<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR122916_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels met betrekking tot het horen inzake WOZ-bezwaarschriften</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Maassluis</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Maassluis</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Schakel</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Algemene wet bestuursrecht, Artikelen 7:2 t/m 7:9 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-08-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-08-19</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-02-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>aard van de wijziging</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>kenmerk voorstel</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels met betrekking tot het horen inzake WOZ-bezwaarschriften</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar van de gemeente Maassluis heeft de navolgende beleidsregels vastgesteld:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel/></kop><al><vet>Het horen</vet>De belastingplichtige wordt in beginsel op kantoor gehoord. Telefonisch horen js in de 9~zwaarfase geen horen in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Het is echter mogelijk, voordat een uitnodiging om te worden gehoord wordt verzonden, telefonisch contact op te nemen met de indienervan het bezwaarschrift om een en ander te vragen en verduidelijkt te krijgen. Belastingplichtige kan dan laten weten aan het horen geen behoefte (meer) te hebben, bijvoorbeeld omdat onduidelijkheden en/of misverstanden tijdens dat gesprek zijn weggenomen of duidelijk is geworden dat volledig aanhet bezwaar wordt tegemoet gekomen. Alleen wanneer belastingplichtige uitdrukkelijk verklaart geen bezwaar te hebben tegen telefonisch horen, mag telefonisch worden gehoord.</al><al><vet>Wie hoort</vet>Het horen vindt plaats door de daartoe gemachtigde medewerker Bezwaar &amp; Beroep van de afdeling Financiën en ControL Hij wordt door ten minste é,én medewerker van de afdeling Financiën &amp; Control ondersteund. In een voorkomend geval kan hiervàn worden afgeweken. Afzien van het horenVan het horen van de belastingplichtige kan volgens de Algemene wet bestuursrecht worden afgezien als:• het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is;• de belastingplichtige heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord;• reclamant geen gehoor geeft aan een oproep om gehoord te worden. Een reclamant wordt maximaal twee maal schriftelijk opgeroepen;• aan het bezwaar volledig tegemoet wordt gekomen;• het bezwaar kennelijk ongegrond is.</al><al><vet>Stukken ter inzage</vet>De belastingplichtige krijgt, indien nodig, tenminste een week voordat hij wordt gehoord, de gelegenheid de stukken in te zien die betrekking hebben op de zaak. Het betreft alleen die stukken die gelet op de wettelijke geheimhoudings- en openbaarheidsbepalingen kunnen worden verstrekt. Bij de oproep voor het horen wordt vermeld waar en wanneer deze stukken ter inzage liggen. Belastingplichtige kan tegen vergoeding afschriften verkrijgen.</al><al><vet>Verslag van het horen</vet>De ambtenaar die belastingplichtige heeft gehoord, maakt van het horen een verslag. Het verslag bevat een weergave van de besproken onderwerpen en de standpunten van de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar en belastingplichtige. Het verslag wordt samen met de uitspraak op bezwaar toegezonden aan belastingplichtige c.q. zijn gemachtigde. Een kopie wordt in het dossier bewaard. Als belastingplichtige het niet eens is met de inhoud van het verslag, kan hij de ambtenaar hierover informeren. De ambtenaar maakt hiervan schriftelijk melding.</al><al><vet>Inwerkingtreding en citeertitel</vet>1. Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.2. Deze beleidsregel wordt aangehaald als 'Beleidsregels met betrekking tot het horen inzake WOlbezwaarschriften'.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>De in artikel231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar,handtekening,                                        datum: 19-08-2010</ondertekening><ondertekening>Deze beleidsregels zijn bekend gemaakt op:</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>