<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.92--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.91--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR11760_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Controleverordening gemeente Wassenaar</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Wassenaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2007-01-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wassenaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Wassenaarder,
                17-01-2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Controleverordening gemeente Wassenaar</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 213</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Besluit accountantscontrole gemeenten</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-05-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 4, lid 3</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>06112</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Reglement auditcommissie Wassenaar</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De datum inwerkingtreding is 01-03-2004 met dien verstande dat de verordening van toepassing is op de accountantscontrole van de jaarrekening (en deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2004 en later.</al><al>De data van inwerkingtreding 01-03-2004 en 01-01-2005 zijn bij benadering.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Controleverordening gemeente Wassenaar</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad der gemeente Wassenaar;</al><al>gelet op artikel 213 Gemeentewet en het Besluit accountantscontrole
                        gemeenten;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 10-02-2004,</al><al>raadsvoorstel no. 04018;</al><al><onderstreept>b e s l u i t</onderstreept>:</al><al>vast te stellen de volgende: </al><al>VERORDENING VOOR DE CONTROLE OP HET FINANCIEEL BEHEER EN OP DE INRICHTING
                        VAN DE FINANCIELE ORGANISATIE VAN DE GEMEENTE WASSENAAR. </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al><cursief>a.</cursief><cursief> accountant</cursief></al><al>een door de raad aangewezen:</al><lijst><li nr="1."><al>registeraccountant of</al></li><li nr="2."><al>accountant-administratieconsulent met een aantekening in het
                                inschrijvingsregister als bedoeld in artikel 36, lid 3, Wet op de
                                Accountant-Administratieconsulenten of</al></li><li nr="3."><al>organisatie waarin voor de accountantscontrole bevoegde accountants
                                samenwerken, belast met de controle van de in artikel 197
                                Gemeentewet bedoelde jaarrekening.</al></li></lijst><al><cursief>b.</cursief><cursief> accountantscontrole</cursief></al><al>de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening
                        uitgevoerd door de door de raad aangewezen accountant van:</al><lijst><li nr="1."><al>het getrouwe beeld van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en
                                lasten en de grootte en samenstelling van het vermogen;</al></li><li nr="2."><al>het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en
                                balansmutaties;</al></li><li nr="3."><al>het in overeenstemming zijn van de door het college opgestelde
                                jaarrekening met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur
                                te stellen regels bedoeld in artikel 186 Gemeentewet;</al></li><li nr="4."><al>de inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie
                                gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige
                                verantwoording mogelijk maken;</al></li><li nr="5."><al>onrechtmatigheden in de jaarrekening; waarbij de nadere regels die
                                bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gesteld op
                                grond van artikel 213, lid 6, Gemeentewet, in acht worden genomen.
                            </al></li></lijst><al><cursief>c.</cursief><cursief> rechtmatigheid in het kader van accountantscontrole</cursief></al><al>het overeenstemming zijn met de begroting en van toepassing zijnde
                        wettelijke regelingen, waaronder gemeentelijke verordeningen.</al><al><cursief>d.</cursief><cursief> deelverantwoording</cursief></al><al>een in opdracht van de raad ten behoeve van de verslaglegging opgestelde
                        verantwoording van een afzonderlijke organisatie-eenheid binnen de
                        gemeentelijke organisatie, welke verantwoording onderdeel uit maakt van de
                        jaarrekening. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdrachtverlening accountantscontrole</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De accountantscontrole van de jaarrekening als bedoeld in artikel
                                213, lid 2, Gemeentewet, wordt opgedragen aan een door de raad aan
                                te wijzen accountant. De aanwijzing van de accountant geschiedt voor
                                een periode van vier jaar.</al></li><li nr="2."><al>Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de
                                accountantscontrole voor.</al></li><li nr="3."><al>De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
                                programma van eisen vast. </al><al>In het programma van eisen worden voor de jaarlijkse
                                accountantscontrole opgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al>toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende
                                        rapporteringtoleranties) bij de controle van de
                                        jaarrekening;</al></li><li nr="b."><al>de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij
                                        toe te passen goedkeuringstoleranties (en
                                        afwijkenderapporteringtoleranties);</al></li><li nr="c."><al>de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;</al></li><li nr="d."><al>de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse
                                        controles;</al></li><li nr="e."><al>de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende
                                        tussentijdse rapportage; </al></li></lijst><al>en voor ieder afzonderlijk te controleren begrotingsjaar:</al><lijst><li nr="f."><al>de posten van de jaarrekening en deelverantwoordingen met
                                        bijbehorende afwijkende rapporteringtoleranties, waaraan de
                                        accountant bij zijn controle specifiek aandacht moet
                                        besteden;</al></li><li nr="g."><al>de gemeentelijke functies en of organisatieonderdelen met
                                        bijbehorende afwijkende rapporteringtoleranties, waaraan de
                                        accountant bij zijn controlespecifiek aandacht
                                        moet besteden.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>In afwijking van lid 3, letters f en g, kan de raad in het programma
                                van eisen opnemen, dat de raad jaarlijks voorafgaand aan de
                                accountantscontrole in overleg met de accountant vaststelt de posten
                                van de jaarrekening, de posten van de deelverantwoordingen, de
                                gemeentelijke functies en de gemeentelijke organisatieonderdelen,
                                waaraan de accountant bij zijn controle specifiek aandacht moet
                                besteden en welke rapporteringtoleranties hij daarbij dient te
                                hanteren.</al></li><li nr="5."><al>In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt
                                de raad voor de selectie van de accountant de selectiecriteria vast
                                en per selectiecriterium de bijbehorende weging vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Informatieverstrekking door college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de
                            jaarrekening conform de geldende interne en externe wet- en regelgeving
                            en overlegt deze aan de accountant voor controle.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor, dat alle aan de jaarrekening ten
                            grondslag liggende verordeningen, nota’s, collegebesluiten,
                            deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten,
                            berekeningen e.d. voor de accountant ter inzage liggen en goed
                            toegankelijk zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de
                            accountant, dat alle hem bekende informatie van belang voor de
                            oordeelsvorming van de accountant is verstrekt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college overlegt de gecontroleerde jaarrekening samen met de
                            accountantsverklaring en het verslag van bevindingen voor uiterlijk 15
                            mei aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor
                            behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van
                            invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door
                            het college aan de raad en de accountant gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inrichting accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                            wijze, waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en
                            de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                            frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de
                            controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole
                            en ten behoeve van de afstemming tussen de verschillende onderzoeken
                            stelt de raad een auditcommissie in.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Toegang tot informatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren
                            en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven,
                            computerbestanden en overige bescheiden waarvan hij inzage voor de
                            accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er zorg voor, dat
                            de accountant voor de uitvoering van zijn controlewerkzaamheden een
                            onbelemmerde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, werkplaatsen,
                            terreinen en informatiedragers van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
                            schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de
                            uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college draagt
                            er zorg voor dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking
                            verlenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat de ambtenaren van de gemeente zijn
                            gehouden de accountant alle informatie te verstrekken, opdat de
                            accountant zich een juist en volledig oordeel kan vormen over de
                            rechtmatige totstandkoming van baten, lasten en balansmutaties en het
                            gevoerde beheer en over de getrouwheid van de daarover verstrekte
                            informatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Overige controles en opdrachten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan de door de raad aangewezen accountant opdracht geven tot
                            het uitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
                            rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid voor zover de
                            onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding komt. Het
                            college informeert de raad vooraf over deze aan de accountant te
                            verstrekken opdrachten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende
                            de specifieke uitkeringen volgens de eisen van rechtmatigheid van de
                            ministeries. Het college is voor de controle van de rechtmatige
                            besteding van specifieke uitkeringen bevoegd de opdracht te verlenen aan
                            een andere dan de door de raad aangewezen accountant, indien dit in het
                            belang van de gemeente is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
                            (Belastingdienst, ABP, Sociale verzekeringsbank, e.d.) en neemt hierbij
                            de gestelde controle-eisen in acht. Indien een deel van deze
                            verantwoording dient te worden uitgevoerd door een accountant, is het
                            college bevoegd hiervoor de opdracht verlenen aan een andere dan de door
                            de raad aangewezen accountant, indien dit in het belang van de gemeente
                            is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Rapportage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert die leiden
                            tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring, meldt hij deze
                            terstond schriftelijk aan de raad en zendt een afschrift hiervan aan het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen
                            brengt de accountant over de door hem uitgevoerde (deel-)controles
                            verslag uit over zijn bevindingen van niet van bestuurlijk belang aan de
                            ambtenaar van wie het geldelijk beheer, de administratie en of de
                            beheersdaden zijn gecontroleerd, het hoofd van de dienst waar de
                            ambtenaar werkzaam is, de controller en het hoofd financiën dan wel
                            andere daarvoor in aanmerking komende ambtenaren. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De concept accountantsverklaring en het concept verslag van bevindingen
                            worden voor verzending aan de raad door de accountant aan het college
                            voorgelegd met de mogelijkheid om op deze stukken te reageren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de
                            jaarstukken het verslag van bevindingen met (een voor dit doel door de
                            raad ingestelde vertegenwoordiging van) de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2004, met dien
                        verstande dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van de
                        jaarrekening (en deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2004 en
                        later.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Controleverordening
                        gemeente Wassenaar”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Wassenaar, 1 maart 2004</al><al>De Raad voornoemd,</al></slotformulering><ondertekening>de Griffier, de Voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting verordening 213 Gemeentewet</titel></kop><tussenkop>Artikel 2 Opdrachtverlening accountantscontrole</tussenkop><al>Na afloop van ieder begrotingsjaar legt het college verantwoording af aan de
                    raad over het gevoerde bestuur door overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag (artikel 197, lid 1, GW). Voor het overleggen van deze stukken aan
                    de raad moeten de jaarrekening door een bevoegd accountant zijn gecontroleerd
                    (artikel 197, lid 2 GW). De accountant controleert de jaarrekening in opdracht
                    van de raad. Het is dan ook de raad, die de accountant aanwijst (artikel 213,
                    lid 2 GW). In Wassenaar is gekozen voor het aanwijzen van een (externe)
                    accountant, omdat gezien de schaalgrootte van de gemeente, van het benoemen van
                    een (interne) accountant geen sprake is. </al><al>Een bevoegd accountant voor de controle van de gemeentelijke jaarrekening is een
                    registeraccountant, een accountant-administratieconsulent met een aantekening in
                    het inschrijvingsregister als bedoeld in artikel 36, lid 3 Wet op de
                    Accountant-Administratieconsulenten of een organisatie waarin voor de
                    accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken. </al><al>Artikel 2 van de verordening regelt de opdrachtverlening van de
                    accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening. Het eerste lid legt de
                    periode van de verbintenis met de accountant voor de controle van de
                    jaarrekening vast. Het tweede lid regelt, dat het college verantwoordelijk is
                    voor de uitvoering van de aanbesteding van de accountantscontrole van de
                    jaarrekening. De periode van de verbintenis met de accountant uit het eerste lid
                    impliceert niet, dat daarna van accountant wordt gewisseld. De accountant maakt
                    bij de nieuwe aanbesteding wederom kans op de opdracht. Een raad die per periode
                    wil wisselen van controlerend accountant, zal hierbij met de aanbesteding
                    rekening moeten houden, door de controlerend accountant van de afgelopen periode
                    uit te sluiten.</al><al>Voor de accountantscontrole geldt het “Besluit accountantscontrole gemeenten”
                    dat krachtens artikel 213, lid 6 GW door de minister is vastgesteld. Het
                    “Besluit accountantscontrole gemeenten” bevat onder andere regels voor de
                    goedkeuringstoleranties voor de accountantsverklaring en de
                    rapporteringtoleranties voor het verslag van bevindingen.</al><al>Een goedkeuringstolerantie is een tolerantie voor fouten in de jaarrekening of
                    onzekerheden in de controle in de vorm van een percentage van de totale lasten
                    van de gemeente (de omvangsbasis). De goedkeuringstoleranties worden door de
                    accountant gehanteerd ten behoeve van zijn oordeelsvorming over de jaarrekening.
                    In het Besluit accountantcontrole worden maximale percentages voor de
                    goedkeuringstoleranties gegeven (1% voor fouten in posten van de jaarrekening en
                    eventuele door de raad aan te wijzen deelverantwoordingen en 3% voor
                    onzekerheden in de controle). De goedkeuringstoleranties kunnen door de raad
                    lager worden vastgesteld.</al><al>Een rapporteringtolerantie is het bedrag dat voortvloeit uit een
                    goedkeuringstolerantie en dient als tolerantie voor rapportage in het verslag
                    van bevindingen. Rapporteringtoleranties kunnen door de raad lager worden
                    gesteld dan de uit de goedkeuringstoleranties voortvloeiende bedragen.</al><al>De accountantscontrole richt zich op de jaarrekening. Hiervoor moet de raad bij
                    de aanbesteding van de accountantscontrole de te hanteren
                    goedkeuringstoleranties (en eventueel hiervan afwijkende
                    rapporteringtoleranties) opgeven, indien de raad deze lager dan de wettelijke
                    maxima wenst vast te stellen. Daarnaast kan de raad als extra eis aangeven, dat
                    er een accountantscontrole op (bepaalde) deelverantwoordingen van de gemeente
                    plaatsvindt. Hiervoor kunnen door de raad dan eveneens afwijkende
                    goedkeuringstoleranties (en eventueel hiervan afwijkende
                    rapporteringtoleranties) worden aangegeven.</al><al>De raad kan ook posten van de jaarrekening of posten van een deelverantwoording
                    aanwijzen, waaraan de accountant bij zijn controle specifiek aandacht moet
                    besteden en waarvoor afwijkende lagere rapporteringtoleranties gelden. In plaats
                    van posten van de jaarrekening of posten van een deelverantwoording kan de raad
                    ook gemeentelijke functies of gemeentelijke organisatieonderdelen aanwijzen
                    waarvoor lagere rapporteringtoleranties gelden. We kunnen bijvoorbeeld denken
                    aan lagere rapporteringtoleranties voor de subsidieverstrekking of voor het
                    organisatieonderdeel gemeentelijke belastingen.</al><al>Voor de gehele jaarrekening, maar ook voor delen ervan, kunnen de
                    goedkeuringstoleranties dus lager worden gesteld. De rapporteringtoleranties
                    zijn in eerste instantie de bedragen die volgen uit de percentages van de
                    goedkeuringstolerantie. Voor de rapportage in het verslag van bevindingen aan de
                    raad kan de raad de rapporteringtoleranties (op onderdelen van de gemeentelijk)
                    lager vaststellen.</al><al>De goedkeuringstoleranties en rapporteringtoleranties kunnen jaar op jaar door
                    de raad worden aangepast. Het is dus nodig, dat de raad bij de aanbesteding van
                    de accountantscontrole voor de goedkeuringstoleranties en
                    rapporteringtoleranties opgeeft. Het ieder jaar aanpassen van deze
                    goedkeuringstoleranties en rapporteringtoleranties is niet gewenst. Mocht een
                    raad gedurende de contractperiode toch de voornoemde toleranties willen
                    aanpassen, dan kan hij altijd nog een wijziging op het contract met de
                    accountant afspreken. Wel is het voor te stellen dat de raad wil, dat de
                    accountant ieder jaar zijn specifieke aandacht richt op een ander
                    organisatieonderdeel en dat daarbij voor ieder organisatieonderdeel andere
                    rapporteringtoleranties geëigend zijn.</al><al>In het derde lid van artikel 2 zijn de in bovenstaande alinea’s behandelde zaken
                    items. Ze moeten al bij de aanbesteding van de accountantscontrole worden
                    bepaald en zodoende worden opgenomen in het programma van eisen. Natuurlijk zal
                    een aanscherping van de eisen door de raad leiden tot een hogere prijsstelling
                    door de accountant(s). Daarnaast zijn onder dit lid aanvullende zaken opgenomen
                    over eisen die de raad kan stellen aan de werkzaamheden van de accountant, zoals
                    aanvullende inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen en aanvullende
                    extra rapportages en controles.</al><al>Mogelijk zal de raad de posten van de jaarrekening, de posten van
                    deelverantwoordingen, gemeentelijke functies en gemeentelijke
                    organisatieonderdelen jaar op jaar willen vaststellen. Dit daar men dan rekening
                    kan houden met gewijzigde politieke omstandigheden. Hierin voorziet het vierde
                    lid van artikel 2. Wel is het raadzaam, dat de gemeente hierover bepalingen in
                    het programma van eisen bij de aanbesteding en opdrachtverlening opneemt.</al><al>Bij grotere gemeenten zal het bedrag dat is gemoeid met de accountantscontrole
                    van de jaarrekening zo hoog zijn, dat de accountantscontrole Europees moet
                    worden aanbesteed. Bij Europese aanbesteding zijn het de selectiecriteria en
                    bijbehorende wegingsfactoren, die uiteindelijk de selectie van de accountant
                    voor de controle van jaarrekening bepalen. De raadis het
                    bestuursorgaan, dat de accountant aanwijst en moet dus de selectiecriteria en
                    bijbehorende wegingsfactoren vaststellen.Dit wordt geregeld in het
                    vijfde lid van artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 3 Informatieverstrekking door college</tussenkop><al>In de nieuwe gedualiseerde verhoudingen is het college verantwoordelijk voor de
                    samenstelling van de jaarrekening en het jaarverslag. Ten opzichte van de raad
                    is het college ook verantwoordelijk voor de samenstelling van eventuele door de
                    raad geëiste deelverantwoordingen. Artikel 3 van de verordening regelt de
                    verplichtingen van het college voor de verstrekking van de achterliggende
                    informatie aan de accountant.</al><al>Voor de controle van de jaarrekening doet de accountant onderzoek naar de
                    achterliggende bescheiden. Het tweede lid draagt aan het college op deze
                    achterliggende bescheiden goed toegankelijk ter inzage aan de accountant
                    beschikbaar te stellen. </al><al>Het derde lid verplicht het college een verklaring af te geven aan de
                    accountant, waarin het college verklaart geen informatie die van belang is voor
                    de beoordeling van de jaarrekening, te hebben achtergehouden. De verklaring
                    wordt ook wel een LOR (Letter of Representation) genoemd. Hoewel het een
                    algemeen gebruik is, is het geen wettelijke verplichting, dat het college een
                    dergelijke verklaring verstrekt. </al><al>In het vierde lid wordt een uiterlijke datum aan het college gesteld voor de
                    overlegging van de gecontroleerde jaarrekening aan de raad. De jaarrekening moet
                    namelijk binnen twee weken na vaststelling, maar in elk geval voor 15 juli
                    worden toegezonden aan gedeputeerde staten (artikel 200 GW). Voor deze datum, 1
                    juli, moet de jaarrekening door de raad zijn behandelt en moet een eventuele
                    erop volgende indemniteitsprocedure (artikel 198 GW) zijn doorlopen en de
                    jaarrekening wel of niet zijn vastgesteld. </al><al>De accountant verzendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen
                    rechtstreeks aan de raad. Artikel 197, lid 2 GW bepaalt echter, dat het college
                    bij de overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag aan de raad daarbij
                    moet toevoegen de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen. De wet
                    schrijft hier een facilitaire dienst aan het college voor. </al><al>Het vijfde lid van het artikel gebiedt het college alle informatie die van
                    invloed is op het beeld van de jaarrekening en pas na de afgifte van de
                    accountantsverklaring, maar voor de vaststelling van de jaarrekening door de
                    raad aan het college bekend is geworden, terstond te melden aan de raad en de
                    accountant. Het sluit verrassingen tijdens de raadsbehandeling uit.</al><tussenkop>Artikel 4 Uitvoering controle</tussenkop><al>Artikel 4van de verordening regelt de bevoegdheidsverdeling tussen de
                    accountant en het college ten aanzien van de inrichting van de
                    accountantscontrole. De accountant is leidend ten aanzien van de inrichting van
                    de accountantscontrole. Hij mag zelfs onaangekondigd controles uitvoeren. Het
                    college is hierin volgend. Wel moet er ter bevordering van een soepele
                    accountantscontrole periodiek overleg worden gevoerd tussen de accountant en de
                    verschillende vertegenwoordigers van de gemeente. Ook is uitwisseling van
                    informatie gewenst over specifieke aandachtsgebieden bij de accountantscontrole. </al><tussenkop>Artikel 5 Toegang tot informatie</tussenkop><al>In het vorige artikel hebben we gezien, dat de accountant leidend is voor wat
                    betreft de inrichting van de accountantscontrole. Om een goede controle uit te
                    voeren moet hij echter ook onbelemmerd onderzoek kunnen doen. Artikel 5 van de
                    verordening kent de bevoegdheid om onbelemmerd onderzoek te doen toe aan de
                    accountant. Dit natuurlijk met in achtneming van de afspraken met de raad, zoals
                    neergelegd in het programma van eisen bij de aanbesteding. Het artikel legt aan
                    het college de zorgplicht op om er voor te zorgen, dat de accountant een
                    onbelemmerde toegang heeft tot alle burelen van de gemeente en de ambtenaren van
                    de gemeente volledig meewerken aan de accountantscontrole.</al><tussenkop>Artikel 6 Overige controles en opdrachten </tussenkop><al>Naast de controle van de jaarrekening zijn er meer werkzaamheden binnen de
                    gemeente die de inzet van een accountant (kunnen) vereisen. Zo eisen ministeries
                    voor de verantwoording over de uitvoering van de medebewindstaken door gemeenten
                    (specifieke uitkeringen) vaak een aparte accountantsverklaring. De aanwijzing
                    van de accountant voor onder andere dit soort accountantscontroles is een
                    bevoegdheid van het college. Ook kan het college besluiten om
                    advieswerkzaamheden over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de
                    doeltreffendheid uit te besteden aan een accountant. </al><al>Het eerste lid van artikel 6 van de verordening regelt, hoe het college moet
                    omgaan met de uitbesteding van “advieswerkzaamheden” zoals de verbetering van de
                    administratieve organisatie, aan de door de raad aangewezen accountant. Door
                    deze werkzaamheden te gunnen aan de door de raad aangewezen accountant kan de
                    onafhankelijkheid en daarmee de integriteit van de accountant ten aanzien van
                    zijn controlewerkzaamheden voor de raad in het geding komen. Op de loer liggende
                    belangenverstrengeling tussen college en accountant kan mogelijk een weerslag
                    hebben op de kwaliteit van de controle van de jaarrekening. Hetzelfde geldt voor
                    die gevallen, waarbij de accountant bij de accountantscontrole zijn eigen werk
                    moet controleren. Het lid bepaalt, dat het college voor werkzaamheden op het
                    gebied van de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van
                    onderdelen van de gemeente de door de raad aangewezen accountant kan
                    inschakelen. Indien het college dit voornemen heeft, dient hij de raad hier
                    vooraf over te informeren. Dit biedt de raad de mogelijkheid om over de
                    desbetreffende uitbesteding van werkzaamheden zijn oordeel te vormen en zijn
                    bedenkingen aan het college kenbaar te maken.</al><al>Het tweede en het derde lid regelen, dat het college voor de overige
                    controlewerkzaamheden in het algemeen de door de raad aangewezen accountant
                    inschakelt. Het college mag hiervan afwijken, indien dit in het belang van de
                    gemeente is. De accountant die de jaarrekening controleert, is vaak beter bekend
                    met de gemeentelijke administraties. Daarbij kunnen controles van de
                    jaarrekening en controles van medebewindstaken tegelijkertijd door één
                    accountant worden uitgevoerd (single audit). Dit levert een aanzienlijke
                    besparing op. In bepaalde gevallen is inschakeling van een andere accountant
                    raadzaam en soms zelfs onoverkomelijk. De reden hiervoor kan van prijstechnische
                    aard zijn, maar ook van bijvoorbeeld organisatorische aard (zo kunnen de
                    controlewerkzaamheden gemeenschappelijke activiteiten met een andere gemeente
                    betreffen en de accountantscontrole hiervan door de accountant van de andere
                    gemeente worden uitgevoerd). De verordening regelt dat het college in deze
                    gevallen vrij is in de keuze van de accountant.</al><tussenkop>Artikel 7 Rapportage </tussenkop><al>Het derde en vierde lid van artikel 213 GW regelt de rapportage en de inhoud
                    daarvan van de accountant aan de raad en het college. Aanvullend daarop kan de
                    raad in zijn programma van eisen bij de aanbesteding aanvullende inhoudelijke
                    eisen stellen, maar ook aanvullende rapportages van de accountant (artikel 2,
                    lid 3, letters c &amp; e van deze verordening). Artikel 7 regelt aanvullende
                    zaken aangaande de rapportage op grond van de door de accountant uitgevoerde
                    controles. Zaken die dan natuurlijk wel in het programma van eisen bij de
                    aanbesteding moeten worden geregeld. </al><al>Naast de uiteindelijke eindcontrole van de jaarrekening verricht de accountant
                    meestal meerdere controles. Dit kunnen door de raad in het programma van eisen
                    van de aanbesteding geëiste tussentijdse controles (interim-controles) zijn. Het
                    eerste lid van artikel 7 regelt, dat het college in elk geval bij geconstateerde
                    afwijkingen door de accountant die leiden tot het niet afgeven van een
                    goedkeurende verklaring bij de jaarrekening, een afschrift krijgt van de
                    schriftelijke mededeling hierover aan de raad. Dit opdat het college (in overleg
                    met de raad en de accountant) mogelijk nog tijdig maatregelen tot herstel kan
                    treffen. </al><al>Het tweede lid van artikel 7 regelt, dat het management een rapportage krijgt
                    van de door de accountant uitgevoerde (deel-)controles. In deze rapportage
                    worden kleine afwijkingen en tekortkomingen die niet leiden tot het niet afgeven
                    van een goedkeurende verklaring en niet van bestuurlijk belang zijn, aan het
                    management meegedeeld. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld opmerkingen over
                    (kleine) rubriceringfouten en (kleine) onvolkomenheden in de administratieve
                    organisatie, welke eenvoudig in onderling overleg met het management van de
                    gemeente kunnen worden opgelost. Het management kan op grond van de rapportage
                    actie ondernemen voor herstel van de afwijkingen en onvolkomenheden.</al><al>Voorts is in het artikel een lid opgenomen voor de procedure van hoor en
                    wederhoor. De constateringen in het verslag van bevindingen worden voorafgaand
                    aan verzending van de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan
                    de raad door de accountant besproken met het college. Het geeft het college de
                    mogelijkheid kanttekeningen te plaatsen bij de constateringen in het
                    (concept-)verslag van bevindingen.</al><al>Tot slot in het vierde lid van dit artikel opgenomen, dat de accountant zijn
                    verslag van bevindingen aan de raad mondeling toelicht. </al><tussenkop>Artikel 8 Inwerkingtreding </tussenkop><al>Deze verordening treedt in de plaats van de vorige op grond van artikel 213 GW
                    (oud) opgestelde verordening. De wetgever heeft bepaald dat het nieuwe artikel
                    213 GW bij alle gemeenten op het verslagjaar 2004 van toepassing is. De oude
                    verordening blijft dus nog van kracht op de jaarrekening van 2003. De nieuwe
                    verordening 213 GW moet binnen twee weken na vaststelling door het college naar
                    gedeputeerde staten worden verzonden (artikel 214 GW). </al><tussenkop>Artikel 9 Citeertitel </tussenkop><al>In dit artikel wordt de naam gegeven waarmee in gemeentelijke stukken naar deze
                    verordening kan worden verwezen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>