<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR127408_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rekenkamercommissie gemeente Gilze en Rijen 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Gilze en Rijen</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-12-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Gilze en Rijen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekblad Gilze en Rijen, 28-12-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rekenkamercommissie gemeente Gilze en Rijen 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 81o lid 1 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-10-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-03-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rekenkamercommissie gemeente Gilze en Rijen 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>DE RAAD VAN DE GEMEENTE GILZE EN RIJEN;</vet></al><al>gezien het voorstel van het presidium d.d. 17 oktober 2011;</al><al>gelet op het bepaalde in artikel 81o, lid 1, van de Gemeentewet; </al><al><vet>b e s l u i t :</vet></al><al>vast te stellen de</al><al><vet> Verordening rekenkamercommissie gemeente Gilze en Rijen 2011
                    </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>commissie: de rekenkamercommissie die is ingesteld bij
                                        besluit van de gemeenteraad en die ten doel heeft om door
                                        middel van beleidsevaluaties en doelmatigheidsonderzoeken
                                        een bijdrage te leveren aan de doeltreffendheid van het
                                        beoogde beleid, alsmede de doelmatige voorbereiding en
                                        uitvoering daarvan.</al></li><li nr="b."><al>doelmatigheid: het streven om met een zo beperkt mogelijke
                                        inzet van de beschikbare middelen het gewenste resultaat te
                                        bereiken.</al></li><li nr="c."><al>doeltreffendheid: de mate waarin een organisatie erin slaagt
                                        met de geleverde prestaties de gestelde doelen of de gewenste maatschappelijke effecten te
                                bereiken.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Taak, samenstelling en lidmaatschap van de
                                rekenkamercommissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Taak van de rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie voert onderzoek uit naar de (maatschappelijke)
                                    effecten van het gemeentelijk beleid en naar de doelmatigheid en
                                    doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid, van het
                                    gemeentelijk beheer en van de gemeentelijke organisatie, naar de
                                    rechtmatigheid van het gemeentelijk beheer, alsmede naar de
                                    doelmatigheid en de doeltreffendheid van instellingen waarvan de
                                    activiteiten geheel of in belangrijke mate door de gemeente
                                    worden bekostigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr><titel>Samenstelling rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit raadsleden (één lid per raadsfractie);
                                    de commissie benoemt uit haar midden een voorzitter en een
                                    plaatsvervangend voorzitter. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de commissie worden op voordracht van het presidium
                                    door de raad benoemd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is belast met de bewaking van de kwaliteit en de
                                    voortgang van onderzoeken. Hij draagt zorg voor het tijdig en
                                    periodiek bijeen roepen van vergaderingen van de commissie en
                                    het leiden van de vergaderingen. Hij stuurt de ambtelijk
                                    secretaris aan. Voorts bewaakt hij de uitgangspunten en de
                                    werkwijze en bevordert hij een zorgvuldige besluitvorming.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissieleden functioneren zonder last van of ruggespraak
                                    met de fracties. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3</nr><titel>Besluitvorming in de rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In vergaderingen van de commissie wordt besloten bij meerderheid
                                    van stemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de stemmen staken, is de stem van de voorzitter
                                    doorslaggevend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Besluiten kunnen alleen worden genomen indien ten minste drie
                                    leden van de commissie ter vergadering aanwezig zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.4</nr><titel>Einde van het lidmaatschap</titel></kop><al>Het lidmaatschap van de commissie eindigt:</al><al>a. op eigen verzoek;</al><al>b. indien het lid aftreedt als lid van de raad, dan wel deel
                                    gaat uitmaken van een commissie waaraan bestuursbevoegdheden
                                    zijn toegekend;</al><al>c. indien de gemeenteraad van oordeel is dat het lid niet langer
                                    geschikt is de functie van lid van de commissie te
                                    vervullen;</al><al>d. bij het einde van een raadsperiode.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>De werkwijze van de rekenkamercommissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of ten
                                    minste twee leden van de commissie dat nodig achten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De onderzoeksactiviteiten en de vergaderingen van de commissie
                                    zijn besloten, haar rapporten zijn openbaar. Op grond van de
                                    belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van
                                    bestuur kan de commissie rapporten die aan de raad worden
                                    voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie kan openbare informatieve vergaderingen
                                    beleggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2</nr><titel>Onderwerpselectie en opdrachtverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bepaalt de onderzoeksonderwerpen, formuleert de
                                    probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                                    commissie rechtstreeks ter kennisneming aan de raad
                                    gestuurd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan de commissie een gemotiveerd verzoek doen tot het
                                    instellen van een onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie bericht de raad binnen een maand in hoeverre aan
                                    dat verzoek kan worden voldaan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie motiveert een eventuele afwijzing van een verzoek
                                    van de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.3</nr><titel> Uitvoeren van het onderzoek en rapportage / zienswijze op
                                    onderzoeksrapport</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                                    uitvoering van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde
                                    onderzoeksopzet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds
                                    te informeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is bevoegd van alle leden van het gemeentebestuur
                                    en van alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke
                                    inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor de uitvoering
                                    van het onderzoek. De commissie kan de bevoegdheid tot het
                                    inwinnen van inlichtingen mandateren aan de ambtelijk secretaris
                                    en de overige medewerkers die haar bij de uitvoering van haar
                                    taak terzijde staan. De leden van het gemeentebestuur en de
                                    ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde
                                    inlichtingen binnen de door de commissie gestelde termijn te
                                    verstrekken. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden van de commissie en degenen die ten behoeve van de
                                    commissie werkzaam zijn, zijn verplicht tot geheimhouding van al
                                    hetgeen hen in hun hoedanigheid van lid respectievelijk
                                    medewerker ter kennis is gekomen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie stelt betrokken ambtenaren in de gelegenheid om
                                    binnen een door haar te stellen termijn, die ten minste twee
                                    weken bedraagt, hun zienswijze op het feitenonderzoek aan de
                                    commissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier
                                    taakuitoefening (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest.
                                    De commissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden
                                    aangemerkt.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De commissie stelt het betreffende bestuur in de gelegenheid om
                                    binnen een door haar te stellen termijn die ten minste twee
                                    weken bedraagt, zijn zienswijze op het onderzoek en de
                                    rapportage aan de commissie kenbaar te maken.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Na het ambtelijke en bestuurlijke hoor en wederhoor formuleert
                                    de commissie haar definitieve conclusies en aanbevelingen. Na
                                    vaststelling door de commissie worden het onderzoeksrapport en
                                    de nota met conclusies en aanbevelingen zo spoedig mogelijk aan
                                    de raad aangeboden onder toezending van een afschrift aan het
                                    college en betrokkenen. Hierbij worden de ambtelijke en
                                    bestuurlijke reacties gevoegd.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De raad bespreekt de onderzoeksresultaten op basis van het
                                    rapport en de conclusies en aanbevelingen.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>De ondersteuning van de rekenkamercommissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1</nr><titel>Ambtelijk secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier of diens plaatsvervanger fungeert als ambtelijk
                                    secretaris van de commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De secretaris staat de commissie bij de uitvoering van haar taak
                                    terzijde.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De secretaris legt met betrekking tot de wijze waarop de
                                    ondersteunende taken worden verricht rechtstreeks verantwoording
                                    af aan (de voorzitter van) de commissie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad is bevoegd tot schorsing dan wel ontslag van de
                                    ambtelijk secretaris voor wat betreft zijn werkzaamheden voor de
                                    commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2</nr><titel>Onderzoeksmedewerkers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is bevoegd ten laste van het budget als bedoeld in
                                    artikel 5 (tijdelijk) onderzoeksmedewerkers aan te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onderzoeksmedewerkers kunnen, indien de commissie hen daartoe de
                                    bevoegdheid toekent, alle informatie verzamelen die de commissie
                                    in het belang van het onderzoek nodig acht; zij hebben een
                                    geheimhoudingsplicht met betrekking tot die informatie en zijn
                                    alleen verantwoording schuldig aan de commissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is tevens bevoegd ten laste van het budget als
                                    bedoeld in </al><al>artikel 5 externe deskundigen in te schakelen. Het hiervoor in
                                    lid 2 gestelde is op de externe deskundigen dienovereenkomstig
                                    van toepassing.</al><al/></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5 </nr><titel>De kosten van de rekenkamercommissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel> Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is bevoegd binnen een haar bij de begroting of
                                    begrotingswijziging beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen
                                    ten behoeve van de uitvoering van haar taken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden
                                    de kosten gebracht van de vergoedingen voor het inhuren van
                                    externe deskundigen en eventuele vergoedingen voor
                                    onderzoeksmedewerkers en de mogelijke overige uitgaven die de
                                    commissie nodig oordeelt voor de uitvoering van haar taak.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is voor de besteding van het budget uitsluitend
                                    verantwoording schuldig aan de raad.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.1</nr><titel>Intrekking voorgaande regeling</titel></kop><al>De "Verordening rekenkamercommissie gemeente Gilze en Rijen",
                                vastgesteld bij raadsbesluit d.d. 31 januari 2005 wordt
                                ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.2</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2012.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.3</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: "Verordening
                                rekenkamercommissie gemeente Gilze en Rijen 2011".</al><al/></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare</ondertekening><ondertekening>vergadering van 31 oktober 2011.</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. J.W. Timmermans mr. M.P. Heerkens</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>