<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR132543_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van de toeristenbelasting 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Landerd</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Landerd</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Arena, 23 december 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet Artikel 224</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financiën</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de verordening toeristenbelasting 2011</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van de toeristenbelasting 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Agendapunt:</al><al>Registratienummer: 2011/     </al><al>De raad van de gemeente Landerd;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van Landerd d.d. 25
                        oktober 2011;</al><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet </al><al>B E S L U I T:</al><al>Vast te stellen de:<vet><onderstreept>Verordening op de heffing en
                        invordering van toeristenbelasting 2012</onderstreept></vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor
                        het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een
                        vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene zijn
                        opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de
                        gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                                bedoeld in artikel 1.</al></li><li nr="2."><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te
                                verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></li><li nr="3."><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot
                                verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld
                                in artikel 1.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al> door degene die: </al><lijst><li nr="a."><al>verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in
                                        artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating
                                        Zorginstellingen;</al></li><li nr="b."><al>verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk
                                        verblijf forensenbelasting is verschuldigd;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voorzover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van
                                de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan
                                opvang Asielzoekers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het
                        belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal
                        overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van
                                heffing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al><onderstreept>Voor toepassing van dit artikel wordt verstaan
                                    onder:</onderstreept></al><lijst><li nr="a."><al><onderstreept>kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto,
                                            caravan dan wel enig ander onderkomen of ander voertuig
                                            of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover
                                            geen bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning
                                            voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1,
                                            eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen
                                            omgevingsrecht is vereist; een en ander voor zover deze
                                            onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend
                                            zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen
                                            worden gebruikt voor recreatief
                                            nachtverblijf.</onderstreept></al></li><li nr="b."><al><onderstreept>Niet-beroepsmatige verhuurde ruimten: woningen
                                            en andere verblijven of gedeelten daarvan, niet zijnde
                                            kampeermiddelen of stacaravans, welke niet in hoofdzaak
                                            bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere
                                            recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden
                                            van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd dan wel
                                            te huur worden aangeboden.</onderstreept></al></li><li nr="c."><al><onderstreept>Vaste standplaats: een terrein of
                                            terreingedeelte, dat bestemd is voor het gedurende een
                                            seizoen of een jaar plaatsen van eenzelfde kampeermiddel
                                            of stacaravan.</onderstreept></al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking
                                tot:</al><lijst><li nr="a."><al>Vakantieonderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten,
                                        kampeermiddelen op vaste standplaatsen en in hoofdzaak
                                        bestemd voor het verblijf houden door één of meer leden van
                                        een zelfde huishouden gedurende de periode 1 januari tot en
                                        met 31 december bepaald op 3 personen</al></li><li nr="b."><al>Kampeermiddelen op seizoenstandplaatsen bepaald op 2,8
                                        personen</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>het aantal malen dat door de in het tweede lid bedoelde personen is
                                overnacht wordt:</al><lijst><li nr="a."><al>ingeval verblijf wordt gehouden op vaste standplaatsen,
                                        bepaald op 55,1</al></li><li nr="b."><al>ingeval verblijf wordt gehouden op seizoenstandplaatsen,
                                        bepaald op 62</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van
                                heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 5 wordt op een door de
                        belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing
                        vastgesteld op het werkelijke aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit
                        aantal lager is dan het op grond van artikel 5 berekende aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Per overnachting bedraagt het tarief € 1,05.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 10,- worden niet opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen. De
                                eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                                maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, en de
                                tweede termijn twee maanden later.</al></li><li nr="2."><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                                lid gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de
                        heffing en de invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Meldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, is gehouden, voordat hij voor de
                        eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot
                        overnachtingen verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het
                        college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren,
                        bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d van de
                        Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Overgangsbepaling, inwerkingtreding en
                                citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De 'Verordening Toeristenbelasting 1996’ van 2 november 1995,
                                laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 1 november 2007, wordt
                                ingetrokken met ingang van de in artikel 14, derde lid genoemde
                                datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van
                                toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum
                                hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening
                                toeristenbelasting 2012'.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>J.A.G. Huijs W.C. Doorn – van der Houwen</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>