<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR130769_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Retailpark 2012-2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Roermond</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Roermond</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Trompetter, 20-12-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening BI-zone Retailpark Roermond 2012 - 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0025644&amp;artikel=1&amp;g=2013-04-10">Experimentenwet Bedrijven Investeringszones, art. 1, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0025644&amp;artikel=7&amp;g=2013-04-10">Experimentenwet Bedrijven Investeringszones, art. 7, lid 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=156&amp;g=2013-04-10">Gemeentewet, art. 156, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-12-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2011/084/1</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR446173_1">Verordening BI-zone Retailpark Roermond 2017-2021</extref>.</al><al>Deze verordening vervangt de Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Retailpark Roermond 2011 – 2015, zoals vastgesteld op 16 december 2010.</al><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Retailpark 2012-2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>D</vet><vet>E RAAD VAN DE GEMEENTE ROERMOND,</vet></al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
                        31 oktober 2011<cursief>,</cursief></al><al>raadsvoorstelnummer 2011/084/1</al><al>gezien het advies van de commissie Bestuur en Middelen van 28 november
                        2011; </al><al>gelet op artikel 1, eerste lid en artikel 7, vierde lid, van de
                        Experimentenwet Bedrijven Investeringszones (BI-zones) en artikel 156,
                        eerste lid, van de Gemeentewet;</al><al>gelet op de tussen de <vet>gemeente Roermond</vet> en de <vet>Stichting
                        BIZ Retailpark Roermond</vet> gesloten Uitvoeringsovereenkomst van
                        31 oktober 2011;</al><al><vet>besluit</vet> :</al><al><vet>1. </vet><vet> In te trekken de Verordening op de heffing en de
                        invordering van een BIZ-bijdrage en op de </vet><vet> subsidie voor
                            de BI-zone Retailpark Roermond 2011 – 2015 van 16 december
                            2010</vet></al><al><vet>2. Vast te stellen de </vet><vet>Verordening op de heffing en de
                        invordering van een BIZ-bijdrage en op </vet><vet>de subsidie voor
                            de BI-zone Retailpark Roermond</vet></al><al>(Verordening BI-zone Retailpark Roermond 2012 – 2016).</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>BI-zone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de
                                    gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven. Het
                                    aangewezen gebied staat aangegeven op de bij deze verordening
                                    behorende en daarvan deel uitmakende kaart (bijlage 1);</al></li><li nr="b."><al>de wet: de Experimentenwet BI-zones;</al></li><li nr="c."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente;</al></li><li nr="d."><al>uitvoeringsovereenkomst: de tussen de gemeente Roermond en
                                    Stichting BIZ Retailpark Roermond gesloten
                                    uitvoeringsovereenkomst op 31 oktober 2011;</al></li><li nr="e."><al>activiteitenplan: het plan waarin de activiteiten, zoals bedoeld
                                    in artikel 1 lid 2 van de wet, staan vermeld die de stichting
                                    namens de ondernemers zal uitvoeren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aanwijzing Stichting</titel></kop><al>De Stichting BIZ Retailpark Roermond (hierna: de Stichting) wordt
                            aangewezen als stichting als bedoeld in artikel 7 van de wet.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Belastingbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aard van de belasting</titel></kop><al>Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt een directe belasting geheven ter
                            bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten die zijn
                            gericht op het bevorderen van leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke
                            kwaliteit of een ander mede publiek belang in de openbare ruimte van de
                            BI-zone. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt gedurende een periode van 5 jaren jaarlijks
                                geheven ter zake van binnen de BI-zone gelegen onroerende zaken die
                                niet in hoofdzaak tot woning dienen. Een concreet overzicht van de
                                objecten ter zake waarvan de BIZ-bijdrage geheven zal worden, is
                                opgenomen in de bij deze verordening behorende en daarvan deel
                                uitmakende bijlage “Belastingobjecten voor de BIZ-bijdrage” (bijlage
                                2). Voor de codering en omschrijving van de objecten in deze bijlage
                                is aansluiting gezocht bij de WOZ-administratie van de gemeente
                                Roermond. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting wordt geheven van degenen die bij het begin van het
                                kalenderjaar in de BI-zone gelegen onroerende zaken al dan niet
                                krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht,
                                gebruiken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de toepassing van het tweede lid wordt:</al><lijst><li nr="a."><al>gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak
                                        in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene
                                        die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel
                                        in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als
                                        zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is
                                        gegeven;</al></li><li nr="b."><al>het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor
                                        volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die
                                        die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene
                                        die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is
                                        bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan
                                        wie die zaak ter beschikking is gesteld.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingobject</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient wordt
                                aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet
                                waardering onroerende zaken, die niet in hoofdzaak tot woning
                                dient.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een onroerende zaak dient niet in hoofdzaak tot woning indien de
                                waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering
                                onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak niet in
                                hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak
                                die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan
                                woondoeleinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van
                                de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject
                                vastgestelde waarde voor het kalenderjaar bedoeld in artikel 4,
                                tweede lid, van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is
                                vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering
                                onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject
                                bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of
                                krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet
                                waardering onroerende zaken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van dit artikel wordt bij de bepaling van de
                                heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten
                                van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in
                                hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt 0,4% van de
                                heffingsmaatstaf.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de heffingsmaatstaf meer dan € 3.375.000, - is, bedraagt de
                                BIZ-bijdrage per onroerende zaak € 13.500, -.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De BIZ-bijdrage wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van
                                de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het
                                aanslagbiljet is vermeld. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                                lid gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college</titel></kop><al>Het college kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de
                            invordering van de BIZ-bijdrage.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Subsidiebepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op de subsidie op grond van deze verordening is de Algemene
                            Subsidieverordening Roermond niet van toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Subsidievaststelling en wijze van betalen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidie wordt verstrekt aan de Stichting voor de uitvoering van
                                de activiteiten die zijn opgenomen in het jaarlijks te overleggen
                                activiteitenplan. In de uitvoeringsovereenkomst zijn nadere regels
                                gesteld over het indienen van het activiteitenplan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorschot subsidie wordt vastgesteld op de geraamde netto
                                opbrengst van de te ontvangen BIZ-bijdragen die in de in artikel 4,
                                eerste lid, bedoelde periode worden geheven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De eventuele minderopbrengsten (bijvoorbeeld als gevolg van
                                oninbaarheid van de belastingbedragen) zijn voor rekening en risico
                                van de Stichting. Eventuele meeropbrengsten komen ten goede aan de
                                    Stichting<cursief>.</cursief></al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de uitvoeringsovereenkomst worden nadere regels gesteld over de
                                wijze van uitbetaling van de voorschot subsidie, het vaststellen van
                                de definitieve subsidie en de wijze van verrekening van de meer- en
                                minderopbrengsten van de geheven BIZ-bijdragen ten opzichte van de
                                betaalde voorschotten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Melding van relevante wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Stichting stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op
                                de hoogte van meer dan ondergeschikte veranderingen in haar
                                financiële situatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Stichting stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op
                                de hoogte van een wijziging van de statuten en van veranderingen,
                                dan wel van beëindiging van haar activiteiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Delegatie van de bevoegdheid tot intrekken of wijzigen
                                subsidievaststelling</titel></kop><al>Het college is bevoegd tot het intrekken of ten nadele van de ontvanger
                            wijzigen van de subsidievaststelling volgens de in de
                            uitvoeringsovereenkomst gestelde nadere regels. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op een door het college te
                                    bepalen tijdstip, dat </al><lijst><li nr="a."><al>nadat van voldoende steun, als bedoeld in artikel 4 van
                                            de wet, is gebleken en </al></li><li nr="b."><al>na de derde dag na die van bekendmaking van deze
                                            verordening gelegen is.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al></li><li nr="3."><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening BI-zone
                                    Retailpark Roermond 2012 - 2016.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2011. </ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>J.Vervuurt H.M.J.M. van Beers</ondertekening><ondertekening>Bijlage 1: Kaart van de afgebakende BI-zone;</ondertekening><ondertekening>Bijlage 2: Belastingobjecten voor de BIZ-bijdrage.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>