<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR128725_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Maatregelenverordening WWB, Bbz, Ioaw, Ioaz gemeente Cranendonck 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Cranendonck</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-01-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Cranendonck</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekblad de Grenskoerier,
                11-01-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Maatregelenverordening WWB, Bbz, Ioaw, Ioaz gemeente Cranendonck 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=147">Gemeentewet, art. 147, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=8">Wet werk en bijstand, art. 8, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=30">Wet werk en bijstand, art. 30</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004044&amp;artikel=35">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, art. 35, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004044&amp;artikel=20">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, art. 20, lid 2</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004163&amp;artikel=35">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, art. 35, lid 1 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004163&amp;artikel=20">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, art. 20, lid 1 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling bevat de vroegst mogelijke datum van inwerkingtreding.</al><al>Deze regeling vervangt de Maatregelenverordening Wet werk en bijstand 2010, de Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren 2010 en de Maatregelenverordening Ioaw en Ioaz 2010.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Maatregelenverordening WWB, Bbz, Ioaw, Ioaz gemeente Cranendonck 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>DE RAAD VAN DE GEMEENTE CRANENDONCK</vet></al><al>Gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van de
                        gemeente Cranendonck</al><al/><al>Gelet op artikel : 147 eerste lid van de Gemeentewet en de artikelen 8,
                        eerste lid, onderdeel c en 30 van de Wet werk en bijstand , artikel 35,
                        eerste lid, onderdeel b en artikel 20, tweede lid van de Wet
                        inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze
                        werknemer, alsmede artikel 35, eerste lid, onderdeel b en artikel 20, eerste
                        lid van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
                        gewezen zelfstandigen:</al><al/><al><vet>B E S L U I T</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Intrekking van de bestaande verordeningen met ingang van de datum
                                dat de wijzing van de Wet werk en bijstand en samenvoeging van die
                                wet met de Wet investering in jongeren in werking treedt. De
                                bestaande verordeningen betreffen;</al><lijst><li nr="a."><al>Maatregelenverordening Wet werk en bijstand 2010</al></li><li nr="b."><al>Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren 2010</al></li><li nr="c."><al>Maatregelenverordening Ioaw en Ioaz 2010</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Vast te stellen de 2012 met ingang van de datum dat de wijzing van
                                de Wet werk en bijstand en samenvoeging van die wet met de Wet
                                investering in jongeren in werking treedt.</al><al/></li></lijst><al><vet>Maatregelenverordening WWB, Bbz, Ioaw, Ioaz gemeente Cranendonck
                            2012</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>De begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet nader
                            worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en
                            bijstand, Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                            arbeidsongeschikte werkloze werknemers, Wet inkomensvoorziening oudere
                            en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en het Besluit
                            bijstandsverlening zelfstandigen 2004.</al><al>Deze verordening verstaat onder</al><lijst><li nr="a."><al>WWB: Wet werk en bijstand;</al></li><li nr="b."><al>Bbz: het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004;</al></li><li nr="c."><al>Ioaw: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                    arbeidsongeschikte werkloze werknemers;</al></li><li nr="d."><al>Ioaz: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                    arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; </al></li><li nr="e."><al>belanghebbende: persoon met een uitkering ingevolge de WWB, Bbz
                                    2004, Ioaw of Ioaz;</al></li><li nr="f."><al>Ioaw/Ioaz: de Ioaw alsmede de Ioaz, beiden voor zover zij op
                                    belanghebbende van toepassing zijn; </al></li><li nr="g."><al>Zelfstandige: een zelfstandige als bedoeld in artikel 78 f
                                    WWB;</al></li><li nr="h."><al>Jongere: een meerderjarig persoon jonger dan 27 jaar.</al></li><li nr="i."><al>Bijstandsnorm: de norm zoals bedoeld in artikel 5 onder c en d
                                    WWB; </al></li><li nr="j."><al>Ioaw/Ioaz-norm: de op belanghebbende van toepassing zijnde netto
                                    grondslag bedoeld in artikel 5, vierde lid Ioaw/Ioaz; </al></li><li nr="k."><al>Norm: de normen als bedoeld onder sub i en j voor zover van
                                    toepassing;</al></li><li nr="l."><al>maatregel: verlaging van de bijstand op grond van artikel 18,
                                    tweede lid WWB, het verlagen van de Ioaw-/Ioaz-uitkering op
                                    grond van artikel 20, tweede lid Ioaw en artikel 20, eerste lid
                                    Ioaz, het blijvend of tijdelijk (gedeeltelijk) weigeren van een
                                    uitkering op grond van artikel 20, eerste lid Ioaw en artikel
                                    20, tweede lid Ioaz;</al></li><li nr="m."><al>benadelingsbedrag: het bruto bedrag dat als gevolg van het niet
                                    of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenverplichting ten
                                    onrechte is verleend als bijstand of uitkering op grond van
                                    respectievelijk de WWB, Ioaw, Ioaz of Bbz 2004; </al></li><li nr="n."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Cranendonck;</al></li><li nr="o."><al>de raad: de gemeenteraad van de gemeente Cranendonck;</al></li><li nr="p."><al>inlichtingenplicht: de verplichting, als bedoeld in artikel 17,
                                    eerste lid WWB, artikel 13, eerste lid Ioaw of artikel 13,
                                    eerste lid Ioaz;</al></li><li nr="q."><al>misbruik: het niet, niet volledig of onjuist verstrekken van
                                    informatie waardoor ten onrechte bijstand, uitkering of
                                    inkomensvoorziening wordt ontvangen;</al></li><li nr="r."><al>oneigenlijk gebruik: het ten onrechte ontvangen van bijstand,
                                    als gevolg van het door belanghebbende handelen in strijd met
                                    het doel en de strekking van de WWB, Bbz 2004, Ioaw en
                                    Ioaz.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2. Bestrijding misbruik en oneigenlijk gebruik</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor de bestrijding van misbruik en
                                    oneigenlijk gebruik van de WWB, Bbz 2004,Ioaw en Ioaz.</al></li><li nr="2."><al>Bij misbruik en oneigenlijk gebruik als bedoeld in het eerste
                                    lid legt het college een maatregel op overeenkomstig deze
                                    Verordening. </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.</nr><titel>Vaststellen en toepassen maatregel</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Hoogte van de maatregel</titel></kop><al>De maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate
                            waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de
                            omstandigheden waarin hij verkeert.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Berekeningsgrondslag</titel></kop><al>De maatregel wordt toegepast op: </al><lijst><li nr="a."><al>de voor de belanghebbende van toepassing zijnde norm; </al></li><li nr="b."><al>de bijzondere bijstand, voor zover verstrekt voor
                                    levensonderhoud aan jongeren onder de 21 jaar;</al></li><li nr="c."><al>de bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 5 onder d
                                    WWB;</al></li><li nr="d."><al>de bijzondere bijstand voor woonkosten en premie
                                    arbeidsongeschiktheidsverzekering aan zelfstandigen die bijstand
                                    voor levensonderhoud krachtens het Bbz ontvangen of hebben
                                    ontvangen</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Waarschuwing of afzien van het opleggen van een maatregel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college volstaat bij een eerste maatregelwaardige gedraging, als
                                bedoeld in artikel 14 van deze verordening met het geven van een
                                waarschuwing, tenzij binnen de voorafgaande 12 maanden een
                                vergelijkbare gedraging heeft plaatsgevonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college ziet af van het opleggen van een maatregel indien:</al><lijst><li nr="a."><al>elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt;</al></li><li nr="b."><al>de gedraging meer dan één jaar voor constatering van die
                                        gedraging door het college heeft plaatsgevonden, tenzij de
                                        gedraging een schending van de inlichtingenplicht inhoudt en
                                        als gevolg van die gedraging ten onrechte bijstand is
                                        verleend; of</al></li><li nr="c."><al>belanghebbende inmiddels geen bijstand of uitkering meer
                                        ontvangt, tenzij de belanghebbende binnen een periode van
                                        zes maanden opnieuw bijstand of uitkering gaat ontvangen. In
                                        dat geval wordt een besluit genomen over het alsnog
                                        toepassen dan wel afzien van een verlaging op dat moment;
                                        of</al></li><li nr="d."><al>het college dringende redenen aanwezig acht. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het college volstaat met het geven van een waarschuwing of
                                afziet van het opleggen van een maatregel op grond van dringende
                                redenen, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk mededeling
                                gedaan. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Ingangsdatum en tijdvak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De maatregel wordt opgelegd met ingang van de eerst volgende
                                kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het
                                opleggen van de maatregel aan de belanghebbende is bekendgemaakt.
                                Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende norm. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een maatregel wordt over één maand uitgevoerd. Het college kan het
                                noodzakelijk achten om uitvoering van de maatregel te spreiden over
                                meerdere maanden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor zover de bijstand of uitkering nog niet is uitbetaald, wordt de
                                maatregel toegepast op de nabetaling van de betreffende bijstand of
                                uitkering</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid wordt, voor zover het een
                                zelfstandige betreft die een uitkering voor het levensonderhoud in
                                de vorm van een geldlening op grond van het Bbz heeft ontvangen, de
                                maatregel met terugwerkende kracht worden betrokken bij de
                                definitieve vaststelling van die bijstand<cursief>.</cursief></al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Samenloop van gedragingen en recidive</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien sprake is van één gedraging die schending oplevert van
                                meerdere in de wet genoemde verplichtingen, wordt één maatregel
                                opgelegd. Indien voor schendingen van de verplichtingen maatregelen
                                van verschillende hoogten gelden, wordt de hoogste maatregel
                                opgelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien sprake is van meerdere gedragingen die schending opleveren
                                van één of meerdere in de wet genoemde verplichtingen, wordt voor
                                iedere gedraging gelijktijdig een afzonderlijke maatregel opgelegd.
                            </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De duur van de maatregel wordt verdubbeld indien belanghebbende zich
                                binnen <vet><onderstreept>12 </onderstreept></vet>maanden na de
                                vorige verwijtbaar aangemerkte gedraging opnieuw schuldig maakt aan
                                dezelfde verwijtbare gedraging.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3.</nr><titel>Schending van de verplichtingen met betrekking tot
                            arbeidsinschakeling en tegenprestatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Registratie UWV</titel></kop><al>Indien belanghebbende zich niet of niet tijdig laat registreren als
                            werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, dan
                            wel de registratie niet of niet tijdig laat verlengen, wordt een
                            maatregel opgelegd van 10% van de norm<vet>.</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Inspanningsverplichting jongere na melding</titel></kop><al>Indien een jongere in de 4 weken na melding niet of onvoldoende
                            inspanningen heeft gedaan om geaccepteerde arbeid en/of mogelijkheden in
                            regulier bekostigd onderwijs te verkrijgen en recht heeft op bijstand,
                            wordt een maatregel opgelegd van 40% van de norm.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Algemeen geaccepteerde arbeid trachten te verkrijgen</titel></kop><al>Indien belanghebbende niet naar vermogen tracht algemeen geaccepteerde
                            arbeid te verkrijgen wordt een maatregel opgelegd van 40% van de norm.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aangeboden voorziening</titel></kop><al>1.Indien belanghebbende </al><lijst><li nr="a."><al>niet of in onvoldoende mate gebruik maakt van een door het
                                    college aangeboden voorziening, waaronder begrepen sociale
                                    activering, gericht op arbeidsinschakeling alsmede het
                                    onvoldoende meewerken aan een onderzoek gericht op
                                    arbeidsinschakeling; of</al></li><li nr="b."><al>nalaat de opgedragen werkzaamheden of activiteiten naar beste
                                    vermogen te verrichten;of</al></li><li nr="c."><al>onredelijke eisen stelt en/of gedraging(en)en/of uiting(en)
                                    vertoont, die het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid
                                    belemmeren; of</al></li><li nr="d."><al>niet of onvoldoende meewerkt aan het behoud of bevorderen van de
                                    arbeidsbekwaamheid wordt een maatregel opgelegd van 40% van de
                                    norm;</al></li><li nr="e."><al>Indien een jongere niet meewerkt aan het opstellen of uitvoeren
                                    of evalueren van een plan van aanpak en er bestaat recht op
                                    algemene bijstand, wordt een maatregel opgelegd van 40% van de
                                    norm.</al></li><li nr="f."><al>Indien een zelfstandige niet meewerkt aan begeleiding door een
                                    door het college aangewezen derde, wordt een maatregel opgelegd
                                    van 40% van de norm.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Algemeen geaccepteerde arbeid niet aanvaarden</titel></kop><al>behouden</al><al>Indien een belanghebbende de algemeen geaccepteerde arbeid niet
                            aanvaardt of door eigen toedoen algemeen geaccepteerde arbeid niet heeft
                            behouden, wordt een maatregel opgelegd van 100% van de norm. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Tegenprestatie</titel></kop><al>Indien een belanghebbende de door het college opgedragen onbeloonde
                            maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten, die worden verricht
                            naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden tot
                            verdringing op de arbeidsmarkt, niet of niet voldoende uitvoert, wordt
                            een maatregel opgelegd van 40% van de norm. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4.</nr><titel>Schending inlichtingenplicht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Gedraging zonder gevolgen voor de bijstand of uitkering</titel></kop><al>Indien het niet, niet tijdig of niet behoorlijk nakomen van de
                            inlichtingenplicht niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te
                            hoog bedrag aan bijstand of uitkering, wordt een maatregel opgelegd van
                            10% van de norm. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Gedraging met gevolgen voor de bijstand of uitkering</titel></kop><al>Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht
                            heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan bijstand
                            of uitkering, wordt een maatregel opgelegd van</al><lijst><li nr="a."><al>50% van de norm gedurende één maand in geval van oneigenlijk
                                    gebruik;</al></li><li nr="b."><al>100% van de norm gedurende één maand in geval van misbruik.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Administratie zelfstandige</titel></kop><al>Indien een zelfstandige de administratie, als bedoeld in artikel 38 lid
                            2 Bbz 2004</al><lijst><li nr="a)"><al>niet naar behoren heeft gevoerd; of</al></li><li nr="b)"><al>niet uit eigen beweging binnen zes maanden na afloop van het
                                    boekjaar heeft overgelegd; of</al></li><li nr="c)"><al>op verzoek van het college niet binnen de daartoe door het
                                    college gestelde termijn heeft overgelegd </al></li></lijst><al>wordt een maatregel opgelegd van 20% van de norm.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5.</nr><titel>Overige gedragingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid</titel></kop><al>Indien belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
                            voor de voorziening in het bestaan heeft betoond, wordt een maatregel
                            van 40% van de norm opgelegd die wordt afgestemd op de periode dat
                            belanghebbende als gevolg van zijn gedraging eerder of langer recht
                            heeft op bijstand of uitkering</al><al>De maatregel wordt op de volgende wijze vastgesteld:</al><lijst><li nr="a."><al>bij een periode van drie maanden of korter wordt de maatregel
                                    gedurende een maand opgelegd;</al></li><li nr="b."><al>bij een periode van drie tot zes maanden wordt de maatregel
                                    gedurende twee maanden opgelegd;</al></li><li nr="c."><al>bij een periode van zes maanden en langer wordt de maatregel
                                    gedurende drie maanden opgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Zeer ernstige misdragingen</titel></kop><al>Gedragingen als bedoeld in de artikelen 8 tot en met 16 van deze
                            verordening die gepaard gaan met zeer ernstige misdragingen hebben een
                            extra maatregel tot gevolg. Voor de omvang van de extra maatregel geldt
                            als richtlijn 100% van de norm. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Nadere verplichtingen</titel></kop><al>Indien aan belanghebbende één of meerdere verplichtingen zoals bedoeld
                            in de artikelen 55 WWB en 38, eerste lid Bbz 2004 zijn opgelegd en deze
                            niet in voldoende mate worden nagekomen, wordt een maatregel opgelegd
                            van 20% van de norm.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6.</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Verlaging van de bijstand of uitkering</titel></kop><al>Het college verlaagt de bijstand of uitkering overeenkomstig het
                            bepaalde in deze verordening, onverminderd de eventuele terugvordering
                            van ten onrechte ontvangen bijstand of uitkering, indien belanghebbende
                            onjuiste, onvolledige of in het geheel geen inlichtingen verstrekt die
                            van belang zijn of kunnen zijn voor de hoogte, de duur van of het recht
                            op (voortzetting van) bijstand of uitkering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Aangifte Openbaar Ministerie</titel></kop><al>Het college maakt proces-verbaal op en doet aangifte bij het Openbaar
                            Ministerie indien het niet nakomen van de informatieverplichting leidt
                            tot een financiële benadeling van de gemeente waarvan het bedrag hoger
                            is dan de aangiftegrens. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>7.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in
                            deze verordening, indien toepassing ervan tot kennelijke onbillijkheid
                            leidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Nadere regels.</titel></kop><al>Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering
                            van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>De inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de datum dat de
                            wijzing van de Wet werk en bijstand en samenvoeging van die wet met de
                            Wet investering in jongeren in werking treedt. </al><al>De Afstemmingsverordeningen WWB, Ioaw, Ioaz, en WIJ 2010worden per
                            gelijke datum ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: "Maatregelenverordening
                            Cranendonck WWB, Bbz, Ioaw en Ioaz 2012"</al><al/></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Cranendonck</ondertekening><ondertekening>in de openbare vergadering d.d. 13 december 2012 .</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening>Mr. P.J.F. Bemelmans</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>B.P. Meinema</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>