<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR112257_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening bestrijding misbruik en oneigenlijk gebruik</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Schiedam</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Schiedam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Handhavingsverordening gemeente Schiedam</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 8a van de Wet werk en bijstand</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en inkomen kunstenaars</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 12, eerste lid onder c van de Wet investeren in jongeren</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>VR 100/2009</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>regels voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van uitkeringsgelden, alsmede van misbruik en oneigenlijk gebruik van de in deze verordening genoemde wetten</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de verordening Handhaving Wet werk en bijstand Nieuwe Waterweg Noord 2004.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening bestrijding misbruik en oneigenlijk gebruik</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>- Begrippen</titel></kop><al>1.In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>Wet: Wet werk en bijstand (WWB).</al></li><li nr="b."><al>In deze verordening wordt onder WWB mede verstaan: de Wet
                                inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
                                werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), de Wet investeren
                                in jongeren (WIJ) en de Wet werk en inkomen kunstenaars (WWIK);</al></li><li nr="c."><al>handhaven: bewerkstelligen dat de wet wordt nageleefd;</al></li><li nr="d."><al>misbruik: het verwijtbaar ontvangen van een uitkering in strijd met
                                de wettelijke voorschriften.</al></li><li nr="e."><al>oneigenlijk gebruik: het ontvangen van een uitkering volgens de
                                regels van de wet, maar in strijd met of buiten de bedoeling die bij
                                de totstandkoming van die wet heeft bestaan.</al></li><li nr="f."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Schiedam.</al></li><li nr="g."><al>raad: de gemeenteraad van de gemeente Schiedam.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>- Kadernota handhaving</titel></kop><al>De raad stelt een kadernota handhaving vast over de over gemeentelijke visie
                        op handhaving, bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van de
                        WWB.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>- Uitvoeringsplan handhaving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt ter nadere uitvoering van de kadernota handhaving
                            tweejaarlijks een uitvoeringsplan voor handhaving vast, waarin de
                            doelstellingen, inclusief de te behalen resultaten, alsmede de
                            activiteiten die nodig zijn om deze doelstellingen te kunnen realiseren
                            worden aangegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het uitvoeringsplan voor de nieuwe periode van twee jaar wordt in het
                            jaar daaraan voorafgaand vastgesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>- Beeld van de uitvoering handhaving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college zendt eenmaal per jaar aan de raad een verslag over de
                            financiële- en rechtmatigheids verantwoording. Dit verslag wordt
                            vormgegeven conform het verslag als bedoeld in artikel 77 van de WWB.
                        </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een maal per twee jaar vindt een evaluatie van de doelmatigheid van het
                            beleid plaats in het uitvoeringsplan handhaving zoals bedoeld in artikel
                            3 van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>- De inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2010 onder
                        gelijktijdige intrekking van de Verordening Handhaving Wet werk en bijstand
                        Nieuwe Waterweg Noord 2004.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>- Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: de Verordening Handhaving gemeente
                        Schiedam.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Schiedam in zijn openbare
                        vergadering van 17 december 2009.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, J. Gordijn</ondertekening><ondertekening>de voorzitter, W.M. Verver-Aartsen</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting Verordening Handhaving gemeente Schiedam.</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>De verplichting om in het kader van het financiële beheer bij verordening regels
                    op te stellen voor de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik is in de
                    WWB en in de WIJ opgenomen.</al><al>Afgezien van de korte bepaling van artikel 8a van de WWB en artikel 12, eerste
                    lid onder c van de WIJ, zijn er geen nadere aanduidingen over wat nu precies in
                    de verordening moet worden geregeld. Ook de toelichtingen bieden geen nadere
                    informatie of aanwijzingen. Wel biedt het proces van hoogwaardig handhaven
                    nadere kaders voor handhavingsbeleid. Hoogwaardig handhaven is een onderdeel van
                    het door het college tweejaarlijks vast te stellen handhavingsplan.</al><al>In deze verordening is geregeld dat de raad een kadernota vaststelt met een
                    gemeentelijke visie op handhaving. Deze kadernota kan voor meerdere jaren worden
                    vastgesteld. Na afloop van deze periode wordt dan een nieuwe kadernota
                    vastgesteld. Met inachtneming van de visie van de raad stelt het college het
                    eerder genoemde tweejaarlijks plan voor de uitvoering van de handhaving
                    vast.</al><al>Onder voorbehoud van goedkeuring door het parlement worden met ingang van 1
                    januari 2010 de gemeentelijke middelen voor de IOAW, de IOAZ, het Besluit
                    bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) voor zover betrekking hebbend op
                    algemene bijstand aan startende ondernemers en de Wet werk en inkomen
                    kunstenaars (WWIK) gebundeld met het WWB-inkomensdeel. Met de invoering van deze
                    gebundelde specifieke uitkering krijgen gemeenten één budget voor de bekostiging
                    van uitkeringen op grond van de WWB, de IOAW, de IOAZ, het Bbz 2004 en de WWIK.
                    Overigens wordt de WWIK voor Schiedam uitgevoerd door de gemeente Rotterdam als
                    één van de 20 centrumgemeenten die het land kent.</al><al>Als gevolg van het wetsvoorstel worden de genoemde uitkeringen niet alleen
                    gebundeld, maar wordt ook de financieringssystematiek van de IOAW, de IOAZ, het
                    Bbz 2004 en de WWIK gewijzigd van een gecombineerd budget- en declaratiesysteem
                    in een systeem van volledige budgetfinanciering.</al><al>Met deze wijziging wordt in de IOAW, IOAZ en WWIK de verplichting opgenomen voor
                    de gemeenteraad om bij verordening regels te stellen met betrekking tot de
                    maatregelen en voor de bestrijding van fraude. Dit laatste betreft dan de
                    handhavingsverordening. Nu zijn de IOAW, IOAZ en WWIK reeds als
                    aandachtsgebieden voor de handhaving in deze verordening opgenomen. Dit is met
                    de vaststelling staand beleid. Het al of niet doorgaan van de bundeling van de
                    specifieke uitkeringen van de genoemde wetten heeft dan geen gevolgen voor de
                    inhoud van deze verordening. </al><tussenkop>Artikelsgewijs </tussenkop><tussenkop>Artikel 1 – Begrippen</tussenkop><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden
                    omschreven, hebben dezelfde omschrijving als in de Wet werk en bijstand (WWB) en
                    de Algemene wet bestuursrecht (Awb).</al><tussenkop>Artikel 2 - Kadernota handhaving</tussenkop><al>Hoewel de wettelijke bepaling vooral gericht lijkt te zijn op fraudebestrijding,
                    is in deze verordening toch gekozen voor het ruimere begrip handhaving.
                    Fraudebestrijding roept het beeld op van repressie en genoegdoening, terwijl
                    handhaving meer uitgaat van het bevorderen van de spontane naleving van wet- en
                    regelgeving. Naast repressie is in deze optiek preventie onontbeerlijk. Het is
                    immers altijd nog beter om fraude te voorkomen. Deze visie is tevens terug te
                    vinden in de uitgangspunten die zijn geformuleerd in het kader van hoogwaardig
                    handhaven en zijn ook vertaald in de tot heden verschenen uitvoeringsplannen
                    handhaving.</al><tussenkop>Artikel - 3 Uitvoeringsplan handhaving</tussenkop><al>In dit artikel is opgenomen dat het college tweejaarlijks een uitvoeringsplan
                    voor handhaving vaststelt, gebaseerd op de visie van de raad over handhaving. In
                    het plan worden de resultaten van de voorafgaande planperiode geëvalueerd. Deze
                    evaluatie levert dan weer een basis op voor het benoemen van doestellingen (met
                    te behalen resultaten), als ook de activiteiten die nodig zijn om de
                    doelstellingen te kunnen realiseren. Hierbij kan worden gedacht aan: </al><lijst><li nr="·"><al>activiteiten fraudepreventie;</al></li><li nr="·"><al>activiteiten frauderepressie;</al></li><li nr="·"><al>activiteiten terugvordering;</al></li><li nr="·"><al>activiteiten ter verbetering van de uitvoeringsorganisatie;</al></li><li nr="·"><al>prioriteiten ten aanzien van de hiervoor genoemde activiteiten.</al></li></lijst><al>Met deze inrichting van het uitvoeringsplan is er sprake van een cyclus: plan,
                    uitvoering, meten resultaten en evalueren.</al><tussenkop>Artikel 4 - Beeld van de uitvoering
                    handhaving</tussenkop><al>Dit artikel biedt de basis voor de verantwoording van het beleid. De WWB geeft
                    aan dat het college elk jaar een voorlopig en definitief beeld van de uitvoering
                    aan het ministerie verstrekt. Dit gebeurt als volgt:</al><al>Afdeling Werk en Inkomen legt jaarlijks vóór 1 maart verantwoording af in een
                    digitaal systeem. Vervolgens worden de inkomsten en uitgaven en de
                    rechtmatigheid van afdeling Werk en Inkomen in onderdelen verantwoord binnen de
                    hele gemeentelijk jaarrekening. Dit dient jaarlijks vóór 15 juli te worden
                    aangeleverd. Deze aanlevering bestaat uit het jaarverslag met Sisa bijlage en de
                    jaarrekening.</al><tussenkop>Artikel 5 – Inwerkingtreding</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><tussenkop>Artikel 6 – Citeerartikel</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>