<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR122597_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening reinigingsheffingen 2012.</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Eindhoven</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Eindhoven</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2011, nr. 75</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsheffingen 2012.</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=229">Gemeentewet, art. 229</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0003245&amp;artikel=15.33">Wet milieubeheer, art. 15.33</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-11-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-12-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>XE11040513</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Belasting</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van de
                    afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2012.</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven maakt
                        bekend, dat de raad van de gemeente in haar vergadering van 8 november 2012
                        heeft vastgesteld de volgende</al><al>Verordening op de heffing en de invordering van de
                        afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2012.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Inleidende bepaling.</titel></kop><al>Krachtens deze verordening worden geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een afvalstoffenheffing;</al></li><li nr="b."><al>reinigingsrechten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Begripsomschrijvingen.</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>bedrijfspand:</al><al> een eigendom - of een zelfstandig gebruikt gedeelte ervan - geen
                                perceel zijnde in de zin van de Wet milieubeheer;</al></li><li nr="2."><al>grof bedrijfsafval:</al><al>afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, afkomstig van
                                bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid
                                niet in aanmerking komen voor het periodiek inzamelen als bedoeld in
                                artikel 11, tweede lid, onder a;</al></li><li nr="3."><al>een collo:</al><al>elk exemplaar stukgoed, ongeacht de verpakking, dat door één man te
                                dragen is.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Afvalstoffenheffing.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Aard van de heffing/belastbaar feit.</titel></kop><al>Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als
                        bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer (Stb. 1994, 80).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven van degene die gebruik maakt van een perceel
                            in de gemeente ten aanzien waarvan, ingevolge artikel 10.21, 10.22 van
                            de Wet milieubeheer, een verplichting tot het inzamelen van
                            huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker
                            aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet
                                    krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht
                                    van het perceel gebruikmaakt;</al></li><li nr="b."><al>ingeval een perceel door de leden van één huishouden wordt
                                    gebruikt: degene die door de in artikel 231 lid 2 onderdeel b
                                    van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen lid van
                                    dat huishouden.</al></li><li nr="c."><al>ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is afgestaan:
                                    degene die dat gedeelte ten gebruike heeft afgestaan.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Maatstaf van heffing en tarief.</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in
                        hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Belastingjaar.</titel></kop><al>Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het
                        belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Wijze van heffing.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel wordt geheven
                            bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.2 van de tarieventabel wordt geheven
                            door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde
                            bedrag is vermeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Aanslaggrens.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor belastingbedragen van minder dan € 10,-- vindt geen invordering
                            plaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bepaalde in het eerste lid wordt het totaal
                            van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen
                            afvalstoffenheffing of andere heffingen aangemerkt als één
                            belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel is
                                verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dat later
                                is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></li><li nr="2."><al>Indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar,
                                is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel
                                verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
                                verschuldigde belasting als er in dat jaar bij de aanvang van de
                                belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.</al></li><li nr="3."><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt
                                bestaat aanspraak op ontheffing van de belasting bedoeld in
                                hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel, voor zoveel twaalfde gedeelten
                                van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar na
                                het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden
                                overblijven</al></li><li nr="4."><al>Het tweede en derde lid is niet van toepassing indien de
                                belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
                                perceel in gebruik neemt.</al></li><li nr="5."><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.2 van de tarieventabel is
                                verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang
                                van het gebruik van de gemeentebezittingen, werken of
                                inrichtingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Termijnen van betaling.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
                                moet de op grond van artikel 7, eerste lid verschuldigde belasting
                                worden betaald in twee termijnen, waarvan de eerste vervalt op de
                                laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening
                                van het aanslagbiljet is vermeld, en de volgende termijn twee
                                maanden later.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van
                                de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                                aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan meer is dan
                                €65,-, doch minder is dan € 9.000,-- en zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in negen
                                gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen
                                telkens een maand later.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van het eerste en tweede lid geldt dat, indien het
                                totale bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde bedragen groter
                                dan of gelijk is aan € 9.000,-- dan dient de aanslag in één termijn
                                te worden betaald, welke vervalt op de laatste dag van de maand
                                volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                                vermeld.</al></li><li nr="4."><al>In afwijking van artikel 9 eerste lid van de Invorderingswet 1990
                                moet de op grond van artikel 7, tweede lid verschuldigde belasting
                                worden betaald op het moment van het uitreiken van de kennisgeving,
                                dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen drie weken na
                                dagtekening van de kennisgeving.</al></li><li nr="5."><al>Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c
                                van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde
                                beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van
                                overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt
                                opgelegd met de vaststelling van de aanslag.</al></li><li nr="6."><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Reinigingsrechten.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aard van de heffing/belastbaar feit.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam "reinigingsrechten" worden rechten geheven voor zowel het
                            genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten als
                            voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde
                            gemeentebezittingen of van voor de openbare dienst bestemde werken of
                            inrichtingen, die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het in het eerste lid bedoelde genot van diensten en het gebruik van
                            bezittingen, werken en inrichtingen bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het periodiek verwijderen van bedrijfsafval van beperkte omvang
                                    of hoeveelheid;</al></li><li nr="b."><al>het op aanvraag incidenteel verwijderen van colli;</al></li><li nr="c."><al>het achterlaten van met huishoudelijk afval gelijk te stellen
                                    bedrijfsafval van beperkte omvang en hoeveelheid (uitsluitend
                                    kantoor-, winkel- en dienstenafval) op een daartoe van
                                    gemeentewege ter beschikking gestelde plaats.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Belastingplicht.</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve
                        van wie de dienst wordt verricht of degene die van de bezittingen, werken of
                        inrichtingen, bedoeld in artikel 11, gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Maatstaven van heffing en tarieven.</titel></kop><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in
                        hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Belastingjaar.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het recht genoemd in artikel 11, tweede lid, onderdeel a, wordt geheven
                            over een belastingjaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Wijze van heffing.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het recht genoemd in artikel 11, tweede lid, onderdeel a, wordt geheven
                            bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De overige rechten genoemd in artikel 11, tweede lid, worden geheven
                            door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waarop het
                            verschuldigde bedrag is vermeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Aanslaggrens.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor belastingbedragen tot € 10,-- vindt geen invordering plaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bepaalde in het eerste lid wordt het totaal
                            van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen periodiek
                            reinigingsrecht of andere heffingen aangemerkt als één
                            belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het recht genoemd in artikel 11, tweede lid, onderdeel a, is
                            verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, zo dat later is,
                            bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De overige rechten genoemd in artikel 11, tweede lid, worden
                            verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van
                            het gebruik van de gemeentebezittingen, werken of inrichtingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met betrekking tot het recht genoemd in artikel 11, tweede lid,
                            onderdeel a, de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
                            aanvangt, is het recht verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van
                            het voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar na de aanvang
                            van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien met betrekking tot het recht genoemd in artikel 11, tweede lid,
                            onderdeel a, de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het
                            voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar na het einde van de
                            belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist naar een ander
                            bedrijfspand en de dienstverlening naar aard en omvang ongewijzigd
                            blijft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Termijnen van betaling.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen voor het recht genoemd in artikel 11, eerste
                                lid, onderdeel a, worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan
                                de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die,
                                welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, en de
                                volgende termijn twee maanden later.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van
                                de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                                aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan meer is dan
                                €65,-, doch minder is dan € 9.000,-- en zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in negen
                                gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen
                                telkens een maand later.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van het eerste en tweede lid geldt dat, indien het
                                totale bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde bedragen groter
                                dan of gelijk is aan € 9.000,-- dan dient de aanslag in één termijn
                                te worden betaald, welke vervalt op de laatste dag van de maand
                                volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                                vermeld.</al></li><li nr="4."><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet moet
                                de op grond van artikel 11, tweede lid, onderdeel b en c
                                verschuldigde rechten worden betaald op het moment van het uitreiken
                                van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen
                                drie weken na dagtekening van de kennisgeving.</al></li><li nr="5."><al>Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c,
                                van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde
                                beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van
                                overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt
                                opgelegd met de vaststelling van de aanslag.</al></li><li nr="6."><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de rechten als bedoeld in artikel 11 lid 1 wordt geen
                        kwijtschelding verleend.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Aanvullende bepalingen.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders.</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven
                                met betrekking tot de heffing en de invordering van de
                                afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al> De Verordening reinigingsheffingen 2011, vastgesteld bij
                                raadsbesluit van november 2010, wordt ingetrokken
                                met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van
                                heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                                belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening
                                reinigingsheffin­gen 2012".</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 8 november 2011</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Eindhoven, 20 september 2011.</ondertekening><ondertekening>Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven,</ondertekening><ondertekening> , burgemeester.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> , secretaris.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Uitgegeven, 28 november 2011.</ondertekening><ondertekening>Mij bekend,</ondertekening><ondertekening>de gemeentesecretaris van Eindhoven,</ondertekening><ondertekening>mw. drs. P.M. Pistor.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Tarieventabel 2012 behorende bij de Verordening reinigingsheffingen 2012</label></kop><al/><al><vet>Hoofdstuk 1 Maatstaven en tarieven afvalstoffenheffing.</vet></al><al/><al>Hoofdstuk 1.1 Maatstaven en jaarlijkse tarieven afvalstoffenheffing.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>1.1.1</al></entry><entry><al>De belasting bedraagt per perceel per
                                            belastingjaar:</al></entry><entry><al>€ 149,--</al></entry></row><row><entry><al>1.1.2</al></entry><entry><al>De belasting als bedoeld in onderdeel 1.1.1 wordt:</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>1.1.2.1</al></entry><entry><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar
                                            of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij
                                            aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door één
                                            persoon vermeerderd met: </al></entry><entry><al/><al/><al/><al>€ 34,--</al></entry></row><row><entry><al>1.1.2.2</al></entry><entry><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar
                                            of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij
                                            aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door twee
                                            personen vermeerderd met: </al></entry><entry><al/><al/><al/><al>€ 74,--</al></entry></row><row><entry><al>1.1.2.3</al></entry><entry><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar
                                            of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij
                                            aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door drie
                                            personen vermeerderd met: </al></entry><entry><al/><al/><al/><al>€ 114,--</al></entry></row><row><entry><al>1.1.2.4</al></entry><entry><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar
                                            of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij
                                            aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door vier
                                            of meer personen vermeerderd met: </al></entry><entry><al/><al/><al/><al>€ 178,--</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Hoofdstuk 1.2 Maatstaven en overige tarieven afvalstoffenheffing.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>1.2.1</al></entry><entry><al>Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 be­draagt de
                                            belasting voor het verwijderen van colli: </al></entry><entry><al/><al/><al>€ 40,-</al><al>€ 60,--</al><al/><al>€ 10,-</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al/><al><vet>Hoofdstuk 2 Maatstaven en tarieven reinigingsrechten.</vet></al><al/><al>Hoofdstuk 2.1 Maatstaf en jaarlijks tarief reinigingsrechten.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>2.1.1</al></entry><entry><al>Het recht bedraagt per belastingjaar voor: het
                                            verwijderen van bedrijfsafval als bedoeld in artikel 11,
                                            tweede lid, onder­</al><al>deel a, per bedrijfspand voor elke per ophaalbeurt te
                                            verwij­deren hoeveelheid van 240 liter.</al></entry><entry><al>€ 391,--</al><al/><al/><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Hoofdstuk 2.2 Maatstaven en overige tarieven reinigingsrechten.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>2.2.1 </al></entry><entry><al>Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 2.1 bedraagt het
                                            recht voor het achterlaten van met huishoudelijk afval
                                            gelijk te stellen bedrijfsafval van beperkte omvang en
                                            hoeveel­heid (uitsluitend kantoor-, winkel- en
                                            dienstenafval) op een daartoe van gemeentewege ter
                                            beschikking gestelde plaats, als bedoeld in artikel 11,
                                            tweede lid, onderdeel g:</al><al>(poorttarief)</al></entry><entry><al/><al/><al/><al/><al/><al>€ 15,-- </al></entry></row><row><entry><al>2.2.2</al></entry><entry><al>Het poorttarief als bedoeld onder 2.2.1 wordt
                                            –afhankelijk van het soort afval- verhoogd met de
                                            navolgende bedragen:</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>2.2.2.1</al></entry><entry><al>Asbest en asbesthoudend afval, per ton:</al></entry><entry><al>€ 106,89 </al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.2</al></entry><entry><al>Autobanden, per band:</al></entry><entry><al>€ 5,10 </al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.3</al></entry><entry><al>Dakleer, per ton</al></entry><entry><al>€ 73,38</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.4</al></entry><entry><al>Puin schoon, per ton</al></entry><entry><al>€ 10,08</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.5</al></entry><entry><al>Puin vervuild, per ton</al></entry><entry><al>€ 14,16</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.6</al></entry><entry><al>Bouw- en sloopafval inclusief isolatie, per ton</al></entry><entry><al>€ 19,27</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.7</al></entry><entry><al>Bouw- en sloopafval, niet sorteerbaar, per ton</al></entry><entry><al>€ 103,84</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.8</al></entry><entry><al>Gipsafval, per ton</al></entry><entry><al>€ 47,08</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.9</al></entry><entry><al>Tapijt, per ton</al></entry><entry><al>€ 127,23</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.10</al></entry><entry><al>Vlakglas, per ton</al></entry><entry><al>€ 22,50</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.11</al></entry><entry><al>Hout A/B, per ton</al></entry><entry><al>€ 10,93</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.12</al></entry><entry><al>Hout C, per ton</al></entry><entry><al>€ 46,43</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.13</al></entry><entry><al>Afgewerkte olie, per m3</al></entry><entry><al>€ 78,54</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.14</al></entry><entry><al>Grof brandbaar afval, per ton</al></entry><entry><al>€ 176,54</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.15</al></entry><entry><al>Klein chemisch afval, per ton</al></entry><entry><al>€ 367,20</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.16</al></entry><entry><al>Blad en gras, per ton</al></entry><entry><al>€ 30,51</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.17</al></entry><entry><al>Tuinafval (grof) snoeihout, per ton</al></entry><entry><al>€ 30,51</al></entry></row><row><entry><al>2.2.2.18</al></entry><entry><al>Gemengd afval, per ton</al></entry><entry><al>€ 176,54</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien deze
                        verschuldigd is.</al><al/><al>Behoort bij raadsbesluit van 8 november 2011 tot vaststelling van de
                        Tarieven­tabel 2012, behorende bij de Verordening reinigingsheffingen
                        2012.</al><al/><al>Eindhoven, </al><al/><al/><al>jhi/XE11040513 </al><lijst><li nr="1."><al>a. per big bag van1 m3 </al></li><li nr="2."><al>b. per big bag van 1,5 m3</al></li><li nr="3."><al>c. voorwerpen die niet in een inzamelmiddel passen, per
                                voorwerp:</al></li></lijst></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>