<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR129752_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gedragscode Collegeleden Lansingerland 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Heraut 21-12-2011/Internet</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gedragscode Collegeleden Lansingerland 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 41c</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-11-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-12-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BR1100275/Voorstelnr. 2011/109</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gedragscode Collegeleden Lansingerland 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Kernbegrippen van integriteit</titel></kop><structuurtekst><al>Leden van het college van burgemeester en wethouders stellen bij hun
                            handelen de kwaliteit van het openbaar bestuur centraal. Integriteit van
                            het openbaar bestuur is daarvoor een belangrijke voorwaarde. De belangen
                            van de gemeente, en in het verlengde daarvan die van de burgers, zijn
                            het primaire richtsnoer. </al><al>Bestuurlijke integriteit houdt in dat de verantwoordelijkheid die met de
                            functie samenhangt wordt aanvaard en dat er de bereidheid is om daarover
                            verantwoording af te leggen. Verantwoording wordt intern afgelegd aan
                            collega-collegeleden, de gemeenteraad, maar ook extern aan organisaties
                            en burgers voor wie collegeleden hun functie vervullen.</al><al>Collegeleden van de gemeente Lansingerland staan ten dienste van alle
                            bewoners, bedrijven, instellingen en bezoekers van de gemeente. Dit
                            vraagt een duidelijke en transparante opstelling van het bestuur waar
                            het gaat om belangenbehartiging, besluitvorming, klantgerichtheid en
                            dienstverlening. Het betekent ook creatief en communicatief zijn en
                            bereid zo nodig een extra stap te zetten voor een goede
                            belangenbehartiging en besluitvorming. Leidende begrippen hierbij
                            zijn:</al><al/><al>1.<vet> Dienstverlenend</vet></al><al>Het handelen van een collegelid is altijd en volledig gericht op het
                            belang van de gemeente en op de bewoners en bedrijven die daar deel van
                            uit maken.</al><al/><al>2.<vet> Functionaliteit</vet></al><al>Het handelen van een collegelid is herkenbaar en herleidbaar naar de
                            functie die hij binnen het bestuur van de gemeente vervult.</al><al/><al>3.<vet> Onafhankelijkheid</vet></al><al>Bij het handelen van een collegelid treedt er geen vermenging op met
                            persoonlijke of oneigenlijke belangen of met belangen van relaties en
                            iedere schijn van belangenverstrengeling wordt vermeden.</al><al/><al>4.<vet> Transparantie</vet></al><al>Het handelen van een collegelid is open en transparant, ook ten aanzien
                            van zijn zakelijke relaties, zodat controlerende organen volledig
                            inzicht hebben in het handelen van een collegelid en zijn beweegredenen
                            daarbij en er altijd optimale verantwoording mogelijk is.</al><al/><al>5.<vet> Betrouwbaarheid</vet></al><al>Een collegelid houdt zich aan zijn afspraken. Burgers, collega
                            collegeleden en raad kunnen op hem rekenen.</al><al/><al>6. <vet>Zorgvuldigheid</vet></al><al>Het handelen van een collegelid is zodanig dat burgers, bedrijven,
                            collega collegeleden, raadsleden en medewerkers van de gemeentelijke
                            organisatie altijd op gelijke wijze en met respect tegemoet worden
                            getreden en de belangen altijd op een correcte manier worden
                            afgewogen.</al><al/><al>7.<vet> Vertrouwelijkheid en geheimhouding</vet></al><al>Het handelen van een collegelid is zodanig dat burgers, collega
                            collegeleden en raad er op kunnen rekenen dat kennis en gevoelige,
                            vertrouwelijke of geheime informatie waarover een collegelid beschikt
                            alleen wordt gebruikt voor het doel waarvoor deze bestemd is. Een
                            collegelid voorkomt (mogelijk) misbruik.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Gedragscode en afspraken bij integriteit</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Onder het college wordt verstaan: het college van burgemeester
                                    en wethouders van de gemeente Lansingerland.</al></li><li nr="b."><al>Deze gedragscode geldt voor de voorzitter en alle leden van het
                                    college.</al></li><li nr="c."><al>De gedragscode is openbaar en wordt gepubliceerd.</al></li><li nr="d."><al>De leden van het college ontvangen bij hun aantreden een
                                    exemplaar van de code.</al></li><li nr="e."><al>In gevallen waarin de gedragscode niet voorziet of in geval van
                                    twijfel vindt bespreking in het college plaats.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Nevenfuncties</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Een collegelid voert geen nevenfuncties, nevenwerkzaamheden of
                                    werk in een eigen bedrijf uit waarbij strijdigheid is of kan
                                    zijn met het belang van de gemeente.</al></li><li nr="b."><al>Een collegelid maakt melding van (al dan niet betaalde)
                                    functies, nevenfuncties en bestuursfuncties die hij heeft.</al></li><li nr="c."><al>Van de nevenfuncties, nevenwerkzaamheden en het werken in een
                                    eigen bedrijf wordt een openbare registratie bijgehouden.
                                        <cursief>Deze registratie ligt ter inzage op het
                                        gemeentehuis. </cursief></al></li><li nr="d."><al>De kosten die een collegelid maakt in verband met een
                                    nevenfunctie uit hoofde van zijn ambt (de zogenoemde
                                    q.q.-nevenfunctie) worden vergoed door de instantie waar de
                                    nevenfunctie wordt uitgeoefend.</al></li><li nr="e."><al>Een collegelid dat een nevenfunctie wil vervullen anders dan uit
                                    hoofde van het ambt bespreekt dit voornemen in het college.
                                    Daarbij geeft hij aan op welke wijze hij zijn handelen hierop
                                    zal afstemmen en hoe wordt omgegaan met eventuele vergoedingen
                                    en te maken kosten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belangenverstrengeling en aanbesteding</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Een collegelid doet opgave van zijn (financiële) belangen die
                                    hij in ondernemingen en organisaties heeft waarmee de gemeente
                                    zakelijke betrekkingen onderhoudt en geeft daarbij aan op welke
                                    wijze hij zijn handelen hierop zal afstemmen. Van de opgave
                                    wordt een openbare registratie bijgehouden.</al></li><li nr="b."><al>Een collegelid maakt tijdig kenbaar dat hij (financiële)
                                    belangen heeft bij aangelegenheden waarover besluitvorming
                                    aanstaande is. Hij geeft daarbij tevens aan of er sprake zal
                                    zijn van tegengestelde belangen die zijn functioneren als
                                    collegelid mogelijk belemmeren. Ook geeft hij aan op welke wijze
                                    hij zijn handelen hierop zal afstemmen. Van de opgave wordt een
                                    openbare registratie bijgehouden.</al></li><li nr="c."><al>Bij privaat-publieke samenwerking voorkomt een collegelid (de
                                    schijn van) bevoordeling in strijd met eerlijke
                                    concurrentieverhoudingen.</al></li><li nr="d."><al>Een collegelid neemt van een aanbieder van diensten aan de
                                    gemeente geen faciliteiten of diensten aan die zijn
                                    onafhankelijke positie ten opzichte van de aanbieder kan
                                    beïnvloeden.</al></li><li nr="e."><al>Een collegelid dat familie–, vriendschap– of anderszins
                                    persoonlijke betrekkingen heeft met aanbieders van diensten aan
                                    de gemeente onthoudt zich van deelname aan besluitvorming over
                                    de desbetreffende opdracht.</al></li><li nr="f."><al>Bij juridische geschillen fungeert het collegelid niet als
                                    (juridisch) adviseur van de tegenpartij.</al></li><li nr="g."><al>Een oud-collegelid wordt het eerste jaar na de beëindiging van
                                    zijn ambtstermijn uitgesloten van het tegen beloning verrichten
                                    van werkzaamheden voor de gemeente.</al></li><li nr="h."><al>In het geval sprake is van aangelegenheden als genoemd onder a),
                                    b) en e) van dit artikel zal het betreffende collegelid:</al></li><li nr="-"><al>geen portefeuillehouder zijn van deze aangelegenheid;</al></li><li nr="-"><al>niet aanwezig zijn bij de behandeling van deze aangelegenheden
                                    tijdens college-, commissie- en raadsvergaderingen alsmede
                                    presentatieavonden;</al></li><li nr="-"><al>op geen enkele wijze betrokken zijn bij de besluitvorming.</al></li></lijst><al>Hiervan wordt melding gemaakt in de notulen van betreffende
                            vergaderingen, in het raadsvoorstel en het ‘Register (financiële)
                            belangen College’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vertrouwelijke informatie</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Een collegelid gaat zorgvuldig en correct om met de informatie
                                    waarover hij uit hoofde van zijn ambt beschikt. Over informatie
                                    waarover geheimhouding is opgelegd doet hij geen mededelingen
                                    aan derden.</al></li><li nr="b."><al>Een collegelid houdt geen informatie achter, tenzij deze geheim
                                    of vertrouwelijk is en het niet geven van informatie mogelijk is
                                    op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur.
                                    Over informatie waarover geheimhouding is opgelegd worden geen
                                    mededelingen gedaan aan derden.</al></li><li nr="c."><al>Een collegelid maakt geen gebruik van de tijdens de uitoefening
                                    van het ambt verkregen informatie voor zijn eigen voordeel of
                                    voor het voordeel van zijn persoonlijke betrekkingen;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Geschenken, diensten en uitnodigingen</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Een collegelid neemt geen geschenken of attenties aan. Een
                                    uitzondering hierop kan zijn het gestelde in lid b van dit
                                    artikel.</al></li><li nr="b."><al>In de sfeer van representatie, public relations en de opbouw van
                                    functionele relaties kunnen kleine attenties worden ontvangen en
                                    gegeven. Hierbij wordt als kader gehanteerd:</al><lijst><li nr="·"><al>het moet gaan om kleine attenties met een maximale
                                            waarde van €50,00;</al></li><li nr="·"><al>de uitwisseling vindt op een open wijze plaats;</al></li><li nr="·"><al>er is geen directe relatie met geleverde of te leveren
                                            diensten.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Attenties die dit kader te buiten gaan worden door een
                                    collegelid geweigerd of teruggegeven, waarna melding wordt
                                    gedaan in het college.</al></li><li nr="d."><al>Een collegelid biedt of neemt alleen diensten en/of
                                    uitnodigingen aan als dit in het belang van de gemeente is.
                                    Hierbij wordt als criterium gehanteerd dat sprake moet zijn van
                                    de opbouw van functionele relaties die het belang van de
                                    gemeente kunnen dienen.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Gebruik gemeentelijke materialen en voorzieningen</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Gebruik van gemeentelijke eigendommen, materialen en
                                    voorzieningen voor privédoeleinden is niet toegestaan.</al></li><li nr="b."><al>Een collegelid kan op basis van een bruikleenovereenkomst de
                                    beschikking krijgen over gemeentelijke voorzieningen zoals een
                                    mobiele telefoon, computer of fax als dit voor uitoefening van
                                    het ambt noodzakelijk is.</al></li><li nr="c."><al>Voor het gebruik van internet, intranet en email is een apart
                                    protocol opgesteld dat aan iedere collegelid wordt uitgereikt.
                                    Het protocol is tevens te benaderen via de homepage van het
                                    intranet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Reizen</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Uitnodigingen voor (buitenlandse) reizen, werkbezoeken en
                                    dergelijke worden altijd vooraf besproken in het College,
                                    waarbij doel, beleidsdoelstellingen en risico van
                                    belangenverstrengeling worden afgewogen. Het gemeentelijk belang
                                    van de reis is doorslaggevend voor de besluitvorming.</al></li><li nr="b."><al>Een collegelid dat het voornemen heeft een (buitenlandse) reis
                                    te maken, heeft toestemming nodig van het college. Hij meldt het
                                    voornemen, verschaft informatie over het doel van de reis, de
                                    bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het
                                    reisgezelschap en de geraamde kosten. De gemeenteraad wordt van
                                    het besluit op de hoogte gesteld.</al></li><li nr="c."><al>Van de reis wordt een verslag opgesteld.</al></li><li nr="d."><al>Het op kosten van de gemeente meereizen van de partner van een
                                    collegelid is uitsluitend toegestaan als dat gebeurt op
                                    uitnodiging van de ontvangende partij en als het belang van de
                                    gemeente daar mee is gediend. Het meereizen van de partner wordt
                                    bij de besluitvorming van het college betrokken.</al></li><li nr="e."><al>Het anderszins meereizen van derden op kosten van de gemeente is
                                    niet toegestaan. Het meereizen van derden op eigen kosten is
                                    toegestaan en wordt in dat geval bij de besluitvorming van het
                                    college betrokken.</al></li><li nr="f."><al>Het verlengen van een (buitenlandse) reis voor privédoeleinden
                                    is toegestaan als dit is betrokken bij de besluitvorming van het
                                    college. De extra reis- en verblijfkosten komen volledig voor
                                    rekening van het collegelid.</al></li><li nr="g."><al>De in verband met de (buitenlandse) dienstreis gedane
                                    functionele uitgaven worden vergoed conform de geldende
                                    regelingen. Uitgaven worden vergoed voor zover zij redelijk en
                                    verantwoord worden geacht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Bestuurlijke uitgaven en declaraties</titel></kop><al/><lijst><li nr="a."><al>Uitgaven worden uitsluitend vergoed als de hoogte en de
                                    functionaliteit ervan kunnen worden aangetoond.</al></li><li nr="b."><al>Voor bepaling van de functionaliteit van gemaakte en te
                                    declareren bestuurlijke uitgaven worden de volgende kaders
                                    gehanteerd:</al><lijst><li nr="-"><al>met het maken van de kosten is het belang van de
                                            gemeente gediend;</al></li><li nr="-"><al>de te maken kosten vloeien voort uit de uitvoering van
                                            de functie.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Declaraties worden afgewikkeld volgens de binnen Lansingerland
                                    vastgestelde administratieve procedure, waarbij rekening wordt
                                    gehouden met de geldende fiscale of wettelijke bepalingen.</al></li><li nr="d."><al>Een collegelid declareert geen kosten die al op een andere wijze
                                    worden vergoed.</al></li><li nr="e."><al>Een collegelid declareert gemaakte kosten binnen twee maanden na
                                    het ontstaan ervan op het daarvoor vastgestelde
                                    declaratieformulier waarbij de originele betalingsbewijzen zijn
                                    gevoegd en de functionaliteit van de uitgave wordt vermeld.</al></li><li nr="f."><al>De gemeentesecretaris is verantwoordelijk voor een deugdelijke
                                    administratieve afhandeling en registratie van declaraties en
                                    worden administratief afgehandeld door een door hem aangewezen
                                    ambtenaar.</al></li><li nr="g."><al>In geval van twijfel over een declaratie wordt deze voorgelegd
                                    aan de burgemeester. Zo nodig wordt de declaratie ter
                                    besluitvorming aan het college voorgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Intrekking</titel></kop><al>De Gedragscode Integriteit Collegeleden 2010 wordt met de
                            inwerkingtreding van deze gedragscode ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze gedragscode treedt in werking een dag na publicatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze gedragscode kan worden aangehaald als “Gedragscode Collegeleden
                            Lansingerland 2011”.</al><al/><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 24 november 2011</al><al>De griffier De voorzitter</al><al>Kees van ’t Hart Ewald van Vliet</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>