<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR11118_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening stimuleringsfonds volkshuisvesting 2001</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hoorn</dcterms:creator><dcterms:modified>2001-10-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hoorn</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2001=28</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening stimuleringsfonds volkshuisvesting 2001</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-09-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-10-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-12-23</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2001 01.80685</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>822 overige volkshuisvesting</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>363A</al><al>Deze regeling werkt ten aanzien van klein beeldbepalend herstel terug tot 8 november 2000.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening stimuleringsfonds volkshuisvesting 2001</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Hoorn;</al><al/><al>- gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 26
                        juni 2001;</al><al>- gelet op bepaalde inartikel 149 van de Gemeentewet </al><al/><al>besluit de volgende verordening vast te stellen </al><al/><al>Verordening stimuleringsfonds volkshuisvesting 2001</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>monument: een object, al dan niet bestemd voor bewoning dat is
                                geplaatst op de gemeentelijke monumentenlijst;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>woning: iedere woonruimte bestemd en in gebruik voor zelfstandige
                                permanente bewoning als zodanig;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>aanvrager: de eigenaar-bewoner van de woning, dan wel de vereniging
                                van eigenaren, de stichting of de particuliere verhuurder van het
                                gebouw of de eigenaar van een object die de aanvraag voor een
                                stimuleringslening indient;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>eigenaar: De eigenaar van een pand. Onder eigenaar wordt ook
                                verstaan:</al><lijst><li nr="1."><al>een vereniging van eigenaren;</al></li><li nr="2."><al>degene die het recht van erfpacht heeft;</al></li><li nr="3."><al>de houder van een recht van opstal;</al></li><li nr="4."><al>de houder van een appartementsrecht;</al></li><li nr="5."><al>degene die een beperkt zakelijk recht (vruchtgebruik)
                                        heeft;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>sociale verhuurder: een toegelaten instelling zoals bedoeld in
                                artikel 70 van de Woningwet;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>eigenaar-bewoner: de eigenaar die de eigen woning zelf bewoont</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>particuliere verhuurder: de natuurlijke of rechtspersoon die één of
                                meer woningen verhuurt en die geen toegelaten instelling is als
                                bedoeld in artikel 70 van de Woningwet;</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>plan: een omschrijving van de te treffen voorzieningen;</al></lid><lid><lidnr>i.</lidnr><al>kosten van het plan: hiertoe behoren (indien door burgemeester en
                                wethouders verplicht gesteld)</al><lijst><li nr="-"><al>de gespecificeerde aanneemsom;</al></li><li nr="-"><al>het architectenhonorarium;</al></li><li nr="-"><al>technisch onderzoek aan de woning en/of het complex
                                        woningen;</al></li><li nr="-"><al>inspectie- en/of adviesrapport voor een gemeentelijk
                                        monument;</al></li><li nr="-"><al>adviezen van erkende deskundigen op het gebied van
                                        constructies, installaties en/of bouwfysica;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>j.</lidnr><al>stimuleringslening: een laagrentende lening die op voordracht van de
                                gemeente wordt verstrekt door het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting
                                Nederlandse Gemeenten, voor doeleinden zoals omschreven deze
                                verordening;</al></lid><lid><lidnr>k.</lidnr><al>leningsplafond: een jaarlijks door de gemeenteraad vast te stellen
                                plafond voor het op grond van deze verordening verstrekken van
                                stimuleringsleningen uit het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting
                                gemeente Hoorn. Genoemd fonds is ondergebracht bij de Stichting
                                Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVN) te
                                Hoevelaken.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>De werkingssfeer van de verordening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op: </al><lijst><li nr="a."><al>kosten verbonden aan het restaureren en onderhouden van
                                        monumenten, onder de voorwaarde dat de nodige vergunningen
                                        op grond van de Monumentenwet en/of Monumentenverordening
                                        zijn verleend. Een aanvraag voor een stimuleringsregeling
                                        kan worden ingediend door de eigenaar van een beschermd
                                        monument;</al></li><li nr="b."><al>het treffen van voorzieningen aan bestaande woningen,
                                        conform SEV-richtlijnen (“opplussen”) om te bevorderen dat
                                        ouderen er zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven
                                        wonen. Een aanvraag voor een stimuleringsregeling kan worden
                                        ingediend door sociale verhuurders, particuliere verhuurders
                                        en eigenaar-bewoners;</al></li><li nr="c."><al>het realiseren van zelfstandige woningen boven winkels en
                                        andere functies in de binnenstad. Een aanvraag voor een
                                        stimuleringsregeling kan worden verstrekt door sociale
                                        verhuurders, particuliere verhuurders en eigenaren.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen ook voor andere dan de onder lid 1
                                projecten stimuleringsleningen verstrekken. De bepalingen van deze
                                verordening zijn daarop eveneens van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Lening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een stimuleringslening wordt alleen toegekend voor plannen waarvan
                                de goedgekeurde geraamde kosten € 1.500,-- (fl. 3.306) of meer
                                bedragen. Dit bedrag geldt per woning of complex indien sprake is
                                van een complexgewijze aanpak;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de in artikel 2 genoemde voorzieningen wordt geen lening
                                verstrekt over dat deel waarvoor op grond van een andere regeling
                                subsidie en/of een lening wordt verstrekt. Burgemeester en wethouder
                                kunnen vrijstelling verlenen van deze bepaling indien de
                                haalbaarheid van het plan dit wenselijk maakt;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders informeren de aanvrager over de mogelijke
                                toekenning van een stimuleringslening door middel van een
                                toewijzingsbrief bijdrage Stimuleringsfonds Volkshuisvesting;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de toewijzingsbrief, zoals bedoeld onder lid 3, wordt zonodig
                                vastgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>de goedgekeurde kosten;</al></li><li nr="b."><al>de maximale lening;</al></li><li nr="c."><al>de maximale looptijd;</al></li><li nr="d."><al>een vast rentepercentage voor de gemeentelijke
                                        stimuleringslening gedurende de gehele looptijd;</al></li><li nr="e."><al>de soort lening;</al></li><li nr="f."><al>of een advies van een Bemiddelend Orgaan is vereist;</al></li><li nr="g."><al>of een hypotheekvestiging vereist is;</al></li><li nr="h."><al>of een bouwkrediet kan worden verstrekt</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De Stichting Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten stelt
                                vervolgens, op voorstel van de gemeente, de stimuleringslening vast
                                en draagt, via een bouwkrediet, zorg voor de uitbetaling;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Na uitvoering en gereedmelding van het plan stellen burgemeester en
                                wethouders het leningsbedrag definitief vast;</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De definitieve lening zoals bedoeld in lid 5 bedraagt niet meer dat
                                het voorlopig toegekende leningsbedrag zoals bedoeld in lid 3;</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien het definitieve leningsbedrag lager is dan de voorlopige
                                toekenning, lost de leningnemer het verschil binnen 30 dagen na
                                vaststelling van de lening af.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maximaal leningsbedrag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De maximale lening bedraagt voor:</al><lijst><li nr="a."><al>restauratie en onderhoud van monumenten: een bedrag in de
                                        goedgekeurde geraamde subsidiabele kosten;</al></li><li nr="b."><al>voorzieningen aan bestaande woningen (“opplussen”): een
                                        maximum bedrag van € 4.500,-- ( ƒ 9.916,70) per woning;</al></li><li nr="c."><al>het realiseren van zelfstandige woningen boven winkels en
                                        andere functies in de binnenstad: een maximum bedrag van €
                                        10.000,-- (ƒ 22.037,--) per woning.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidiabel kosten, zoals bedoeld in lid 1, sub. a wordt bepaald
                                aan de hand van de daarvoor van toepassing verklaarde leidraad voor
                                de subsidiëring van rijksmonumenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Voorrang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders geven ten aanzien van de voorzieningen
                                als genoemd in artikel 4, onder b, c en d voorrang aan aanvragen van
                                sociale verhuurders, niet winstbeogende instellingen en/of een
                                complexgewijze aanpak in combinatie met herstructurering van de
                                woonomgeving.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de in lid 1 genoemde voorzieningen kunnen burgemeester en
                                wethouders, binnen de marges van de eventueel vastgestelde
                                leningplafonds en zonodig vooruitlopend op concrete aanvragen,
                                bedragen reserveren voor komende projecten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Met inachtneming van het gestelde in de leden 1 en 2 worden
                                aanvragen op volgorde van binnenkomst behandeld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Aanvraag stimuleringslening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Vereisten aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De schriftelijke aanvraag wordt in tweevoud ingediend bij
                                burgemeester en wethouders. Hierbij worden, indien door of namens
                                Burgemeester en wethouders verplicht gesteld, de volgende stukken
                                bijgevoegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een onafhankelijk en deskundig opgesteld rapport met
                                        technische onderbouwing van het plan;</al></li><li nr="b."><al>een gespecificeerde begroting van kosten;</al></li><li nr="c."><al>een werkomschrijving;</al></li><li nr="d."><al>tekeningen die een goed inzicht geven in de te treffen
                                        voorzieningen;</al></li><li nr="e."><al>voor eigenaar-bewoners: een bewijs van eigendom (gewaarmerkt
                                        afschrift koopakte) en een gewaarmerkt uittrekstel uit de
                                        kadastrale legger.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr/><titel>Toekennen stimuleringslening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders nemen binnen 8 weken een beslissing op
                                een ingediende aanvraag. De aanvrager wordt zo spoedig mogelijk
                                schriftelijk op de hoogte gesteld van deze beslissing. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voorlopig toegekende lening is beschikbaar nadat de Stichting
                                Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten de lening heeft vastgesteld
                                door middel van een notariële akte. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor een lening van € 9.000,-- (ƒ 19.833,--) of minder is geen
                                hypotheekvestiging vereist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Leningsplafond</titel></kop><al>Een aanvraag voor een stimuleringslening wordt afgewezen als het
                            beschikbare leningsplafond voor de desbetreffende subsidiecategorie, van
                            het lopende jaar is bereikt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Leningsvoorwaarden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De lening wordt toegekend onder de voorwaarde dat:</al><lijst><li nr="a."><al>op de datum van toekenning niet mag zijn begonnen met de
                                        uitvoering van de werkzaamheden, tenzij burgemeester en
                                        wethouders van deze voorwaarde vooraf schriftelijk
                                        ontheffing hebben verleend;</al></li><li nr="b."><al>binnen 6 maanden na de voorlopige toekenning een aanvang
                                        moet zijn gemaakt met de uitvoering van de
                                        werkzaamheden;</al></li><li nr="c."><al>binnen 2 jaar na de voorlopige toekenning de werkzaamheden
                                        moeten zijn uitgevoerd;</al></li><li nr="d."><al>de uitvoering van de werkzaamheden moet gebeuren door
                                        bedrijven die in het bezit zijn van een vergunning op grond
                                        van het Vestigingsbesluit Bedrijven;</al></li><li nr="e."><al>er aan door burgemeester en wethouders met de controle
                                        belaste personen, tijdens en na de uitvoering van de
                                        werkzaamheden, toegang wordt verleend tot de desbetreffende
                                        panden;</al></li><li nr="f."><al>de aanvrager voldoet aan de voorwaarden en bepalingen van de
                                        gemeente en de Stichting Stimuleringsfonds Nederlandse
                                        Gemeenten. Burgemeester en wethouders kunnen vrijstelling
                                        verlenen van het vereiste van een advies van het Bemiddelend
                                        Orgaan te Hoevelaken. Deze vrijstelling wordt in ieder geval
                                        verleend indien sprake is van een situatie zoals bedoeld in
                                        artikel 7, lid 3.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bepaalde in artikel 1, lid d is niet van toepassing indien de
                                werkzaamheden in zelfwerkzaamheid worden uitgevoerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De woning/woningen dien(t)(en) na uitvoering van het werk te voloen
                                aan een goede onderhoudsstaat en goede bewoonbaarheid. Of hieraan
                                wordt voldaan wordt beoordeeld door of namens burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De toe te passen materialen dienen zoveel mogelijk te voldoen aan de
                                eisen en aanbevelingen zoals opgenomen in het Nationaal Pakket
                                Duurzaam bouwen. Voor monumenten kan van deze voorwaarde ontheffing
                                worden verleend, indien dat vanuit het belang van handhaving van het
                                monument, noodzakelijk of wenselijk is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Uitsluitinggrond</titel></kop><al>Er wordt geen stimuleringslening verstrekt voor:</al><lijst><li nr="a."><al>te treffen voorzieningen waarvan de kosten door een
                                    verzekeringsuitkering zijn c.q. worden gedekt;</al></li><li nr="b."><al>voorzieningen die naar het oordeel van burgemeester en
                                    wethouders niet als sober en doelmatig zijn aan te merken;</al></li><li nr="c."><al>voorzieningen die naar het oordeel van burgemeester en
                                    wethouders niet in het belang van de volkshuisvesting en/of de
                                    leefbaarheid zijn.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Vaststellen definitieve lening en uitbetaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Gereedmelding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gereedmelding van de werkzaamheden dient binnen 12 maanden na
                                uitvoering van de werkzaamheden bij burgemeester en wethouders
                                plaats te vinden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de gereedmelding dient tevens te worden ingediend:</al><lijst><li nr="a."><al>een specificatie van de werkelijk gemaakte kosten (indien
                                        verplicht gesteld);</al></li><li nr="b."><al>alle betalingsbewijzen of een accountantsverklaring;</al></li><li nr="c."><al>een verklaring dat bij de uitgevoerde werkzaamheden is
                                        voldaan aan de voorwaarden verbonden aan de toekenning van
                                        de lening;</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Vaststelling lening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders besluiten binnen 8 weken na ontvangst van
                                de gereedmelding tot definitieve vaststelling van de lening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vaststelling gebeurt op basis van de door het college
                                goedgekeurde werkelijke kosten.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr/><titel>Terugvorderen lening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Intrekking beschikking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een beschikking geheel of
                                gedeeltelijk intrekken als:</al><lijst><li nr="a."><al>niet is voldaan aan de bij of krachtens deze verordening
                                        gestelde voorwaarden;</al></li><li nr="b."><al>de lening is toegekend of vastgesteld op grond van onjuiste
                                        gegevens.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders trekken de beschikking in ieder geval in
                                indien de aanvrager meldt dat de desbetreffende werkzaamheden niet
                                worden uitgevoerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de intrekking kunnen burgemeester en wethouders de al betaalde
                                lening geheel of gedeeltelijk en met vergoeding van de wettelijke
                                rente terugvorderen en de nog openstaande lening geheel of
                                gedeeltelijk opeisen, eventueel onder de mogelijkheid van
                                beslaglegging.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr/><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Afwijkingen en aflossing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van burgemeester en
                                wethouders mag niet worden afgeweken van het plan waarvoor de
                                beschikking is verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De toestemming zoals bedoeld in lid 1 wordt uitsluitend verleend
                                indien duidelijk wordt aangetoond dat de afwijking gerechtvaardigd
                                is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij verkoop van het pand waaraan de voorzieningen zijn getroffen
                                dient het schuldrestant in zijn geheel in één keer te worden
                                afgelost.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Ontheffing termijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen op een vooraf ingediend
                                gemotiveerd verzoek schriftelijk ontheffing verlenen van een in deze
                                verordening genoemde termijn. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen aan een ontheffing zoals bedoeld
                                in lid 1 nadere voorwaarden verbinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Als door bijzondere omstandigheden de strikte toepassing van deze
                            verordening, naar het oordeel van burgemeester en wethouders, zou leiden
                            tot een niet gerechtvaardigde uitkomst, kunnen burgemeester en
                            wethouders afwijken van het bepaalde in deze verordening, mits de aard
                            en strekking van deze verordening niet wordt aangetast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag nadat zij openbaar is
                            bekendgemaakt en kan worden aangehaald als: Verordening
                            Stimuleringsfonds Volkshuisvesting 2001.</al><lijst><li nr="I."><al>De leningplafonds zoals bedoeld in artikel 8 van de onder I
                                    genoemde verordening tot en met het jaar 2002 als volgt vast te
                                    stellen:</al><lijst><li nr="a"><al>project Wonen Boven Winkels : € 306.302,-- (ƒ
                                            675.000,--)</al></li><li nr="b"><al>project “Opplussen” van woningen € 90.756,-- (ƒ
                                            200.000,--) </al></li></lijst></li><li nr="II."><al>De regeling ten aanzien van klein beeldbepalend herstel met
                                    terugwerkende kracht tot 8 november 2000, van toepassing
                                    verklaren.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>