<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR118757_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels Woonruimteverdeling gemeente Amersfoort</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Amersfoort</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Amersfoort</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsberichten 5 oktober 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels Woonruimteverdeling​</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">1. artikel 1.3, vierde lid, Algemene wet bestuursrecht;</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">2. Huisvestingsverordening Amersfoort 2011</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-08-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-10-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-11-05</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>-</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de Beleidsregels woonruimteverdeling 2014.</al><al>Deze regeling vervangt de vorige beleidsregels Woonruimteverdeling die op grond van de Huisvestingsverordening 2010 van kracht waren. Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels Woonruimteverdeling gemeente Amersfoort</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Burgemeester en wethouders van Amersfoort;</al><al>Overwegende dat het gewenst is regels te stellen voor het verdelen van
                        woonruimte in de sociale huursector in de gemeente Amersfoort om de
                        verdeling transparant te maken en regels te stellen voor de wijziging
                        van de samenstelling van de woonruimtevoorraad in de gemeente
                        Amersfoort;</al><al>Gelet op artikel 1.3, vierde lid, Algemene wet bestuursrecht en de
                        Huisvestingsverordening;</al><al><vet>b e s l u i t e n </vet></al><al>vast te stellen:</al><al><vet>BELEIDSREGELS WOONRUIMTEVERDELING GEMEENTE AMERSFOORT</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>In deze beleidsregels wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>het verdelen van woonruimte in de sociale huursector: het
                                    volgens de Huisvestingsverordening aanbieden van
                                    woonruimte;</al></li><li nr="b."><al>inschrijfduur: de periode dat een woningzoekende ingeschreven is
                                    bij Woonkompas;</al></li><li nr="c."><al>verordening: de geldende Huisvestingsverordening in de gemeente
                                    Amersfoort;</al></li><li nr="d."><al>adviesorgaan: een onafhankelijk medisch adviesorgaan (zoals de
                                    Gewestelijke Gezondheids Dienst of het Centrum Indicatiestelling
                                    Zorg) in geval van medische indicatie en de Urgentiecommissie in
                                    geval van sociale indicatie;</al></li><li nr="e."><al>WMO-verhuisindicatie: het besluit om een indicatie voor
                                    verhuizing af te geven op basis van de Wet Maatschappelijke
                                    Ondersteuning. </al></li><li nr="f."><al>Woonkompas: het orgaan dat de verdeling van de sociale
                                    huurwoningen en sociale koopwoningen op basis van de verordening
                                    in de gemeente Amersfoort uitvoert;</al></li><li nr="g."><al>etagewoning: woning die onderdeel uitmaakt van een groter
                                    wooncomplex;</al></li><li nr="h."><al>nieuwbouwhuurwoning: een woning die nieuw gebouwd is waarvan de
                                    woningzoekende de eerste huurder van de woning wordt.</al></li><li nr="i."><al>adequate woning: een woning als bedoeld in artikel 1 onder t van
                                    de Verordening individuele WMO-voorzieningen Gemeente
                                    Amersfoort. Dat blijkt uit het feit dat de woning voldoet aan
                                    het programma van eisen zoals dat is opgesteld door het Centrum
                                    Indicatiestelling Zorg of uit de eisen die zijn opgenomen in de
                                    verhuisindicatie afgegeven door het college van Burgemeester en
                                    wethouders;</al></li><li nr="j."><al>complex zoekprofiel: het zoekprofiel van kandidaten met een
                                    WMO-verhuisindicatie waarvoor adequate woonruimte niet ruim
                                    voorhanden is in de verwachte vrijkomende
                                    huurwoningvoorraad.</al></li><li nr="k."><al>woonduur: de onafgebroken periode dat een woningzoekende op
                                    eenzelfde adres ingeschreven staat in de Gemeentelijke
                                    Basisadministratie.</al></li><li nr="l."><al>gebruiksoppervlakte: de gebruiksoppervlakte volgens de definitie
                                    van het Bouwbesluit. </al></li><li nr="m."><al>kamerverhuurpand: gebouw of een deel van een gebouw met twee of
                                    meer kamerverhuureenheden, niet vallende onder het begrip
                                    logiesgebouw en/of logiesverblijf als bedoeld in het
                                    Bouwbesluit, dat als hoofdverblijf apart kan worden bewoond door
                                    niet in een gezinsverband levende personen. Gemeenschappelijke
                                    voorzieningen kunnen worden gedeeld. Er is sprake van
                                    onzelfstandige woonruimte. Begeleid wonen valt niet onder deze
                                    woonvorm.</al></li><li nr="n."><al>omzetten: het treffen van voorzieningen in een gebouw of deel
                                    van een gebouw waardoor twee of meer kamerverhuureenheden
                                    ontstaan, niet vallende onder het begrip logiesgebouw en/of
                                    logiesverblijf als bedoeld in het Bouwbesluit, dat als
                                    hoofdverblijf apart kan worden bewoond door niet in
                                    gezinsverband levende personen.</al></li><li nr="o."><al>zindelijke staat: hygiënisch, onbeschadigd en schoon.</al></li><li nr="p."><al>administratief splitsen van woningen: het kadastraal splitsen
                                    van een gebouw dat al bestaat uit zelfstandige wooneenheden
                                    (zowel bouwkundig als passend in de bestemming van het geldende
                                    bestemmingsplan) in appartementsrechten.</al></li><li nr="q."><al>splitsen van woningen: het treffen van voorzieningen in
                                    bestaande (al dan niet gedeeltelijk/geheel te vernieuwen)
                                    woningen, zodanig dat binnen de bestaande (of te vernieuwen/te
                                    vergroten) bouwmassa meerdere zelfstandige woningen/wooneenheden
                                    ontstaan. De zelfstandigheid blijkt uit de aanwezigheid per
                                    woning van een eigen toegang (eventueel voor- en achterdeur),
                                    keuken, badkamer, woon- en/of slaapkamer(s). In de bouwmassa
                                    is/zijn één of meerdere geheel gesloten woningscheidende
                                    wand(-en) aanwezig.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Verdeling van woonruimte</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Urgentieregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al><onderstreept>Urgentiekandidaten gaan voor op reguliere
                                    woningzoekenden mits zij aan de eventuele aanvullende
                                    voorwaarden in de woningadvertentie voldoen.
                                </onderstreept></al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al><onderstreept>De volgordebepaling van urgentiekandidaten is als
                                    volgt:</onderstreept></al><lijst><li nr="-"><al>3-maandsurgentie (op datum van afgifte)</al></li><li nr="-"><al>6-maandsurgentie (op datum van afgifte)</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de gevallen waarin meerdere woningzoekenden met een
                                urgentieverklaring hebben gereageerd gaat de woningzoekende van wie
                                de urgentieverklaring het eerst eindigt voor.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In alle overige gevallen, gaat de woningzoekende met de langste
                                inschrijfduur voor.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Wanneer de datum van einde urgentie en de inschrijfduur gelijk zijn,
                                wordt de woning op volgorde van woonduur aangeboden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Beperking urgentieverklaring tot bepaalde woningtypen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De urgentieverklaring is, gelet op artikel 2.6.1. tweede lid van
                                    de verordening, beperkt tot etagewoningen met uitzondering van
                                    de woningen genoemd in het derde lid.</al></li><li nr="2."><al>Onder etagewoningen worden verstaan: portiekflats, galerijflats,
                                    maisonnettes, bovenwoningen, benedenwoningen, seniorenflats,
                                    1-kamerwoningen</al></li><li nr="3."><al>Urgentiekandidaten kunnen op basis van hun urgentieverklaring
                                    niet in aanmerking komen voor: </al></li></lijst><al>a.<onderstreept>Complexen die als zodanig door Woonkompas aangewezen
                                zijn. Deze complexen staan op een lijst die jaarlijks door
                                Woonkompas –in overleg met de gemeente- wordt
                                vastgesteld;</onderstreept></al><lijst><li nr="b."><al><onderstreept>Nieuwbouwhuurwoningen.</onderstreept></al><lijst><li nr="4."><al>Uitsluiting van een woning voor urgentiekandidaten
                                            genoemd in het derde lid onder a of b wordt vooraf in de
                                            woningadvertentie vermeld.</al></li><li nr="5."><al>In afwijking van het eerste lid kan, gelet op artikel
                                            2.6.4 eerste lid van de verordening, de
                                            urgentieverklaring gelden voor een ander woningtype dan
                                            etagewoningen, indien dit andere woningtype wordt
                                            geïndiceerd. </al></li><li nr="6."><al>In afwijking van het eerste lid geldt de
                                            urgentieverklaring van stadsvernieuwingsurgenten en
                                            huishoudens bestaande uit 6 personen of meer voor alle
                                            woningtypes.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Afwijken van de reguliere wachttijd</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de beoordeling of een afwijking van de reguliere wachttijd
                                noodzakelijk is worden de volgende elementen meegewogen:</al><lijst><li nr="-"><al>Zelfredzaamheid: de mogelijkheden en kansen die de
                                        woningzoekenden hebben om zelf in hun huisvesting te
                                        voorzien. Ter bepaling hiervan wordt door Woonkompas, in
                                        overleg met de gemeente, jaarlijks een richtlijn
                                        vastgesteld. </al></li><li nr="-"><al>Verwijtbaarheid: de woningzoekende treft geen blaam voor de
                                        ontstane situatie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Bij de beoordeling of er naar het oordeel van burgemeester en
                                wethouders een andere mogelijkheid bestaat om het woonruimteprobleem
                                op te lossen worden ook het inkomen en het vermogen van de
                                woningzoekende betrokken. </al><al><vet>Artikel 5 Urgentie ten gevolge van echtscheiding</vet></al><al>Op grond van artikel 2.6.3 lid 4 sub 1 kan urgentie worden verleend
                                in een situatie van echtscheiding.</al><lijst><li nr="1."><al>Een van de voorwaarden voor het verkrijgen van urgentie op
                                        grond van echtscheiding is dat er uit het huwelijk één of
                                        meer kinderen voortkomen. Ook minderjarige kinderen die uit
                                        een eerder huwelijk of eerdere samenleving voortkomen worden
                                        meegerekend. </al></li><li nr="2."><al>Een minderjarig kind heeft het hoofdverblijf bij de
                                        woningzoekende ouder als uit het ouderschapsplan blijkt dat
                                        het kind meer dan helft van de dagen van een kalenderjaar
                                        bij die ouder woont. </al></li><li nr="3."><al>Voor gevallen van “samenleving” worden de criteria, voor
                                        zover mogelijk, analoog toegepast indien:</al></li><li nr="a."><al>aantoonbaar is dat er sprake is geweest van samenleving voor
                                        de minimale duur van 1 jaar.</al></li><li nr="b."><al>aantoonbaar is dat de samenleving is beëindigd. </al></li><li nr="c."><al>aantoonbaar is dat het minderjarige kind/ de minderjarige
                                        kinderen het hoofdverblijf heeft/hebben bij de ouder die de
                                        urgentie aanvraagt.</al></li></lijst><al>In deze situatie moet naar het oordeel van burgemeester en
                                wethouders voldoende zijn aangetoond dat de samenleving minstens een
                                jaar heeft geduurd, de samenleving is beëindigd én dat het
                                minderjarige kind/ de minderjarige kinderen het hoofdverblijf
                                heeft/hebben bij de ouder die de urgentie aanvraagt. Dit kan bij
                                afwezigheid van een ouderschapsplan worden aangetoond met een
                                notariële akte of een ander door een onafhankelijke partij opgesteld
                                en door beide partijen ondertekend document. </al><al>De beëindiging van de samenleving kan bijvoorbeeld worden aangetoond
                                met een notariële akte, ondersteund door ander bewijs waaruit de
                                beëindiging blijkt. Hierbij kan gedacht worden aan een uittreksel
                                uit de GBA, bankafschriften, gegevens van de belastingdienst en
                                andere officiële instanties en bewijs van beëindiging van
                                gezamenlijke rekeningen en andere overeenkomsten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Urgentie ten gevolge van een levensbedreigende situatie</titel></kop><al>Op grond van artikel 2.6.3 lid 4 sub 2 van de Huisvestingsverordening
                            kan urgentie worden verleend in een levensbedreigende situatie als:</al><lijst><li nr="a."><al>met politierapporten kan worden aangetoond dat er sprake is
                                    geweest van zeer ernstige, direct tegen het leven gerichte
                                    mishandeling, terwijl er gegronde vrees is voor herhaling.
                                    Hierbij dient een relatie te bestaan tussen de problematiek en
                                    de huidige woonsituatie. Daarnaast moet een andere woning binnen
                                    dezelfde gemeente kunnen bijdragen aan een oplossing van de
                                    huidige levensbedreigende woonsituatie.</al></li><li nr="b."><al>Indien een woningzoekende dringend behoefte heeft aan andere
                                    woonruimte in geval van dakloosheid door plotselinge overmacht.
                                    Onder dakloosheid door plotselinge overmacht wordt verstaan:
                                    dakloosheid als gevolg van het onbewoonbaar raken van de woning
                                    door een calamiteit waardoor de woning ernstig beschadigd
                                    is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Splitsing inschrijving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de splitsing van een inschrijving krijgen beide woningzoekenden
                                de voorheen gezamenlijke datum van inschrijving toegekend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de splitsing van een inschrijving waarbij één van de beide
                                woningzoekenden op een latere datum op de inschrijving van de
                                aanvrager werd bijgeschreven, krijgt deze de datum van bijschrijving
                                als inschrijfdatum toegekend. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Woningverdeling aangepaste woningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aangepaste woningen worden zoveel mogelijk aangeboden aan kandidaten
                                met een WMO-verhuisindicatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Kandidaten met een WMO-verhuisindicatie waarvoor naar verwachting
                                binnen 6 maanden na afgifte van deze indicatie geen enkele adequate
                                woning vrijkomt, worden bemiddeld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>WMO-urgentiekandidaten ingeschreven in de Gemeentelijke
                                BasisAdminsitratie van Amersfoort met een complex zoekprofiel worden
                                bemiddeld, als zij gedurende de geldigheid van de
                                urgentieverklaring</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>niet op een woning gereageerd hebben <cursief>en</cursief></al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>zij niet op 3 adequate woningen geattendeerd zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij bemiddeling van urgentiekandidaten met een WMO-verhuisindicatie
                                kan artikel 3 lid 3 sub a en b van de beleidsregels buiten werking
                                worden gesteld. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Wijziging van de samenstelling van de woonruimtevoorraad</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Omzettingsvergunning</titel></kop><al>Toetsingscriteria voor het omzetten van een pand in een
                            kamerverhuurpand</al><lijst><li nr="1."><al>Het pand waarvoor vergunning wordt gevraagd heeft een
                                    woonbestemming op grond van het bestemmingsplan. </al></li><li nr="2."><al>Gezondheid, comfort en hygiëne</al></li></lijst><al>Om een minimale kwaliteit te waarborgen voor de bewoners en overlast te
                            voorkomen voor omwonenden worden de volgende voorwaarden gesteld aan het
                            pand en de ruimtes daarin en het gebruik ervan:</al><lijst><li nr="a."><al>Het totale gebruiksvloeroppervlak van de woning (meetniveau
                                    Bouwbesluit) waarvoor vergunning wordt aangevraagd (exclusief
                                    bergruimte) gedeeld door het aantal kamerverhuureenheden bestemd
                                    voor 1 persoon is minimaal 25 m²;</al></li><li nr="b."><al>De in een kamerverhuur- of kamerverkooppand gelegen kamers
                                    moeten, willen ze geschikt zijn voor gebruik door één persoon,
                                    een vloeroppervlakte hebben van ten minste 11 m2 met een
                                    minimale hoogte van 2,1 m en een minimale breedte van 1,8 m óf
                                    een vloeroppervlakte van ten minste 7,5 m2 met een minimale
                                    hoogte van 2,1 m en een minimale breedte van 1,8 m als er een
                                    gezamenlijke ruimte aanwezig is;</al></li><li nr="c."><al>het aanrecht en het kooktoestel worden opgesteld hetzij in een
                                    afzonderlijke keuken, hetzij in een voor gemeenschappelijk
                                    gebruik bestemd vertrek.</al></li><li nr="d."><al>In een kamerverhuurpand moet voor elke 5 bewoners ten minste één
                                    afsluitbare toiletruimte aanwezig zijn;</al></li><li nr="e."><al>In een kamerverhuurpand moet voor elke 8 bewoners ten minste één
                                    afsluitbare badruimte aanwezig zijn;</al></li><li nr="f."><al>Tot een kamerverhuurpand moet ten minste één, van buiten het
                                    kamerverhuurpand toegankelijke, afsluitbare bergruimte behoren,
                                    met een vloeroppervlakte van ten minste 3,5 m2, waarvan de
                                    breedte ten minste 1,5 m en de hoogte boven die oppervlakte ten
                                    minste 2,1 m is. De vloeroppervlakte van ten minste 3,5 m2 te
                                    rekenen tot en met 4 personen. Voor elke extra bewoner moet de
                                    vloeroppervlakte van 3,5 m2 met ten minste 1 m2 worden vergroot.
                                </al></li><li nr="3."><al>Parkeren</al></li><li nr="a."><al>Kamerverhuur tot en met drie kamers is mogelijk zonder
                                    consequenties voor parkeren; er wordt dan geen aanvullende
                                    parkeereis gesteld. </al></li><li nr="b."><al>Kamerverhuur vanaf vier kamers is alleen mogelijk via een
                                    gemeentelijke parkeertoets (op kosten van de aanvrager). De
                                    gemeente zal bepalen of het parkeren door de kamerverhuur
                                    opgevangen kan worden op privaat terrein of in de openbare
                                    ruimte. De aanvullende parkeernorm per extra bewoner is 0,6
                                    parkeerplaats bovenop de voor de woning geldende norm. Dit is
                                    conform de normen van het CROW. In de openbare ruimte mag de
                                    parkeerdruk door de kamerverhuur ’s avonds en ’s nachts niet
                                    boven de 90% komen. Hiervoor wordt doorgaans een
                                    parkeeronderzoek uitgevoerd (op kosten van de aanvrager). In de
                                    parkeervergunningzones is deze eis op woningen die verder dan
                                    150 m loopafstand zijn gelegen van de vergunningzonegrens niet
                                    van toepassing, omdat er per zelfstandig adres in de A-zone
                                    (binnenstad) slechts één parkeervergunning aangevraagd kan
                                    worden en er dus geen kans op extra parkeerdruk bestaat. In de
                                    overige zones zijn wel meer vergunningen per adres mogelijk,
                                    maar pas nadat alle eerste vergunningen zijn uitgegeven en als
                                    er dan nog ruimte is voor tweede vergunningen. </al></li><li nr="4."><al>Brandveiligheid</al></li><li nr="a."><al>In het kamerverhuurpand moeten in elke verblijfsruimte
                                    brandmelders worden aangebracht conform NEN 2555. </al></li><li nr="b."><al>Met het oog op brandbestrijding dient een brandslanghaspel te
                                    worden geplaatst, op een zodanige plaats dat alle
                                    verblijfsruimten bereikt kunnen worden. Gelijkwaardig is een
                                    draagbaar werkend brandblustoestel op iedere woonlaag. </al></li><li nr="5."><al>Voorwaarden die (naast de voorwaarden zoals aangegeven in
                                    artikel 3.1.3. lid 2 van de huisvestingsverordening) worden
                                    opgenomen in de omzettingsvergunning:</al></li><li nr="a."><al>Het normale onderhoud van een kamerverhuurpand dient zodanig te
                                    geschieden dat het zich in een zindelijke staat bevindt;</al></li><li nr="b."><al>Het afval dient op zodanige wijze te worden bewaard dat
                                    schadelijk en hinderlijk gedierte niet wordt aangetrokken. </al></li><li nr="c."><al>Alle plafonds en wanden mogen alleen materialen bevatten die in
                                    brandklasse 1 en 2 vallen. </al></li><li nr="d."><al>De bewoners dienen op betreffend adres ingeschreven te staan in
                                    de Gemeentelijke Basisadministratie</al></li><li nr="6."><al>Intrekking van de omzettingsvergunning</al></li></lijst><al>Burgemeester en wethouders kunnen de omzettingsvergunning
                            intrekken:</al><lijst><li nr="a."><al> indien blijkt, dat zij de vergunning ten gevolge van een
                                    onjuiste of onvolledige opgave hebben verleend; </al></li><li nr="b."><al>indien blijkt dat de houder niet heeft voldaan aan de
                                    voorwaarden als bedoeld in artikel 9 lid 1 t/m 5 van deze
                                    beleidsregels.</al></li><li nr="c."><al>indien vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat
                                    handhaving van de vergunning zou leiden tot een verstoring van
                                    de openbare orde, veiligheid of gezondheid, dan wel een
                                    verstoring van een geordend woon- en leefmilieu van het gebouw
                                    waarop de vergunning betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het aantal onzelfstandige woonruimten en/of het aantal
                                    bewoners afwijkt van het in de aanvraag en vergunning vermelde
                                    aantal.</al></li><li nr="e."><al>de vergunninghouder het gebruik van het gebouw waarvoor de
                                    omzettingsvergunning is verleend beëindigt.</al></li><li nr="f."><al>Burgemeester en wethouders gaan niet tot intrekking van de
                                    vergunning over, voordat degene tegen wie het besluit tot
                                    intrekking wordt genomen daarvan in kennis is gesteld en in de
                                    gelegenheid is gesteld zijn of haar zienswijze tegen het
                                    voorgenomen besluit kenbaar te maken.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze beleidsregels worden aangehaald als Beleidsregels
                            Woonruimteverdeling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de vergadering van 30 augustus 2011. </ondertekening><ondertekening>De secretaris, De burgemeester,</ondertekening><ondertekening>PUBLICATIEDATUM: 5 oktober 2011</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>