<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR110403_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad der gemeente Heerde 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerde</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerde</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerde</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Schaapskooi, 18-04-2006</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad der gemeente Heerde 2006</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-04-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-04-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-02-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening komt te vervallen. Hiervoor komt de "Organisatieverordening van de gemeenteraad Heerde" in de plaats</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-19210</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad
            der gemeente Heerde.</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: de voorzitter van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="b."><al>amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerp-verordening
                                    of ontwerp-beslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te
                                    worden opgenomen;</al></li><li nr="c."><al>subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig
                                    amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden opgenomen
                                    in het amendement, waarop het betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp
                                    waardoor een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;</al></li><li nr="e."><al>voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                    vergadering;</al></li><li nr="f."><al>initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een
                                    ander voorstel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van het reglement van orde;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                    opdraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De griffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier is in elke vergadering van de raad aanwezig.</al></li><li nr="2."><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen
                                    door een door de raad daartoe aangewezen ambtenaar.</al></li><li nr="3."><al>Hij kan, indien hij daartoe door de voorzitter wordt
                                    uitgenodigd, aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement
                                    deelnemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De secretaris</titel></kop><al>De raad kan het college verzoeken de secretaris in de vergadering
                            aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als
                            bedoeld in dit reglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Het presidium.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad heeft een presidium.</al></li><li nr="2."><al>Het presidium bestaat uit de voorzitter en de
                                    fractievoorzitters. De griffier of diens vervanger is in elke
                                    vergadering van het presidium aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan voorstellen de secretaris uit te nodigen voor
                                    het presidium.</al></li><li nr="4."><al>Elke fractievoorzitter wijst een lid van de raad aan, dat hem
                                    bij zijn afwezigheid in het presidium vervangt.</al></li><li nr="5."><al>Elke fractievoorzitter heeft één stem in het presidium.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Toelating van nieuwe leden; fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de raad
                                    een commissie in bestaande uit drie leden van de raad. De
                                    commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking
                                    hebbende stukken van nieuw benoemde leden en de
                                    processen-verbaal van de stembureaus.</al></li><li nr="2."><al>De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven
                                    schriftelijk verslag uit aan de raad en doet daarbij een
                                    voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding
                                    gemaakt van een minderheidsstandpunt.</al></li><li nr="3."><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden
                                    van de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                                    samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                    voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></li><li nr="4."><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de
                                    voorzitter een nieuw benoemd lid van de raad op voor de
                                    vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt
                                    beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te
                                    leggen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Fractie</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De leden van de raad, die door het centraal stembureau op
                                    dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de
                                    aanvang van de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een
                                    lijstnummer slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een
                                    afzonderlijke fractie beschouwd.</al></li><li nr="2"><al>Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst,
                                    voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien
                                    geen aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, deelt de
                                    fractie in de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter
                                    mee welke naam deze fractie in de raad wil voeren.</al></li><li nr="3"><al>De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als
                                    diens plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk
                                    doorgegeven aan de voorzitter.</al></li><li nr="4"><al/><lijst><li nr="a"><al>Indien:</al><lijst><li nr="1°"><al>één of meer leden van een fractie als
                                                  zelfstandige fractie gaan optreden;</al></li><li nr="2°"><al>twee of meer fracties als één fractie gaan
                                                  optreden;</al></li><li nr="3°"><al>één of meer leden van een fractie zich
                                                  aansluiten bij een andere fractie; wordt hiervan
                                                  zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan
                                                  aan de voorzitter.</al></li></lijst></li><li nr="b"><al>Met de onder a beschreven veranderde situatie wordt
                                            rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende
                                            vergadering van de raad na de mededeling daarvan.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen van de raad vinden plaats overeenkomstig
                                        een jaarlijks vast te stellen rooster en worden gehouden in
                                        het gemeentehuis.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover overleg in het presidium, tenzij er
                                        sprake is van een spoedeisende situatie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste 10 dagen voor een vergadering
                                        de leden van de raad een schriftelijke oproep onder
                                        vermelding van dag, tijdstip en plaats van de
                                        vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van
                                        de Gemeentewet bedoelde stukken worden tegelijkertijd met de
                                        schriftelijke oproep aan de leden van de raad
                                        verzonden.</al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
                                        in artikel 8, tweede lid, worden deze agenda en de daarop
                                        vermelde voorstellen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48
                                        uur voor aanvang van de vergadering aan de leden van de raad
                                        gezonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt het
                                        presidium de voorlopige agenda van de vergadering vast.</al></li><li nr="2."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de
                                        aanvang van een vergadering een aanvullende agenda
                                        opstellen.</al></li><li nr="3."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast.
                                        Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de
                                        raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de
                                        agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                        beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp
                                        verwijzen naar een commissie of aan het college nadere
                                        inlichtingen of advies vragen.</al></li><li nr="5."><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan
                                        de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten
                                        wijzigen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>De wethouder</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De wethouders worden geacht in de vergadering aanwezig te
                                        zijn en aan de beraadslagingen deel te nemen.</al></li><li nr="2."><al>Het presidium kan een of meer wethouders uitdrukkelijk
                                        uitnodigen om in de vergadering aanwezig te zijn en aan de
                                        beraadslagingen deel te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                        verzenden van de schriftelijke oproep voor een ieder op het
                                        gemeentehuis ter inzage gelegd. De voorzitter maakt van de
                                        terinzagelegging melding in de openbare kennisgeving bedoeld
                                        in artikel 13. Indien na het verzenden van de schriftelijke
                                        oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan
                                        mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk in
                                        een openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of
                                        tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder
                                        berusting van de griffier en verleent de griffier de leden
                                        van de raad inzage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De vergadering wordt door aankondiging in de gemeentelijke
                                        informatiepagina van een plaatselijk huis-aan-huisblad of op
                                        de voor afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en
                                        zo mogelijk door plaatsing op de internetsite van de
                                        gemeente ter openbare kennis gebracht.</al></li><li nr="2"><al>De openbare kennisgeving vermeldt:</al><lijst><li nr="a"><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al></li><li nr="b"><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken
                                                kan inzien;</al></li><li nr="c"><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 17.</al><al/></li></lijst></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid van de
                                        raad onmiddellijk de presentielijst. </al></li><li nr="2."><al>Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de
                                        voorzitter ( ) door ondertekening vastgesteld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben
                                        een vaste zitplaats, door de voorzitter zo mogelijk na
                                        overleg in het presidium bij aanvang van iedere nieuwe
                                        zittingsperiode van de raad aangewezen.</al></li><li nr="2."><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de
                                        indeling herzien na overleg in het presidium.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de
                                        wethouders, secretaris en overige personen, die voor de
                                        vergadering zijn uitgenodigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Opening vergadering; ambtsgebed en quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering met het ambtsgebed op het
                                        vastgestelde uur, indien het daarvoor door de wet vereiste
                                        aantal leden van de raad blijkens de presentielijst aanwezig
                                        is.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na
                                        voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van
                                        de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van
                                        de Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige
                                        burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het
                                        woord voeren over geagendeerde onderwerpen.</al></li><li nr="2"><al>Het woord kan niet gevoerd worden:</al><lijst><li nr="a"><al>over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                                bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft
                                                opengestaan;</al></li><li nr="b"><al>over benoemingen, keuzen, voordrachten of
                                                aanbevelingen van personen;</al></li></lijst></li><li nr="3"><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                        ten minste 48 uur voor
                                                (<vet><onderstreept>wijzigingsvoorstel: uiterlijk om
                                                10.00 uur van de dag waarop de vergadering wordt
                                                gehouden</onderstreept></vet>) de aanvang van de
                                        vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam,
                                        adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het
                                        woord wil voeren.</al></li><li nr="4"><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                        voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                        belang is van de orde van de vergadering.</al></li><li nr="5"><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                        voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers
                                        als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens
                                        in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van
                                        de spreektijd.</al></li><li nr="6"><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
                                        heeft verleend. De voorzitter of een lid van de raad doet
                                        een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de
                                        burger.</al></li><li nr="7"><al>Nadat een spreker het woord heeft gevoerd, gaat de
                                        voorzitter na of één of meer raadsleden op het gesprokene
                                        wensen te reageren. Indien het geval blijkt te zijn, dan
                                        biedt de voorzitter hiertoe gelegenheid bij het betreffende
                                        agendapunt. De betreffende spreker kan vervolgens nog één
                                        keer reageren op hetgeen vanuit de raad naar voren is
                                        gebracht naar aanleiding van zijn inspraak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Primus bij hoofdelijke stemming</titel></kop><al>Alvorens de aangekondigde onderwerpen aan de orde te stellen deelt
                                de voorzitter mede, bij welk lid van de raad, de hoofdelijke
                                stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij loting een volgnummer van
                                de presentielijst aangewezen; bij het daar genoemde lid begint de
                                hoofdelijke stemming.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De ontwerp-notulen van de voorgaande vergadering worden, zo
                                        mogelijk, aan de leden van de raad toegezonden gelijktijdig
                                        met de schriftelijke oproep. </al></li><li nr="2"><al>Bij het begin van de vergadering worden, zoveel mogelijk, de
                                        notulen van de vorige vergadering vastgesteld.</al></li><li nr="3"><al>De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de
                                        secretaris hebben het recht, een voorstel tot verandering
                                        aan de raad te doen, indien de notulen onjuistheden bevatten
                                        of niet duidelijk weergeven hetgeen gezegd of besloten is.
                                    </al></li><li nr="4"><al>De notulen moeten inhouden:</al><lijst><li nr="a"><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                secretaris, de wethouders en de ter vergadering
                                                aanwezige leden, alsmede van de leden die afwezig
                                                waren en overige personen die het woord gevoerd
                                                hebben;</al></li><li nr="b"><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                geweest;</al></li><li nr="c"><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                                vermelding van de namen van de aanwezigen die het
                                                woord voerden;</al></li><li nr="d"><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                                vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van
                                                de leden die voor of tegen stemden, onder
                                                aantekening van de namen van de leden die zich
                                                overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben
                                                onthouden;</al></li><li nr="e"><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                                initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties,
                                                amendementen en subamendementen;</al></li><li nr="f"><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                hoedanigheid van die personen aan wie het op grond
                                                van het bepaalde in artikel 27 door de raad is
                                                toegestaan deel te nemen aan de
                                                beraadslagingen.</al></li></lijst></li><li nr="5"><al>De notulen worden opgesteld onder de zorg van de
                                        griffier.</al></li><li nr="6"><al>De vastgestelde notulen worden door de voorzitter en de
                                        griffier ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke
                                        mededelingen van het college aan de raad, worden op een
                                        lijst geplaatst. Deze lijst wordt aan de leden van de raad
                                        toegezonden en ter inzage gelegd.</al></li><li nr="2."><al>Onderdeel van elke reguliere raadsvergadering is het
                                        agendapunt “Ingekomen stukken”. Bij dat agendapunt worden de
                                        aan de raad gerichte brieven behandeld die sinds de
                                        verzending van de stukken voor de laatste raadsvergadering
                                        zijn ontvangen. De ingekomen stukken worden voorzien van een
                                        door de voorzitter en de griffier voorgestelde wijze van
                                        afdoening. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van de raad en overige aanwezigen spreken vanaf hun
                                        plaats of van de spreekplaats en richten zich tot de
                                        voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
                                        leden van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere
                                        plaats spreken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter
                                        gevraagd en van hem verkregen te hebben.</al></li><li nr="2."><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer een
                                        lid van de raad het woord vraagt over de orde van de
                                        vergadering.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.
                                        Daarbij bestaat slechts gedurende de eerste spreektermijn de
                                        gelegenheid om vragen aan (leden van) het college te
                                        stellen.</al></li><li nr="2"><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3"><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4"><al>Het derde lid is niet van toepassing op:</al><lijst><li nr="a"><al>de rapporteur van een commissie;</al></li><li nr="b"><al>het lid dat een (sub)amendement, een motie of een
                                                initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat betreft
                                                dat amendement, die motie of dat voorstel.</al></li></lijst></li><li nr="5"><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>Een lid van de raad kan een voorstel doen over de spreektijd van de
                                leden en de overige aanwezigen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord,
                                        tenzij</al><lijst><li nr="a"><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van dit reglement te herinneren;</al></li><li nr="b"><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen
                                                dat de spreker zonder verdere interrupties zijn
                                                betoog zal afronden.</al></li></lijst></li><li nr="2"><al>Indien een spreker, zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                        voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats
                                        heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
                                        ontzeggen.</al></li><li nr="3"><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                        sluiten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de
                                        raad beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de
                                        voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een
                                        door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of
                                        de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad.
                                        De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan bepalen dat anderen dan de in de vergadering
                                        aanwezige leden van de raad, de wethouder(s), de secretaris,
                                        de griffier en de voorzitter deelnemen aan de
                                        beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter
                                        of één der leden van de raad genomen alvorens met de
                                        beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde
                                        agendapunt een aanvang wordt genomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, heeft ieder lid het recht zijn uit te brengen stem kort te
                                motiveren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raad anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, vindt na een stemming
                                        over eventuele amendementen, de stemming plaats over het
                                        voorstel, zoals het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen
                                        stemming wordt gevraagd.</al></li><li nr="3."><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                        plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de
                                        te nemen eindbeslissing.</al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Procedures bij stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien
                                        geen stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet
                                        verlangt, stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder
                                        hoofdelijke stemming is aangenomen.</al></li><li nr="2."><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in de
                                        notulen vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                        tegengestemd of zich van stemming te hebben onthouden.</al></li><li nr="3."><al>Indien door een of meer leden stemming wordt gevraagd, doet
                                        de voorzitter daarvan mededeling.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter (of de griffier) roept de leden van de raad
                                        bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij
                                        het lid dat daarvoor overeenkomstig artikel 18 is
                                        aangewezen. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de
                                        volgorde van de presentielijst.</al></li><li nr="5."><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig
                                        lid dat zich niet van deelneming aan de stemming moet
                                        onthouden verplicht zijn stem uit te brengen.</al></li><li nr="6."><al>De leden brengen hun stem uit door het woord ‘voor’ of
                                        ‘tegen’ uit te spreken, zonder enige toevoeging.</al></li><li nr="7."><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                        dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het
                                        volgende lid gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing
                                        pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de
                                        stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij
                                        zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit
                                        echter geen verandering.</al></li><li nr="8."><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming
                                        mede, met vermelding van het aantal voor en tegen
                                        uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van
                                        het genomen besluit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een amendement op een aanhangig voorstel is
                                        ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd.</al></li><li nr="2."><al>Indien op een amendement een subamendement is ingediend,
                                        wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens
                                        over het amendement.</al></li><li nr="3."><al>Indien twee of meer amendementen of subamendementen op een
                                        aanhangig voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de
                                        volgorde waarin hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt
                                        de regel, dat het meest verstrekkende amendement of
                                        subamendement het eerst in stemming wordt gebracht.</al></li><li nr="4."><al>Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is
                                        ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en
                                        vervolgens over de motie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Wanneer een stemming over personen voor het doen van een
                                        voordracht of het opstellen van een voordracht of
                                        aanbeveling moet plaatshebben, benoemt de voorzitter twee
                                        leden tot stembureau.</al></li><li nr="2"><al>Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond
                                        van de Gemeentewet van stemming moet onthouden is verplicht
                                        een stembriefje in te leveren. De stembriefjes dienen
                                        identiek te zijn.</al></li><li nr="3"><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                        benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                        voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen
                                        worden samengevat op één briefje.</al></li><li nr="4"><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde
                                        stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge
                                        het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren.
                                        Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes
                                        vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe
                                        stemming gehouden.</al></li><li nr="5"><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld
                                        in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te
                                        hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje
                                        hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld
                                        stembriefje wordt verstaan:</al><lijst><li nr="a"><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="b"><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="c"><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                                tenzij de stemming verschillende vacatures
                                                betreft;</al></li><li nr="d"><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                                voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die
                                                niet is voorgedragen;</al></li><li nr="e"><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                                gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.</al></li></lijst></li><li nr="6"><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje
                                        beslist de raad, op voorstel van de voorzitter.</al></li><li nr="7"><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes
                                        onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Herstemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte
                                        meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming
                                        overgegaan.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de
                                        volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde
                                        stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede
                                        stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij
                                        de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee
                                        personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming
                                        uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal
                                        plaatshebben.</al></li><li nr="3."><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de
                                        stemmen staken, beslist terstond het lot.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Beslissing door het lot</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen
                                        tussen wie de beslissing moet plaatshebben, door de
                                        voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes
                                        geschreven.</al></li><li nr="2."><al>Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn
                                        gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                        gedeponeerd en omgeschud.</al></li><li nr="3."><al>Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de
                                        stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is
                                        gekozen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Rechten van leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan tot het sluiten van de beraadslagingen
                                    amendementen indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden
                                    om een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te
                                    splitsen, waarover afzonderlijke besluitvorming zal
                                    plaatsvinden. Alleen beraadslaagd kan worden over amendementen
                                    die ingediend zijn door leden van de raad, die de presentielijst
                                    getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn.</al></li><li nr="2."><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                    amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                    stellen (subamendement).</al></li><li nr="3."><al>Elk (sub)amendement en elk voorstel moet om in behandeling
                                    genomen te kunnen worden schriftelijk bij de voorzitter worden
                                    ingediend, tenzij de voorzitter - met het oog op het eenvoudige
                                    karakter van het voorgestelde -oordeelt, dat met een mondelinge
                                    indiening kan worden volstaan.</al></li><li nr="4."><al>Intrekking, door de indiener(s), van het (sub)amendement is
                                    mogelijk, totdat de besluitvorming door de raad heeft
                                    plaatsgevonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan ter vergadering een motie
                                    indienen.</al></li><li nr="2."><al>Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                    schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of
                                    voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp
                                    of voorstel plaats.</al></li><li nr="4."><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda
                                    opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda
                                    voorkomende onderwerpen zijn behandeld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid van de raad kunnen tijdens de
                                    vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan
                                    worden toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen
                                    worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de
                                    eerstvolgende vergadering, tenzij de indiener heeft verzocht om
                                    het voorstel op de agenda van een daaropvolgende vergadering te
                                    plaatsen.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de
                                    agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld,
                                    tenzij de raad oordeelt dat het voorstel met het oog op de orde
                                    van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of
                                    onderwerp dient te worden behandeld, het voorstel eerst dient te
                                    worden behandeld in een raadscommissie of voor advies naar het
                                    college dient te worden gezonden. In het laatste geval bepaalt
                                    de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd
                                    wordt.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling
                                    van een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een
                                    verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een voorstel voor een verordening of een ander voorstel van het
                                    college aan de raad, dat vermeld staat op de agenda van de
                                    raadsvergadering, kan niet worden ingetrokken zonder toestemming
                                    van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Indien de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in
                                    het eerste lid voor advies terug aan het college moet worden
                                    gezonden, bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel
                                    opnieuw geagendeerd wordt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt,
                                    behoudens in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende
                                    gevallen, ten minste 48 uur voor de aanvang van de vergadering
                                    schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Het verzoek bevat een
                                    duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen
                                    worden verlangd alsmede de te stellen vragen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig
                                    mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en de
                                    wethouders. Bij de behandeling van de ingekomen stukken van de
                                    eerstvolgende vergadering na indiening van het verzoek wordt het
                                    verzoek in stemming gebracht. De raad bepaalt op welk tijdstip
                                    tijdens de vergadering de interpellatie zal worden
                                    gehouden.</al></li><li nr="3."><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de
                                    overige leden van de raad, de burgemeester en de wethouders niet
                                    meer dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De
                                    vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Bij de vragen
                                    wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge beantwoording
                                    wordt verlangd.</al></li><li nr="2."><al>De vragen worden bij de voorzitter van de raad ingediend. Deze
                                    draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis
                                    van de overige leden van de raad en het college worden
                                    gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
                                    ieder geval binnen dertig dagen, nadat de vragen zijn
                                    binnengekomen. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen
                                    deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het (verantwoordelijk lid
                                    van het) college de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis,
                                    waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording
                                    zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een
                                    antwoord.</al></li><li nr="4."><al>De antwoorden worden door het (verantwoordelijk lid van het)
                                    college aan de leden van de raad medegedeeld.</al></li><li nr="5."><al>De vragen en antwoorden worden gelijktijdig met de stukken als
                                    bedoeld in artikel 20 aan de leden van de raad toegezonden.</al></li><li nr="6."><al>De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording
                                    in dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de
                                    agenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen
                                    omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven
                                    antwoord, tenzij de raad anders beslist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als
                                    bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van
                                    de Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe schriftelijk
                                    ingediend bij het college of de burgemeester.</al></li><li nr="2."><al>Een afschrift van dit verzoek wordt door de indiener in
                                    afschrift toegezonden aan de raad.</al></li><li nr="3."><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                    eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven.</al></li><li nr="4."><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                    vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Begroting en rekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding,
                            het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van de begroting
                            volgens een procedure die de raad vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding
                            en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de
                            vaststelling van de jaarrekening en van een eventueel
                            indemniteitsbesluit volgens een procedure die de raad vaststelt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Verslag; verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de
                                    secretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van
                                    het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander
                                    gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
                                    gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht (om in
                                    aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken
                                    òf voor het sluiten van de vergadering) verslag te doen over
                                    zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn.
                                    Door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de
                                    voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie.</al></li><li nr="2."><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het
                                    stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 37,
                                    zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze
                                    van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan
                                    daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld
                                    in artikel 38, zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere
                                    organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden
                                    heeft benoemd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De notulen van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld,
                                    maar liggen uitsluitend voor de leden ter inzage.</al></li><li nr="2."><al>Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet
                                    openbaar maken van deze notulen. De vastgestelde notulen worden
                                    door de voorzitter en de griffier ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad
                            overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raad kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, artikel 55,
                            tweede en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt, indien
                            daarom wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd,
                            in een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                            gevoerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de raadsvergadering geluid- dan
                            wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de
                            voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>52</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter, niet
                            toegestaan.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>53</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>54</nr><titel>In werking treden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit reglement treedt in werking op de dag van bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt het reglement van orde voor de
                                    vergaderingen van de raad van de gemeente Heerde, vastgesteld
                                    bij raadsbesluit van 22 april 2002.</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare raadsvergadering d.d. 10 april 2006.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>griffier, voorzitter, </ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Heerde/i52985.pdf">Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad der gemeente Heerde.10-04-2006.pdf</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>