<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR124408_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de Auditcommissie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zeist</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-12-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zeist</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Nieuwsbode, 21-12-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de Auditcommissie</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-12-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-05-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 3a</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Nr. 756</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de Auditcommissie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Zeist;</al><al>B E S L U I T:</al><al>vast te stellen de volgende Verordening op de Auditcommissie</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>– Begripsbepalingen.</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>De commissie: de auditcommissie </al></li><li nr="2."><al>Het presidium: Het raadspresidium als bedoeld in artikel 3b van het
                                Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van
                                de gemeenteraad van Zeist.</al></li><li nr="3."><al>De verordening voor de controle op het financieel beheer: De door de
                                gemeenteraad vastgestelde Verordening voor de controle op het
                                financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie
                                van de gemeente Zeist </al></li><li nr="4."><al>Accountant: de accountant als bedoeld in artikel 213 van de
                                Gemeentewet</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>– Taken</titel></kop><al>De commissie heeft tot taak het adviseren van de raad in zijn controlerende
                        functie bij het toezicht houden op:</al><lijst><li nr="1."><al>De betrouwbaarheid en relevantie van de (tussentijdse)
                                verslaglegging ten behoeve van de raad</al></li><li nr="2."><al>De effectiviteit van de beheersing van risico’s binnen de
                                Gemeente</al></li><li nr="3."><al>De opdracht aan en het functioneren van de accountant</al></li><li nr="4."><al>De opzet en werking van het interne audit instrumentarium</al></li><li nr="5."><al>De opvolging van aanbevelingen die komen uit: </al><al>- de accountantscontrole </al><al>- de rapporten van de rekenkamercommissie </al><al>- de naleving van wet- en regelgeving en andere relevante
                                voorschriften door de gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>– Samenstelling commissie.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter van de commissie wordt aangewezen door de raad uit
                                zijn midden, voor de duur van de zittingsperiode van de raad. De
                                voorzitter heeft geen stem in de vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De commissie kan uit zijn midden een plaatsvervangend voorzitter
                                aanwijzen.</al></li><li nr="3."><al>Ieder raadsfractie kan uit zijn midden één lid en één
                                plaatsvervangend lid aanwijzen. </al></li><li nr="4."><al>Voor aanwijzing als commissielid komen ook door de raad benoemde
                                fractieassistenten in aanmerking.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3a</nr><titel>– Instelling subcommissies</titel></kop><al>Op voorstel van de voorzitter of een van de leden kan de commissie besluiten
                        om een </al><lijst><li nr="1."><al>subcommissie in te stellen.</al></li><li nr="2."><al>Een subcommissie bestaat uit minimaal 3 en maximaal 5 leden.</al></li><li nr="3."><al>De leden van een subcommissie worden benoemd door de commissie op
                                basis van kennis en vaardigheden op het werkterrein van de
                                subcommissie.</al></li><li nr="4."><al>Voor benoeming tot lid van een subcommissie komen zowel raadsleden
                                als door de raad als zodanig aangewezen fractieassistenten in
                                aanmerking.</al></li><li nr="5."><al>De subcommissie rapporteert minimaal 1 maal per jaar aan de
                                commissie over zijn werkzaamheden en bevindingen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>– Begin en einde lidmaatschap commissie.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanwijzing van de leden en de plaatsvervangende leden van de
                            commissies heeft plaats bij het begin van elke aangegeven
                            zittingsperiode van de raad. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lidmaatschap van de commissie eindigt wanneer de betrokkene geen
                            deel meer uitmaakt van de raad, dan wel geen fractieassistent meer is.
                            Een lid van de commissie kan te allen tijde ontslag nemen. Hij geeft
                            daarvan schriftelijk kennis aan de voorzitter van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>– Secretariaat.</titel></kop><al>De commissie wordt bijgestaan door de Griffier of een door hem aan te wijzen
                        vervanger.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>– Vergaderingen en werkwijze.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De auditcommissie vergadert volgens een door de commissie vastgesteld
                            vergaderschema.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie vergadert voorts wanneer de voorzitter het nodig oordeelt
                            of wanneer tenminste twee leden schriftelijk met opgaaf van reden daarom
                            verzoeken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter zendt tenminste acht dagen voor een vergadering de leden
                            een schriftelijke oproep onder vermelding van de dag, het tijdstip en de
                            plaats van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een aanvullende agenda wordt zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval
                            uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden
                            verzonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>– Besluitvorming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Besluiten van de commissie worden genomen bij meerderheid van
                            stemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie kan slechts besluiten nemen indien minstens 3 leden
                            aanwezig zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>– Bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is bevoegd aan de raad over de in artikel 2 genoemde
                            onderwerpen advies uit te brengen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In het kader van de uitoefening van haar taken is de commissie bevoegd
                            informatie in te winnen bij en te overleggen met het college, de
                            gemeentelijke rekenkamercommissie en de accountant.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval de commissie het nodig acht dat een externe deskundige de
                            commissie van advies voorziet, kan de commissie hiervoor een beroep doen
                            op het werkbudget van de raad. Een verzoek hiertoe wordt gericht tot het
                            presidium.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie is bevoegd namens de raad te overleggen met het college
                            over de aanbesteding van de accountantscontrole als bedoeld in artikel 2
                            lid 2 van de Verordening voor de controle op het financieel beheer.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie is bevoegd voor haar ondersteuning een beroep te doen op de
                            Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>– Uitnodigen bijwonen vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is bevoegd om leden van het college, leden van de
                            Rekenkamercommissie, de accountant, ambtenaren, belanghebbenden en
                            deskundigen uit te nodigen voor het verschaffen van inlichtingen of het
                            deelnemen aan de beraadslagingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de commissie ambtenaren uitnodigt informeert zij het college
                            daarover.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>– Openbaarheid van vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de auditcommissie zijn in de regel besloten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op voorstel van de voorzitter of een van de leden kan de commissie
                            besluiten dat een vergadering in de openbaarheid wordt gehouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Geheimhouding</titel></kop><al>De artikelen 55 en 86 van de gemeentewet over de oplegging van geheimhouding
                        zijn van overeenkomstige toepassing</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>– Informatieverstrekking.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders verstrekt de commissie
                            gevraagd of ongevraagd alle informatie die zij nodig heeft voor de
                            uitoefening van haar taak.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Artikel 169 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het college van burgemeester en wethouders redenen aanwezig acht
                            om van toezending van documenten of verstrekking van informatie als
                            bedoeld in lid 1 en lid 2 af te zien, doet het daarvan mededeling aan de
                            raad en de voorzitter van de commissie.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien een lid van het college redenen aanwezig acht om niet op een
                            uitnodiging als bedoeld in artikel 9 lid 1 in te gaan, doet het daarvan
                            schriftelijk mededeling aan de raad en aan de voorzitter van de
                            commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>– Slotbepalingen.</titel></kop><al>Bij twijfel omtrent de betekenis of de toepassing van de in deze verordening
                        ten aanzien van de werkwijze van de commissie opgenomen bepalingen en in
                        gevallen dienaangaande, waarin deze verordening niet voorziet, beslist de
                        voorzitter van de commissie.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 06 december 2011.</al><al>De raad voornoemd,</al></slotformulering><ondertekening>mr. J. Janssen, griffier drs. J.J.L.M. Janssen, voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>