<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR128584_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van watertoeristenbelasting Noord-Beveland 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Noord-Beveland</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-08-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Noord-Beveland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Noord-Bevelands Advertentie- en Informatieblad, 2012, 51</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening watertoeristenbelasting 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIV/HoofdstukXV/3/Artikel224/">Gemeentewet, art. 224</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Intrekking per 01-01-2013</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>20121220/8</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening op de heffing en de invordering van watertoeristenbelasting Noord-Beveland 2012
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening verstaat onder: </al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>vaartuig: een vaartuig dat is bestemd of wordt gebezigd voor
                                vakantie of andere recreatieve doeleinden; </al></li>
            <li nr="b."><al>lengte: de lengte over alles; </al></li>
            <li nr="c."><al>vaste ligplaats: een ligplaats die naar plaatselijk gebruik, zulks
                                ter beoordeling van het college van burgemeester en wethouders, is
                                bestemd voor het regelmatig afmeren of ter anker leggen van een
                                zelfde vaartuig gedurende een periode van ten minste een maand;
                            </al></li>
            <li nr="d."><al>etmaal: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren, aanvangend om 21.00
                                uur; </al></li>
            <li nr="e."><al>maand: een aaneengesloten tijdvak van 30 etmalen; </al></li>
            <li nr="f."><al>vervallen;</al></li>
            <li nr="g."><al>schipper: de gezagvoerder van een vaartuig of degene die deze
                                vervangt;</al></li>
            <li nr="h."><al>passanten: diegenen die verblijf houden in de gemeente, met of op
                                een vaartuig, zonder het hebben van een vaste ligplaats.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Belastbaar feit</titel>
          </kop>
          <al>Ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente op vaartuigen
                        waarvoor wegens de aanwezigheid in het watergebied van de gemeente in welke
                        vorm dan ook een vergoeding wordt betaald door personen, die niet als
                        ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de
                        gemeente zijn opgenomen, wordt onder de naam watertoeristenbelasting een
                        directe belasting geheven.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Belastingplicht</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>Belastingplichtig is degene die tegen vergoeding gelegenheid biedt tot
                            verblijf als bedoeld in artikel 2 aan hem ter beschikking staande
                            ligplaatsen dan wel op hem ter beschikking staande vaartuigen.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3</lidnr>
            <al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan
                            te wijzen, is belastingplichtig de schipper, de eigenaar of de gebruiker
                            van een vaartuig als in artikel 2 bedoeld dan wel een andere persoon die
                            werkelijk verblijf houdt aan boord van een dergelijk vaartuig.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Vrijstellingen</titel>
          </kop>
          <al>De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:</al>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van:</al><lijst>
                <li nr="a."><al>een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot
                                        verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van
                                        hulpbehoevenden of van bejaarden;</al></li>
                <li nr="b."><al>kano’s, roei en volgboten;</al></li>
                <li nr="c."><al>motor en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4
                                        meter;</al></li>
                <li nr="d."><al>een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in
                                        het gemeentelijke watergebied bevindt;</al></li>
                <li nr="e."><al>een vaartuig dat in eigendom toebehoort aan de leden van het
                                        Koninklijk Huis;</al></li>
                <li nr="f."><al>een vaartuig in directe dienst van het Rijk, de provincie
                                        Zeeland of de gemeente Noord-Beveland;</al></li>
                <li nr="g."><al>een vaartuig van de Koninklijke Marine of oorlogsvaartuigen
                                        van vreemde naties;</al></li>
                <li nr="h."><al>een vaartuig dat in eigendom toebehoord aan de Koninklijke
                                        Nederlandse Reddingsmaatschappij;</al></li>
                <li nr="i."><al>een vaartuig in gebruik voor onderhoud aan de waterwegen,
                                        welk onderhoud in opdracht van het Rijk, de provincie
                                        Zeeland of de gemeente Noord-Beveland wordt uitgevoerd;</al></li>
                <li nr="j."><al>een vaartuig dat door één der in de gemeente Noord-Beveland
                                        gevestigde scheepswerven wordt gebouwd of door of vanwege
                                        deze werven wordt hersteld.</al></li>
              </lijst></li>
            <li nr="2."><al>waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de
                                heffing en invordering van toeristenbelasting;</al></li>
            <li nr="3."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voorzover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld
                                in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het
                                Centraal Orgaan opvang Asielzoekers</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Maatstaf van heffing</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>De belasting wordt geheven naar het aantal etmalen dat verblijf is
                            gehouden.Voor de toepassing van dit artikel wordt een gedeelte van een
                            etmaal voor een vol etmaal gerekend.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>Ter zake van vaartuigen welke zijn gelegen op ligplaatsen bedoeld voor
                            passanten of vaartuigen welke zijn gelegen in het aangewezen gebied,
                            wordt het werkelijk aantal personen aan boord en het werkelijk aantal
                            etmalen verblijf door deze personen gesteld op het aantal personen en
                            aantal etmalen per vaartuig.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5a</nr>
            <titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien een
                            belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is
                            aangewezen:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>het aantal personen die verblijf hebben gehouden, bepaald op: </al><al>2,2 bij een vaartuig met een lengte van 4 tot 7 meter;</al><al>2,7 bij een vaartuig met een lengte van meer dan 7, doch ten
                                    hoogste 9 meter;</al><al>2,7 bij een vaartuig met een lengte van meer dan 9, doch ten
                                    hoogste 12 meter;</al><al>3,6 bij een vaartuig met een lengte van meer dan 12 meter;</al></li>
              <li nr="b."><al>het aantal etmalen dat door de onder a bedoelde personen
                                    verblijf is gehouden, bepaald op: </al><al>15,7 bij een vaartuig met een lengte van 4 tot 7 meter;</al><al>19,5 bij een vaartuig met een lengte van meer dan 7, doch ten
                                    hoogste 9 meter;</al><al>18,5 bij een vaartuig met een lengte van meer dan 9, doch ten
                                    hoogste 12 meter;</al><al>19,0 bij een vaartuig met een lengte van meer dan 12 meter.</al></li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>Het aantal vaartuigen als bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld
                            op het aantal vaartuigen welke door de belastingplichtige bij aangifte
                            uit de verhuuradministratie zijn opgegeven, dan wel blijken.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5b</nr>
            <titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>In afwijking van het bepaalde in artikel 5a wordt op een door de
                            belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van
                            heffing vastgesteld op het werkelijke aantal etmalen dat verblijf is
                            gehouden, indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op de voet van
                            artikel 5a berekende aantal.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>Het in het eerst lid bedoelde verzoek kan desgewenst per ligplaats
                            worden gedaan.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Belastingtarief</titel>
          </kop>
          <al>De belasting bedraagt per persoon per etmaal € 1,02.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Belastingjaar</titel>
          </kop>
          <al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Wijze van belastingheffing</titel>
          </kop>
          <al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Aanslaggrens</titel>
          </kop>
          <al>Vervallen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10</nr>
            <titel>Termijnen van betaling</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>In afwijking van het eerste lid geldt dat, zolang de verschuldigde
                            bedragen door middel van automatische incasso worden afgeschreven en het
                            totaalbedrag van de op een aanslagbiljet verenigde aanslagen of andere
                            heffingen meer is dan </al>
            <al>€ 70,00, doch minder dan € 2.000,00, en zolang de verschuldigde bedragen
                            door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de
                            aanslagen moeten worden betaald in 6 gelijke termijnen. De eerste
                            termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk
                            van de volgende termijnen een maand later. Voor betalingen middels een
                            automatische incasso is het incassoreglement van toepassing.</al>
            <al/>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3</lidnr>
            <al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10a</nr>
            <titel>Kwijtschelding</titel>
          </kop>
          <al>Bij de invordering van watertoeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>11</nr>
            <titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel>
          </kop>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        watertoeristenbelasting.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>12</nr>
            <titel>Aanmeldingsplicht</titel>
          </kop>
          <al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat
                        hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening
                        gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door
                        het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren,
                        bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de
                        Gemeentewet.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>13</nr>
            <titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>De ‘Verordening watertoeristenbelasting 2011’ van 4 november 2010, wordt
                            ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum, met dien
                            verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich
                            voor die datum hebben voorgedaan.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die
                            van de bekendmaking.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3</lidnr>
            <al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4</lidnr>
            <al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening
                            watertoeristenbelasting 2012”.</al>
          </lid>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>