<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR13845_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Deventer</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-03-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Deventer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2008-11-13</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Parkeerverordening 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-11-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>10.1</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Besluit uitgifte parkeervergunningen 2009</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Parkeerverordening 2009
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al/>
          <al>De raad van de gemeente Deventer, </al>
          <al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 september 2008,
                        nummer 2008.103776 eenheid Ruimte &amp; Samenleving;</al>
          <al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 2 van de Wegenverkeerswet
                        1994;</al>
          <al>
            <vet>BESLUIT</vet>
          </al>
          <al>Vast te stellen de “Parkeerverordening 2009”.</al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling 1 Definities en begripsomschrijvingen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 1 </label>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>
                  <onderstreept>belanghebbendenplaats</onderstreept>: een
                                    parkeerplaats die;</al><lijst>
                  <li nr="1."><al>is aangeduid met bord E9 uit bijlage I van het RVV,
                                            of</al></li>
                  <li nr="2."><al>is gelegen binnen een zone, aangeduid met bord E9 uit
                                            bijlage I van het RVV, met het </al><al> opschrift “zone”, voor zover deze plaats niet is
                                            uitgezonderd; </al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="b."><al>
                  <onderstreept>centrale computer</onderstreept>: computer van het
                                    bedrijf waarmee de Gemeente Deventer een overeenkomst heeft
                                    gesloten, bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen in
                                    het kader van het verlenen van diensten op het gebied van
                                    betaald parkeren met gebruik van telefoon / internet;</al></li>
              <li nr="c."><al>
                  <onderstreept>college</onderstreept>: het college van
                                    burgemeester en wethouders</al></li>
              <li nr="d."><al>
                  <onderstreept>jaar:</onderstreept> het tijdvak van 1 januari
                                    00.00 uur tot 31 december 24.00 uur;</al></li>
              <li nr="e."><al>
                  <onderstreept>natuurlijk persoon</onderstreept>: een mens van
                                    vlees en bloed, dit in tegenstelling tot een rechtspersoon;</al></li>
            </lijst>
            <al>f <onderstreept>parkeerpas</onderstreept>:een kunststof pas met
                            een uniek kaartnummer en chip, welke gekoppeld is aan de parkeergegevens
                            van de parkeervergunninghouder;</al>
            <lijst>
              <li nr="g."><al>
                  <onderstreept>parkeerapparatuur</onderstreept>:
                                    parkeerautomaten, parkeermeters, centrale computer en wat
                                    gewoonlijk naar maatschappelijke opvattingen overigens onder
                                    parkeerapparatuur wordt verstaan;</al></li>
              <li nr="h."><al>
                  <onderstreept>parkeerapparatuurplaats</onderstreept>: een
                                    parkeerplaats behorende bij parkeerapparatuur;</al></li>
              <li nr="i."><al>
                  <onderstreept>Parkeerautomaatplaats</onderstreept>: een
                                    parkeerplaats behorende bij een parkeerautomaat.</al></li>
              <li nr="j."><al>
                  <onderstreept>parkeervergunning:</onderstreept> een door het
                                    college verleende parkeervergunning, op basis waarvan het is
                                    toegestaan een voertuig te parkeren op daartoe aangewezen
                                    parkeerapparatuur- en/of belanghebbendenplaatsen;</al></li>
              <li nr="j."><al>
                  <onderstreept>parkeervergunninghouder</onderstreept>: de
                                    natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie een
                                    parkeervergunning is verleend;</al></li>
              <li nr="k."><al>
                  <onderstreept>parkeren</onderstreept>: het gedurende een
                                    aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig,
                                    anders dan gedurende de tijd die nodig is voor het en gebruik
                                    wordt tot het onmiddellijk in – of uitstappen van personen dan
                                    wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen van enig
                                    gewicht en/of enige omvang, op binnen de gemeente gelegen voor
                                    het openbare verkeer openstaande terreinen of weggedeelten,
                                    waarop dit doen of laten staan niet als gevolg van een wettelijk
                                    voorschrift is verboden;</al></li>
              <li nr="l."><al>
                  <onderstreept>rechtspersoon</onderstreept>: een juridische
                                    constructie die met een bepaald doel in het leven is geroepen,
                                    welke is ingeschreven in het register van de Kamer van
                                    Koophandel of beschikt over een BTW-nummer van de
                                    belastingdienst;</al></li>
              <li nr="m."><al>
                  <onderstreept>voertuig</onderstreept>: hetgeen daaronder wordt
                                    verstaan in het RVV 1990;</al></li>
              <li nr="n."><al>
                  <onderstreept>RVV</onderstreept>
                  <onderstreept>1990</onderstreept>:
                                    het Reglement verkeersregels en verkeerstekens van 26 juli 1990
                                    (Stb. 1990, 459; 1996/557)</al></li>
              <li nr="o."><al>
                  <onderstreept>zone</onderstreept>: een gebied waar met de
                                    verleende parkeervergunning op een parkeerautomaatplaats en/of
                                    belanghebbendenplaats mag worden geparkeerd zoals aangegeven in
                                    het vigerende Aanwijzingsbesluit en de daarbij behorende
                                    bijlagen;</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling 2 Plaatsen voor parkeervergunninghouders, parkeervergunningen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 2. Aanwijzen tijden en plaatsen</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, weggedeelten
                                    aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door
                                    parkeervergunninghouders en weggedeelten aanwijzen die bestemd
                                    zijn voor het betaald parkeren middels parkeerapparatuur
                                    (parkeerautomaten en parkeermeters) ;</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, tijdstippen
                                    vaststellen waarop het parkeren alleen aan
                                    parkeervergunninghouders is toegestaan.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 3. Het verlenen van de parkeervergunning</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college kan op een daartoe strekkende aanvraag een
                                    parkeervergunning verlenen;</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college beslist uiterlijk binnen twee maanden na ontvangst
                                    van een aanvraag voor een parkeervergunning.</al></li>
              <li nr="3."><al>Het college kan de in het tweede lid genoemde termijn met ten
                                    hoogste twee maanden verlengen. Van een verlenging van deze
                                    termijn wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 4. Nadere regels door het college</label>
            </kop>
            <al>Het college stelt in een “Besluit uitgifte parkeervergunningen” het
                            beleid vast op grond waarvan de diverse soorten parkeervergunningen
                            worden verleend met betrekking tot:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>het maximaal aantal uit te geven parkeervergunningen per
                                    parkeervergunninggebied;</al></li>
              <li nr="b."><al>het verlenen, het intrekken en het ontzeggen van
                                    parkeervergunningen;</al></li>
              <li nr="c."><al>de zone(s) waar de parkeervergunning geldig is;</al></li>
              <li nr="d."><al>het gebruik van parkeervergunningen;</al></li>
              <li nr="e."><al>de geldigheidsduur van een parkeervergunning.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 5. Gegevens</label>
            </kop>
            <al>De parkeervergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de periode waarvoor de parkeervergunning geldt;</al></li>
              <li nr="b."><al>de zone(s) / het gebied waarvoor de parkeervergunning
                                    geldt;</al></li>
              <li nr="c."><al>de naam van de parkeervergunninghouder en/of het kenteken of een
                                    ander kenmerk van het</al></li>
            </lijst>
            <al>voertuig waarvoor de parkeervergunning is verleend;</al>
            <al>d.de voorschriften en beperkingen die aan de parkeervergunning verbonden
                            zijn.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 6. Overschrijven en wijzigen van de parkeervergunning</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De parkeervergunning is niet overdraagbaar.</al></li>
              <li nr="2."><al>De parkeervergunninghouder is verplicht elke wijziging in de
                                    omstandigheden die relevant is voor het verlenen van een
                                    parkeervergunning, onmiddellijk aan burgemeester en wethouders
                                    kenbaar te maken.</al></li>
              <li nr="3."><al>Wijziging van het voertuig of van het kenteken van het voertuig,
                                    van bedrijfsnaam of –adres van</al></li>
            </lijst>
            <al>parkeervergunninghouder dienen onmiddellijk aan het college te worden
                            doorgegeven.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 7. Volgorde van parkeervergunningverlening en wachtlijst</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Op de aanvraag van een parkeervergunning wordt in volgorde van
                                    ontvangst beschikt.</al></li>
              <li nr="2."><al>Indien het aantal aanvragen groter is dan het
                                    parkeervergunningplafond voor het betreffende</al></li>
            </lijst>
            <al>parkeervergunninggebied wordt de aanvraag op een wachtlijst
                            geplaatst.</al>
            <al>3.De volgorde waarin de aanvraag op de wachtlijst wordt geplaatst, is de
                            volgorde van ontvangst</al>
            <al>van de volledige aanvraag.</al>
            <lijst>
              <li nr="4."><al>Het college kan besluiten om voor een parkeervergunninggebied
                                    per parkeervergunningsoort een aparte wachtlijst bij te
                                    houden.</al></li>
              <li nr="5."><al>De aanvrager wordt van de wachtlijst verwijderd, indien:</al></li>
              <li nr="a)"><al>de aanvrager daarom verzoekt;</al></li>
              <li nr="b)"><al>de aanvrager een parkeervergunning wordt verleend in het eigen
                                    parkeervergunninggebied;</al></li>
              <li nr="c)"><al>blijkt dat bij de aanvraag om de parkeervergunning onjuiste of
                                    onvolledige gegevens zijn </al></li>
              <li nr="d)"><al>verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens
                                    niet tot plaatsing op de wachtlijst zou hebben geleid</al></li>
              <li nr="e)"><al>niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden voor de aangevraagde
                                    parkeervergunning, gesteld bij of krachtens deze
                                    verordening.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 8. Diefstal, verlies of vermissing</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>In geval van diefstal of vermissing van parkeervergunningen
                                    wordt slechts een vervangende parkeervergunning verstrekt indien
                                    van de diefstal aangifte is gedaan bij de politie en tegen
                                    overlegging van het proces-verbaal.</al></li>
              <li nr="2."><al>Alle kosten, verbonden aan de uitgifte van vervangende
                                    parkeervergunningen zijn voor rekening van de
                                    parkeervergunninghouder.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling III Verbodsbepalingen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 9. Verkeerd gebruik</label>
            </kop>
            <al>1.Het is verboden om enig voertuig, niet zijnde een motorvoertuig op 2
                            of meer wielen, of een</al>
            <al>voertuig op 3 of meer wielen met een kenteken, te plaatsen of te laten
                            staan op een parkeerplaats</al>
            <al>welke onder een regime van parkeerbelastingen is gebracht.</al>
            <al>2.Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                            zodanige wijze tegen of bij</al>
            <al>parkeerapparatuur te plaatsen of te laten staan, dat daardoor een
                            normaal gebruik daarvan wordt</al>
            <al>belemmerd of verhinderd.</al>
            <al>3.Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste en
                            tweede lid van dit artikel.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 10. Wijze van betalen</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze, met andere
                                    middelen, of met andere munten, dan aangegeven op of nabij de
                                    parkeerapparatuur, in werking te stellen.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het is verboden op een parkeerapparatuurplaats gedurende de
                                    tijden waarop het parkeren daar</al><al> slechts tegen betaling is toegestaan:</al></li>
              <li nr="a."><al>een voertuig te parkeren indien de parkeerapparatuur niet in
                                    werking is gesteld of niet onmiddellijk na aanvang van het
                                    parkeren in werking wordt gesteld;</al></li>
              <li nr="b."><al>een voertuig geparkeerd te houden indien de parkeerapparatuur of
                                    de verstrekte parkeerkaart aangeeft dat de parkeertermijn is
                                    verstreken;</al></li>
              <li nr="c."><al>een voertuig te parkeren bij parkeerapparatuur welke defect
                                    is;</al></li>
              <li nr="d."><al>een voertuig te parkeren zonder dat de door de parkeerapparatuur
                                    verstrekte parkeerkaart op de juiste wijze in het voertuig is
                                    aangebracht;</al></li>
              <li nr="3."><al>Het in het tweede lid vervatte verbod geldt niet:</al></li>
              <li nr="a."><al>wanneer aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon een
                                    parkeervergunning is verleend voor de betreffende zone en het
                                    met deze parkeervergunning toegestaan is om te parkeren op
                                    parkeerautomaatparkeerplaatsen en;</al></li>
              <li nr="b."><al>het voertuig op de voorgeschreven wijze is voorzien van een
                                    parkeerpas.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 11. Parkeren met parkeervergunning</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
                                    belanghebbendenplaats slechts aan parkeervergunninghouders is
                                    toegestaan een voertuig te parkeren:</al></li>
              <li nr="a."><al>zonder parkeervergunning;</al></li>
              <li nr="b."><al>zonder dat het voertuig op de daarvoor voorgeschreven wijze is
                                    voorzien van de parkeerpas of dagvergunning;</al></li>
              <li nr="c."><al>in strijd met de aan de parkeervergunning verbonden voorwaarden
                                    als vastgelegd in het besluit uitgifte parkeerverguningen. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling IV Strafbepaling</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 12.</label>
            </kop>
            <al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze verordening wordt
                            gestraft met hechtenis van</al>
            <al>ten hoogste twee maanden of een geldboete van de eerste categorie.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling V Overgangs- en slotbepalingen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 13. Toezicht</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij en
                                    krachtens deze verordening zijn belast de toezichthouders,
                                    werkzaam bij of in opdracht van de gemeente Deventer;</al></li>
              <li nr="2."><al>Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij
                                    of krachtens deze verordening belast de door het college
                                    aangewezen personen.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 14. Hardheidsclausule</label>
            </kop>
            <al>Het college is bevoegd, in gevallen waarin toepassing van deze
                            verordening naar haar oordeel leidt tot onaanvaardbare gevolgen voor
                            betrokkenen, ten gunste van de aanvrager af te wijken.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 15. Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De Parkeerverordening 2008, zoals vastgesteld bij Raadsbesluit
                                    van 4 december 2007 wordt ingetrokken met ingang van de in het
                                    derde lid van dit artikel vastgestelde datum van
                                    inwerkingtreding, met dien verstande dat zij van toepassing
                                    blijft op de omstandigheden die zich hebben voorgedaan voordat
                                    deze verordening in werking treedt;</al></li>
              <li nr="2."><al>Het op grond van de Parkeerverordening 2008 vigerende
                                    aanwijzingsbesluit belanghebbendenparkeren en het vigerende
                                    aanwijzingsbesluit parkeerapparatuurplaatsen, worden geacht mede
                                    op grond van deze verordening te berusten en blijven dus van
                                    kracht; </al></li>
              <li nr="3."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2009;</al></li>
              <li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Parkeerverordening
                                    2009”.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering
                        van 5 november 2008</al>
        </slotformulering>
        <ondertekening>
          De raad voornoemd,
        </ondertekening>
        <ondertekening>
          De griffier,
        </ondertekening>
        <ondertekening>
           drs. A.G.M. Dashorst
        </ondertekening>
        <ondertekening>
          De voorzitter,
        </ondertekening>
        <ondertekening>
           ir. A.P. Heidema
        </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>