<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR112165_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels inzake de Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast gemeente Steenbergen 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Steenbergen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-26</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Steenbergen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">website</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels inzake de Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast gemeente Steenbergen 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=172a">gemeentewet, art. 172a </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">Gemeentewet, art. 172b </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">burgemeester</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-05-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-06-19</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B1100824</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels inzake de Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast gemeente Steenbergen 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De burgemeester van Steenbergen;</al><al>Gelet op de artikelen <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> van de Gemeentewet;</al><al>Gelet op het advies van de Districtelijke Driehoek van het District Bergen
                        op Zoom d.d. 9 februari 2011;</al><al>Overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>De burgemeester verantwoordelijk is voor de openbare orde en
                                veiligheid in de gemeente;</al></li><li nr="-"><al>Het gewenst is nader te bepalen op welke wijze en in welke situaties
                                toepassing wordt gegeven aan de artikelen <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">172</extref>a en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> van de Gemeentewet;</al></li></lijst><al>Besluit:</al><al>vast te stellen de navolgende Beleidsregels inzake de Wet maatregelen
                        bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast gemeente Steenbergen
                        2011.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>1. Inleiding:</titel></kop><structuurtekst><al>De nieuwe bevoegdheden kunnen worden ingezet bij diverse vormen van
                            groepsgerelateerde en individuele herhaaldelijke overlast. Hieronder
                            worden de meest relevante vormen benoemd. Deze opsomming is bedoeld om
                            een beeld te schetsen van de diverse vormen waarin overlast zich kan
                            manifesteren, niet om harde grenzen te bepalen. De beleidsregels zijn
                            niet specifiek bedoeld voor voetbalvandalisme, maar voor ernstige
                            overlast in het algemeen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>2. Van toepassing op:</titel></kop><afdeling><kop><titel>Ernstige overlast in wijken</titel></kop><structuurtekst><al>Het komt steeds vaker voor dat er in wijken sprake is van
                                escalerende overlast en criminaliteit door (jeugd)groepen. Het
                                betreft vaak aanhoudende ordeverstorende gedragingen in de publieke
                                ruimte, die een directe aantasting vormen van de veiligheid en
                                leefbaarheid. De gevolgen hiervan kunnen voor de omgeving ingrijpend
                                zijn: mensen die zich in hun eigen woonomgeving bedreigd of onveilig
                                voelen, bewoners die weggepest worden en verhuizen of winkeliers die
                                hun zaak sluiten met als gevolg verloederde buurten.</al><al>Het betreft doorgaans een beperkt aantal duidelijk aanwijsbare
                                personen. Het gaat vaak om een kleine kern die het initiatief neemt
                                en een leidende rol heeft. Naast bestaande instrumenten zoals een
                                gebiedsverbod op basis van de <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening">APV</extref> of eerdere hulpverlening/begeleiding (zoals via
                                Bureau Jeugdzorg of inzet jongerenwerk) kan de burgemeester ook naar
                                zijn bevoegdheden uit <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a Gemeentewet</extref> grijpen. De overlastgevers
                                kunnen dan een langdurig gebiedsverbod of groepsverbod krijgen
                                opgelegd. Het gebiedsverbod kan nog extra kracht worden bijgezet in
                                de vorm van een meldingsplicht. Deze kan worden gebruikt bij
                                overlast van voetbalhooligans, maar zou bijvoorbeeld ook toegepast
                                kunnen worden bij overlast op een terugkerend evenement zoals de
                                jaarwisseling of carnaval.</al><al>Daarnaast kunnen drugsrunners, straatdealers, zwervers en
                                alcoholisten individueel of in groepsverband de openbare orde
                                verstoren. Bij herhaaldelijke overlast en ernstige vrees voor
                                verdere verstoring van de openbare orde kunnen ook deze groepen
                                overlastveroorzakers worden aangepakt op basis van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a Gemeentewet</extref>.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Ernstige overlast door jeugdigen onder de twaalf jaar</titel></kop><structuurtekst><al>Soms worden herhaaldelijke en groepsgewijze openbare
                                ordeverstoringen gepleegd door kinderen jonger dan twaalf jaar (12
                                minners). Bij deze groep is het nog meer van belang om in te zetten
                                op preventie en hulpverlening. Investeren in zorg blijft de enige
                                juiste lange termijnoplossing waarbij een persoonsgerichte aanpak
                                voorop staat. De burgemeester zal derhalve terughoudend omgaan met
                                het opleggen van bevelen aan 12 minners.</al><al>Het bevel uit <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">artikel 172b Gemeentewet</extref> is bedoeld voor die situaties
                                waarbij het jonge kind zich herhaaldelijk in groepen misdraagt met
                                verstoringen van de openbare orde tot gevolg en waarbij eerder
                                ingezette (vrijwillige) hulpverlening, ook richting ouders,
                                onvoldoende soelaas biedt. Dit laatste kan ook het geval zijn indien
                                de ouders zich niet of onvoldoende blijvend committeren aan een
                                zorgtraject. Voordat gegrepen wordt naar zorg in gedwongen kader kan
                                dan eerst nog getracht worden via het burgemeestersbevel de situatie
                                om te buigen. Ook als al wel gedwongen zorg is ingezet kan de
                                burgemeester zijn bevoegdheid gebruiken, maar dan met het doel om de
                                ordeverstoringen op korte termijn te kunnen stoppen.</al><al>Op grond van de bevelsbevoegdheid van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">artikel 172b Gemeentewet</extref> kan aan de ouders het bevel
                                worden gegeven ervoor zorg te dragen dat hun kind zich niet zonder
                                begeleiding van een meerderjarige begeeft in bepaalde gebieden. Ook
                                kan de begeleidingsplicht worden opgelegd voor de openbare ruimte
                                tussen 20.00 uur ’s avonds en 06.00 uur ‘s ochtends.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>3. Voorwaarden voor het aanwenden van de bevoegdheden op grond van
                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">b</extref> Gemeentewet:</titel></kop><structuurtekst><al>De burgemeester kan gebruik maken van zijn bevoegdheden op grond van
                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">b</extref> Gemeentewet als voldaan is aan de volgende
                            voorwaarden:</al><lijst><li nr="•"><al>Het gaat om een verstoring van de openbare orde;</al></li><li nr="•"><al>Die verstoring vindt herhaaldelijk plaats;</al></li><li nr="•"><al>Er is een ernstige vrees voor verdere verstoringen van de
                                    openbare orde;</al></li><li nr="•"><al>De overlast is gepleegd door een individu of door een groep dan
                                    wel door een persoon die bij groepsgewijze overlast een leidende
                                    rol heeft gehad;</al></li><li nr="•"><al>En specifiek voor de groep 12 minners: het gaat om groepsgewijze
                                    orde verstorende gedragingen.</al></li></lijst><al>De verschillende begrippen zijn hier onder gedefinieerd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>4. Begrippen:</titel></kop><afdeling><kop><titel>Orde verstorende gedragingen</titel></kop><structuurtekst><al>Een wettelijke definitie van het begrip ‘verstoring van de openbare
                                orde’ is niet te geven. Of sprake is van een verstoring van de
                                openbare en daarmee ordeverstorend gedrag hangt af van de specifieke
                                omstandigheden van het geval en de intensiteit van de
                                gedragingen.</al><al>Het gaat om een afwijking van de normale gang van zaken in de
                                publieke ruimte. Ordeverstorende gedragingen zijn in ieder geval
                                strafbare gedragingen en overtredingen van de <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening">APV</extref>. De ordeverstoorder krijgt een proces-verbaal voor
                                deze gedragingen. Daarnaast kunnen ook structurele ordeverstorende
                                gedragingen die niet direct strafbaar zijn gesteld onder deze
                                begripsbeschrijving vallen. Dit moet blijken uit een registratie van
                                toezichthouders in de publieke ruimte.</al><al>Voorbeelden van ordeverstorende gedragingen zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>Het hinderlijk en zonder redelijk doel rondhangen;</al></li><li nr="-"><al>Joelen;</al></li><li nr="-"><al>Naroepen;</al></li><li nr="-"><al>Bespugen;</al></li><li nr="-"><al>Intimiderend overkomen;</al></li><li nr="-"><al>Wildplassen;</al></li><li nr="-"><al>Plakken en kladden;</al></li><li nr="-"><al>Hinderlijk drankgebruik;</al></li><li nr="-"><al>Vernieling van goederen;</al></li><li nr="-"><al>Ingooien van ruiten;</al></li><li nr="-"><al>Het aanbrengen van graffiti;</al></li><li nr="-"><al>Openbare dronkenschap;</al></li><li nr="-"><al>Schelden;</al></li><li nr="-"><al>Vernieling;</al></li><li nr="-"><al>Wet Mulder feiten.</al></li></lijst><al>Hierbij moet worden opgemerkt dat voor jeugdoverlast en de groep 12
                                minners in het bijzonder bij een groepsgewijze verstoring van de
                                openbare orde een zwaardere afweging dient te worden gemaakt bij de
                                beoordeling of het kindgedrag als overlastgevend kan worden
                                aangemerkt. Joelen, stoeien en belletje trekken worden in beginsel
                                niet als overlastgevend aangemerkt, doch als hinderlijk. Een
                                opeenstapeling van hinderlijk kindgedrag kan wel weer worden
                                betiteld als overlastgevend.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Herhaaldelijk</titel></kop><structuurtekst><al>Wanneer er sprake is van herhaaldelijke overlast hangt af van de
                                omstandigheden van het geval, waaronder de aard en de ernst van de
                                verstoring van de openbare orde. Om te kunnen spreken van
                                herhaaldelijk moet het gaan om meerdere gedragingen die de openbare
                                orde verstoren binnen een afzienbare tijd.</al><al>Door de burgemeester wordt ordeverstoring in ieder geval als
                                herhaaldelijk aangemerkt indien er binnen een periode van 13 maanden
                                twee ordeverstorende gedragingen als bedoeld in de (als bijlage 1 bij de beleidsregels opgenomen) feitentabel
                                hebben plaatsgehad. Dit hoeven niet twee dezelfde feiten te zijn
                                maar kunnen ook verschillende feiten betreffen. Bij herhaaldelijke
                                overlast hoeft er nog geen sprake te zijn van ernstige vrees voor
                                verdere verstoring (zie hierna). Dit betekent dat bij herhaaldelijke
                                overlast in beginsel de reguliere instrumenten worden ingezet zoals
                                het “normale” gebiedsverbod <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening">APV</extref>.</al><al>In ieder geval zijn ordeverstorende gedragingen van langer dan 13
                                maanden geleden niet te kwalificeren als herhaaldelijk. Er wordt
                                gekozen voor een termijn van 13 maanden, aangezien deze regelgeving
                                daarmee ook ingezet kan worden bij jaarlijks terugkerende
                                evenementen. De periode van 13 maanden overlapt de periode dat er
                                jaarlijks terugkerende evenementen plaatsvinden.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Ernstige vrees</titel></kop><structuurtekst><al>Om te kunnen spreken van ernstige vrees moeten er duidelijke
                                aanwijzingen zijn dat de ordeverstoorder zijn ordeverstorend gedrag
                                zal voortzetten als niet wordt ingegrepen. Hiervan is in ieder geval
                                sprake als er binnen een periode van 13 maanden minimaal twee
                                ordeverstorende gedragingen als bedoeld in de feitentabel hebben
                                plaatsgehad. Uitdrukkelijk dient te worden opgemerkt dat het hierbij
                                niet hoeft te gaan om 2 veroordelingen, maar ook om geregistreerde
                                constateringen van de politie of medewerkers van de afdeling
                                Ruimtelijke Ontwikkeling, cluster Toezicht en Handhaving). Er zijn
                                dan voldoende aanwijzingen dat de overlastgever opnieuw de fout in
                                zal gaan en andere maatregelen geen effect hebben. Dergelijke
                                aanwijzingen kunnen daarnaast worden afgeleid uit het gedrag van de
                                ordeverstoorder in de afgelopen periode zoals het feit dat een
                                persoon reeds in het verleden betrokken is geweest bij ernstige
                                ordeverstoringen (blijkend uit bijvoorbeeld sfeerbeelden, mutaties,
                                rapportages, meldingen, aangiften etc.). Daarnaast kunnen worden
                                meegenomen: verklaringen van betrokkenen, signalen of verwachtingen
                                en overige voorzienbare omstandigheden.</al><al>Bij de aanwezigheid van minimaal twee ordeverstorende gedragingen
                                uit de feitentabel binnen 13 maanden is er dus zowel sprake
                                van herhaaldelijke overlast als een ernstige vrees voor verdere
                                ordeverstoringen (de feitentabel is als bijlage bijgevoegd bij deze
                                beleidsregels en maakt daar onderdeel van uit). In dat geval kan de
                                burgemeester gebruik maken van zijn bevoegdheden van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> Gemeentewet. Hierbij wordt opgemerkt dat het
                                niet noodzakelijk is dat de eerdere openbare ordeverstoringen
                                telkens in dezelfde gemeenten hebben plaatsgehad. Ordeverstorend
                                gedrag in meerdere gemeenten kan ook wijzen op een patroon van
                                herhaling; bijvoorbeeld als dit plaatsvindt tijdens of rondom
                                voetbalwedstrijden en evenementen.</al><al>In bijzondere situaties kan de burgemeester al eerder overgaan tot
                                het toepassen van zijn bevoegdheden zoals bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> Dit dient in het besluit uitdrukkelijk te
                                worden gemotiveerd.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Groepsgerelateerde gedragingen en leidende rol</titel></kop><structuurtekst><al>Er is sprake van een groep bij drie of meer personen, waar de
                                overlastgever onderdeel van uitmaakt. Van een leidende rol is sprake
                                als de betreffende persoon anderen aanzet tot ongewenst gedrag dat
                                de openbare orde verstoort. Dit kan zich uiten in concrete
                                gedragingen zoals het benaderen van anderen, het leggen van contact
                                tussen leden van de groep, initiatief nemen, een vertrouwensrelatie
                                en/of gezag hebben. Ook kan de leidinggevende rol worden afgeleid
                                uit verklaringen van getuigen of leden van de groep. Aantonen van
                                een leidende rol is afhankelijk van de concrete casus. Een persoon
                                met een leidende rol hoeft niet per se zelf rechtstreeks deel te
                                nemen aan de ordeverstorende gedragingen maar neemt wel het
                                initiatief en zet anderen aan tot het plegen van handelingen
                                waardoor de orde wordt verstoord.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>5. Gebied waarvoor een gebiedsverbod of groepsverbod wordt
                            opgelegd/meldingsplicht:</titel></kop><structuurtekst><al>In het besluit van de burgemeester wordt duidelijk aangegeven voor welk
                            gebied een verbod wordt opgelegd. Indien de overtreder kan aantonen dat
                            hij een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden,
                            wordt het gebied waarop het verbod van toepassing is dienovereenkomstig
                            aangepast zodat de betreffende persoon een aanlooproute heeft. Of iemand
                            een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden, zal
                            door de betrokkene zelf moeten worden aangetoond. Het zal in het
                            algemeen gaan om belangen in de persoonlijke sfeer zoals wonen, werken,
                            bezoek aan een huisarts, advocaat of hulpverleningsinstantie.</al><al>Een gebiedsverbod of groepsverbod wordt in beginsel opgelegd voor het
                            gebied waar de overlast heeft plaatsgevonden. Als het voor de handhaving
                            van de openbare orde noodzakelijk is dat de betrokkene ook uit een ander
                            gebied wordt geweerd dan kan tevens dat andere gebied worden aangewezen.
                            Dit wordt in het besluit gemotiveerd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>6. Bevoegdheden op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">artikel 172b</extref> Gemeentewet:</titel></kop><structuurtekst><al>Bij het inzetten van de bevoegdheden uit <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">art. 172b Gemeentewet</extref> worden de wettelijke termen (zoals
                            ordeverstorende gedraging, herhaaldelijk, ernstige vrees en
                            groepsgewijs) op dezelfde manier gedefinieerd als bij <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a Gemeentewet</extref>. Zie voor deze definities de
                            voorgaande paragraaf van deze beleidsregels.</al><al>Bij ernstige overlast in groepsverband door jeugdigen onder de twaalf
                            jaar legt de burgemeester in de volgende gevallen de bevelen van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">art. 172b Gemeentewet</extref> op:</al><lijst><li nr="•"><al>Indien de minderjarige binnen een termijn van 13 maanden
                                    herhaaldelijk de openbare orde heeft verstoord, én</al></li><li nr="•"><al>Indien een geïntegreerde persoonsgerichte aanpak van minder
                                    vergaande middelen en hulpverlening geen effect hebben of hebben
                                    gehad.</al></li></lijst><al>Het bevel van de burgemeester kan alleen worden ingezet bij
                            groepsgebonden verstoringen van de openbare orde door twaalfminners.
                            Hierbij hoeft het niet te gaan om een groep die uitsluitend uit
                            twaalfminners bestaat. De maatregel kan ook worden toegepast richting
                            een of enkele twaalfminner(s) binnen een groep die verder bestaat uit
                            personen van twaalf jaar of ouder.</al><al>Indien aan bovenstaande voorwaarden is voldaan dan wordt de volgende
                            werkwijze gehanteerd:</al><lijst><li nr="•"><al>Indien in de voorgaande zes maanden nog geen bevel is gegeven op
                                    grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">art. 172b Gemeentewet</extref> dan wordt aan het ouderlijk
                                    gezag van de minderjarige een bevel opgelegd waarbij de
                                    minderjarige zich gedurende een periode van drie maanden niet
                                    tussen 20.00 uur en 06.00 uur mag begeven op voor het publiek
                                    toegankelijke plaatsen zonder begeleiding van het ouderlijk
                                    gezag.</al></li><li nr="•"><al>Indien de minderjarige gedurende de looptijd van een <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">art. 172b Gemeentewet</extref> bevel of binnen zes maanden
                                    na het verstrijken van een dergelijk bevel opnieuw
                                    overlastgevend gedrag vertoont dan zal opnieuw een maatregel
                                    worden opgelegd. In dat geval zal aan de persoon die het gezag
                                    over de minderjarige uitoefent: </al><lijst><li nr="o"><al>Het bevel worden gegeven dat de minderjarige in een
                                            nader aan te wijzen gebied zich niet mag ophouden zonder
                                            begeleiding van de persoon die gezag over hem heeft,
                                            én</al></li><li nr="o"><al>Het bevel worden gegeven dat de minderjarige tussen
                                            20.00 uur en 06.00 uur niet zonder begeleiding mag komen
                                            op voor het publiek toegankelijke plaatsen.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>7. Duur van het verbod</titel></kop><structuurtekst><al>De bevelen van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> Gemeentewet worden in principe opgelegd voor de duur
                            van drie maanden. Deze termijn wordt gerechtvaardigd door het feit dat
                            de betrokkene al de nodige openbare orde incidenten op zijn naam heeft
                            staan voordat de bevoegdheden uit <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">b</extref> worden aangewend. Op basis van specifieke feiten of
                            omstandigheden kan de burgemeester besluiten om een bevel voor een
                            kortere duur op te leggen.</al><al>Met uitzondering van de bevelen voor 12 minners, kan het bevel driemaal
                            met een periode van ten hoogste drie maanden worden verlengd indien dat
                            uit een oogpunt van handhaving van de openbare orde noodzakelijk is. Dit
                            betekent dat er na afloop van het verbod nog steeds een aanwijsbare
                            ernstige vrees bestaat voor verdere verstoring van de openbare orde. Een
                            bevel mag inclusief verlengingen niet langer duren dan twaalf
                            maanden.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>8. Meldingsplicht</titel></kop><structuurtekst><al>Bij het opleggen van een meldingsplicht wordt er zoveel mogelijk naar
                            gestreefd om de betrokkene de gelegenheid te geven zich te melden in de
                            eigen woonplaats. Dit betekent dat in sommige gevallen de burgemeester
                            een meldingsplicht zal willen opleggen voor een andere gemeente. In dat
                            geval is overeenstemming vereist met de burgemeester van die andere
                            gemeente. In de gemeente wordt geen vast meldpunt aangewezen. Deze wordt
                            afhankelijk van de casus vastgesteld. Overigens kan het bij
                            voetbalwedstrijden juist effectief zijn om de plicht op te leggen om
                            zich te melden buiten de eigen gemeente.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>9. Werkwijze</titel></kop><afdeling><kop><titel>9.1. Dossiervorming</titel></kop><structuurtekst><al>De burgemeester baseert een bevel in de zin van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> Gemeentewet op een gedocumenteerd dossier. Het
                                dossier beargumenteert de noodzaak van het opleggen van het bevel
                                boven andere interventiemogelijkheden. Bij de dossiervorming zal ook
                                de “Instructie vervolging OM” moeten worden meegewogen. Deze
                                instructie is bijgevoegd als bijlage 2.</al><al>Dossiervorming vindt plaats onder regie van de burgemeester. Het
                                Veiligheidshuis en de gemeente spelen daarbij een sleutelrol
                                aangezien dit een informatieknooppunt vormt voor diverse partners op
                                het gebied van veiligheid zoals de gemeente, politie, Openbaar
                                Ministerie, reclassering en Bureau Jeugdzorg.</al><al>Het dossier dat ten grondslag ligt aan de bevelen van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> Gemeentewet dient onder andere te bevatten:</al><lijst><li nr="•"><al>De contactgegevens van de behandelend politieambtenaar,
                                        zorginstantie en/of andere instanties die betrokken zijn bij
                                        de overlastgever;</al></li><li nr="•"><al>De contactgegevens van de ordeverstoorder waaronder
                                        tenminste naam, leeftijd, woonplaats (adres) en
                                        telefoonnummer en indien van toepassing de gegevens van de
                                        persoon die het gezag over de minderjarige uitoefent;</al></li><li nr="•"><al>De registraties van de ordeverstorende gedragingen die
                                        leiden tot het opleggen van de maatregel;</al></li><li nr="•"><al>De onderliggende processen-verbaal en registraties van alle
                                        bij de politie bekend zijnde gedragingen van de betrokkene
                                        over een redelijke periode. Dit heeft tot doel inzicht te
                                        krijgen in de gedragingen van de betrokkene en dient tevens
                                        als onderbouwing van het afgegeven bevel;</al></li><li nr="•"><al>Traject dat al doorlopen is met de betreffende groep en/of
                                        persoon, dat wil zeggen interventies en het effect daarvan
                                        (buurtcoaches, hulpverleningstrajecten, waarschuwingen
                                        etc.). Dit onderdeel is een vereiste indien het gaat om 12
                                        minners.</al></li><li nr="•"><al>Bij een meldingsplicht gegevens van de locatie waar de
                                        persoon zich moet melden;</al></li><li nr="•"><al>Indien er sprake is van een meldingsplicht in een andere
                                        gemeente, de toestemming van de burgemeester van de
                                        betreffende gemeente;</al></li><li nr="•"><al>Indien er sprake is van een verzoek tot verlenging van de
                                        maatregelen, de registraties waaruit de hernieuwde vrees
                                        voor verstoring van de openbare orde blijkt.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>9.2 Verzoek aan de burgemeester</titel></kop><structuurtekst><al>Indien de partners in het Veiligheidshuis of in een gemeentelijk
                                casusoverleg van mening zijn dat aan een bepaalde persoon een bevel
                                als bedoeld in deze beleidsregel moet worden opgelegd, dan doen zij
                                daartoe een verzoek aan de burgemeester. Bij dit verzoek voegen zij
                                bovengenoemd dossier. Daarnaast wordt in het verzoek in ieder geval
                                aangegeven:</al><lijst><li nr="•"><al>Waarom de burgemeester gevraagd wordt van zijn bevoegdheid
                                        gebruik te maken (en niet bijvoorbeeld de officier van
                                        justitie);</al></li><li nr="•"><al>Welke bevoegdheid gevraagd wordt in te zetten;</al></li><li nr="•"><al>Een duidelijke omschrijving van het gebied waarvoor de
                                        maatregel moet worden opgelegd.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>9.3 Uitreiken voornemen tot opleggen bevel</titel></kop><structuurtekst><al>Op basis van het aangeleverde dossier beslist de burgemeester of hij
                                van mening is dat de betrokkene in aanmerking komt voor één van de
                                bevelen genoemd in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> van de Gemeentewet. Zo ja, dan wordt in principe
                                allereerst een voornemen tot het opleggen van het bevel
                                uitgereikt.</al><al>Het voornemen wordt zo spoedig mogelijk door de politie (bij
                                voorkeur wijkagent) in persoon aan de geadresseerde van het besluit
                                uitgereikt en wordt (indien mogelijk) tevens aangetekend per post
                                naar het huisadres gezonden. Bij uitreiking door de politie legt de
                                politie deze handeling vast in het politiesysteem.</al><al>In het voornemen wordt vermeld:</al><lijst><li nr="•"><al>Door welke gedragingen en op welke tijdstippen en plaatsen
                                        de betrokken persoon herhaaldelijk (groepsgewijs) de
                                        openbare orde heeft verstoord dan wel op grond van welke
                                        gedragingen de burgemeester tot het oordeel is gekomen dat
                                        betrokkene daarbij een leidende rol heeft gehad;</al></li><li nr="•"><al>Indien het gaat om een gebieds- of groepsverbod, de
                                        afbakening van het gebied waarvoor de burgemeester
                                        voornemens is een bevel op te leggen;</al></li><li nr="•"><al>De voorgenomen ingangsdatum en duur van het bevel;</al></li><li nr="•"><al>Op welke wijze de betrokkene kan reageren op het
                                        voornemen.</al></li></lijst><al>Indien de betrokkene op het moment van het plegen van het strafbare
                                feit in de voorgaande zes maanden ook al een bevel op grond van art.
                                    <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">172 a</extref> en/of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">b</extref> Gemeentewet heeft gehad dan wordt geen voornemen
                                meer opgelegd maar direct overgegaan tot het opleggen van een nieuw
                                bevel. In dat geval wordt de betrokkene niet meer gehoord. Dit wordt
                                gerechtvaardigd door het feit dat de betrokkene in deze situatie al
                                de nodige waarschuwingen en kansen heeft gehad maar desondanks zijn
                                gedrag niet heeft aangepast. Er is derhalve een gerechtvaardigde
                                vrees voor hernieuwde openbare ordeverstoring.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>9.4 Zienswijze</titel></kop><structuurtekst><al>Betrokkene kan binnen vijf werkdagen na het uitreiken van het
                                voornemen tot het opleggen van een gebiedsverbod, groepsverbod en/of
                                meldingsplicht zijn zienswijze aan de burgemeester kenbaar maken.
                                Dit kan schriftelijk of mondeling. Indien de betrokkene zijn
                                zienswijze mondeling kenbaar wil maken dan dient diegene daarvoor
                                een afspraak te maken via het secretariaat van de burgemeester. Van
                                het zienswijzegesprek wordt door de gemeente een verslag
                                gemaakt.</al><al>Van de mogelijkheid om een zienswijze te geven kan op grond van
                                    <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=4%3A11">art. 4:11 Awb</extref> worden afgezien indien de vereiste spoed
                                zich tegen horen verzet. Daarnaast kan het horen achterwege worden
                                gelaten indien ordeverstoringen door de betrokkene alleen kunnen
                                worden voorkomen als de betrokkene niet van tevoren in kennis wordt
                                gesteld van de op te leggen maatregel.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>9.5 Opleggen bevel</titel></kop><structuurtekst><al>Een bevel als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">b</extref> Gemeentewet wordt opgelegd uiterlijk 14 dagen
                                na:</al><lijst><li nr="•"><al>het zienswijzegesprek;</al></li><li nr="•"><al>het ontvangen van de schriftelijke zienswijze;</al></li><li nr="•"><al>afloop van de zienswijzetermijn als betrokkene geen
                                        zienswijze heeft ingediend.</al></li></lijst><al>Het bevel wordt door de politie in persoon uitgereikt en (indien
                                mogelijk) per aangetekende post verstuurd. De geadresseerde van het
                                besluit wordt gewezen op de mogelijkheid om bezwaar en beroep aan te
                                tekenen tegen het (definitieve) besluit. Ook als de burgemeester
                                besluit om uiteindelijk geen gebieds- of groepsverbod op te leggen,
                                ontvangt de betreffende persoon daarvan schriftelijk bericht.</al><al>In de (definitieve) beschikking is opgenomen:</al><lijst><li nr="•"><al>Door welke gedragingen en op welke tijdstippen en plaatsen
                                        de betrokken persoon herhaaldelijk groepsgewijs de openbare
                                        orde heeft verstoord dan wel op grond van welke gedragingen
                                        de burgemeester tot het oordeel is gekomen dat betrokkene
                                        daarbij een leidende rol heeft gehad;</al></li><li nr="•"><al>Een concrete aanduiding van de objecten in of in de omgeving
                                        waarvan deze persoon zich niet mag bevinden dan wel van het
                                        gedeelte of bepaalde delen van de gemeente waar deze persoon
                                        zich niet (al dan niet in groepsverband) mag bevinden;</al></li><li nr="•"><al>De ingangsdatum en duur van het bevel;</al></li><li nr="•"><al>Reactie op de ingediende zienswijze (indien van
                                        toepassing);</al></li><li nr="•"><al>Waarom de maatregel in het concrete geval noodzakelijk is
                                        (motivering).</al></li></lijst><al>Een afschrift van het besluit van de burgemeester wordt gezonden aan
                                de teamchef van de politie, de officier van justitie, de afdeling
                                Ruimtelijke Ontwikkeling, cluster toezicht en Handhaving en het
                                Veiligheidshuis.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>9.6 Specifieke bepalingen voor bevelen met betrekking tot 12
                                minners</titel></kop><structuurtekst><al>De hierboven genoemde regels omtrent de werkwijze bij het opleggen
                                van bevelen gelden ook voor bevelen met betrekking tot 12 minners,
                                met dien verstande dat deze bevelen worden opgelegd aan de personen
                                die het gezag uitoefenen over de minderjarige (hierna gemakshalve
                                ouders/voogden genoemd). Dit betekent dat:</al><lijst><li nr="•"><al>het voornemen en het bevel worden geadresseerd en uitgereikt
                                        aan de ouders/voogden;</al></li><li nr="•"><al>de ouders/voogden de gelegenheid krijgen hun zienswijze
                                        mondeling danwel schriftelijk kenbaar te maken;</al></li><li nr="•"><al>het zienswijzengesprek plaatsvindt met de ouders/voogden. De
                                        ouders/voogden kunnen zich in het zienswijzengesprek door
                                        hun kind laten vergezellen;</al></li><li nr="•"><al>de ouders/voogden bezwaar en beroep kunnen aantekenen tegen
                                        een beschikking.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>9.7 Overleg tussen partijen</titel></kop><structuurtekst><al>In de lokale driehoek vindt afstemming plaats tussen politie,
                                officier van justitie en de burgemeester over de inzet van de
                                bevoegdheden op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20MBVEO">wet MBVEO</extref>. Daarnaast worden concrete gevallen via het
                                Veiligheidshuis en lokale gemeentelijke casusoverleggen
                                besproken.</al><al>In <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a%2C%20derde%20lid">art. 172a, derde lid, Gemeentewet</extref> is een
                                samenloopregeling opgenomen. Deze houdt in dat indien de officier
                                van justitie een gedragsaanwijzing heeft gegeven in de vorm van een
                                gebiedsverbod, de burgemeester aan dezelfde persoon geen gebieds- of
                                groepsverbod mag opleggen voor hetzelfde gebied. Het is dus van
                                belang dat de burgemeester en officier over en weer van elkaar weten
                                welke bevelen zij opleggen. De burgemeester neemt daarom contact op
                                met de officier van justitie voordat hij een bevel in de zin van
                                art. <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">172a Gemeentewet</extref> geeft. De officier van justitie
                                informeert de burgemeester indien hij een gedragsaanwijzing geeft of
                                intrekt.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>10. Toezicht en Handhaving</titel></kop><structuurtekst><al>In principe houdt de politie toezicht op de naleving van de in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">art. 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> Gemeentewet genoemde burgemeestersbevelen. Ook kunnen
                            buitengewoon opsporingsambtenaren of andere toezichthouders (zoals
                            straatcoaches) in dienst van de gemeente toezien op de naleving. Het
                            niet naleven van een burgemeestersbevel als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikel 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref> van de Gemeentewet is strafbaar op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht%20/article=184">artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht</extref> (WSr).</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>11. Citeertitel</titel></kop><structuurtekst><al>Deze beleidsregels zullen worden aangehaald als “Beleidsregels inzake de
                            Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast
                            gemeente Steenbergen 2011”.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>12. Bekendmaking en inwerkingtreding</titel></kop><structuurtekst><al>Deze beleidsregels treden in werking op de derde dag na die van
                            bekendmaking op de website van de gemeente Steenbergen.</al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Steenbergen, 24 mei 2011</ondertekening><ondertekening>Burgemeester van Steenbergen</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><vet>Bijlage 1 bij Beleidsregels Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme
                        en ernstige overlast: Feitentabel:</vet></al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><thead><row><entry colname="col1" nameend="col3" namest="col1"><al> Feiten en gedragingen </al></entry></row></thead><tbody><row><entry colname="col1"><al> Samenscholing en ongeregeldheden </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Ordeverstoring bij evenement </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Ordeverstoring betaald voetbalwedstrijd </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Opvolgen van aanwijzingen betaald voetbalwedstrijd </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Onnodig opdringen, uitdagend gedrag e.d. bij een betaald
                                        voetbalwedstrijd </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Overtreden stadionomgevingsverbod </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Hinderlijk gedrag op of aan de weg </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Hinderlijk drankgebruik op de weg </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Drankgebruik op de weg (alleen voor aangewezen gebieden)
                                    </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Hinderlijk gedrag bij of in gebouwen </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten
                                    </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Overtreding gebiedsverbod </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Drugshandel op straat </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Openlijk drugsgebruik (soft- en harddrugs) </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Straatprostitutie </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Geluidhinder </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col3" namest="col1"><al> Feiten en gedragingen als omschreven in de navolgende
                                        artikelen van het Wetboek van Strafrecht </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Openlijke geweldpleging </al></entry><entry colname="col3"><al> 141 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Voorbereidingshandelingen </al></entry><entry colname="col3"><al> 141a </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Wederspannigheid </al></entry><entry colname="col3"><al> 180 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Wederspannigheid in vereniging </al></entry><entry colname="col3"><al> 182 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Negeren bevoegd gegeven ambtelijk bevel </al></entry><entry colname="col3"><al> 184 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Schennis van de eerbaarheid </al></entry><entry colname="col3"><al> 239 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Belediging ambtenaar in functie </al></entry><entry colname="col3"><al> 266 jo. 267 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Bedreiging </al></entry><entry colname="col3"><al> 285 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> (Poging) tot doodslag </al></entry><entry colname="col3"><al> 287 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Eenvoudige mishandeling </al></entry><entry colname="col3"><al> 300 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Zware mishandeling </al></entry><entry colname="col3"><al> 302 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Diefstal </al></entry><entry colname="col3"><al> 310 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Diefstal met braak </al></entry><entry colname="col3"><al> 311 lid 5 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Afpersing/afdreiging </al></entry><entry colname="col3"><al> 317/318 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Vernieling </al></entry><entry colname="col3"><al> 350 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Baldadigheid/straatschenderij </al></entry><entry colname="col3"><al> 424 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Ordeverstoring in dronkenschap </al></entry><entry colname="col3"><al> 426 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Openbare dronkenschap </al></entry><entry colname="col3"><al> 453 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col3" namest="col1"><al> Feiten en gedragingen als omschreven in de navolgende
                                        artikelen van de Opiumwet </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Harddrugs </al></entry><entry colname="col3"><al> Art. 2* </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Softdrugs </al></entry><entry colname="col3"><al> Art. 3* </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col3" namest="col1"><al> Feiten en gedragingen als omschreven in de navolgende
                                        artikelen van de Wet Wapens en Munitie </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Verbodsbepaling voor wapens van categorie I </al></entry><entry colname="col3"><al> Art. 13 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Verbod voorhanden hebben wapens </al></entry><entry colname="col3"><al> Art. 26 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al> Verbod dragen wapens </al></entry><entry colname="col3"><al> Art. 27 </al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col3" namest="col1"><al> Alle feiten en gedragingen waarvoor een
                                        stadionomgevingsverbod kan worden opgelegd (artikel 2:26 f
                                        APV Roosendaal) </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Bijlage 2 bij Beleidsregels Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme
                        en ernstige overlast: Instructie vervolging OM:</vet></al><al>Of het OM tot vervolging zal overgaan op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WvSr/article=184">art. 184 WvSr</extref> wordt per zaak beoordeeld.Onderstaande criteria
                    dienen hierbij als richtlijn.</al><al>Bij drugsrunners en straatdealers:</al><lijst><li nr="-"><al>sfeerverbaal over de buurt moet aanwezig zijn (inzoomen op
                            drugs[runner]overlast in de wijk)</al></li><li nr="-"><al>Strafrechtelijke en bestuurlijke aanpak moeten onvoldoende hebben
                            opgeleverd (gebiedsgerichte aanpak)- Individuele antecedenten moeten er
                            zijn, bestaande uit: </al><lijst><li nr="o"><al>2 keer veroordeling/ overtreding <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WvSr/article=184">184 WvSr</extref> voor drugsgerelateerd (overtreding of
                                    misdrijf) delict over afgelopen 4 jaar</al></li><li nr="o"><al>2 keer in het afgelopen jaar (na veroordeling) mutaties in het
                                    politiesysteem betreffende drugsgerelateerde delicten.</al></li></lijst></li></lijst><al>Zwervers, alcoholisten:</al><lijst><li nr="•"><al>indien uit de mutaties onvoldoende duidelijk wordt wat de ernstige en
                            herhaaldelijke overlast is in de buurt, is een sfeerverbaal noodzakelijk
                            (inzoomen op drankgebruik en zwervers)</al></li><li nr="•"><al>strafrechtelijke en bestuurlijke aanpak van het probleem moeten niet
                            voldoende hebben opgeleverd (gebiedsgerichte aanpak)• de individuele
                            hulpverlening bij deze persoon heeft de situatie niet verbeterd.</al></li><li nr="•"><al>4 veroordelingen afgelopen 4 jaar (overtredingen)</al></li><li nr="•"><al>2 mutaties het afgelopen jaar betreffende drank/zwerver</al></li></lijst><al>Jeugd:</al><lijst><li nr="•"><al>sfeerverbaal over de buurt waaruit blijkt dat het een wijk/buurt betreft
                            waar sprake is van stelselmatige ernstige overlast, tenzij er zodanige
                            mutaties aanwezig zijn waaruit deze signalen duidelijk naar voren
                            komen.</al></li><li nr="•"><al>er moet vastgesteld worden dat het gaat om een overlastgevende persoon;
                            de jeugdige moet zich in elk geval 2 afzonderlijke keren zich schuldig
                            hebben gemaakt aan overlast gerelateerde (strafbare) feiten (in de
                            afgelopen 13 maanden) in een bepaald gebied/wijk.</al></li><li nr="•"><al>de afweging moet gemaakt zijn of handhaving op grond van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening">APV</extref> zinvol is of niet tot het gewenste resultaat heeft
                            geleid.</al></li><li nr="•"><al>Hulpverlening is aangeboden en/of opgestart en heeft het
                            overlastgevende/ strafbare gedrag niet doen ophouden.</al></li></lijst><al>Veelplegers:</al><lijst><li nr="•"><al>indien uit de mutaties onvoldoende duidelijk wordt wat de ernstige en
                            herhaaldelijke overlast is in de buurt, is een sfeerverbaal
                            noodzakelijk.</al></li><li nr="•"><al>er moet vastgesteld worden dat het gaat om een overlastgevende persoon;
                            de veelpleger moet zich in elk geval 2 afzonderlijke keren (in de
                            afgelopen 13 maanden) hebben schuldig gemaakt aan overlast gerelateerde
                            strafbare feiten in een bepaald gebied/wijk.</al></li><li nr="•"><al>eerdere/andere (gedrags)interventies hebben niet geleid tot het stop
                            zetten van overlastgevende gedragingen.</al></li></lijst><al>Hooligans:</al><lijst><li nr="•"><al>als er een eerdere persoonsgerichte aanpak heeft plaatsgehad op grond
                            van een andere aandachtsgroep, bijv. jeugd, zijn de resultaten daarvan
                            in het dossier neergelegd.</al></li><li nr="•"><al>duidelijk moet worden dat betrokkene zijn ordeverstorend gedrag zal
                            voortzetten als niet wordt ingegrepen en dat deze aanwijzingen kunnen
                            zijn gelegen in het gedrag van betrokkene in de afgelopen periode.</al></li><li nr="•"><al>indien er ernstige bezwaren bestaan tegen de verdachte (bijv. bij
                            verdenking van een misdrijf waarop VH is toegelaten) en aanleiding
                            bestaat voor een gedragsaanwijzing door de OvJ, volgt bespreking van de
                            persoon in een casusoverleg waarbij gemeente, politie en OM zijn
                            vertegenwoordigd.</al></li></lijst><al>12 minners:</al><lijst><li nr="•"><al>sfeerverbaal over de buurt waaruit blijkt dat het een wijk/buurt betreft
                            waar sprake is van stelselmatige ernstige overlast en wat hiervan de
                            gevolgen zijn voor de omgeving. Indien er zodanige mutaties aanwezig
                            zijn waaruit deze signalen duidelijk naar voren komen kan het
                            sfeerverbaal achterwege gelaten worden.</al></li><li nr="•"><al>er moet vastgesteld worden dat het gaat om een overlastgevende persoon;
                            de 12minner moet zich in elk geval 2 afzonderlijke keren (in de
                            afgelopen 13 maanden) groepsgewijs hebben schuldig gemaakt aan overlast
                            gerelateerde strafbare feiten in een bepaald gebied/wijk.</al></li><li nr="•"><al>Kindgedrag zoals joelen, stoeien en belletje trekken worden in beginsel
                            niet als overlastgevend beschouwd.</al></li><li nr="•"><al>Hulpverlening is aangeboden en/of opgestart en heeft het
                            overlastgevende/ strafbare gedrag niet doen ophouden.</al></li><li nr="•"><al>Er is contact gezocht met ouders en hen is verzocht in te grijpen. Dit
                            heeft niet tot het gewenste resultaat geleid.</al></li></lijst></bijlage></regeling></body></cvdr>