<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR138784_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Midden-Drenthe</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-02-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Midden-Drenthe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteberichten 5 oktober 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artt 82, 147, 149 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-09-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-10-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2011-10-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de gelijknamige</al><al>verordening uit 2010.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissies</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Lid: lid van een raadscommissie</al></li><li nr="b."><al>Voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger:</al></li><li nr="c."><al>Commissiegriffier: secretaris van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="d."><al>Griffier: griffier van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="e."><al>Vergadering: vergadering van een raadscommissie</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Instelling, taken en samenstelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Instelling raadscommissies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt de volgende raadscommissies in:</al><lijst><li nr="a."><al>Een raadscommissie Welzijn en Algemeen Bestuur</al></li><li nr="b."><al>Een raadscommissie Ruimte &amp; Groen</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raadscommissies overleggen en adviseren over de zaken waarvoor
                                zij zijn ingesteld, zoals aangegeven op bijlage 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                                onderwerp in de afzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij de
                                voorzitters van de betrokken raadscommissies in overleg beslissen
                                dat een gezamenlijke vergadering van de raadscommissies wordt belegd
                                of de raadscommissie die het onderwerp het meest aangaat, het
                                onderwerp behandelt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                belegd, vervult de voorzitter van de raadscommissie die het
                                onderwerp het meest aangaat, de taken van de voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Taken</titel></kop><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>het uitbrengen van advies aan de raad over een voorstel of
                                    onderwerp dat betrekking heeft op de in artikel 2, tweede lid,
                                    genoemde onderwerpen;</al></li><li nr="b."><al>het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;</al></li><li nr="c."><al>het voeren van overleg met het college of de burgemeester over
                                    in ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte
                                    inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de in
                                    artikel 2, tweede lid, derde of vierde lid, genoemde
                                    onderwerpen;</al></li><li nr="d."><al>het uitvoering geven van spreekrecht van burgers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad benoemt uit zijn midden voor iedere raadscommissie, op
                                voordracht van de fracties, maximaal 2 leden per fractie voor de
                                fracties van de PvdA, CDA en VVD en maximaal 1 lid voor de overige
                                fracties. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij verhindering van een commissielid kan dit lid door een ander
                                raadslid uit de fractie worden vervangen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een en twee persoonsfracties kunnen zich in de commissies door een
                                niet raadslid laten vervangen, met dien verstande dat de genoemde
                                fractie in totaal één niet-raadslid van de kandidatenlijst mag
                                voordragen als plaatsvervangend commissielid. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De benoeming van het niet-raadslid vindt op dezelfde wijze plaats
                                als de benoeming van raadsleden. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van
                                overeenkomstige toepassing op een lid van een raadscommissie. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij verhindering van benoemde leden en plaatsvervangende leden kan
                                vervanging door een raadslid plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De leden van een commissie, die geen raadslid zijn, ontvangen voor
                                het bijwonen van een raadscommissie een vergoeding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit zijn
                                midden benoemd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is belast met: </al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering; </al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde; </al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van deze verordening; </al></li><li nr="d."><al>hetgeen deze verordening hem verder opdraagt. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Zittingsduur en vacatures</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en hun
                                plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de
                                zittingsperiode van de raad. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een
                                raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4
                                gestelde eisen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan een lid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens
                                voordracht het lid is benoemd. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde
                                ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad.
                                Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of
                                zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de
                                raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming
                                van artikel 4 en 5. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad,
                                vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die
                                fractie is benoemd, van rechtswege. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Griffier en commissiegriffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier wijst, ter ondersteuning van iedere raadscommissie, een
                                commissiegriffier aan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissiegriffier is in iedere vergadering aanwezig. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid voorziet de griffier in
                                vervanging. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>. Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><al>De burgemeester, de wethouders en de secretaris kunnen aanwezig zijn bij
                            de vergaderingen. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1.Tijdstip</nr><titel>van vergaderen en voorbereiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een raadscommissie vergadert volgens een vast te stellen
                                    schema.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergaderingen van de raadscommissies vangen aan om 20:00 uur
                                    en vinden regulier plaats in het gemeentehuis te Beilen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                    nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties schriftelijk
                                    met opgaaf van redenen daarom verzoeken. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of
                                    aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij
                                    voert hierover overleg met de griffier. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Oproep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een vergadering
                                    de leden een schriftelijke oproep onder vermelding van de dag,
                                    het tijdstip en de plaats van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                    uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de
                                    Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
                                    schriftelijke oproep aan de leden verzonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
                                    artikel 11, eerste lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
                                    voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk
                                    48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden
                                    gezonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>De agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van
                                    de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van
                                    een vergadering een aanvullende agenda opstellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
                                    vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                    raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan
                                    de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende
                                    voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college
                                    of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De
                                    raadscommissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of
                                    voorstel opnieuw geagendeerd wordt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Aan het eind van de vergadering wordt ieder lid in de
                                    gelegenheid gesteld vragen te stellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen
                                    op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van
                                    de schriftelijke oproep voor een ieder op het gemeentehuis ter
                                    inzage gelegd. Indien na het verzenden van de schriftelijke
                                    oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan
                                    mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in een openbare
                                    kennisgeving. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten
                                    het gemeentehuis gebracht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede
                                    lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                    stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de
                                    griffier en verleent de griffier een lid inzage. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep
                                    door aankondiging in één of meer huis-aan-huisbladen en door
                                    plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De openbare kennisgeving vermeldt: </al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de voorlopige
                                            agenda van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en
                                            de daarbij behorende stukken kan inzien; </al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het spreekrecht
                                            als bedoeld in artikel 15.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Daarnaast worden de bij de voorlopige agenda behorende stukken,
                                    indien digitaal beschikbaar, op de website van de gemeente
                                    geplaatst.</al><al>Paragraaf 2. Orde der vergadering</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Opening vergadering en quorum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                    indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden
                                    aanwezig is. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                    vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter onder
                                    verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de namen der
                                    afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering, op een
                                    tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de
                                    schriftelijke oproep is gelegen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid
                                    niet van toepassing. De raadscommissie kan echter over andere
                                    aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien meer
                                    dan de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er wordt onderscheid gemaakt tussen insprekers over onderwerpen
                                    die niet op de agenda staan en onderwerpen die wel op de agenda
                                    staan. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Insprekers over onderwerpen die niet op de agenda staan mogen
                                    het woord voeren bij het begin van de agenda.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Insprekers over onderwerpen die op de agenda staan krijgen het
                                    woord bij de behandeling van het betreffende agendapunt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voor het spreekrecht beschikbare tijd bedraagt per
                                    vergadering maximaal 30 minuten, onafhankelijk van het aantal
                                    insprekers of agendapunten. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het woord kan niet gevoerd worden over: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep
                                    openstaat of heeft opengestaan; </al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen;
                                </al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene
                                    wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten
                                    minste een half uur voor de aanvang van de vergadering aan de
                                    griffier. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                    voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                    belang is van de orde van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                    voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als
                                    er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in
                                    bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de
                                    spreektijd, zoals bedoeld in lid 4. </al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                    verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de
                                    commissievergadering toestaan aan insprekers een korte,
                                    verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats
                                    tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering. Na de
                                    beantwoording van de verhelderende vragen keert de inspreker
                                    terug naar de publieke tribune. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het conceptverslag van de voorgaande vergadering wordt, zo
                                    mogelijk, aan de leden toegezonden gelijktijdig met de
                                    schriftelijke oproep. Het conceptverslag wordt op hetzelfde
                                    moment aan de overige personen die het woord gevoerd hebben,
                                    toegezonden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het begin van de vergadering wordt, het verslag van de
                                    vorige vergadering vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden, de voorzitter, de burgemeester en de wethouders,
                                    hebben het recht, een voorstel tot wijziging van het verslag aan
                                    de raadscommissie te doen, indien het verslag onjuistheden bevat
                                    of niet duidelijk weergeven hetgeen gezegd of besloten is. Een
                                    voorstel tot verandering dient voor de aanvang van de
                                    vergadering schriftelijk bij de commissiegriffier te worden
                                    ingediend. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het verslag moet inhouden: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de commissiegriffier,
                                    de burgemeester en de wethouders, de secretaris en de ter
                                    vergadering aanwezige leden, allen voorzover aanwezig, alsmede
                                    van de overige personen die het woord gevoerd hebben,
                                    afzonderlijk wordt vermeld</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>welke leden afwezig waren; </al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; </al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van
                                    de namen der aanwezigen die het woord voerden; </al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>een samenvatting van het advies aan de raad onder vermelding van
                                    de namen van de leden die mededeling hebben gedaan van hun goed-
                                    of afkeuring, en met aantekening van de namen van de leden die
                                    zich niet uitgelaten hebben; </al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van
                                    die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 26
                                    door de raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de
                                    beraadslagingen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag wordt opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de
                                    griffier. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het vastgestelde verslag wordt door de voorzitter en de
                                    commissiegriffier ondertekend. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid, de voorzitter, de burgemeester, een wethouder en de
                                    secretaris spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats en
                                    richten zich tot de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de in
                                    het eerste lid genoemde personen vanaf een andere plaats
                                    spreken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid, de burgemeester, een wethouder of de secretaris, voeren
                                    het woord na het aan de voorzitter gevraagd en van hem verkregen
                                    te hebben.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer het woord
                                    wordt gevraagd over de orde van de vergadering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp
                                    of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het
                                    spreken over een voorstel van orde. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                    mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                    toegelicht. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie terstond.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij:
                                </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze
                                    verordening te herinneren; </al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de
                                    spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                    uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde
                                    onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan
                                    wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter
                                    tot de orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg
                                    geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin
                                    zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
                                    ontzeggen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor
                                    een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                    heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                    sluiten. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat
                                    door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het
                                    verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan
                                    verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de
                                    voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan
                                    het lid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                    de vergadering worden ontzegd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid
                                    beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of
                                    voorstel afzonderlijk te beraadslagen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    beslissen de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te
                                    schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te
                                    geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden
                                    hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de
                                    beraadslaging. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of
                                    een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van
                                    het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                                    voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                                    raadscommissie anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de raadscommissie of
                                    er een advies aan de raad wordt uitgebracht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt
                                    beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud
                                    van het advies. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties opgenomen.
                                </al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.Toehoorders</nr><titel>en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend
                                op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de orde
                                van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die
                                bij herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten
                                hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze aanwijzingen kunnen niet
                            zover gaan dat zij de vrijheid van pers aantasten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het stand-by houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering zonder toestemming van de voorzitter niet
                            toegestaan.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.</nr><titel>Uitleg verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 oktober 2011. </al><al>Op dat tijdstip vervalt de “Verordening op de raadscommissies
                            Midden-Drenthe” vastgesteld bij raadsbesluit van 29 april 2010, </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad,</ondertekening><ondertekening>gehouden op 29 september 2011,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>C.J. Onderwater</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>J.Broertjes</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>