<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR114451_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening gemeente Haren 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Haren</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-10-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haren</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Harener Weekblad, 31-03-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Parkeerverordening gemeente Haren 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wegenverkeerswet 1994, 2a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-03-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-04-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-07-06</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>7323</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Nadere regels uitgifte vergunningen voor parkeren op parkeerapparatuurplaatsen en/of belanghebbendenplaatsen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening treedt in de plaats van de Parkeerverordening gemeente Haren 2000.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Parkeerverordening gemeente Haren 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>DE RAAD VAN DE GEMEENTE HAREN,</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 15
                        februari 2011;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 2a van de
                        Wegenverkeerswet 1994;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de Parkeerverordening gemeente Haren 2011.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I</nr><titel>DEFINITIES EN BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel/></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1"/><colspec colname="col2"/><colspec colname="col3"/><colspec colname="col4"/><tbody><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>RVV 1990</al></entry><entry><al>:</al></entry><entry><al>het Reglement verkeersregels en
                                                verkeerstekens1990;</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>motorvoertuigen</al></entry><entry><al>:</al></entry><entry><al>hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met
                                                inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel
                                                1 onder ia van het RVV 1990;</al></entry></row><row><entry><al>c. </al></entry><entry><al>parkeren</al></entry><entry><al>:</al></entry><entry><al>het gedurende een aaneengesloten periode doen of
                                                laten staan van een motorvoertuig, anders dan
                                                gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt
                                                wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van
                                                personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen
                                                van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het
                                                openbaar verkeer openstaande terreinen of
                                                weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet
                                                ingevolge een wettelijk voorschrift is
                                                verboden;</al></entry></row><row><entry><al>d. </al></entry><entry><al>houder</al></entry><entry><al>:</al></entry><entry><al>degene op wiens naam het voor het motorrijtuig
                                                opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was
                                                ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet
                                                1994 aangehouden register van opgegeven
                                                kentekens;</al></entry></row><row><entry><al>e. </al></entry><entry><al>parkeerapparatuur</al></entry><entry><al>:</al></entry><entry><al>parkeermeters, parkeerautomaten met inbegrip van
                                                verzamelparkeermeters en hetgeen naar
                                                maatschappelijke opvatting overigens onder
                                                parkeerapparatuur wordt verstaan;</al></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>parkeerapparatuurplaats</al></entry><entry><al>:</al></entry><entry><al>een parkeerplaats waarvoor parkeerbelasting wordt
                                                geheven door middel van parkeerapparatuur;</al></entry></row><row><entry><al>g. </al></entry><entry><al> belanghebbendenplaats</al></entry><entry><al>: </al></entry><entry><al>een parkeerplaats die:</al></entry></row><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>is aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV
                                                1990, of </al></entry></row><row><entry><al>b. </al></entry><entry><al>gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit
                                                bijlage 1 van het RVV 1990 met het opschrift zone,
                                                voor zover deze plaats niet is uitgezonderd;</al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al> vergunning</al></entry><entry><al>: </al></entry><entry><al>een door het college verleende vergunning, krachtens
                                                welke het is toegestaan een motorvoertuig te
                                                parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- of
                                                belanghebbendenplaatsen;</al></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>vergunninghouder</al></entry><entry><al/></entry><entry><al>de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie een
                                                vergunning is verleend.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>PLAATSEN VOOR VERGUNNINGHOUDERS, VERGUNNINGEN EN
                            VERGUNNINGBEWIJZEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, weggedeelten
                                aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door vergunninghouders.
                                Het college kan hierbij onderscheid maken in de categorieën als
                                bedoeld in artikel 3, derde lid.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, de tijdstippen
                                vaststellen waarop het parkeren alleen aan vergunninghouders is
                                toegestaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college kan op een daartoe strekkende aanvraag een vergunning
                                verlenen voor het parkeren op belanghebbendenplaatsen of
                                parkeerapparatuurplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan regels stellen voor het aanvragen en verlenen van
                                een vergunning.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college kan in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of
                                mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen
                                aanwezig zijn uitsluitend de volgende soorten vergunningen
                                verlenen:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1"/><colspec colname="col2"/><tbody><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>parkeervergunning voor de bewoner in dat
                                                  gebied;</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>parkeervergunning voor degene die in de fiscale
                                                  zone in dat gebied een beroep uitoefent;</al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>parkeervergunning voor degene die in de zone
                                                  voor vergunninghouders zijn bedrijf heeft
                                                  gevestigd;</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>bezoekersvergunning voor de bewoner of bedrijf
                                                  in de zone ‘parkeren voor vergunninghouders’ in
                                                  dat gebied, ten behoeve van zijn bezoek.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Beroepen en bedrijven worden beschouwd als één bedrijf en als één
                                beroep indien de vestigingsadressen dezelfde zijn of het een
                                aaneengesloten bebouwing betreft, dan wel sprake is van een
                                juridische constructie waaruit moet worden geconcludeerd dat het één
                                beroep of bedrijf betreft.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Het college kan in bijzondere gevallen een vergunning ook verlenen
                                aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig die niet voldoet
                                aan één van de in het derde lid genoemde vereisten.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, een maximum aantal
                                uit te geven vergunningen per aaneengesloten gebied en per categorie
                                vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al>Het college kan aan een vergunning voorschriften en beperkingen
                                verbinden die strekken tot bescherming van het belang van een goede
                                verdeling van de beschikbare parkeerruimte.</al></lid><lid><lidnr>8</lidnr><al>Met betrekking tot het bepaalde in lid 3 kan het college in het
                                belang van een goede verdeling van de beschikbare ruimte per gebied
                                waar parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn nadere regels stellen
                                ten aanzien van:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1"/><colspec colname="col2"/><tbody><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>het verstrekken van de soort vergunning;</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>het aantal te verlenen vergunningen.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></lid><lid><lidnr>9</lidnr><al>Het college kan ten gunste van de aanvrager het bij of krachtens
                                deze verordening bepaalde buiten toepassing laten of daarvan
                                afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang dat deze
                                regeling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van
                                overwegende aard.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college beslist binnen vier weken na ontvangst van een aanvraag
                                voor een vergunning.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan de in het eerste lid genoemde termijn met ten
                                hoogste vier weken verlengen. Van een verlenging van deze termijn
                                wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Een vergunning als bedoeld in artikel 3, lid 3 onder a en b wordt
                                voor ten hoogste een jaar verleend.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De vergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="b."><al>het gebied waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="c."><al>de naam van de vergunninghouder of het kenteken van het
                                        motorvoertuig waarvoor de vergunning is verleend.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel/></kop><al>Het college kan een vergunning intrekken of wijzigen:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1"/><colspec colname="col2"/><tbody><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>op verzoek van de vergunninghouder;</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>wanneer de vergunninghouder niet meer woonachtig is
                                                of geen beroep of bedrijf meer uitoefent in het
                                                gebied, waarvoor de vergunning is verleend;</al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de
                                                omstandigheden die relevant waren voor het verlenen
                                                van de vergunning;</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van
                                                vergunningen komt te vervallen;</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan
                                                zijn betalingsverplichting voor zijn vergunning
                                                heeft voldaan;</al></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de
                                                aan de vergunning verbonden voorschriften;</al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al>wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning
                                                onjuiste gegevens zijn verstrekt;</al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>VERBODSBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
                                belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan
                                aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden:</al><lijst><li nr="a."><al>zonder vergunning;</al></li><li nr="b."><al>zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien
                                        van de voor dat motorvoertuig afgegeven vergunning;</al></li><li nr="c."><al>in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.
                                    </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
                                lid van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel/></kop><al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere
                            middelen, dan wel met andere munten dan die welke in de kennisgeving op
                            de parkeerapparatuur staan aangegeven in werking te stellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig, te
                                plaatsen of te laten staan:</al><lijst><li nr="a."><al>op een parkeerapparatuurplaats;</al></li><li nr="b."><al>op een belanghebbendenplaats. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                                zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te
                                laten staan, dat daardoor een normaal gebruik daarvan wordt
                                belemmerd of verhinderd.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
                                lid van dit artikel.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>STRAFBEPALING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel/></kop><al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze verordening wordt
                            gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de
                            eerste categorie.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel/></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de door het college aangewezen personen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel/></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Parkeerverordening gemeente Haren
                            2011.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na die waarop
                                zij bekend is gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Bij inwerkingtreding van deze verordening vervalt de
                                Parkeerverordening gemeente Haren 2000.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Vergunningen die zijn verleend krachtens de Parkeerverordening
                                gemeente Haren 2000 worden geacht te zijn verleend krachtens deze
                                verordening.</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Haren, 28 maart 2011</ondertekening><ondertekening>de raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening>P.A. Lambeck MSc, griffier mr. M. Boumans MPM, voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Parkeerkaart Haren centrum</label><nr>1</nr><titel/></kop><al><plaatje><illustratie id="i06d8299f-0590-4258-865f-9e38584fcb24" naam="i64625i06d8299f-0590-4258-865f-9e38584fcb24.jpg" breedte="7cm" schaal="1" uitlijning="start" kleur="ja" type="foto" alt="550px" hoogte="6.44cm"/></plaatje></al></bijlage></regeling></body></cvdr>