<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR121379_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Standplaatsenbeleid gemeente Leudal</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leudal</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Leudal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Streekbode 30 november 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Standplaatsenbeleid gemeentte Leudal</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene Plaatselijke Verordening</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-11-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Standplaatsenbeleid gemeente Leudal</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>1. Inleiding</label></kop><structuurtekst><al>Het te koop aanbieden van goederen als vis, kaas, snacks, bloemen,
                            kleding en dergelijke vanaf een standplaats in de openbare ruimte is een
                            niet meer weg te denken activiteit in de gemeente Leudal. Het
                            verlevendigt het straatbeeld, het voorziet in een behoefte en het
                            verschaft werkgelegenheid.</al><al/><al>De term ambulante handel is een verzamelnaam van een aantal vormen van
                            handel in de openbare ruimte. Er valt onderscheid te maken in -
                                <cursief>(week)markten,- het innemen van een standplaats en -
                                venten.</cursief> Collectes, een openbare inzameling van geld of
                            goederen, vallen hier niet onder.</al><al/><al>De kernen Heythuysen en Haelen beschikken beide over een
                                <cursief>weekmarkt</cursief>. Regelgeving met betrekking tot deze
                            markten is op basis van artikel 160, eerste lid, aanhef onder h, van de
                            Gemeentewet geregeld in de Marktverordening, het Marktreglement en de
                            Verordening marktgelden. Daar deze specifieke regelingen zijn
                            vastgesteld voor de weekmarken en deze ook zijn uitgezonderd op basis
                            van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Leudal (APV) worden de
                            weekmarkten in deze nota buiten beschouwing gelaten. In de APV is
                            geregeld dat het innemen van een standplaats tijdens een evenement ook
                            niet valt onder het standplaatsenregime (artikel 5:17 lid 2 APV).</al><al/><al>De kleine markten in de overige kernen van de gemeente Leudal zijn geen
                            weekmarkten. Het zijn zogenaamde <cursief>minimarkten met een beperkt
                                aantal standplaatsen</cursief>. Er worden voor deze minimarkten
                            afzonderlijke standplaatsvergunningen verleend op grond van de APV. De
                            gemeente stelt voorschriften aan deze vorm van ambulante handel want een
                            standplaats kan overlast veroorzaken, onveilig verkeersgedrag
                            veroorzaken of het straatbeeld ontsieren. Ook kan een standplaats soms
                            het lokaal voorzieningenniveau aantasten. </al><al/><al>Onder <cursief>venten </cursief>wordt verstaan de uitoefening van
                            kleinhandel, waarbij de goederen aan willekeurige voorbijgangers worden
                            aangeboden, dan wel het huis-aan-huis aanbieden van goederen. Volgens
                            jurisprudentie dient de venter zijn waren voortdurend aan te bieden
                            vanaf een andere plaats. Dit is anders dan het innemen van een
                            standplaats. Dan worden vanaf een vaste plaats goederen ter verkoop
                            aangeboden. Als gevolg van de deregulering van de APV is voor het venten
                            in de gemeente Leudal geen ventvergunning meer vereist. Er is gekozen
                            voor een algemene regel. Het is ingevolge de APV verboden te venten als
                            de openbare orde wordt verstoord, de openbare veiligheid, de
                            volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. Eventuele overlast door
                            het venten kan aangepakt worden door het team Veiligheid, Toezicht en
                            Handhaving.</al><al/><al>In de praktijk blijkt dat er behoefte bestaat aan beleid met betrekking
                            tot het verlenen van standplaatsvergunningen. Met name het onbeperkt
                            toestaan van standplaatsvergunningen kan problemen veroorzaken. Vandaar
                            dat deze nota tot stand is gekomen. Achtereenvolgens wordt ingegaan op
                            het juridisch kader (paragraaf 2), het beleid (paragraaf 3), de
                            inwerking en citeertitel van het standplaatsenbeleid (paragraaf 5 en
                            6).</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>2. Juridisch kader standplaatsen</label></kop><paragraaf><kop><label>2.1 Standplaatsvergunning</label></kop><structuurtekst><al>Voor het innemen van een standplaats is in de gemeente Leudal een
                                standplaatsvergunning op grond van artikel 5:18 APV nodig van het
                                college van burgemeester en wethouders. Ingevolge de mandaatregeling
                                wordt de vergunning in de praktijk verleend door de allround
                                medewerkers Frontoffice van het Klant Contact Centrum in overleg met
                                de marktmeester. De marktmeester draagt zorg voor de advisering en
                                de coördinatie.</al><al/><al>De standplaatsvergunning is ingevolge artikel 1:6 APV een
                                persoonsgebonden vergunning. De standplaatsvergunning dient om te
                                voorkomen dat de openbare orde wordt verstoord en overlast wordt
                                tegengegaan. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld: verkeershinder en
                                diverse andere vormen van overlast (bijvoorbeeld geluidsoverlast,
                                stankoverlast, overlast door zwerfafval). Op grond hiervan wordt een
                                vergunningregime noodzakelijk geacht.</al><al/><al>In het kader van de deregulering wordt de standplaatsvergunning in
                                beginsel voor onbepaalde tijd verleend op grond van artikel 1:7 APV.
                                Indien er toch een termijn aan standplaatsvergunning verbonden wordt
                                dient dit met motivering te geschieden, in het belang van onder meer
                                de openbare orde, overlast, verkeersveiligheid en milieu. Expliciet
                                is besloten door het college van burgemeester en wethouders dat de
                                standplaatsvergunning in beginsel voor vijf jaar wordt verleend met
                                een mogelijkheid tot verlenging.</al><al/><al>Er wordt onderscheid gemaakt in vaste standplaatsvergunningen en
                                incidentele standplaatsvergunningen.</al><al/><al>Een vaste standplaatsvergunning is een standplaats die structueel en
                                regelmatig (wekelijks of maandelijks) wordt ingenomen. Een
                                dergelijke standplaats kan voor onbepaalde termijn worden verleend.
                                Zoals hierboven vermeld is door het college van burgemeester en
                                wethouders expliciet besloten dat de standplaatsvergunning in
                                beginsel voor vijf jaar wordt verleend met een mogelijkheid tot
                                verlenging.</al><al/><al>Een incidentele standplaats is een standplaats die incidenteel en
                                tijdelijk, gedurende zeer korte termijn wordt ingenomen. Een
                                dergelijke standplaats kan niet voor onbepaalde termijn worden
                                verleend gelet op de tijdelijkheid van de inname van de
                                standplaats.</al><al/><al>Ingevolge artikel 5:19 APV is het overigens verboden dat de
                                rechthebbende op een perceel toe staat dat daarop zonder vergunning
                                van het college een standplaats wordt of is ingenomen.</al><al>Hiervoor blijft een standplaatsvergunning nodig.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>2.2 Weigeringsgronden</label></kop><structuurtekst><al>De standplaatsvergunning wordt geweigerd door het college van
                                burgemeester en wethouders wegens strijd met het
                                bestemmingsplan.</al><al/><al>De standplaatsvergunning kan door het college van burgemeester en
                                wethouders ingevolge de artikelen 1:8 en 5:18 APV worden geweigerd
                                in het belang van:</al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>de openbare veiligheid;</al></li><li nr="c."><al>de volksgezondheid;</al></li><li nr="d."><al>de bescherming van het milieu;</al></li><li nr="e."><al>indien de standplaats hetzij op zichzelf hetzij in verband
                                        met de omgeving niet voldoet aan eisen van redelijke
                                        welstand;</al></li><li nr="f."><al>indien als gevolg van bijzondere omstandigheden in de
                                        gemeente of in een deel van de gemeente redelijkerwijs te
                                        verwachten is dat door het verlenen van de vergunning voor
                                        een standplaats voor het verkopen van goederen een redelijk
                                        verzorgingsniveau voor de consument ter plaatse in gevaar
                                        komt.</al></li></lijst><al/><al>Ad. In strijd met het bestemmingsplan</al><al>In de APV is geregeld dat het college de standplaatsvergunning
                                weigert wegens strijd met een geldend bestemmingsplan.</al><al>De bestemmingsplannen geven in de gemeente Leudal niet de
                                mogelijkheid om standplaatsen in te nemen. Toch gebeurt dit sinds
                                oudsher. Deze werkwijze zal voorlopig worden voortgezet. In de
                                toekomstige bestemmingsplannen voor de kernen zal voor het innemen
                                van een standplaats een regeling worden opgenomen. Uiteraard wordt
                                bij een aanvraag beoordeeld of een standplaatsvergunning zich in
                                redelijkheid verdraagt met de bestemming van de locatie waarop de
                                vergunningaanvraag betrekking heeft.</al><al/><al>Ad. a, b, c en d </al><al>De APV is gericht op de huishouding van de gemeente en is van
                                oudsher een openbare orde en overlastverordening. Het begrip
                                “openbare orde” is een open begrip en omvat in ieder geval de
                                bescherming tegen een werkelijke en voldoende ernstige bedreiging
                                van een fundamenteel belang van de samenleving en kan met name
                                onderwerpen in verband met de menselijke waardigheid, de bescherming
                                van minderjarigen en kwetsbare volwassenen, als ook dierenwelzijn
                                omvatten. Het begrip “openbare veiligheid” omvat ook vraagstukken in
                                verband met de staatsveiligheid.</al><al/><al>“Overlast” is geen zelfstandige weigeringsgrond. Echter overlast kan
                                via de algemene gronden openbare orde, openbare veiligheid,
                                volksgezondheid en milieu wel worden aangemerkt als een dergelijke
                                weigeringsgrond. Overlast kan namelijk betrekking hebben op
                                verschillende aspecten, zoals geluidsoverlast, overlast veroorzaakt
                                door stof, afval enzovoorts, dit kan worden geschaard onder milieu
                                of zelfs volksgezondheid. Onder overlast wordt in ieder geval ook
                                begrepen hinder als bedoeld in artikel 5:37 BW.</al><al/><al>De standplaatsen kunnen mogelijkerwijs vallen onder het begrip
                                inrichting en daardoor vallen onder de werkingssfeer van het
                                Activiteitenbesluit ingevolge de Milieuwetgeving. Hierdoor moet
                                worden voldaan aan de voorschriften van het Activiteitenbesluit.
                                Daarnaast is het mogelijk op grond van dit besluit
                                maatwerkvoorschriften te stellen.</al><al/><al>Ad. e De weigeringsgrond “redelijke eisen van welstand” kan
                                gehanteerd worden als een of meer standplaatsen worden ingenomen op
                                een zodanige plaats dat het straatbeeld ernstig verstoord wordt
                                (ordening van straathandel). </al><al/><al>Ad. f. In het verleden is het beschermen van een “redelijk
                                voorzieningenniveau” in de gemeenten ten behoeve van de consument
                                als een openbare orde belang aangemerkt. De gedachte was dat
                                gevestigde winkeliers geconfronteerd worden met hoge
                                exploitatiekosten die niet in verhouding staan tot de vrij lage
                                exploitatiekosten van de straathandelaren. Uit jurisprudentie van de
                                afdeling bestuursrecht van de Raad van State blijkt dat het
                                reguleren van de concurrentieverhoudingen niet als een huishoudelijk
                                belang van de gemeente wordt aangemerkt. Hierop wordt door de
                                Afdeling bestuursrecht van de Raad van State slechts één
                                uitzondering toegestaan, namelijk wanneer het voorzieningenniveau
                                voor de consument in een deel van de gemeente in gevaar komt. Wil
                                een gemeente op basis hiervan een vergunning weigeren dan moet
                                worden aangetoond, mede aan de hand van de boekhouding van een
                                plaatselijke winkelier, dat het voortbestaan van de winkel in gevaar
                                komt als vanaf een standplaats dezelfde goederen aangeboden worden.
                                Een standplaatsvergunning kan ook geweigerd worden op basis van een
                                distributieplanologisch onderzoek (DPO). Hetgeen in bepaalde
                                gevallen in opdracht van de gemeente wordt gemaakt. In een DPO wordt
                                aan de hand van uit onderzoek verkregen gegevens aangegeven wat de
                                minimale voorzieningen moeten zijn in de gemeente of in een bepaalde
                                wijk van de gemeente. Hierbij wordt opgemerkt dat nieuwe winkeliers
                                gedurende een aanloopperiode beschermd mogen worden in het belang
                                van het opzetten van voldoende voorzieningenniveau voor de
                                consument.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>2.3 Problemen ten aanzien van standplaatsen</label></kop><structuurtekst><al>Aanvragen om standplaatsvergunningen worden ten opzichte van
                                mogelijke problemen beoordeeld. Op deze problemen wordt vervolgens
                                ingegaan.</al><al/><al><cursief>Verkeersproblematiek</cursief></al><al>Standplaatsen waar goederen te koop worden aangeboden hebben in de
                                praktijk een verkeersaantrekkend karakter. Door deze
                                verkeersaantrekkende werking ontstaan mogelijke ongewenste
                                oversteekbewegingen door voetgangers (en ontoelaatbaar fietsverkeer
                                in voetgangersgebieden). Daarnaast zijn parkeerproblemen niet uit te
                                sluiten.</al><al/><al><cursief>Veroorzaken overlast</cursief></al><al>Indien er veel belangstelling bestaat voor dezelfde locatie kan er
                                een concentratie ontstaan van het aantal in te nemen standplaatsen.
                                Op deze wijze kan overlast ontstaan, door het toestaan van veel
                                standplaatsen op dezelfde locatie kan dit leiden tot het verstoren
                                van rust voor omwonenden. Omwonenden kunnen ook overlast ondervinden
                                door geluid, stank en de aanwezigheid van zwerfafval.</al><al/><al><cursief>Voorkomen marktvorming</cursief></al><al>Het toestaan van veel standplaatsen op dezelfde locatie kan
                                feitelijk leiden tot (ongewenste) te grote marktvorming.</al><al/><al><cursief>Verstoring straatbeeld</cursief></al><al>Het innemen van meerdere standplaatsen op eenzelfde locatie kan
                                leiden tot ernstige verstoring van het straatbeeld. </al><al/><al><cursief>Verzorgingsfunctie</cursief></al><al>Het is niet de bedoeling dat de verzorgingsfunctie in de kernen door
                                het verlenen van de standplaatsvergunningen in gevaar komt. De
                                standplaatsen moeten het dorpsbelang en de leefbaarheid dienen.
                                Beoordeling vindt plaats binnen de kaders die hiertoe door de
                                jurisprudentie zijn ontwikkeld (zie ook paragraaf 2.2 onder punt
                                f).</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>2.4 Voordelen beleidsregels</label></kop><structuurtekst><al>Aan de hand van voorgaande besproken weigeringsgronden en problemen
                                die kunnen ontstaan als gevolg van het innemen van standplaatsen kan
                                het college beleidsregels vaststellen waarin wordt aangegeven
                                wanneer wel of niet tot het afgeven van een standplaatsvergunning
                                wordt overgegaan.</al><al/><al>Het vaststellen van de beleidsregels kent de volgende
                                voordelen:</al><lijst><li nr="-"><al>het werkt als hulpmiddel bij het uitoefen van een
                                        bevoegdheid;</al></li><li nr="-"><al>het schept duidelijkheid en zekerheid in de afstemming
                                        tussen de ambtelijke en bestuurlijke organisatie;</al></li><li nr="-"><al>het vergroot de rechtszekerheid. Het beleid is
                                        (her-)kenbaar, voorspelbaar en controleerbaar voor
                                        burgers;</al></li><li nr="-"><al>het vergroot de gelijkheid in behandeling;</al></li><li nr="-"><al>het vermindert het risico van herroeping/vernietiging van
                                        beschikkingen in bezwaar/beroep.</al></li></lijst><al/><al>De zaken die het college in het standplaatsenbeleid kan vastleggen
                                betreffen:</al><lijst><li nr="a."><al>de vaststelling van het maximum aantal af te geven
                                        standplaatsvergunningen;</al></li><li nr="b."><al>de vaststelling van het aantal af te geven
                                        standplaatsvergunningen per branche;</al></li><li nr="c."><al>de aanwijzing van locaties waar standplaatsen mogen worden
                                        ingenomen;</al></li><li nr="d."><al>de aanwijzing van tijdstippen waarop standplaatsen mogen
                                        worden ingenomen.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3. Standplaatsenbeleid </label></kop><paragraaf><kop><label>3.1 Uitgangspunten verlenen van standplaatsvergunningen</label></kop><structuurtekst><al/></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Keuze voor maximaal aantal standplaatsvergunningen</label></kop><structuurtekst><al>In paragraaf 2.3 APV is beschreven welke problemen op het gebied van
                                de openbare orde en veiligheid kunnen ontstaan indien onbeperkt
                                standplaatsvergunningen worden verleend.</al><al>Daarnaast vormt de verzorgingsfunctie een belangrijk uit
                                uitgangspunt voor een standplaatsenbeleid. Standplaatsen moeten het
                                “dorpsbelang” dienen, doordat ze een aanvulling vormen op het
                                winkel- en (droge)horeca-aanbod. Ze voorzien daardoor in een
                                behoefte en leveren daarmee een bijdrage aan de leefbaarheid in de
                                verschillende kernen. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden
                                met hetgeen is opgenomen met betrekking tot het redelijk
                                verzorgingsniveau.</al><al/><al>De geschetste problemen in paragraaf 2.3 maken het noodzakelijk om
                                het aantal standplaatsen per kern aan een maximum te verbinden.</al><al/><al>Uit jurisprudentie blijkt dat een maximumstelsel een goed
                                toetsingscriterium is bij het beoordelen van een aanvraag voor een
                                vergunning voor het innemen van een standplaats. Het maximumstelsel
                                betekent per definitie dat een aanvraag wordt geweigerd indien het
                                vastgestelde maximum wordt overschreden. In geval van bijzonderde
                                omstandigheden kan en dient gemotiveerd van het maximumstelsel
                                worden afgeweken.(zgn. hardheidsclausule)</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Vaststelling locaties en bepaling tijdstippen</label></kop><structuurtekst><al>Nader bepaald kan worden waar standplaatsen kunnen worden ingenomen
                                gedurende welke tijdstippen. Hierbij spelen beschreven aspecten als
                                verkeersveiligheid en voorkomen van overlast een rol.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Tijdsduur vaste standplaats</label></kop><structuurtekst><al>Standplaatsen kunnen gedurende een vaste dan wel incidentele
                                tijdsperiode worden ingenomen. Een vaste standplaats is een
                                standplaats die structureel, wekelijks of maandelijks wordt
                                ingenomen gedurende minimaal 12 maanden (tot onbepaalde tijd) met
                                een vaste frequentie op eenzelfde tijdstip en plaats. Besloten is
                                door het college van burgemeester en wethouders dat de
                                standplaatsvergunning in beginsel voor vijf jaar wordt verleend met
                                een mogelijkheid tot verlenging.</al><al/><al>De vaste standplaats wordt ingenomen voor minimaal één dagdeel per
                                week (een dagdeel is een aaneengesloten periode van maximaal vijf
                                uur, binnen het tijdsbestek van 08:00 uur tot maximaal 22:00 uur) en
                                maximaal één dag.</al><al/><al>De dagen en tijdstippen waarop de standplaatsen mogen worden
                                ingenomen zijn gerelateerd aan de Winkeltijdenwet en de
                                Winkeltijdenverordening. Op een koopzondag kan een vaste of
                                incidentele standplaats worden ingenomen binnen de tijdsperiode van
                                13:00 uur tot 18:00 uur. </al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Locaties vaste standplaats en maximum aantal per standplaats</label></kop><structuurtekst><al>Bij het maximumstelsel in het onderstaande overzicht is rekening
                                gehouden met:</al><lijst><li nr="-"><al>bijzondere omstandigheden (aard en omvang) in de betreffende
                                        kernen,</al></li><li nr="-"><al>de weekmarkten in de kernen Heythuysen en Haelen (op de
                                        dagen van de weekmarkten is er geen inname van een vaste of
                                        incidentele standplaatsvergunning mogelijk),</al></li><li nr="-"><al>en de bescherming van het consumentenbelang.</al></li></lijst><al/><al>In dit beleid wordt als uitgangspunt gekozen de huidige verleende
                                vergunningen en locaties. Bij de aangewezen locaties is rekening
                                gehouden met de verkeersvrijheid en –veiligheid, het veroorzaken van
                                overlast, voorkoming van te grote marktvorming, verzorgingsfunctie
                                en het uiterlijk aanzien van de gemeente. </al><al/><al>Vergunningen voor een vaste standplaats kunnen worden afgegeven voor
                                de onderstaande locaties. Het maximaal aantal te verlenen
                                standplaatsvergunningen per locatie is bepaald voor maximaal één
                                dagdeel per week. </al><al/><al>Op de overige dagdelen, mogen per dagdeel maximaal twee
                                standplaatsvergunningen worden verleend met uitzondering van de
                                locaties waar het maximale aantal beperkt is tot 1. Als het maximum
                                vaste standplaatsen niet gehaald kan zomogelijk een incidentele
                                standplaatsvergunning worden ingenomen.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="30*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="38*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Kern</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Locatie</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Maximaal aantal standplaatsen</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Baexem</al></entry><entry colname="col2"><al>Mgr. Kierkelsplein</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buggenum</al></entry><entry colname="col2"><al>Dorpstraat tegenover de kerk</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Ell</al></entry><entry colname="col2"><al>Scheijmansplein</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Grathem</al></entry><entry colname="col2"><al>Markt</al><al>Nassauplein</al></entry><entry colname="col3"><al><cursief>2</cursief> (geen gemeentelijke
                                                  stroomvoorziening)</al><al>3</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Haelen, met uitzondering </al><al>van de donderdagmorgen</al></entry><entry colname="col2"><al>Raadhuisplein</al><al>De Giesel 38</al></entry><entry colname="col3"><al>2</al><al>1</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Haler </al></entry><entry colname="col2"><al>Plein nabij de kerk
                                                  Isidoorstraat/Speltstraat</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Heibloem</al></entry><entry colname="col2"><al>Pater van Donstraat</al></entry><entry colname="col3"><al>2 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Heythuysen, met uitzondering van vrijdag</al></entry><entry colname="col2"><al>Julianaplein</al><al>Plein bij de kerk</al><al>Raadhuisplein/</al><al>Plein voor het gemeentehuis</al><al>buiten parkeervakken</al></entry><entry colname="col3"><al>1 (geen verkoop, bestemd voor para-medische
                                                  zaken)</al><al>2</al><al>1</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Horn </al></entry><entry colname="col2"><al>Van Horneplein</al><al>Raadhuisplein</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al><al>1 (geen gemeentelijke stroomvoorziening)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Hunsel</al></entry><entry colname="col2"><al>Kerkplein</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Ittervoort</al></entry><entry colname="col2"><al>Kermisplein/</al><al>Dahliaplein</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kelpen-Oler</al></entry><entry colname="col2"><al>Kerkstraat</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Neer</al></entry><entry colname="col2"><al>Kerkplein/Engelmanstraat</al></entry><entry colname="col3"><al>5 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Neeritter</al></entry><entry colname="col2"><al>Krekelbergplein</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Nunhem</al></entry><entry colname="col2"><al>Kermisplein</al></entry><entry colname="col3"><al>2 ( geen gemeentelijke stroomvoorziening)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Roggel</al></entry><entry colname="col2"><al>Markt</al></entry><entry colname="col3"><al>5</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Geen vaste en geen incidentele standplaats mag worden ingenomen op
                                de dagen gedurende de weekmarkten te Haelen en Heythuysen.</al><al/><al>Bij de opbouw van de kermis kan door de marktmeester worden besloten
                                dat geen standplaats mag worden ingenomen of op een andere plaats de
                                standplaats dient te worden ingenomen.</al><al/><al>In de kernen Buggenum, Haler, Nunhem zijn de afgelopen jaren geen
                                locaties voor het innemen van standplaatsvergunningen vastgesteld
                                omdat hiertoe geen aanvragen werden ingediend. In het bijgaande
                                overzicht zijn standplaatslocaties opgenomen om inname van de
                                standplaatsen in deze kernen te bevorderen en daarmee ook de
                                leefbaarheid in de dorpen te stimuleren.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Incidentele standplaats</label></kop><structuurtekst><al>Een incidentele standplaats is een standplaats die tijdelijk,
                                gedurende zeer korte termijn en maximaal drie maanden, wordt
                                ingenomen. Een incidentele standplaats kan dus niet voor onbepaalde
                                termijn worden verleend.</al><al/><al>Incidentele standplaatsen kunnen naast de boven genoemde locaties
                                ook worden ingenomen op een andere locatie binnen de gemeente
                                Leudal. De locatie zal in overleg tussen de aanvrager en de gemeente
                                worden bepaald en wordt getoetst op grond van de weigeringsgronden
                                van de standplaatsen. Als een standplaats overigens op particulier
                                terrein ligt is een toestemming van de eigenaar van de grond nodig.
                                Het is overigens niet toegestaan dat ter plaatse zonder
                                standplaatsvergunning een standplaats wordt ingenomen (artikel 5:19
                                APV).</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Tijdsduur incidentele standplaats</label></kop><structuurtekst><al>Een incidentele standplaats wordt gedurende minimaal 1 dagdeel en
                                maximaal 6 en zomogelijk 7 dagen (niet noodzakelijk
                                achtereenvolgend) gedurende een maximale periode van drie maanden
                                ingenomen.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Geen verlening standplaats, uitzondering</label></kop><structuurtekst><lijst><li nr="-"><al>Op de dag dat de weekmarkt plaatsvindt in de kernen
                                        Heythuysen (vrijdag) en Haelen (donderdag) wordt geen vaste
                                        en incidentele standplaatsvergunningen afgegeven in de kern
                                        waar de weekmarkt gehouden wordt. </al></li><li nr="-"><al>Tijdens de kermisdagen in de betreffende kern is het niet
                                        toegestaan om in de kern een incidentele standplaats in te
                                        nemen en worden geen incidentele standplaatsvergunningen
                                        verleend. Een uitzondering kan door de marktmeester worden
                                        gemaakt voor het innemen van een incidentele standplaats op
                                        het kermisterrein.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Afwijkingen locaties en tijdsduur vaste of incidentele standplaats</label></kop><structuurtekst><al>In specifieke gevallen kan door het college en/of de marktmeester
                                gemotiveerd worden afgeweken van de aangegeven locaties, tijdsduur
                                voor een vaste of een incidentele standplaats en het verbod om een
                                incidentele standplaats in te nemen tijdens de weekmarkt. Gedacht
                                kan worden aan bijvoorbeeld aan de periode dat kermis gevierd wordt
                                in de betreffende kern; de oliebollenverkoop, poffertjesverkoop in
                                de sinterklaas- en kerstperiode en de verkoop van koek, soep,
                                chocolademelk tijdens schaatsperiodes. Voor de oliebollenverkoop kan
                                een incidentele standplaatsvergunning worden verleend voor een
                                periode van maximaal drie maanden gedurende maximaal zes en/of
                                zomogelijk zeven dagen per week.</al><al/><al>Overigens indien de eerder aangewezen locaties door blijvende
                                veranderde omstandigheden niet meer voldoen, kunnen burgemeester en
                                wethouders een nieuwe geschikte locatie aanwijzen.</al><al>Indien de aangewezen locaties door tijdelijke veranderde
                                omstandigheden niet meer voldoen, kan de marktmeester een andere
                                geschikte locatie aanwijzen.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Uitzondering maximumstelsel en locatiekeuze</label></kop><structuurtekst><al>Het maximumstelsel en de locatiekeuze is niet van toepassing op
                                standplaatsenvergunningen voor de verkoop van zelf geteelde
                                landbouwprodukten (bv asperges, aardbeien enz.) vanaf het perceel
                                grond waarop ze worden geteeld buiten de bebouwde kom gedurende de
                                periode van april tot september.</al><al/><al>Het maximumstelsel is ook niet van toepassing op
                                standplaatsvergunningen voor politieke partijen, verenigingen voor
                                algemeen belang en instanties voor de gezondheidszorg.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Overgangsbepaling</label></kop><structuurtekst><al>De op het moment van inwerkingtreding van dit beleid van kracht
                                zijnde standplaatsvergunningen worden geacht te zijn verleend met
                                inachtneming van het vastgestelde beleid. Indien in een kern op het
                                moment van de inwerkingtreding van het beleid meer
                                standplaatsvergunningen zijn verleend, dan het maximale aantal,
                                wordt wanneer van een standplaatsvergunning geen gebruik meer wordt
                                gemaakt geen nieuwe standplaatsvergunning meer verleend indien het
                                vastgestelde maximum wordt overschreden. </al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>3.2 Intrekkingsgronden vaste en incidentele standplaatsvergunning</label></kop><structuurtekst><al>De vaste en incidentele standplaatsvergunning kan worden ingetrokken
                                op grond van artikel 1:6 Algemene plaatselijke verordening:</al><lijst><li nr="a."><al>indien ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige
                                        gegevens zijn verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>indien op grond van een verandering van de omstandigheden of
                                        inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning,
                                        intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang
                                        of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning is
                                        vereist;</al></li><li nr="c."><al>indien de aan de vergunning verbonden voorschriften niet
                                        zijn of worden nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>indien van de vergunning geen gebruik wordt gemaakt binnen
                                        een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van
                                        een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn;</al></li><li nr="e."><al>indien de houder dit verzoekt.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>3.3 Kosten vaste of incidentele standplaatsvergunning</label></kop><structuurtekst><al>De kosten voor een standplaatsvergunning worden verdeeld in twee
                                onderdelen. In eerste instantie betaalt een aanvrager van een
                                standplaatsvergunning legeskosten voor het in behandeling nemen van
                                een standplaatsvergunningaanvraag. Daarnaast wordt een vergoeding
                                gevraagd voor het elektriciteits/stroomverbruik indien een
                                standplaatshouder gebruik maakt van een gemeentelijke
                                stroomvoorziening.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Legeskosten vaste en incidentele standplaatsvergunning</label></kop><structuurtekst><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot afgifte van een
                                vergunning om in de gemeente Leudal een standplaats in te nemen voor
                                het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel
                                het aanbieden van diensten, is de aanvrager leges verschuldigd. Het
                                legestarief wordt jaarlijks door de gemeenteraad vastgesteld en
                                opgenomen in de Tarieventabel behorende bij de
                                Legesverordening.</al><al/><al>Er is een verschillend tarief bepaald voor de vaste en incidentele
                                standplaatsvergunning op grond de Tarieventabel (3.2.3) behorende
                                bij de legesverordening. De Tarieventabel wordt overigens jaarlijks
                                bijgesteld. </al><al/><al>Het tarief bedraagt voor 2011 voor het in behandeling nemen van een
                                standplaatsvergunning op grond van artikel 5:18 APV: </al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="82*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="13*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>a. </vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Indien de vergunning een geldigheidsduur heeft
                                                  van een of meer dagen, </al><al>per aanvraag, per kern, per dag (incidentele
                                                  aanvraag)</al></entry><entry colname="col3"><al> € 18,75</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>b. </vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Indien de vergunning een geldigheidsduur heeft
                                                  van een week, per aanvraag, per kern, per week
                                                  (incidentele aanvraag)</al></entry><entry colname="col3"><al> € 37,50 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>c. </vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Indien de aanvraag een geldigheidsduur heeft van
                                                  een maand, per aanvraag, per kern, per
                                                  maand(incidentele aanvraag)</al></entry><entry colname="col3"><al> € 62,50 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>d. </vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Indien de vergunning een onbeperkte
                                                  geldigheidsduur heeft van meer dan 3 maanden en
                                                  maximaal 5 jaar;</al><al>1.per kern</al><al>2.voor meerdere kernen, per kern</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 190,00</al><al>€ 162,50</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>e.</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het maximaal op basis van het onder d sub 2 in
                                                  rekening te brengen tarief bedraagt</al></entry><entry colname="col3"><al> €1.950,00 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Voor 2012 en mogelijkerwijs ook de daaropvolgende jaren zullen en
                                kunnen deze kosten opnieuw worden vastgesteld. Bij de bepaling van
                                de nieuwe bedragen zijn de tijdsbesteding voor de afgifte van de
                                vergunningen én de indirecte kosten bepalend.</al><al>Voor de actuele legesbedragen wordt verwezen naar de geldende
                                Legesverordening en Tarieventabel.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Uitzondering in rekening brengen legeskosten</label></kop><structuurtekst><al>Voorgesteld wordt in de Tarieventabel op te nemen dat instanties
                                voor de gezondheidszorg, verenigingen die het algemeen belang
                                vertegenwoordigen, politieke partijen geen legeskosten verschuldigd
                                zijn voor de standplaatsvergunning. Voor de actuele stand van zaken
                                wordt verwezen naar de geldende Tarieventabel.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Vergoeding stroomgebruik vaste en incidentele standplaats</label></kop><structuurtekst><al>Er wordt onderscheid gemaakt tussen:</al><lijst><li nr="-"><al>klein verbruik ( gebruik van elektriciteit voor verlichting
                                        en kassa) en </al></li><li nr="-"><al>groot verbruik ( gebruik van overige elektriciteit anders
                                        dan verlichting en kassa, zoals bakken, braden, koelen
                                        enz.).</al></li></lijst><al/><al>Voor een <vet>vaste standplaats</vet> worden de volgende
                                stroomkosten in rekening gebracht:</al><lijst><li nr="-"><al>Klein verbruik: € 100,00 per jaar;</al></li><li nr="-"><al>Groot verbruik: € 250,00 per jaar .</al></li></lijst><al/><al>Voor de <vet>incidentele standplaats</vet> worden de volgende
                                stroomkosten in rekening gebracht, waarbij onderscheid gemaakt in de
                                volgende dagdelen:</al><al><cursief>* </cursief>08:00-13:00 (maximaal 5) uur;</al><al>* 13:00-18:00 (maximaal 5) uur;</al><al>* 18:00-22:00 (maximaal 5) uur. </al><lijst><li nr="-"><al>Klein verbruik: € 2,00 per dagdeel;</al></li><li nr="-"><al>Groot verbruik: € 5,00 per dagdeel.</al></li></lijst><al/><al>De kosten voor het innemen van een incidentele standplaats dienen
                                vooraf gelijktijdig met de legeskosten te worden betaald. De
                                aanvrager dient dus vooraf aan te geven of er gebruik wordt gemaakt
                                van de gemeentelijke stroomvoorziening.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>3.4 Toezicht en Handhaving </label></kop><structuurtekst><al>Ten behoeve van de handhaving van standplaatsvergunningen door de
                                gemeente wordt gewerkt met het volgende stappenplan.</al><al/><al>Het stappenplan bestaat uit drie elementen, te weten:</al><lijst><li nr="a."><al>controle en informeel overleg;</al></li><li nr="b."><al>hercontrole en waarschuwing;</al></li><li nr="c."><al>hercontrole en oplegging en uitvoering bestuursrechtelijke
                                        beschikking.</al></li></lijst><al/><al>Afhankelijk van de ernst van de overtreding (veiligheidsoogpunt) en
                                de urgentie van de situatie te beëindigen of het ontbreken van de
                                noodzak van de drie stappen te volgen, wordt per casus door het team
                                Veiligheid, Toezicht en Handhaving nader beslist met hoeveel stappen
                                in een bepaalde situatie wordt gewerkt.</al><al/><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="24*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="27*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="17*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Overtreding</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Maatregelen</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Marktmeester/</vet></al><al><vet>Toezichthouder/buitengewoon
                                                  opsporingsambtenaar</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>college</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Inname standplaats zonder vergunning</al></entry><entry colname="col2"><al>Na eerste constatering wordt de
                                                  standplaatshouder aangezegd om onmiddellijk de
                                                  inname de standplaats en de exploitatie te
                                                  beëindigen tot de standplaatsvergunning is
                                                  verleend. (Er dient een standplaatsvergunning te
                                                  worden aangevraagd).</al><al>Na tweede constatering wordt de
                                                  standplaatshouder aangeschreven om onmiddellijk de
                                                  inname en de exploitatie van de standplaats te
                                                  beëindigen tot de standplaatsvergunning is
                                                  verleend. (Er dient een standplaatsvergunning te
                                                  worden aangevraagd).</al><al>Tegelijkertijd wordt de procedure gestart tot
                                                  het opleggen van een preventieve dwangsom. Bij
                                                  iedere volgende overtreding, binnen een termijn
                                                  van drie jaar, kan de dwangsom onmiddellijk
                                                  verbeurd worden verklaard.</al></entry><entry colname="col3"><al>Mondelinge waarschuwing</al></entry><entry colname="col4"><al>Schriftelijke waarschuwing</al><al>Oplegging preventieve dwangsom</al><al>Verbeurd verklaring preventieve dwangsom</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Niet naleven van de voorschriften van de
                                                  standplaats-vergunning </al></entry><entry colname="col2"><al>Na eerste constatering volgt een aanzegging
                                                  waarbij op de overtreding wordt gewezen.</al><al>Na tweede constatering volgt een aanschrijving
                                                  waarbij op de overtreding wordt gewezen.</al><al>Tegelijkertijd wordt de procedure gestart tot
                                                  het opleggen van een preventieve dwangsom.</al><al>Bij iedere volgende overtreding, binnen een
                                                  termijn van drie jaar, kan de dwangsom
                                                  onmiddellijk verbeurd worden verklaard.</al><al>Na vier overtredingen wordt het besluit tot
                                                  dwangsom ingetrokken en wordt door middel van een
                                                  nieuw besluit de vergunning ingetrokken.</al></entry><entry colname="col3"><al>Mondelinge waarschuwing</al></entry><entry colname="col4"><al>Schriftelijke waarschuwing</al><al>Preventieve dwangsom</al><al>Onmiddellijk verbeurd verklaren dwangsom</al><al>Besluit tot dwangsom ingetrokken en vergunning
                                                  ingetrokken</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Naast de bestuursrechtelijke handhaving kan ook strafrechtelijke
                                handhaving door de politie plaatsvinden.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>4. Hardheidsclausule</label></kop><structuurtekst><al>Het college van burgmeester en wethouders kan in uitzonderlijke
                            situaties besluiten van de beleidsregels zoals opgenomen in het
                            standplaatsenbeleid af te wijken. Het betreffende besluit dient te
                            worden gemotiveerd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>5. Inwerkingtreding beleid</label></kop><paragraaf><kop><label>Overgangsbepaling </label></kop><structuurtekst><al>De op het moment van inwerkingtreding van dit beleid van kracht
                                zijnde standplaatsvergunningen worden geacht te zijn verleend met
                                inachtneming van het vastgestelde beleid. Indien in een kern op het
                                moment van de inwerkingtreding van het beleid meer
                                standplaatsvergunningen zijn verleend, dan het maximale aantal,
                                wordt wanneer van een standplaatsvergunning geen gebruik meer wordt
                                gemaakt geen nieuwe standplaatsvergunning meer verleend indien het
                                vastgestelde maximum wordt overschreden.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Inwerkingtreding</label></kop><structuurtekst><al>Het beleid treedt in werking op 1 januari 2012. </al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>6. Citeertitel</label></kop><structuurtekst><al>Dit beleid wordt aangehaald als: Standplaatsenbeleid gemeente
                            Leudal.</al><al/></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening/><ondertekening>Heythuysen, 15 november 2011</ondertekening><ondertekening>BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN LEUDAL</ondertekening><ondertekening>De secretaris, De burgemeester,</ondertekening><ondertekening>mr. A.J.A. Rikken A.H.M. Verhoeven MPM</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>