<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR120863_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Archiefverordening 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Aalburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Aalburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.aalburg.nl</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Archiefverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefwet 1995</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-10-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-11-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2006-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-04-20</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Archiefverordening Aalburg 1999</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Archiefverordening 2006</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 1</label></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt verstaan
                            onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Archiefwet 1995;</al></li><li nr="b."><al>gemeentelijke organen: de overheidsorganen, bedoeld in artikel
                                    1, onder b, van de wet, voor zover behorende tot de gemeente;
                                </al></li><li nr="c."><al>de archiefbewaarplaats: de overeenkomstig artikel 31 van de wet
                                    aangewezen archiefbewaarplaats;</al></li><li nr="d."><al>de archivaris: de overeenkomstig artikel 32 van de wet benoemde
                                    gemeentearchivaris;</al></li><li nr="e."><al>beheerder: degene die ingevolge artikel 3 is belast met het
                                    beheer van de archiefbescheiden van de gemeentelijke organen die
                                    niet zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats;</al></li><li nr="f."><al>beheerseenheid: een door burgemeester en wethouders als zodanig
                                    aan te wijzen organisatie-onderdeel;</al></li><li nr="g."><al>informatiesysteem: systeem van documentatie, procedures,
                                    apparatuur en programmatuur, met behulp waarvan
                                    archiefbescheiden kunnen worden vervaardigd, bewerkt, verzonden,
                                    ontvangen en geraadpleegd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II.</nr><titel>De zorg van burgemeester en wethouders voor de
                            archiefbescheiden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 2</label></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het inrichten en
                            instandhouden van een archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 31 van
                            de wet, alsmede voldoende en doelmatige archiefruimten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3</label></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het aanwijzen van de
                            beheerder. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4</label></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de aanstelling van voldoende
                            deskundig personeel voor de werkzaamheden verbonden aan het beheer van
                            alle gemeentelijke archiefbescheiden en documentaire verzamelingen,
                            ongeacht hun vorm.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat de
                                    vervaardiging en de bewaring van de archiefbescheiden geschieden
                                    op zodanige wijze, dat het behoud van deze bescheiden voldoende
                                    is gewaarborgd. </al></li><li nr="2."><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van
                                    de vervaardiging van bescheiden bestemd voor een overheidsorgaan
                                    of andere belanghebbende, van welke bescheiden redelijkerwijze
                                    kan worden aangenomen dat zij voor dezen als archiefbescheiden
                                    voor blijvende bewaring in aanmerking komen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6</label></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat jaarlijks op de
                            gemeentebegroting voldoende middelen worden geraamd ter bestrijding van
                            de kosten die aan de zorg voor de archiefbescheiden zijn verbonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 7</label></kop><al>Burgemeester en wethouders stellen voor het beheer van de
                            archiefbescheiden van de gemeentelijke organen die niet zijn
                            overgebracht naar de archiefbewaarplaats voorschriften vast (gehoord de
                            raadscommissie Algemene Bestuurlijke Zaken).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 8</label></kop><al>Burgemeester en wethouders doen tenminste éénmaal per (twee) jaar aan de
                            raad verslag omtrent hetgeen zij hebben verricht ter uitvoering van
                            artikel 30 van de wet. Zij leggen daarbij over de verslagen die door de
                            archivaris aan hen zijn uitgebracht in verband met het beheer van de
                            archiefbewaarplaats en het toezicht op het beheer van de
                            archiefbescheiden die niet zijn overgebracht naar de
                            archiefbewaarplaats.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Toezicht van de archivaris op het beheer van de archiefbescheiden
                            welke niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 9</label></kop><al>De archivaris ziet erop toe, dat het beheer van de archiefbescheiden die
                            niet zijn overgebracht, geschiedt overeenkomstig de bepalingen van de
                            wet en de ter uitvoering daarvan gegeven voorschriften.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 10</label></kop><al>De archivaris is bevoegd, ter uitoefening van het hem bij artikel 32,
                            tweede lid, van de wet opgedragen toezicht, zich onder handhaving van
                            zijn verantwoordelijkheid te doen vervangen door aan hem ondergeschikte
                            ambtenaren die in het bezit zijn van een diploma archivistiek als
                            bedoeld in artikel 22 van de wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 11</label></kop><lijst><li nr="1."><al>De beheerder verstrekt aan de archivaris of aan degene die
                                    namens hem met het toezicht is belast, alle bescheiden en
                                    inlichtingen die voor een goede vervulling van zijn taak
                                    noodzakelijk zijn en verlenen de nodige medewerking om inzicht
                                    te verschaffen in de ordening en toegankelijkheid van de
                                    archiefbescheiden alsmede in de opzet en werking van
                                    hulpmiddelen en systemen waarin archiefbescheiden zijn
                                    opgenomen. </al></li><li nr="2."><al>De archivaris en degenen die hem in de uitoefening van het
                                    toezicht vervangen of bijstaan, hebben met inachtneming van de
                                    voorschriften ten aanzien van de beveiliging van geheimen,
                                    toegang tot de archiefbescheiden en de ruimten waarin deze zich
                                    bevinden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 12</label></kop><al>De archivaris doet van zijn bevindingen bij de uitoefening van het
                            toezicht mededeling aan de beheerders, alsmede, indien hij hiertoe
                            aanleiding vindt, aan burgemeester en wethouders. Hij geeft daarbij aan
                            welke voorzieningen naar zijn mening in het belang van een goed beheer
                            moeten worden getroffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 13</label></kop><al>De beheerder doet aan de archivaris tenminste tijdig mededeling van het
                            voornemen om aan burgemeester en wethouders een voorstel te doen
                            tot:</al><lijst><li nr="a."><al>opheffing, samenvoeging of splitsing van een beheerseenheid of
                                    overdracht van één of meer taken aan een andere beheerseenheid,
                                    overheidsorgaan of rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>bouw, verbouwing, inrichting, of verandering van inrichting en
                                    ingebruikneming van ruimten als archiefruimte;</al></li><li nr="c."><al>verandering van de plaats van bewaring van niet naar de
                                    archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden;</al></li><li nr="d."><al>ontwerp, vervanging, aanschaf of invoering van een
                                    informatiesysteem;</al></li><li nr="e."><al>voorbereiding, invoering en wijziging van ordeningssystemen.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 14</label></kop><al>De archivaris doet eenmaal per (twee) jaar verslag aan burgemeester en
                            wethouders betreffende de uitoefening van het toezicht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 15</label></kop><al>De Archiefverordening Aalburg 1999, vastgesteld bij raadsbesluit dd. 25
                            maart 1999 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 16</label></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                            bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2006.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 17</label></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Reglement gemeentelijk
                            Archief.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Aalburg
                        van 31 oktober 2006</al></slotformulering><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/><nr/><titel>Toelichting op het reglement gemeentelijk archief</titel></kop><al><vet>Memorie van toelichting </vet></al><al/><al>Deze Archiefverordening sluit aan bij de Archiefwet 1995 (Stb. 276 en 277) en
                    het Archiefbesluit 1995 (Stb. 671), en dient door de gemeenteraad te worden
                    vastgesteld op grond van de in de aanhef genoemde artikelen in de Archiefwet
                    1995.</al><al>Zij bestaat in hoofdzaak uit twee gedeelten, namelijk de regeling voor de zorg,
                    die het college van burgemeester en wethouders draagt voor de archieven van de
                    gemeentelijke organen en het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden,
                    die niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. </al><al>Deze verordening is, evenals wet en besluit, niet alleen van toepassing op
                    klassieke, papieren archiefbescheiden, maar ook op moderne, digitale
                    informatiedragers.</al><al>Hoofdstuk II bevat een uitwerking van het begrip “zorg”, dat in de Archiefwet
                    1995 niet wordt gedefinieerd. Wat voldoende en doelmatige archiefruimten zijn
                    (art. 3), is geregeld in het Archiefbesluit 1995.</al><al>Hoofdstuk III is een uitwerking van het toezicht bedoeld in art. 32, tweede lid
                    van de wet.</al><al/><al>Dit model is aangepast aan de dualisering van de medebewindsbevoegdheden met
                    ingang van 8 maart 2006. Vanaf die datum is niet langer de gemeenteraad bevoegd
                    om de archivaris te benoemen en de archiefbewaarplaats aan te wijzen. Deze
                    bevoegdheden komen dan te berusten bij het College van Burgemeester en
                    Wethouders. Dit heeft onder andere tot gevolg dat het hoofdstuk over de
                    archiefbewaarplaats in de oude verordeningen is overgeheveld naar het Besluit
                    Informatiebeheer.</al><al>Verder worden sinds de dualisering van het gemeentebestuur in 2002,
                    gemeentelijke verordeningen ondertekend door de burgemeester en de griffier. Dat
                    is ook in deze versie aangepast.</al><al/><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al/><al><vet>Artikel 1</vet></al><al>Begripsbepalingen zijn alleen uit de wet overgenomen als daaraan in deze
                    verordening een meer specifieke betekenis moest worden toegekend. </al><al/><al><vet>Artikel 2</vet></al><al>De ministeriële Regeling bouw en inrichting archiefruimten en
                    archiefbewaarplaatsen (Nederlandse Staatscourant nr. 180 d.d. 18 september 2001,
                    verbeterd in nr. 209 d.d. 29 oktober 2001) stelt op grond van artikel 13, vierde
                    lid, van het Archiefbesluit 1995 vast, aan welke bouwkundige en inrichtingseisen
                    de archiefbewaarplaats en de archiefruimten moeten voldoen. </al><al/><al><vet>Artikel 3</vet></al><al>De aanwijzing van de beheerders is opgenomen in de op grond van artikel 7 te
                    stellen voorschriften: het Besluit Informatiebeheer. </al><al/><al><vet>Artikel 5</vet></al><al>De ministeriële Regeling duurzaamheid archiefbescheiden (Nederlandse
                    Staatscourant nr. 180 d.d. 18 september 2001) stelt op grond van artikel 11
                    tweede lid van het Archiefbesluit 1995 nadere regels omtrent de kwaliteit van en
                    de procedures rond het materiële behoud van de daarvoor in aanmerking komende
                    archiefbescheiden. </al><al>Artikel 11 van het Archiefbesluit 1995 kent de in dit artikel bedoelde
                    verplichting slechts ten behoeve van de interne stukken. Uit overwegingen van
                    behoorlijk bestuur en ter besparing van conserveringskosten voor de overheid als
                    geheel achten wij dit onjuist. Daarom is in het tweede lid bepaald, dat ook de
                    te verzenden stukken aan de genoemde Regeling dienen te voldoen. De gemeente
                    heeft als ontvanger van door andere overheden opgemaakte stukken daarvan zelf
                    ook profijt.</al><al/><al><vet>Artikel 7</vet></al><al>De bedoelde voorschriften zijn opgenomen in het Besluit Informatiebeheer. Voor
                    het beheer van de naar de archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden
                    worden de voorschriften gegeven in de Archiefverordening (citeertitel
                    vermelden), omdat de gemeenteraad ook de archivaris aanstelt.</al><al/><al><vet>Artikel 8</vet></al><al>Binnen één zittingsperiode verneemt de gemeenteraad aldus tenminste tweemaal wat
                    er op het gebied van de archiefzorg, het archiefbeheer en het toezicht daarop
                    heeft plaatsgevonden. “Twee” staat tussen haakjes omdat dit een modelverordening
                    is. Een jaarlijkse verslaglegging wordt thans in veel gemeenten wenselijk
                    geacht.</al><al/><al><vet>Artikel 11</vet></al><al>De ontwikkelingen op het gebied van de moderne informatietechnologie hebben in
                    de wet geleid tot een gewijzigde definitie van de term “archiefbescheiden”. De
                    wetgever heeft – binnen de formele betekenis van het begrip archiefbescheiden –
                    bedoeld onder deze term alle op enigerlei wijze vastgelegde informatie te
                    begrijpen inclusief die welke slechts via informatietechnologie opgevraagd kan
                    worden.</al><al>Ondanks de ruimere betekenis van “archiefbescheiden” kan de materie veelal met
                    de traditionele bepalingen worden geregeld, zij het dat sommige begrippen een
                    andere, ruimere inhoud hebben gekregen. Dat heeft onder andere gevolgen voor een
                    term als “beheer”. Zo zal het voor het toezicht op het beheer van machine
                    leesbare gegevensbestanden niet meer voldoende zijn dat toegang tot de ruimte is
                    verzekerd. De formulering betreffende de noodzakelijke medewerking is ontleend
                    aan de artikelen 52 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en 5:20 van de
                    Algemene wet bestuursrecht. </al><al/><al><vet>Artikel 13</vet></al><al>Slechts die aspecten van de uitoefening van het archiefbeheer zijn hier vermeld,
                    die bij constatering achteraf tot onevenredig hoge kosten zouden kunnen leiden,
                    of die ernstige schade voor het behoud dan wel de openbaarheid van de
                    archiefbescheiden en de rechtszekerheid van de burger tot gevolg zouden hebben.
                </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>