<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.90--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.92--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.91--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR11768_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de markt(en)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Wassenaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-11-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wassenaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Marktverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 168</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>1989-03-20</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1989-03-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-04-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>7-3-1989, no 36</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Marktreglement</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de markt(en)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Marktverordening</vet></al><al/><al>De RAAD der gemeente WASSENAAR;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 1 maart 1989,
                        raadsvoorstel no. 36</al><al>gelet op artikel 168 der gemeentewet;</al><al>b e s l u i t:</al><al>vast te stellen de navolgende "Verordening op de markt(en)"</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Algemene bepalingen.</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 1. </label></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>markt: de warenmarkt welke krachtens besluit van de raad op de
                                    daartoe aangewezen plaats, dag en tijd wordt gehouden;</al></li><li nr="b."><al>marktterrein: de gehele oppervlakte openbare of voor het publiek
                                    toegankelijke grond, welke bij besluit van de raad voor het
                                    uitoefenen van de markthandel is of wordt aangewezen;</al></li><li nr="c."><al>standplaats: de op of voor de duur van een markt door
                                    burgemeester en wethouders aangewezen ruimte voor het uitoefenen
                                    van de markthandel;</al></li><li nr="d."><al>vaste plaats: een standplaats die tot wederopzegging ter
                                    beschikking wordt gesteld aan de vergunninghouder;</al></li><li nr="e."><al>dagplaats: een standplaats die per marktdag beschikbaar wordt
                                    gesteld aan de vergunninghouder;</al></li><li nr="f."><al>standwerkersplaats: een dagplaats bestemd voor het uitoefenen
                                    van de handel op een wijze als bij standwerken geboden is;</al></li><li nr="g."><al>vergunninghouder of standplaatshouder: ieder aan wie door
                                    burgemeester en wethouders een vergunning is afgegeven om
                                    gedurende de markt een standplaats in te nemen;</al></li><li nr="h."><al>marktmeester: de als zodanig door burgemeester en wethouders
                                    aangewezen ambtenaar;</al></li><li nr="t."><al>voertuig: elk object dat ten doel heeft om over enige afstand
                                    een of meer personen of goederen te vervoeren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Burgemeester en wethouders kunnen, indien dringende redenen hiertoe
                                noodzaken, tijdelijk een andere plaats voor het houden van de markt
                                aanwijzen, of, op grond van artikel 7 van de Winkelsluitingswet, in
                                deze gevallen een andere dag als marktdag vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Zij brengen hun besluit dienaangaande tijdig ter kennis van
                                belanghebbenden; bovendien wordt van dit besluit openbaar kennis
                                gegeven op de ter plaatse gebruikelijke wijze.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders bepalen ten aanzien van de markt:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal standplaatsen;</al></li><li nr="b."><al>de afmeting van de standplaatsen;</al></li><li nr="c."><al>de opstelling en indeling van de markt;</al></li><li nr="d."><al>welke plaatsen op het marktterrein uitsluitend bestemd zijn
                                        voor standwerken;</al></li><li nr="e."><al>welke gedeelten van het marktterrein bestemd zijn voor het
                                        verhandelen van bepaalde artikelen;</al></li><li nr="f."><al>welk gedeelte van de markt eventueel bestemd wordt voor het
                                        plaatsen van verkoopwagens.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Burgemeester en wethouders kunnen het aantal standplaatsen per
                                artikelengroep vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen grotere plaatsen toewijzen dan de
                                standaardmaat van de op de markt in gebruik zijnde kramen,
                                overeenkomstig door hen tevoren vast te stellen en ter openbare
                                kennis te brengen regelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4. </label></kop><al>Het is verboden op het marktterrein van 9 uren voor de aanvang tot 7
                            uren na het einde van de markt ruimte in te nemen met een voertuig,
                            goederen of anderszins, zonder vergunning van burgemeester en
                            wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het is verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders op
                                het marktterrein kramen, tafels en dergelijke te plaatsen of op te
                                slaan of gebruik te maken van verkoopwagens.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Burgemeester en wethouders kunnen aan deze vergunning voorschriften
                                verbinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het is verboden voor de verlichting van een standplaats gebruik te
                                maken van andere dan elektrische verlichting, alsmede elektrische
                                energie te betrekken van een ander dan degene, die door burgemeester
                                en wethouders voor het leveren van elektriciteit is aangewezen, dan
                                wel zelf hierin te voorzien.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Burgemeester en wethouders kunnen van dit verbod ontheffing
                                verlenen onder door hen te stellen voorschriften.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 7. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het is verboden artikelen, welke krachtens een besluit van
                                burgemeester en wethouders niet op de markt verhandeld mogen worden,
                                op de markt in voorraad te houden, uit te stallen, ten verkoop aan
                                te bieden of te verkopen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Burgemeester en wethouders kunnen, indien hen dit in het belang van
                                de orde op de markt of van de volksgezondheid noodzakelijk voorkomt,
                                de handel in bepaalde artikelen gedurende een bepaalde termijn
                                verbieden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Toewijzing en bezetting van standplaatsen. </label></kop><artikel><kop><label>Artikel 8. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De standplaatsen op een markt worden als regel als vaste plaatsen
                                toegewezen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Een vrijgekomen vaste plaats wordt als dagplaats beschouwd en
                                blijft als zodanig aangemerkt, zolang zij niet als vaste plaats is
                                toegewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 9. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De toewijzing van standplaatsen geschiedt bij door burgemeester en
                                wethouders af te geven vergunning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>2Het is verboden een andere standplaats in te nemen dan de plaats
                                waarvoor de vergunning is afgegeven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 10. </label></kop><al>Een ieder, die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen,
                            dient zich tegenover burgemeester en wethouders te kunnen legitimeren
                            door middel van een door een officiële instantie afgegeven, van een
                            goedgelijkende foto voorzien, identiteitsbewijs. Hij moet dit
                            identiteitsbewijs op eerste aanvrage aan de daartoe aangewezen ambtenaar
                            tonen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 11. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Degene die voor een standplaats in aanmerking wil komen, dient
                                burgemeester en wethouders te verzoeken hem in te schrijven op een
                                daartoe aangelegde lijst. Bij inschrijving op deze lijst worden,
                                naast de datum van inschrijving, de artikelen of groepen van
                                artikelen vermeld die door de gegadigde krachtens vergunning van
                                burgemeester en wethouders mogen worden verhandeld. De betrokkene
                                wordt daarvan een schriftelijk bewijs verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Om voor inschrijving op de in het eerste lid bedoelde lijst in
                                aanmerking te komen, dient men handelingsbekwaam te zijn en
                                aangetoond te hebben dat men voldoet aan de in artikel 12, lid 1
                                aanhef, en sub a en c vermelde vereisten, onverminderd het bepaalde
                                in artikel 12, lid 2 en 3.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> In afwijking van het bepaalde in het vorige lid, kan een wettig
                                kind van een vaste standplaatshouder, dat bij voortduring zijn ouder
                                op diens vaste plaats bijstaat, op de in het eerste lid bedoelde
                                lijst worden ingeschreven indien het voldoet aan de in artikel 12,
                                lid 5 sub a, vermelde vereisten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> De inschrijving op grond van het voorgaande lid wordt doorgehaald
                                zodra inschrijving op de in artikel 13, lid 2, bedoelde lijst kan
                                plaatsvinden. Het feitelijk gebruik van rechten die uit inschrijving
                                op bedoelde lijst voortvloeien blijft uitgesloten, zo lang de
                                aanspraken als bedoeld in artikel 14, lid 3 bestaan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Een inschrijving op grond van het bepaalde in lid 3 kan worden
                                gewijzigd in een inschrijving op grond van het bepaalde in lid
                                2.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 12. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Om voor een vaste plaats in aanmerking te komen is vereist dat de
                                aanvrager een handelingsbekwaam natuurlijk persoon is en
                                aantoont:</al><lijst><li nr="a."><al>dat hij voldaan heeft aan alle publiekrechtelijke
                                        verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en
                                        bedrijfsorganisatie;</al></li><li nr="b."><al>dat hij van het uitoefenen van handel zijn hoofdberoep
                                        maakt;</al></li><li nr="c."><al>dat hij voldoende verzekerd is tegen vorderingen tot
                                        schadevergoeding, waartoe hij als gebruiker van een
                                        verkoopinrichting op een markt krachtens wettelijke
                                        aansprakelijkheidsbepalingen zou kunnen worden verplicht
                                        wegens aan derden toegebrachte schade.</al></li></lijst><al>Betrokkene dient burgemeester en wethouders jaarlijks het bewijs
                                over te leggen dat de door hem ter zake verschuldigde premie is
                                voldaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen van het bepaalde in lid 1, onder b
                                en c, in bijzondere gevallen ontheffing verlenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een marktkoopman wordt geacht aan het in lid 1, onder c, genoemde te
                                hebben voldaan, indien hij een geldig bewijs van lidmaatschap
                                overlegt van een organisatie die voor haar leden een collectieve
                                verzekering als bedoeld in lid 1, sub c, heeft afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aanvrager behoort bovendien tenminste drie maanden op de in
                                artikel</al><al>11, lid 1, bedoelde lijst te zijn ingeschreven. Burgemeester en
                                wethouders kunnen van deze bepaling ontheffing verlenen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen ontheffing van het bepaalde in
                                lid 1, onder a, b en c, indien aanvrager:</al><lijst><li nr="a."><al>persoonlijk voldoet aan de bij de toepasselijke
                                        vestigingsregeling gestelde eisen ter verkrijging van een
                                        vestigingsvergunning als bedoeld in de Vestigingswet
                                        Bedrijven of de Vestigingswet Detailhandel;</al></li><li nr="b."><al>op de plaatselijke markt in de uitoefening van de
                                        markthandel werkzaam zal zijn uit naam van een rechtspersoon
                                        die voldoet aan de in lid 1, onder a, b en c gestelde
                                        eisen;</al></li><li nr="c."><al>van het bedrijven van handel zijn hoofdberoep maakt.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 13. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Van de toewijzing van een vaste plaats wordt door burgemeester en
                                wethouders aan de standplaatshouder een schriftelijke vergunning
                                afgegeven, vermeldende:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en voornamen, geboortedatum en -plaats alsmede
                                        woonplaats en adres;</al></li><li nr="b."><al>een duidelijke omschrijving van de toegewezen vaste plaats
                                        met vermelding van het nummer daarvan;</al></li><li nr="c."><al>de artikelen of groep van artikelen, welke door de
                                        standplaatshouder op de hem toegewezen standplaats mogen
                                        worden verkocht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Vergunninghouders van vaste plaatsen worden met vermelding van en in
                                volgorde van de datum, waarop aan hen voor het eerst een vaste
                                plaats is toegewezen, op een doorlopend te nummeren lijst
                                ingeschreven.</al><al>Bij deze inschrijving worden tevens de artikelen of de groep van
                                artikelen als bedoeld in lid 1, onder c, vermeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 14. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de toewijzing van vaste plaatsen, waartoe op gezette tijden,
                                doch tenminste eenmaal per jaar wordt overgegaan, komen daarvoor
                                allereerst in aanmerking de vergunninghouders van vaste plaatsen die
                                aan burgemeester en wethouders de wens te kennen hebben gegeven van
                                standplaats te willen veranderen, zulks in de volgorde waarin zij op
                                de in artikel 13, lid 2, bedoelde lijst zijn ingeschreven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Daarna komen in aanmerking degenen die zich op de in artikel 11, lid
                                1, bedoelde lijst hebben laten inschrijven, zulks in volgorde van
                                hun inschrijving op deze lijst.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Degene die op grond van artikel 11, lid 3, op de in het tweede lid
                                van dit artikel bedoelde lijst is ingeschreven, kan geen vaste
                                plaats worden toegewezen zo lang het recht van zijn ouder op een
                                vaste plaats bestaat.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien voor de markt een indeling per artikelengroep geldt, wordt
                                hiermee rekening gehouden bij toepassing van het bepaalde in de
                                voorgaande leden, overeenkomstig door burgemeester en wethouders
                                tevoren vast te stellen en ter openbare kennis te brengen
                                regelen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Degenen die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt, kunnen alleen
                                dan voor een vaste plaats in aanmerking komen, indien zij zich
                                tenminste drie maanden voor het bereiken van genoemde leeftijd als
                                gegadigde op de in artikel 11, lid 1, bedoelde lijst hebben doen
                                inschrijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 15.</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De vergunning voor een vaste plaats wordt ingetrokken:</al><lijst><li nr="a."><al>op verzoek van de vergunninghouder;</al></li><li nr="b."><al>bij overlijden van de vergunninghouder, behoudens het
                                        bepaalde in4lid 4 van dit artikel;</al></li><li nr="c."><al>wanneer niet langer wordt voldaan aan een of meer van de
                                        eisen, gesteld in artikel 12, lid 1, onverminderd het
                                        bepaalde in artikel 12, lid 2 en 3;</al></li><li nr="d."><al>indien de vergunninghouder niet tenminste eenmaal per twee
                                        weken en tenminste negen maal per kwartaal zijn plaats op de
                                        markt inneemt, zulks met inachtneming van het bepaalde in de
                                        artikelen 21, 22 en 23.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De vergunning voor een vaste plaats wordt eveneens ingetrokken van
                                degene die, na het bereiken van de 70-jarige leeftijd gedurende een
                                tijdvak van vierentwintig achtereenvolgende maanden, van het recht
                                op het innemen van een vaste plaats persoonlijk geen of nagenoeg
                                geen gebruik heeft kunnen maken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Indien het bepaalde in de beide voorgaande leden toepassing vindt,
                                wordt de inschrijving op de in artikel 13, lid 2, bedoelde lijst van
                                vergunninghouders doorgehaald.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Bij het overlijden van de vergunninghouder wordt de vergunning voor
                                de vaste plaats overgeschreven op de overblijvende echtgenoot,
                                indien een daartoe strekkend verzoek binnen één maand na het
                                overlijden bij burgemeester en wethouders wordt ingediend. Indien de
                                aanvrager, bedoeld in de vorige alinea, vergunning heeft voor een
                                andere vaste plaats op dezelfde markt, wordt de vergunning voor die
                                plaats ingetrokken. De inschrijving op de lijst bedoeld in artikel
                                13, lid 2, wordt dienovereenkomstig gewijzigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 16. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Degene aan wie een vergunning is afgegeven, dient de standplaats
                                uiterlijk om 9.00 uur bezet te hebben, bij gebreke waarvan de
                                betreffende plaats voor die dag als dagplaats wordt aangemerkt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het bepaalde in het vorige lid is niet van toepassing, indien de
                                vergunninghouder burgemeester en wethouders voor dit tijdstip onder
                                opgave van een geldige reden, welke hem belet tijdig aanwezig te
                                zijn, heeft verzocht de plaats vrij te houden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 17. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Om voor een dagplaats in aanmerking te komen, dient aanvrager op de
                                in artikel 11, lid 1, bedoelde lijst te zijn ingeschreven.
                                Toewijzing van dagplaatsen geschiedt bij door burgemeester en
                                wethouders af te geven vergunning op het in artikel 16, lid 1,
                                genoemde tijdstip, in volgorde van de datum van inschrijving op deze
                                lijst.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Degene die op grond van het artikel 11, lid 3, op de in het
                                voorgaande lid bedoelde lijst is ingeschreven, kan geen dagplaats
                                worden toegewezen zo lang zijn ouder vergunninghouder van een vaste
                                plaats is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Indien voor de markt een regeling per artikelengroep geldt, wordt
                                hiermee rekening gehouden bij toepassing van het bepaalde in het
                                eerste lid, overeenkomstig door burgemeester en wethouders vast te
                                stellen en ter openbare kennis te brengen regelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 18. </label></kop><al>De inschrijving op de in artikel 11, lid 1, bedoelde lijst voor een
                            dagplaats wordt doorgehaald:</al><lijst><li nr="a."><al>op verzoek van de ingeschrevene;</al></li><li nr="b."><al>bij overlijden van de ingeschrevene;</al></li><li nr="c."><al>wanneer niet langer wordt voldaan aan één of meer van bedoeld in
                                    artikel 11, lid 2 of lid 3;</al></li><li nr="d."><al>indien de ingeschrevene niet tenminste eenmaal per drie weken
                                    een plaats op de markt inneemt of zich bij de marktmeester heeft
                                    aangemeld en getracht heeft een dagplaats te verkrijgen, tenzij
                                    het bepaalde in de artikelen 17, lid 2, 21, 22, en 23 van
                                    toepassing is;</al></li><li nr="e."><al>wanneer aan de ingeschrevene een vergunning voor een vaste
                                    plaats is afgegeven, tenzij hij die vergunning niet aanvaardt op
                                    grond van een door burgemeester en wethouders geldig geachte
                                    reden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 19. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het is uitsluitend op daartoe aangewezen standplaatsen toegestaan
                                als standwerker op te treden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Onder standwerker wordt verstaan de marktkoopman die publiek om
                                zich verzamelt, een het publiek aansprekende uiteenzetting houdt
                                over het door hem te verkopen artikel en tenslotte tracht een aantal
                                personen gelijktijdig tot aankoop daarvan te bewegen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De toewijzing van standwerkersplaatsen geschiedt bij door
                                burgemeester en wethouders per marktdag af te geven vergunningen.
                                Genoemde afgifte geschiedt bij loting ter bepaling van de volgorde
                                waarin gegadigden een plaats kiezen, zulks met inachtneming van de
                                wijze van werken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Tot de loting voor een vergunning voor een standwerkersplaats
                                kunnen slechts worden toegelaten marktkooplieden die
                                handelingsbekwaam zijn en aantonen dat zij voldoen aan de in artikel
                                12, lid 1, sub a en c, gestelde eisen, onverminderd het bepaalde in
                                artikel 12, lid 2 en 3, met dien verstande, dat allereerst tot de
                                loting worden toegelaten:</al><lijst><li nr="a."><al>door het Centraal Registratiekantoor Detailhandel-Ambacht
                                        als standwerker geregistreerde personen, van wie is gebleken
                                        dat zij in de uitoefening van de markthandel uitsluitend en
                                        daadwerkelijk als standwerker plegen op te treden;</al></li><li nr=""><al>dat eerst nadien tot de loting worden toegelaten:</al></li><li nr="b."><al>andere marktkooplieden die door het Centraal
                                        Registratiekantoor Detailhandel-Ambacht als standwerker
                                        geregistreerd zijn of in het bezit zijn van een geldig
                                        voorlopig standwerkersbewijs en ten aanzien van wie niet
                                        gebleken is dat zij op een standwerkersplaats niet
                                        daadwerkelijk actief zijn als standwerker.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Standwerkers die gezamenlijk willen optreden, kunnen slechts
                                gezamenlijk voor een vergunning voor een standwerkersplaats loten en
                                gezamenlijk slechts één soort artikel op de voor standwerkers
                                geboden wijze ten verkoop aanbieden.</al><al>De betrokkenen dienen zulks voor de loting aan burgemeester en
                                wethouders kenbaar te maken met vermelding van het te verhandelen
                                artikel.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Indien de omstandigheden op de markt daartoe aanleiding geven,
                                kunnen burgemeester en wethouders beperkingen stellen aan het aantal
                                af te geven vergunningen voor standwerkersplaatsen per
                                artikelengroep.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al> Een standwerker mag de aan hem toegewezen plaats niet te zamen met
                                een ander benutten, waaronder mede wordt verstaan dat hij zich niet
                                door een ander mag doen aflossen.</al><al> Het bovenstaande geldt niet voor degenen bedoeld in het vijfde lid
                                van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 20. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Een standplaats moet door de vergunninghouder persoonlijk worden
                                ingenomen; hij mag de standplaats derhalve niet aan een ander
                                afstaan of in gebruik geven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De vergunninghouder mag zich op de standplaats doen bijstaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 21. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Vergunninghouders van vaste plaatsen, die wegens ziekte verhinderd
                                zijn hun standplaats te bezetten, alsmede degenen die op de in
                                artikel 11, lid 1, bedoelde lijst staan ingeschreven en die zich om
                                dezelfde reden niet ter markt kunnen melden, dienen burgemeester en
                                wethouders daarvan schriftelijk in kennis te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Deze schriftelijke mededeling dient tijdig voor de betreffende
                                marktdag te worden ingezonden. Bij plotselinge verhindering moet de
                                mededeling mondeling of telefonisch worden gedaan, gevolgd door een
                                schriftelijke bevestiging van deze melding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Bij langdurige afwezigheid van een vergunninghouder wegens ziekte,
                                dient ten bewijze van deze reden van verhindering iedere drie
                                maanden een geneeskundige verklaring te worden overgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 22. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Degenen, bedoeld in de artikelen 11 en 13, lid 2, die wegens
                                vakantie een markt niet kunnen bezoeken, dienen daarvan tijdig,
                                onder opgave van de duur van de vakantie, met inachtneming van het
                                hierna in lid 2 bepaalde, schriftelijk mededeling te doen aan
                                burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De in artikel 15, lid 1, onder d, vervatte regeling inzake de
                                verplichting tot een regelmatige bezetting van een toegewezen vaste
                                plaats teneinde de vergunning voor de vaste plaats te behouden,
                                alsmede de in artikel 18, onder d, vervatte regeling inzake de
                                verplichting tot een regelmatige aanmelding op de markt teneinde de
                                inschrijving op de in artikel 11, lid 1, bedoelde lijst gehandhaafd
                                te doen blijven, blijft per kalenderjaar ten hoogste vier marktdagen
                                buiten werking, indien de rechthebbende, na te hebben voldaan aan
                                het in lid 1 genoemde voorschrift, wegens vakantie afwezig is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De rechthebbenden als hierboven bedoeld, kunnen op
                                buitenwerkingstelling van de in lid 2 aangeduide regelingen alleen
                                dan aanspraak maken, indien zij op de marktdag, voorafgaande aan hun
                                afwezigheid wegens vakantie, de hun toegewezen plaats hebben bezet,
                                dan wel als op de in artikel 11, lid 1, bedoelde lijst ingeschreven
                                gegadigden een plaats hebben toegewezen gekregen of blijkens hun
                                aanmelding hij de dienstdoende marktmeester getracht hebben een
                                plaats te verkrijgen.4.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rechthebbenden als bedoeld in lid 2 hebben voorts, tot behoud van
                                hun eerder omschreven rechten, de verplichting op de eerste
                                marktdag, volgend op die, waarop zij - binnen het in lid 2 gestelde
                                maximum aantal marktdagen - wegens vakantie afwezig waren, hun vaste
                                plaats weer in te nemen, dan wel zich weer ter markt te melden
                                teneinde te trachten een opengebleven marktplaats toegewezen te
                                krijgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 23. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> In bijzondere omstandigheden kan door burgemeester en wethouders
                                aan hen, die zijn ingeschreven op de in artikel 13, lid 2, bedoelde
                                lijst of aan hen, die zijn ingeschreven op de in artikel 11, lid 1,
                                bedoelde lijst op schriftelijk verzoek tijdelijk ontheffing worden
                                verleend van de verplichting om zelf op hun vaste plaats aanwezig te
                                zijn, dan wel zich bij de marktmeester aan te melden voor het
                                verkrijgen van een dagplaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> In de gevallen, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, alsmede
                                in die, bedoeld in artikel 21 of in artikel 22, kunnen burgemeester
                                en wethouders de vergunninghouder van een vaste plaats vergunning
                                verlenen zich te laten vervangen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Overige maatregelen van orde.</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 24. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Behoudens het bepaalde in artikel 26, is het verboden zich op
                                marktdagen met een voertuig op het marktterrein te bevinden of een
                                voertuig op het marktterrein aanwezig te hebben.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Niet als voertuig in de zin van deze verordening worden
                                aangemerkt:</al></lid><lid><lidnr/><al>kinderwagens, boodschappenwagentjes en rolstoelen, voor zover deze
                                voldoen aan de daartoe door burgemeester en wethouders gestelde
                                normen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen van het in het eerste lid gestelde
                                verbod ontheffing verlenen onder door hen te stellen
                                voorschriften.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 25. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het is verboden op het marktterrein tijdens de duur van de markt
                                met goederen of waren ten verkoop rond te lopen of te rijden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Van het bepaalde in het eerste lid dan door burgemeester en
                                wethouders ontheffing worden verleend, voor zoveel betreft de
                                verkoop van alcoholvrije dranken en geringe eet- en drinkwaren ten
                                behoeve van de vergunninghouders.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 26. </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het is verboden tijdens de duur van de markt op het marktterrein
                                met gedrukte of geschreven stukken of afbeeldingen te venten of deze
                                te verspreiden, dan wel godsdienstige, politieke of andere
                                propaganda te voeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Onder het voeren van propaganda als in het eerste lid bedoeld,
                                wordt niet verstaan het aanprijzen van koopwaar op de markt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het is verboden op de markt een artikel aan te prijzen als een
                                geneesmiddel, bedoeld in de Wet op de
                                geneesmiddelenvoorziening.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Straf- en slotbepalingen.</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 27.</label></kop><al>Degene die in strijd handelt met het bij of krachtens deze verordening
                            bepaalde of zich aan wangedrag of bedrog op de markt schuldig maakt, het
                            marktpersoneel in de uitoefening van zijn taak belemmert, dan wel direct
                            of indirect de orde op de markt verstoort of in gevaar brengt, dan wel
                            op een hem toegewezen standwerkersplaats niet als standwerker actief is,
                            een en ander ter beoordeling van burgemeester en wethouders, kan,
                            onverminderd het bepaalde in de artikelen 40 en 41, door burgemeester en
                            wethouders gelast worden zich met zijn goederen of waren ogenblikkelijk
                            van de markt te verwijderen, aan welke last onmiddellijk gevolg dient te
                            worden gegeven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 28. </label></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen de vergunning voor een vaste plaats,
                            al dan niet voorwaardelijk, intrekken of de inschrijving op de in
                            artikel 11, lid 1, bedoelde lijst doorhalen, dan wel de
                            standplaatsvergunning telkens voor ten hoogste twee achtereenvolgende
                            marktdagen intrekken, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergunninghouder het bij of krachtens deze verordening
                                    bepaalde overtreedt;</al></li><li nr="b."><al>van de plaats gebruik wordt gemaakt, strijdig met het doel
                                    waarvoor zij is bestemd;</al></li><li nr="c."><al>de vergunninghouder zich schuldig maakt aan wangedrag.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 29. </label></kop><al>Overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 4, 5, 7, 24,
                            25 en 26 van deze verordening wordt gestraft met een geldboete van de
                            tweede categorie of hechtenis van ten hoogste 2 maanden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 30. </label></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Marktverordenîng".
                            Burgemeester en wethouders kunnen nadere bepalingen stellen ter
                            uitwerking dezer verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 31. </label></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste marktdag na haar
                            afkondiging. De Marktverordening der gemeente Wassenaar, vastgesteld bij
                            besluiten van 22 mei en 18 september 1967, wordt ingetrokken.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Wassenaar, 20 maart 1989</al><al>De RAAD voornoemd,</al></slotformulering><ondertekening>de Secretaris, de Voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>