<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR121500_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Udens Weekblad 23-11-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rioolheffing 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 228a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-12-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-01-04</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2011/3805</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Onbekend</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Ingang van de heffing is 1 januari 2012</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Uden;</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 20
                        september 2011;</al><al>gelet op artikel 228a van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t </al><al>vast te stellen de </al><al><vet>Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing </vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>perceel: een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte
                                daarvan;</al></li><li nr="b."><al>gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van
                                voorzieningen voor inzameling, verwerking, zuivering of transport
                                van afvalwater, hemelwater of grondwater, in eigendom, in beheer of
                                in onderhoud bij de gemeente;</al></li><li nr="c."><al>verbruiksperiode: de periode waarop de afrekening van het
                                waterbedrijf betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>water: huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater of
                                grondwater. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Aard van de belasting</titel></kop><al>Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter
                        bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan:</al><lijst><li nr="a."><al>de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en
                                bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk
                                afvalwater; en</al></li><li nr="b."><al>de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het
                                ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde
                                structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de
                                grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te
                                beperken. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>van degene die bij het begin van het belastingjaar het genot
                                    heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van een perceel
                                    dat direct of indirect is aangesloten op de gemeentelijke
                                    riolering, verder te noemen: eigenarendeel; en</al></li><li nr="b."><al>van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of
                                    indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd, verder
                                    te noemen: gebruikersdeel. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met betrekking tot het eigenarendeel wordt, ingeval het perceel een
                            onroerende zaak is, als genothebbende krachtens eigendom, bezit of
                            beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het belastingjaar
                            als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt
                            dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of
                            beperkt recht is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Met betrekking tot het gebruikersdeel, wordt als gebruiker
                            aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeeld het perceel al dan
                                    niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk
                                    recht gebruikt;</al></li><li nr="b."><al>ingeval een gedeelte van een perceel – niet een gedeelte als
                                    bedoeld in artikel 4 – voor gebruik is afgestaan: degene die dat
                                    gedeelte voor gebruik heeft afgestaan.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Zelfstandige gedeelten</titel></kop><al>Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld perceel blijkens hun indeling
                        bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt de
                        belasting geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien
                        verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als één geheel
                        worden gebruikt, deze als één perceel worden aangemerkt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het eigenarendeel wordt geheven naar een vast bedrag per perceel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het gebruikersdeel wordt geheven naar het aantal kubieke meters water
                            dat vanuit het perceel wordt afgevoerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke
                            meters leidingwater en grondwater dat in de laatste aan het begin van
                            het belastingjaar voorafgaande verbruiksperiode naar het perceel is
                            toegevoerd of opgepompt. Ingeval de verbruiksperiode niet gelijk is aan
                            een periode van twaalf maanden, wordt de hoeveelheid water door
                            herleiding naar tijdsgelang bepaald. Bij die herleiding wordt een
                            gedeelte van een kalendermaand voor een volle maand gerekend. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die
                            pompinstallatie zijn voorzien van een:</al><lijst><li nr="a."><al>watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden
                                    afgelezen, of</al></li><li nr="b."><al>bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een
                                    pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan
                                    worden afgelezen. </al></li><li nr="c."><al>De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van
                                    de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige
                                    andere wettelijke bepaling.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De op de voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd of
                            opgepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet is
                            afgevoerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Belastingtarieven</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het eigenarendeel bedraagt € 189,00</al></li><li nr="2."><al>Het gebruikersdeel bedraagt voor elke volle eenheid van een kubieke
                                meter water boven een afgevoerde hoeveelheid water van 1.000 m3 € 0,47</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of voor
                            het gebruikersdeel, zo dit later is, bij de aanvang van de
                            belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel voor het
                            gebruikersdeel in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de
                            belasting verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat
                            jaar verschuldigde gebruikersdeel als er in dat jaar, na de aanvang van
                            de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel voor het
                            gebruikersdeel in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat
                            aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat
                            jaar verschuldigde gebruikersdeel als er in dat jaar, na het einde van
                            de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van gemeentelijke eigendommen, of
                        gedeelten hiervan, welke uitsluitend worden gebruikt voor de publieke
                        dienst, met uitzondering van de gemeentelijke eigendommen die bestemd zijn
                        te worden gebruikt voor het geven van onderwijs. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslag(en) moeten worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan
                            de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die
                            in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bedrag inzake een bestuurlijke boete moet worden betaald in twee
                            gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de
                            maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                            vermeld en de tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het in het eerste en tweede lid moeten, indien een
                            machtiging voor automatische incasso is afgegeven en zolang de
                            verschuldigde bedragen via automatische incasso kunnen worden
                            afgeschreven, de aanslag(en) worden betaald in tien gelijke maandelijkse
                            termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand
                            volgend op die van de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de
                            volgende termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het tweede lid is betaling via automatische incasso
                            alleen mogelijk voor zover het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet
                            verenigde belastingaanslagen en bestuurlijke boetes meer is dan € 80,00
                            en minder is dan € 2.000,--.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de rioolheffing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De Verordening rioolheffing van 11 november 2010 wordt ingetrokken
                                met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de
                                heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                                belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening rioolheffing
                                2012”.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 10 november 2011</ondertekening><ondertekening>De Raad voornoemd</ondertekening><ondertekening>de griffier de burgemeester</ondertekening><ondertekening>drs. M.A.H. Heffels drs. H.A.G. Hellegers</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>