de relatief beperkte omvang uitgezonderd van diverse regels
                            van de AVOI, en daarvoor is een lichter regime van toepassing, zodat
                            afkadering dient te geschieden wat hier toe gerekend wordt. </al><al><vet><cursief>f. – i. netbeheerder, aanvrager, opdrachtgever,
                                    grondroerder</cursief></vet></al><lijst><li nr="-"><al>Het begrip <onderstreept>netbeheerder i</onderstreept>s de
                                    uniforme term voor de beheerders van netten voor
                                    nutsvoorzieningen èn de aanbieders (of operators) van de
                                    openbare elektronische communicatienetwerken (dus zowel een
                                    kabel- als leidingbeheerder die in de stad kabel- en
                                    leidinginfrastructuur aanlegt, in eigendom heeft of beheert).
                                    Meestal zal deze netbeheerder een rechtspersoon zijn die kabel-
                                    en leidinginfrastructuur aanlegt, in eigendom heeft of beheert,
                                    maar formeel-wettelijk kan het ook een natuurlijk persoon zijn,
                                    handelend in de uitvoering van een beroep of een bedrijf.</al></li><li nr="-"><al>Veelal is de netbeheerder tevens de
                                        <onderstreept>opdrachtgever</onderstreept>. Aan het begrip
                                    opdrachtgever komt echter in het kader van de AVOI een eigen rol
                                    toe, omdat deze conform actuele wet- en regelgeving (WION)
                                    medeverantwoordelijk wordt gehouden voor een juiste uitvoering
                                    en naleving van de rechten en verplichtingen. Een derde partij
                                    kan als opdrachtgever optreden namens de netbeheerder in het
                                    realisatieproces, mits rechtsgeldig en voldoende door deze
                                    gemandateerd.</al></li><li nr="-"><al>De <onderstreept>aanvrager</onderstreept> is veelal gelijk aan
                                    de netbeheerder dan wel opdrachtgever, maar procedureel betreft
                                    het hier de rol van de partij die richting de gemeente de
                                    instemming of vergunning verzoekt, en dat kan in de praktijk ook
                                    door een andere partij namens die netbeheerder gebeuren indien
                                    die activiteiten uitbesteed zijn. Ook kan de aanvrager een
                                    partij zijn die voor eigen naam en rekening netwerken aanlegt,
                                    maar niet zelf exploiteert, en netwerkcapaciteit verhuurt of
                                    verkoopt.</al></li><li nr="-"><al>De <onderstreept>grondroerder</onderstreept> is de partij die de
                                    graafwerkzaamheden verricht of laat verrichten. Dat is veelal
                                    een aannemer of installateur, maar kan ook de (interne afdeling
                                    van een) netbeheerder zijn. Indien een grondroerder namens een
                                    opdrachtgever optreedt, wordt de machtiging overlegd. Een derde
                                    partij kan namens de grondroerder het feitelijke werk uitvoeren
                                    in het realisatieproces, mits rechtsgeldig en voldoende door de
                                    netbeheerder of opdrachtgever gemandateerd en de machtiging kan
                                    worden overlegd.</al></li></lijst><al><vet><cursief>j. en k. gedoogplichtige; openbare gronden
                                </cursief></vet>De gemeentelijke betrokkenheid is gericht op het
                            beheer van openbare ruimte (inclusief de openbare gronden). Tot de
                            openbare gronden worden gerekend de openbare wegen, inclusief stoepen,
                            glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaducten, tunnels, duikers,
                            beschoeiingen en andere werken, evenals wateren inclusief bruggen,
                            plantsoenen en pleinen, die voor een ieder toegankelijk zijn. In deze
                            hoedanigheid is de gemeente voor wat betreft de (openbare) elektronische
                            communicatienetwerken gedoogplichtige conform de Telecommunicatiewet. </al><al>Het begrip gedoogplichtige slaat tevens op andere partijen die krachtens
                            die wet gedoogplichtig zijn, en op partijen en personen die krachtens de
                            Belemmeringenwet Privaatrecht (BP) gedoogplichtig zijn. Omdat sinds 2010
                            een wetsvoorstel aanhangig is ter vervanging van de BP, zal de eventuele
                            opvolgende wet op termijn relevant worden in dit opzicht. De openbare
                            ruimte betreft de ruimte op of in de openbare gronden, waarvan de
                            definitie is herleid uit art.1.1, onder aa., van de
                            Telecommunicatiewet.</al><al><vet><cursief>l. werkzaamheden </cursief></vet>De AVOI betreft
                            werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en/of opruiming
                            van kabels en leidingen. Praktisch betreft het veelal de
                            graafwerkzaamheden. Hoewel de AVOI met name betrekking heeft op
                            mechanische graafwerkzaamheden, vallen er formeel ook handmatige
                            graafwerkzaamheden onder. </al><al>Graafwerkzaamheden omvatten een scala van activiteiten, zoals aanleg,
                            uitbreiding, verplaatsing en verwijdering van netten, bouwwerkzaamheden
                            zoals heien van palen en het slaan van damwanden, het bouwrijp maken van
                            gronden, maar ook diepploegen en uitbaggeren van sloten. Bedoeld worden
                            eveneens werkzaamheden in verband met het medegebruik van voorzieningen,
                            zoals kabelgoten of geleidingen. Vanuit de door de gemeente te
                            behartigen belangen kan het voorschrijven van medegebruik gestimuleerd
                            worden. Het aanbrengen, hebben of verwijderen van infrastructuur brengt
                            vaak overlast met zich mee. Dat kan bijvoorbeeld rechtstreeks door de
                            graafwerkzaamheden waarvoor de weg opengebroken moet worden, maar
                            eventueel ook bij het inrichten en gebruiken van de openbare ruimte als
                            werkterrein (vooral bij grotere werkzaamheden).</al><al><vet><cursief>m. aanleggen </cursief></vet>De relevante werkzaamheden
                            betreffen niet alleen de nieuwaanleg van kabels en leidingen maar ook de
                            situaties dat werk nodig is voor onderhoud, voor verplaatsing of
                            verwijdering, uitbreiding etc.</al><al><vet>n. voorschriften </vet>Het college is bevoegd voorwaarden met
                            voorschriften vast te stellen voor uitvoering van werkzaamheden. Deels
                            worden algemene (landelijke) voorwaarden en richtlijnen van toepassing
                            verklaard, deels worden aanvullend lokale voorschriften vastgesteld en
                            gecommuniceerd (in elk geval via de brief waarmee de verlening van de
                            instemming of vergunning wordt bekendgemaakt). </al><al>De verordening is voorbereid op de mogelijke toekomstige situatie dat
                            het college overgaat tot vaststelling van een uniforme voorwaardenset.
                            Indien deze voorschriften als standaardbepalingen gebundeld worden
                            vastgesteld, wordt dit betiteld als Handboek kabels en leidingen.</al><al><vet><cursief>o. werkzaamheden van niet ingrijpende aard
                                </cursief></vet>Het definiëren van het onderscheid tussen
                            werkzaamheden van al dan niet ingrijpende aard vloeit voort uit artikel
                            5.4, lid 5 Telecommunicatiewet. Naast huisaansluitingen (tot een
                            bepaalde lengte) worden andere niet ingrijpende werkzaamheden aan een
                            lichter regime onderworpen. Dit kan omdat deze werkzaamheden veelal
                            slechts gedurende relatief korte tijd in een beperkt gedeelte van het
                            netwerk worden verricht, en de impact relatief beperkt en kortstondig
                            is. Voor deze niet ingrijpende werkzaamheden geldt een verkorte
                            procedure. </al><al>De plaatsing van onder- en bovengrondse kasten zoals handholes,
                            ramputten en schakelkasten valt niet onder deze niet ingrijpende
                            werkzaamheden, ondanks dat ze vaak binnen de normen voor oppervlakte en
                            tijd vallen. Omdat de exacte locatie van dergelijke kasten zeer
                            zorgvuldig moet worden afgewogen is voor deze werkzaamheden altijd een
                            vergunning of instemmingsbesluit vereist conform de reguliere
                            procedure.</al><al><vet><cursief>p. en q. instemmingsbesluit en vergunning
                            </cursief></vet>Werkzaamheden als bedoeld in deze verordening dienen
                            steeds vooraf gemeld te worden, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen
                            de reguliere werkzaamheden, werkzaamheden van niet ingrijpende aard en
                            werkzaamheden in verband met spoedeisende zaken (zoals bepaalde
                            storingen) en calamiteiten. Vooral voor de reguliere werkzaamheden geldt
                            dat eerst gestart mag worden met die werkzaamheden als door de gemeente
                            op basis van een melding een instemmingsbesluit (conform de
                            Telecommunicatiewet) is verleend of een vergunning op basis van een
                            daartoe ingediende aanvraag (voor nutsvoorzieningen of andere netten;
                            zowel individuele vergunningen als algemene concessies betreffend).</al><al>Het instemmingsbesluit betreft plaats, tijdstip en wijze van uitvoering,
                            medegebruik van voorzieningen en afstemming met overige netbeheerders.
                            Uitgangspunt is vooralsnog dat een instemmingsbesluit of vergunning
                            bekend wordt gemaakt door middel van informatie aan de
                            meldende/aanvragende partij. Publicatie in meer algemene zin is niet
                            standaard, maar kan worden toegepast door de gemeente naar haar keuze,
                            bijvoorbeeld in het geval van grootschaliger en langduriger of
                            ingrijpender werkzaamheden.</al><al><vet><cursief>r. spoedeisende werkzaamheden </cursief></vet>De
                            spoedeisende werkzaamheden worden apart gedefinieerd omdat een lichter
                            regime geldt. De (net)beheerder moet duidelijk maken dat deze
                            werkzaamheden redelijkerwijs geen uitstel kunnen dulden. Tot deze
                            categorie spoedeisende werkzaamheden behoren ook de zogenaamde
                            calamiteiten: incidenten met voor de omgeving mogelijk grote gevolgen,
                            die niet zelfstandig kunnen worden afgewikkeld en waarbij gecoördineerde
                            inzet van hulpverleningsorganisaties en diensten van verschillende
                            disciplines is vereist om die gevolgen te beperken. </al><al><vet><cursief>s. niet-openbare kabels en leidingen </cursief></vet>De
                            verordening en het daaraan ten grondslag liggende beleid zijn vooral
                            gericht op het effectief inzetten van beschikbare infrastructuren zodat
                            het gebruik maken van de bestaande openbare infrastructuren bevorderd
                            wordt. In een aantal gevallen zal het nodig zijn dat een niet
                            niet-openbare voorziening moet worden getroffen. Dat kan een verbinding
                            tussen 2 panden van één organisatie zijn. Hoewel geen gedoogplicht (dus
                            geen graafrecht) van toepassing is, is, als de gemeente deze
                            niet-openbare verbinding toestaat, de procedure voor openbare netten van
                            toepassing. Openbare diensten zijn voor het publiek beschikbare
                            diensten.</al><al><vet><cursief>t. herstel </cursief></vet>Conform het door de gemeente
                            bepaalde beleid wordt de openbare grond na de werkzaamheden hersteld.
                            Uiteindelijk zal dat een definitief herstel betreffen, waartoe vooral
                            gericht wordt op het herstel in de situatie zoals die was. Tussentijds
                            kan soms volstaan worden met een provisorisch herstel.</al><al><vet><cursief>u. marktconforme kosten </cursief></vet>Dit begrip is
                            vooral relevant met het oog op het door de overheid nagestreefde
                            stimuleren van het medegebruik van bestaande voorzieningen (van de
                            gemeente zelf of van derde partijen). Partijen kunnen worden verplicht
                            daarvan gebruik te maken, met dien verstande dat (aansluitend bij de
                            Telecommunicatiewet) de te betalen vergoeding marktconform dient te
                            zijn.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toepasselijkheid</titel></kop><al>De toepasselijkheid is hiervoor toegelicht bij de diverse
                            begripsomschrijvingen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college is op grond van dit artikel bevoegd nadere regels te
                            stellen. Het college kan er ook voor kiezen beleidsregels in plaats van
                            nadere regels vast te stellen. Uiteraard is het ook mogelijk dat de raad
                            een verordening op hoofdlijnen vaststelt en daarbij meerdere zaken door
                            het college laat regelen. </al><al>Met deze verordening is er voor gekozen om de verordening zo compact
                            mogelijk te houden en in de verordening de bepalingen op te nemen welke
                            betrekking hebben op kaderstelling. De uitvoerende bepalingen kunnen
                            worden opgenomen in door het college vast te stellen nadere regels.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Melding voor instemmingsbesluit of aanvraag voor vergunning</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vereiste van instemming of vergunning</titel></kop><al>Het wettelijk principe van graafrechten (onder voorwaarden, voor
                            openbare elektronische communicatienetwerken) en vereiste instemming van
                            het college is vertaald naar de AVOI en wordt toegepast op alle
                            betrokken werkzaamheden. </al><al>Conform de wet heeft de instemming betrekking op de plaats, het tijdstip
                            en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden, maar ook op het
                            bevorderen van medegebruik van voorzieningen en het afstemmen van
                            voorgenomen werkzaamheden met beheerders van overige in de grond
                            aanwezige werken. Het onderscheid met werkzaamheden van niet ingrijpende
                            aard wordt duidelijk gemaakt. </al><al>Uitgangspunt van de AVOI is dat werkzaamheden in de openbare ruimte
                            verboden zijn, tenzij men beschikt over een vergunning of een
                            instemmingsbesluit. Deze systematiek is ook zo vastgelegd in de APV. Het
                            karakter van een vergunningstelsel in het algemeen bestuursrecht is: de
                            handelingen (werkzaamheden in de openbare ruimte) zijn toegestaan maar
                            de gemeente wil plaats, tijd en werkwijze beoordelen en bijsturen.</al><al>De verordening heeft ten doel de regie en coördinatie te regelen met
                            betrekking tot kabels en leidingen van derde partijen die in door de
                            gemeente beheerde grond willen werken. Voor werkzaamheden rond de kabels
                            en leidingen van de gemeente zelf, zoals de riolering maar ook eventuele
                            andere kabels en leidingen, is om praktische redenen de verordening (en
                            het daar opgenomen graafverbod) niet procedureel van toepassing, zoals
                            dat ook in de APV is gebeurd. Om redenen van effectiviteit en kwaliteit
                            zullen intern binnen de gemeente afspraken en procedures worden gemaakt
                            om de doelen van deze verordening zoveel mogelijk ook intern na te
                            leven.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Procedure van melding of aanvraag</titel></kop><al>In geval van voorgenomen werkzaamheden moet de melding of aanvraag bij
                            de gemeente plaatsvinden. Dat kan formeel bij het college van
                            burgemeester en wethouders, maar in de praktijk bij de gemachtigde
                            ambtenaar. De vereiste voorafgaande instemming heeft betrekking op het
                            tijdstip, de plaats en de wijze waarop de werkzaamheden plaatsvinden. Op
                            het verlenen van dit besluit zijn de algemene beginselen van behoorlijk
                            bestuur van toepassing zoals het gelijkheidsbeginsel. Een aanvrager kan
                            vooroverleg voeren met het college om de melding of aanvraag, bedoeld in
                            het eerste lid van dit artikel, voor te bereiden. </al><al>De maximale termijn van 8 weken is conform het bepaalde in de Algemene
                            wet bestuursrecht (Awb). De termijn voor niet ingrijpende werkzaamheden
                            is korter. Voorts wordt een uitzondering gemaakt voor spoedeisende
                            werkzaamheden. In dit geval kan worden volstaan met een kennisgeving,
                            die (conform de wettelijke vereisten) tevoren dient te worden gedaan. De
                            gemeente dient vooraf akkoord te zijn voordat gestart kan worden met de
                            werkzaamheden. Hoewel dit niet in de AVOI zelf zo is opgenomen, kan de
                            richtlijn voor de praktijk zijn dat als het vooraf melden uit een
                            oogpunt van veiligheid of dienstverlening in een incidentele situatie
                            aantoonbaar niet mogelijk zou zijn (bij uitzondering!), dit alsnog
                            uiterlijk binnen 1 werkdag via het door de gemeente aan te geven
                            telefoonnummer of mailadres moet geschieden. </al><al>Deze verstoringen zijn niet specifiek omschreven, anders dan dat het
                            veelal spoedeisende reparatie of onderhoud betreft zoals bij een
                            kabelbreuk. De gemeente beoordeelt of een ernstige belemmering of
                            storing in de communicatie voor een zeer beperkt aantal aansluitingen
                            voldoende reden is om als spoedeisend te worden aangemerkt.</al><al>Werkzaamheden kunnen betrekking hebben op gronden van andere
                            gedoogplichtigen, binnen dezelfde gemeente of van een andere gemeente.
                            Ook kunnen op grond van een andere wet andere vergunningen noodzakelijk
                            zijn. Deze samenhang kan in de praktijk tot lange doorlooptijden leiden.
                            De wetgever heeft toegestaan dat de gemeente een deelinstemmingsbesluit
                            verleent (voor een deeltraject) zodat de aanvragende partij alvast op de
                            hoogte is van deze instemming en de daaraan te stellen voorwaarden, en
                            bij de verdere tracékeuze en andere aanvragen hiermee rekening gehouden
                            kan worden. </al><al>Ook kan in principe zelfs begonnen kan worden met de werkzaamheden in
                            dat deel van het gebied. De risico’s van deze aanpak (dat door latere
                            vergunningverlening door een ander orgaan de aanvankelijke gemeentelijke
                            aanvraag of het tracéaangepast moet worden, en dus wellicht
                            opnieuw moet worden gedaan) zullen projectmatig afgestemd worden daar
                            het veelal om grootschaliger aanleg zal gaan.</al><al>In eerste instantie is de aanvrager zelf verplicht met alle betrokken
                            instanties of (rechts)personen naar overeenstemming te streven. Als de
                            grondroerder dat verzoekt, zal de gemeente inhoudelijke afstemming van
                            de beoordeling van de ingediende aanvragen bij andere bestuursorganen
                            (bijvoorbeeld een waterschap) nastreven (= bemiddeling). Daartoe dient
                            de grondroerder op het melding/aanvraagformulier enkele
                            (contact)gegevens over deze andere aanvragen te vermelden. Voor private
                            partijen blijft de grondroerder zelf verantwoordelijk.</al><al>Naast aanvraag van de vergunning of instemmingsbesluit is het voor een
                            goede regievoering door de gemeente van belang dat de partijen kort voor
                            daadwerkelijke aanvang van de werkzaamheden dit melden aan de gemeente
                            zodat daar kort voor uitvoering steeds overzicht bestaat wie en waar
                            graafwerkzaamheden verricht. </al><al>Als werkzaamheden worden verricht in nader aan te wijzen gebieden is de
                            uitzondering voor niet ingrijpende of spoedeisende werkzaamheden niet
                            van toepassing. Voorbeelden zijn risicogebieden als industriegebieden
                            met buisleidingen voor transport van gevaarlijke stoffen, historische
                            stadskernen of straten of natuurgebieden. Dan is het niet aanvaardbaar
                            dat zonder specifiek toezicht wordt gegraven. Bij de vaststelling van de
                            AVOI kan aanwijzing van gebieden plaatsvinden; dit kan ook
                            naderhand.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Gegevensverstrekking</titel></kop><al>Hier is verduidelijkt op welke wijze de melding dient te worden gedaan
                            en welke gegevens verstrekt moeten worden. Het betreft die informatie
                            die de gemeente als beheerder van openbare gronden nodig heeft voor een
                            juiste beoordeling en inzicht in de belangen die worden geraakt. De te
                            stellen voorwaarden worden om praktische redenen niet in de verordening
                            zelf neergelegd maar in door het College vast te stellen nadere regels.
                            Er moet gebruik worden gemaakt van standaardformulieren: het formulier
                            voor de reguliere melding/aanvraag of het formulier voor niet
                            ingrijpende (of spoedeisende) werkzaamheden, welke via de nadere regels
                            worden vastgesteld. </al><al>Instemming of vergunningverlening vindt op aanvraag van de verzoekende
                            partij plaats. De grondroerder geeft bij zijn melding aan wat de
                            gewenste startdatum is. De gemeente kan, gemotiveerd, bijvoorbeeld met
                            het oog op andere werkzaamheden, aanpassingen aanbrengen, waarbij de wet
                            een maximale uitsteltermijn van 12 maanden aangeeft. </al><al>De Regeling schriftelijke kennisgeving aanleg kabels(Staatscourant
                            15-01-2007, nr. 10) schrijft voor kabels van elektronische
                            communicatienetwerken voor dat de melding aangetekend moet worden
                            verstuurd. Dit vereiste is in de AVOI niet opgenomen, maar het kan in
                            het belang van de verzoekende partij zelf zijn om via aangetekende
                            verzending duidelijkheid te hebben over datum en tijd van indiening. </al><al>Een melding of aanvraag wordt pas in behandeling genomen (en begint de
                            vastgestelde termijn te lopen) indien en zodra alle vereiste gegevens
                            ontvangen en compleet zijn. Deze bevoegdheid is al vastgelegd in artikel
                            4:5 van de Awb. Conform de nadere regels dient ook opgave te worden
                            gedaan van benodigde ondergrondse of bovengrondse kasten, waartoe ook de
                            handholes worden gerekend. Van belang kan zijn dat ook een
                            Omgevingsvergunning (Wabo) vereist is.</al><al>Op grond van de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Infrastructuren
                            (WION) is registratie van de kabels en leidingen wettelijk verplicht
                            (bij het Kadaster). Algemeen wordt van de grondroerders verwacht dat men
                            de kabels zo registreert dat inzicht steeds kan worden geboden. Er is
                            samenhang van bepalingen uit de WION (wetgeving) en de AVOI
                            (gemeentelijke verordening). De WION heeft betrekking op het voorkomen
                            van graafschade via een plicht tot zorgvuldig graven èn een plicht tot
                            een zorgvuldige en tijdige informatie-uitwisseling. De WION bepaalt dat
                            het onverlet laat dat de gemeente in het belang van de openbare orde en
                            veiligheid bij verordening voorschriften kan geven over het verrichten
                            van werkzaamheden, waaronder het hebben van een vergunning. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Beslistermijnen en geldigheidsduur</titel></kop><al>De beslistermijn is gelijk aan de meld/aanvraagtermijn zodat de
                            werkzaamheden op de geplande datum kunnen aanvangen, mits aan de
                            voorwaarden tijdig en geheel voldaan is. Op grond van de Awb is de
                            gemeente verplicht binnen een redelijke termijn een besluit te nemen,
                            welke termijn in beginsel geacht wordt te zijn verstreken na verloop van
                            8 weken. Artikel 6, 4<sup>e</sup> lid, AVOI beperkt de werkingsduur van
                            het instemmingsbesluit of vergunning om uitvoering geruime tijd na
                            afgifte te voorkomen. Eventueel gewijzigd gebruik van gronden kan de
                            werkzaamheden inmiddels onwenselijk maken. </al><al>In gevallen waar uitvoering en voorbereiding een langere doorlooptijd
                            vergen, dient dat bij de melding te worden aangegeven en kan hiermee bij
                            het verlenen van het instemmingsbesluit of vergunning rekening worden
                            gehouden. Formeel uitgangspunt is dat een beschikking pas kan verstrekt
                            als ook andere vergunningen verleend zijn zoals de Omgevingsvergunning.
                            Dan ook starten de aangegeven beslistermijnen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Voorschriften, beperkingen en weigeringsgronden</titel></kop><al>Het college kan middels nadere regels aan een instemmingsbesluit
                            voorschriften en beperkingen verbinden of een vergunning weigeren dan
                            wel daaraan voorschriften en beperkingen verbinden. Omwille van
                            uniformiteit is aangegeven welk soort voorschriften en beperkingen dit
                            kunnen zijn. Ze hebben vooral te maken met de wijze van uitvoering en
                            zijn gericht op de belangen die de gemeente geacht wordt te behartigen.
                            Daarnaast zijn eventueel lokale regels en voorwaarden van toepassing (op
                            termijn mogelijk vast te stellen als ‘Handboek’), waarbij mogelijk
                            aanvullende voorschriften bij verlening van de instemming of vergunning
                            worden bekend gemaakt. Deze lokale voorschriftenset kan door het College
                            worden vastgesteld. Wat betreft de in artikel 8, eerste lid sub 9,
                            benoemde lokale evenementen, kan de gemeente een jaarlijkse
                            evenementenkalender vaststellen en publiceren op haar website, waarna
                            van partijen verwacht mag worden dat men hiermee rekening houdt. </al><al>Dit artikel bevat bepalingen over het herstel van de openbare ruimte
                            nadat het werk heeft plaatsgevonden: een beginselplicht tot het
                            herstellen van de openbare ruimte. In beginsel wordt uitgegaan van de
                            “aangetroffen staat” van de infrastructuur. Voorzien wordt in het
                            mogelijk maken van (in principe) enkele gemeentelijke opname-momenten:
                            een vooropname, een opleveringsopname en eventueel nog een
                            overdrachtsopname. Dit om te voorkomen dat later niet meer duidelijk is
                            hoe de staat van de openbare ruimte was. Onder degeneratie wordt
                            verstaan de achteruitgang van de levensduur van de wegverharding als
                            gevolg van graafwerkzaamheden. De degeneratie is mede afhankelijk van de
                            bodemgesteldheid.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>3a</nr><titel>Algemeen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Eigendom</titel></kop><al>Het zakelijk karakter van de instemming of vergunning is er opdat
                                een nieuwe aanbieder, die gebruik maakt van de kabel, ook de
                                instemming of vergunning heeft, en zich houdt aan de voorschriften.
                                De wettelijke bepalingen (vooral het Burgerlijk Wetboek) zijn van
                                toepassing op het eigendom van kabelnetwerken.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overleg</titel></kop><al>In de praktijk heeft de gemeente periodiek overleg met netbeheerders
                                en grondroerders. Dit overleg krijgt een formele en structurele
                                status, zonder dat deelnemers hieraan rechten ontlenen. Wel wordt
                                verwacht dat partijen in hun eigen belang deelnemen aan dit overleg
                                en dat de gemeente hen zal uitnodigen. Doelstelling is tijdige
                                informatie-uitwisseling over plannen tussen partijen (zowel de
                                gemeente als de gravende partijen) zodat men waar mogelijk daarop
                                tijdig kan inspelen. Mede daarom is het van belang dat niet alleen
                                over de voorliggende korte termijnplannen gesproken wordt, maar dat
                                juist ook de plannen op langere (bijvoorbeeld 3 tot 5-jarige)
                                termijn ingebracht worden. </al><al>Dit overleg is afhankelijk van deelname van alle relevante partijen.
                                Belangrijk is dat voor zowel de dagelijkse praktijk als de
                                meerjarenplanning namens de netbeheerders bevoegde en geïnformeerde
                                vertegenwoordigers aan het overleg deelnemen. Dit structurele
                                overleg laat onverlet dat partijen die voornemens zijn werkzaamheden
                                te verrichten met de gemeente in die concrete situaties in
                                vooroverleg treden. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Informatieplicht</titel></kop><al>Wettelijk is voor openbare elektronische communicatienetwerken
                                voorzien in regels rond kabels (en voorzieningen als lege
                                mantelbuizen) voor de duur van de gedoogplicht. Daarbij is van
                                belang de daadwerkelijke situatie of die kabels en leidingen (nog)
                                deel uit maken van een dergelijk netwerk. Onderscheid is er tussen
                                bestaande lege mantelbuizen en nieuw te leggen lege mantelbuizen.
                                Voor de gemeente is het niet doenlijk zelfstandig voldoende zicht te
                                houden op het al dan niet in gebruik zijn van de voorzieningen. De
                                netbeheerders worden geacht een kabel- en leidingregistratie bij te
                                houden en de gemeente te informeren (op verzoek van de gemeente dan
                                wel op eigen initiatief) over voorzieningen als lege mantelbuizen.
                                Uitgangspunt is digitale aanlevering van gegevens. Wijzigingen
                                kunnen ook optreden door het vervallen van het openbare karakter van
                                gronden, dat dan ook gevolgen heeft voor het karakter van de kabels
                                in die gronden.</al></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>3b</nr><titel>Netten voor transport van informatie</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Niet-openbare kabels en leidingen</titel></kop><al>Bij werkzaamheden met niet-openbare kabels en leidingen in openbare
                                gronden geldt uitdrukkelijk géén wettelijke gemeentelijke
                                gedoogplicht, maar wordt de AVOI procedureel van overeenkomstige
                                toepassing verklaard. </al><al>Een voornemen tot het uitvoeren van werkzaamheden voor niet-openbare
                                kabels/leidingen in openbare gronden moet vooraf gemeld worden aan
                                (resp. aangevraagd moet worden bij) de gemeente, en dat de gemeente
                                beleidsvrijheid heeft die instemming (= vergunning) al dan niet te
                                verlenen (of de voorwaarden te bepalen). Met betrekking tot
                                verzoeken voor het verleggen van niet-openbare kabels en leidingen,
                                dienen deze op verzoek van de gemeente, altijd op kosten van de
                                eigenaar van de kabels en leidingen, uitgevoerd te worden. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>(Mede)gebruik van voorzieningen</titel></kop><al>Overleg over een melding of aanvraag is er mede op gericht te
                                bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan
                                worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste
                                lid van dit artikel. De aanvrager wordt door middel van de gestelde
                                beleidsregels verplicht bij zijn aanvraag aan te geven welke
                                inspanningen gedaan zijn om te voldoen aan het vereiste van artikel
                                8, eerste lid AVOI.</al></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>3c</nr><titel>Netten van nutsbedrijven</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Verleggingen</titel></kop><al>Op het verleggen van kabels van elektronische communicatienetwerken
                                zijn de wettelijke regels (Telecommunicatiewet) van toepassing,
                                volgens het principe ‘leggen om niet, verplaatsen om niet’. Gezien
                                de wettelijke regels rechtstreeks van toepassing zijn, stelt de
                                verordening geen nadere regels. </al><al>Voor verleggingen van kabels en leidingen van nutsvoorzieningen zijn
                                enkele procedurele regels opgenomen, in samenhang met de te
                                respecteren (privaatrechtelijke) afspraken (al dan niet in de vorm
                                van een concessieovereenkomst). Een netbeheerder is verplicht te
                                verleggen als dat noodzakelijk is voor werken door of vanwege de
                                gemeente. De gemeente zal die noodzakelijkheid moeten aantonen. De
                                eventuele verrekening van kosten van de verleggingen wordt
                                vooralsnog berekend aan de hand van de tussen partijen van
                                toepassing zijnde afspraken, totdat er algemene regels hieromtrent
                                zijn overeengekomen. Procedureel is de praktische richtlijn dat als
                                de gemeente nadeelcompensatie moet bieden aan een netbeheerder, dit
                                slechts zal geschieden op basis van een gespecificeerd
                                kostenoverzicht.</al><al>Het eerste lid heeft betrekking op verleggingen die noodzakelijk
                                zijn vanwege werkzaamheden die door of vanwege de gemeente
                                uitgevoerd worden (denk aan een reconstructie, aanleg van een
                                rotonde, oprichting van een gebouw etc.). Het tweede lid betreft de
                                situatie dat kabels of leidingen verplaatst moeten worden doordat
                                derde partijen ergens werkzaamheden verrichten. Dat kunnen
                                particulieren zijn (zoals projectontwikkelaars) of andere
                                (semi-)overheden. Hierop heeft de gemeente normaliter geen invloed
                                en kan zij dan ook niet aansprakelijk worden gesteld voor vergoeding
                                van eventueel noodzakelijke verleggingskosten. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verwijderen van kabels en leidingen</titel></kop><al>Formeel gezien is een netbeheerder verplicht op aanzeggen van de
                                gemeente kabels en leidingen te verwijderen als de vergunning is
                                verlopen/beëindigd of als de betreffende kabels en leidingen buiten
                                gebruik zijn gesteld. Uiteraard zal dit steeds in afstemming tussen
                                de gemeente en de betrokken netbeheerder gebeuren, mede om onnodige
                                overlast voor omwonenden te beperken. Buiten gebruik gestelde kabels
                                en leidingen dienen bij reconstructies op aanzegging van de gemeente
                                te worden verwijderd. </al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Straf-, toezicht-, overgangs- en slotbepalingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Toezicht en handhaving</titel></kop><al>Dit artikel heeft mede ten doel alle betrokken partijen bewust te maken
                            van het niet-vrijblijvende karakter van de AVOI. Uitgangspunt is dat
                            partijen zich houden aan de bepalingen. Indien partijen zich niet houden
                            aan de voorschriften en beperkingen, behoudt de gemeente zich
                            nadrukkelijk het recht voor gebruik te maken van haar bevoegdheden,
                            vooral en in eerste instantie bestuursrechtelijk, maar niet noodzakelijk
                            daartoe beperkt. Bestuursrechtelijk zijn de Awb (hoofdstuk 5) en de
                            Gemeentewet van toepassing met bepalingen inzake de toezichthouder,
                            bestuursdwang, last onder dwangsom en bestuurlijke boete. De bevoegdheid
                            tot bestuursrechtelijke handhaving is veelal gemandateerd en de
                            toezichthouder wordt aangewezen. </al><al>Vooruitlopend op de bestuursrechtelijke handhaving, kan de
                            toezichthouder in voorkomende gevallen (indien noodzakelijk geacht,
                            vooral om geen onomkeerbare situatie te creëren en onevenredige overlast
                            te vermijden) de grondroerder bevelen de werkzaamheden stil te leggen. </al><al>Indien en voor zover nodig kunnen ook de civielrechtelijke en
                            strafrechtelijke mogelijkheden benut worden. Strafrechtelijke
                            consequenties vloeien vooral voort uit de mogelijke overtredingen van de
                            Wet op de economische delicten (WED). </al><al>Er is gekozen om aan te sluiten bij het generieke gemeentelijke
                            toezicht- en handhavingsbeleid. De algemene wettelijke bepalingen geven
                            aan dat overtreding van een bij of krachtens deze verordening gegeven
                            voorschrift, of een voorschrift verbonden aan een vergunning of
                            instemmingsbesluit wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie
                            maanden of geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden
                            gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Overgangsbepalingen en hardheidsclausule</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>