<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>111661_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening ruimte en inrichtingseisen peuterspeeelzalen Leiderdorp 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leiderdorp</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-08-30</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Leiderdorps Weeklad 31Augustus 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative> Verordening ruimte- en inrichtingseisen </dcterms:alternative><dcterms:alternative>peuterspeelzalen Leiderdorp 2011.</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights><dcterms:issued>2011-06-27</dcterms:issued></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp></overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening ruimte- en inrichtingseisen peuterspeelzalen Leiderdorp
            2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Leiderdorp;</al><al>gelezen het voorstel van het College van B&amp;W ;</al><al>gezien het advies van commissie Bestuur en Maatschappij ;</al><al>gelet op het bepaalde in artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>overwegende dat het gewenst is in aanvulling op de Wet kinderopvang en
                        kwaliteitseisen peuterspeelzalen en </al><al> de Beleidsregels kwaliteit peuterspeelzalen nadere eisen te stellen aan de
                        inrichting van peuterspeelzalen;</al><al></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">1</nr><titel status="officieel">Begripsbepaling</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder peuterspeelzaal hetgeen daaronder
                        wordt verstaan in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen en
                        Beleidsregels kwaliteit kinderopvang en peuterspeelzalen (Stb. 2010/ 296,
                        297 ).</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">2</nr><titel status="officieel">Groepspeelruimte</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>In een peuterspeelzaal is voor ieder kind minimaal 3,5 m2
                            bruto-oppervlakte aan groepsspeelruimte beschikbaar.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2</lidnr><al>Elke ruimte is ingericht in overeenstemming met het aantal en de
                            leeftijd van de op te vangen kinderen.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">3</nr><titel status="officieel">Buitenspeelruimte</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De peuterspeelzaal beschikt over buitenspeelruimte.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De buitenspeelruimte voldoet aan de volgende eisen:</al><lijst><li nr="a."><al>voor kinderen toegankelijk en veilig bereikbaar;</al></li><li nr="b."><al>een oppervlakte van minimaal 3 m2 bruto-oppervlakte speelruimte
                                    per aanwezig kind;</al></li><li nr="c."><al>ingericht in overeenstemming met de leeftijd van de op te vangen
                                    kinderen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">4</nr><titel status="officieel">Milieueisen</titel></kop><al>Zowel de binnen- als ook de buitenruimte van nieuwe peuterspeelzalen zijn
                        duurzaam en ecologisch verantwoord ingericht. Voor bestaande
                        peuterspeelzalen geldt dat dit bij vervanging en renovatie wordt gedaan.
                        Hiervoor worden onder andere de rijksregels voor duurzaam inkopen
                        gevolgd.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">5</nr><titel status="officieel">Aanwijzing toezichthouders</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zien toe op de naleving van de bij deze
                            verordening gestelde regels.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders wijzen de directeur van de RDOG Hollands
                            Midden aan als toezichthouder.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">6</nr><titel status="officieel">Onderzoek door de toezichthouder</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De toezichthouder onderzoekt na een aanvraag als bedoeld in artikel 2.2,
                            eerste lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen
                            of de instandhouding redelijkerwijs zal plaatsvinden in overeenstemming
                            met de voorschriften uit deze verordening.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Onverminderd het eerste lid onderzoekt de toezichthouder jaarlijks of de
                            exploitatie van een peuterspeelzaal plaatsvindt in overeenstemming met
                            de voorschriften uit deze verordening.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Naast het onderzoek, bedoeld in het eerste en tweede lid, kan de
                            toezichthouder incidenteel onderzoek verrichten naar de naleving van de
                            bij deze verordening gestelde voorschriften.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">7</nr><titel status="officieel">Vastleggen onderzoeksresultaten</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De toezichthouder legt zijn oordeel naar aanleiding van een onderzoek
                            bij een peuterspeelzaal vast in een inspectierapport.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Indien de toezichthouder oordeelt dat door de houder de bij of krachtens
                            artikel 2 en 3 gegeven voorschriften niet zijn of zullen worden
                            nageleefd, vermeldt hij dat in het rapport. </al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Alvorens het rapport vast te stellen, stelt de toezichthouder de houder
                            in de gelegenheid van het ontwerprapport kennis te nemen en daarover
                            zijn zienswijze kenbaar te maken. De toezichthouder vermeldt de
                            zienswijze van de houder in een bijlage bij het rapport. </al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>De toezichthouder zendt het inspectierapport onverwijld aan de houder,
                            die een afschrift daarvan zo spoedig mogelijk ter inzage legt op een
                            voor ouders en personeel toegankelijke plaats. </al></lid><lid><lidnr status="officieel">5.</lidnr><al>De toezichthouder maakt het inspectierapport uiterlijk drie weken na de
                            vaststelling daarvan openbaar. </al></lid><lid><lidnr status="officieel">6.</lidnr><al>De toezichthouder stelt burgemeester en wethouders in kennis van de
                            vaststelling van het rapport. </al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">8</nr><titel status="officieel">Hardheidsclausule</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen artikel 2 en 3 buiten toepassing laten of
                        daarvan afwijken, voorzover toepassing gelet op het belang van kwalitatief
                        verantwoorde opvang voor kinderen in een peuterspeelzaal leidt tot een
                        onbillijkheid van overwegende aard. </al><al>Artikel 9 Overgangsbepaling </al><al>Binnen twaalf maanden na inwerkingtreding van deze verordening wordt de
                        houder van een peuterspeelzaal geacht te voldoen aan de voorschriften van
                        deze verordening.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">9</nr><titel status="officieel">Overgangsbepaling</titel></kop><al>Binnen twaalf maanden na inwerkingtreding van deze verordening wordt de
                        houder van een peuterspeelzaal geacht te voldoen aan de voorschriften van
                        deze verordening.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">10</nr><titel status="officieel">Inwerkingtreding en intrekking voorgaande
                            regeling</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2011, onder
                        gelijktijdige intrekking van de Verordening peuterspeelzaalwerk Leiderdorp
                        2007.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">11</nr><titel status="officieel">Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ruimte- en
                        inrichtingseisen peuterspeelzalen Leiderdorp 2011. </al></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>