<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR10965_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Overlastverordening 1994</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hoorn</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-23</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hoorn</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 1994=04b</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Overlastverordening Hoorn 1994</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>1994-02-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1994-05-13</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-06-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1994 93.11553</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>140 openbare orde en veiligheid</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>320A</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Overlastverordening 1994
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>1:</nr>
            <titel>Begripsomschrijving.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="A"><al>Inrichting:</al><lijst>
                  <li nr="a"><al>inrichting waarin een bedrijf of werkzaamheid als
                                            bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a of c van de
                                            Drank- en Horecawet wordt uitgeoefend, zomede de daarbij
                                            behorende terrassen;</al></li>
                  <li nr="b"><al>alle overige al dan niet openbaar toegankelijke
                                            localiteiten, open plaatsen, tuinen of gedeelten
                                            daarvan, zomede de daarbij behorende terrassen, de
                                            daaraan grenzende en de daarmee gemeenschap hebbende
                                            vertrekken, die niet uitsluitend als woning of winkel
                                            (met uitzondering van afhaalcentra) worden gebruikt,
                                            voor zover daar regelmatig en/of op gezette tijden:</al><lijst>
                      <li nr="1"><al>gelegenheid wordt gegeven anders dan om niet
                                                  enigerlei eet- en/of drinkwaren te verkrijgen
                                                  en/of te verbruiken, dan wel;</al></li>
                      <li nr="2"><al>amusement of ontspanning wordt aangeboden;</al></li>
                    </lijst></li>
                </lijst></li>
              <li nr="B"><al>Bezoeker:</al><al>een ieder die zich in een inrichting bevindt, met uitzondering
                                    van:</al><lijst>
                  <li nr="a"><al>de gezinsleden van de ondernemer en/of feitelijk
                                            exploitant van de inrichting;</al></li>
                  <li nr="b"><al>de personen wier tegenwoordigheid in de inrichting
                                            wegens dringende omstandigheden vereist wordt.</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="C"><al>Exploitant:</al><al>degene die de inrichting beheert en dagelijks begeleidt.</al></li>
              <li nr="D"><al>Ondernemer:</al><al>een ieder die over een inrichting enige zeggenschap uitoefent
                                    krachtens een zakelijk of persoonlijk recht.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>2:</nr>
            <titel>Vergunningsplicht.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
            </kop>
            <al>Onverminderd het bepaalde in de Algemene Plaatselijke Verordening in de
                            gemeente Hoorn is voor het exploiteren van een inrichting als bedoeld in
                            deze verordening een vergunning van de burgemeester vereist.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>3:</nr>
            <titel>Vergunning.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>De ondernemer dient bij de aanvraag om een vergunning een
                                nauwkeurige beschrijving van de inrichting over te leggen waarbij is
                                opgenomen de oppervlakte daarvan en waarvan een plattegrond van de
                                inrichting is toegevoegd. Tevens dient hij, indien hij niet tevens
                                de eigenaar van de inrichting is, een verklaring van laatstgenoemde
                                te overleggen waaruit blijkt dat hij door deze gerechtigd is als
                                ondernemer over de de ruimte te beschikken. Voorts dient hij aan te
                                geven wie de exploitant is en op welke wijze de inrichting zal
                                worden geëxploiteerd. Op de aanvraag wordt de datum van ontvangst
                                aangetekend.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De vergunning kan uitsluitend worden gesteld ten name van de
                                ondernemer en is niet overdraagbaar. Op de vergunning wordt de naam
                                van de exploitant vermeld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>De eigenaar van de inrichting zal, indien deze niet tevens de
                                ondernemer is, van verlenging, wijziging of intrekking van de
                                vergunning in kennis worden gesteld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>De burgemeester kan bij openbare kennisgeving nadere regelen
                                vaststellen omtrent de inhoud, inrichting, vorm en wijze van
                                indiening van de aanvraag.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Indien de ondernemer niet voldoet aan de bij of krachtens het eerste
                                en vierde lid gestelde regelen, wordt hij door de burgemeester in de
                                gelegenheid gesteld om binnen twee weken de aanvraag aan te
                                vullen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>De burgemeester beslist binnen dertien weken op de aanvraag. De
                                beslissing kan eenmaal voor ten hoogste dertien weken worden
                                verdaagd, waarvan kennis wordt gedaan aan degeen die de aanvraag
                                heeft ingediend.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Gedurende de beslissingsperiode, als bedoeld in het eerste lid, is
                                het toegestaan de exploitatie van een bestaande inrichting voort te
                                zetten, met inachtneming van de voorschriften, verbonden aan de
                                bestaande vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Door de burgemeester wordt de vergunning slechts verleend indien
                                naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en
                                leefsituatie in de naaste omgeving door de aanwezigheid van de
                                inrichting niet ontoelaatbaar nadelig wordt beïnvloed.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Bij de toepassing van het in het vorige lid genoemde criterium wordt
                                door de burgemeester rekening gehouden met het karakter van de
                                straat en van de wijk waarin de inrichting is gelegen of zal komen
                                te liggen, alsmede met de aard van de inrichting. Voorts betrekt hij
                                in de beoordeling van de aanvraag de spanning waaraan het woonmilieu
                                ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
            </kop>
            <al>Bij het onherroepelijk worden van een verleende nieuwe vergunning
                            vervalt de oude vergunning van rechtswege.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>4:</nr>
            <titel>Voorlopige vergunning.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Indien naar het oordeel van de burgemeester onvoldoende vaststaat of
                                wordt voldaan aan het criterium, gesteld in artikel 4, derde lid,
                                kan door de burgemeester een vergunning worden afgegeven voor een
                                bepaalde proefperiode. De proefperiode kan de duur van een half jaar
                                niet overschrijden.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Indien gedurende de proefperiode als bedoeld in het eerste lid
                                blijkt, dat niet voldaan wordt aan het gestelde criterium als
                                bedoeld in artikel 4, derde lid, kan door de burgemeester nadere
                                voorschriften worden gesteld of kan de burgemeester de tijdelijke
                                vergunning intrekken.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Indien tijdens de proefperiode niet van bezwaren is gebleken, gaat
                                de tijdelijke vergunning van rechtswege over in een vergunning
                                zonder tijdsbepaling.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>5:</nr>
            <titel>Overschrijving van vergunning.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Indien de inrichting wordt overgenomen door een nieuwe ondernemer en
                                deze aantoont dat de aard van de inrichting en overige
                                omstandigheden ongewijzigd blijven, kan de burgemeester op een
                                daartoe strekkend schriftelijk verzoek de vergunning op zijn naam
                                overschrijven, zonder dat daarbij een aanvraag voor een nieuwe
                                vergunning is vereist.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Indien in de inrichting een wisseling van de exploitant plaatsvindt
                                en door de ondernemer wordt aangetoond dat de aard van de inrichting
                                en de overige omstandigheden ongewijzigd blijven, kan de
                                burgemeester op een daartoe strekkend schriftelijk verzoek de
                                vergunning in dier voege wijzigen dat daarin de naam van de nieuwe
                                exploitant wordt vermeld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Per inrichting kan niet meer dan één aanvraag gelijktijdig in
                                behandeling zijn of worden genomen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Door de burgemeester wordt binnen dertien weken na de datum, waarop
                                het verzoek als bedoeld in het eerste respectievelijk tweede lid
                                werd ingediend, beslist. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Gedurende de periode, die benodigd is om te komen tot de beslissing
                                als bedoeld in het vierde lid, is het de (nieuwe) ondernemer
                                toegestaan, de exploitatie voort te zetten met inachtneming van de
                                voorschriften verbonden aan de bestaande vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>6.</lidnr>
              <al>Indien de (nieuwe) ondernemer niet binnen vier weken na ontvangst
                                van een afwijzende beslissing als bedoeld in het vierde lid alsnog
                                conform de procedure van titel 3 een aanvraag voor een nieuwe
                                vergunning indient, kan de burgemeester de bestaande vergunning
                                intrekken.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
            </kop>
            <al>De burgemeester kan aan de vergunning voorschriften verbinden, zulks ter
                            bescherming van het woon- en leefklimaat als bedoeld in artikel 4, lid
                            3.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>6:</nr>
            <titel>Wijziging vergunningsvoorschriften en intrekking vergunning.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
            </kop>
            <al>De burgemeester kan de vergunning intrekken, dan wel de
                            vergunningsvoorschriften wijzigen:</al>
            <lijst>
              <li nr="a"><al>indien blijkt, dat de vergunning tengevolge van een onjuiste of
                                    onvolledige opgave is verleend;</al></li>
              <li nr="b"><al>indien naar zijn oordeel niet meer wordt voldaan aan het
                                    bepaalde in artikel 4, derde lid;</al></li>
              <li nr="c"><al>indien gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden
                                    voorschriften;</al></li>
              <li nr="d"><al>indien de exploitatie van de inrichting voor een periode van
                                    langer dan een half jaar is of wordt onderbroken;</al></li>
              <li nr="e"><al>indien er sprake is van een gewijzigde exploitatie waarvoor geen
                                    nieuwe vergunning is aangevraagd.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>7:</nr>
            <titel>Handhaving.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Indien de ondernemer van een inrichting handelt in strijd met
                                artikel 11 of 12 kan de burgemeester de inrichting al dan niet voor
                                een bepaalde duur gesloten verklaren.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De sluiting voor onbepaalde duur kan op verzoek van belanghebbenden
                                door de burgemeester worden opgeheven, wanneer later bekend geworden
                                feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven en naar zijn
                                oordeel voldoende garanties aanwezig zijn, dat geen herhaling van de
                                gronden die tot sluiting hebben geleid, zal plaatsvinden.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
            </kop>
            <al>Het is verboden een inrichting als bedoeld in artikel 1 onder a. te
                            exploiteren, zonder daartoe in het bezit te zijn van een vergunning als
                            bedoeld in artikel 2.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
            </kop>
            <al>Het is verboden een inrichting te exploiteren in strijd met de aan de
                            vergunning verbonden voorschriften.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het is verboden na het van kracht worden van de sluiting als bedoeld
                                in artikel 10, bezoekers tot de inrichting toe te laten of daarin te
                                laten verblijven.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het is een ieder verboden in een bij besluit van de burgemeester
                                gesloten inrichting als bezoeker te verblijven.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14</nr>
            </kop>
            <al>Zo dikwijls de handhaving van deze verordening zulks vereist, wordt
                            hierbij hen, die met de handhaving van deze verordening zijn belast of
                            daaraan moeten meewerken, de last verstrekt de inrichting te allen tijde
                            te betreden of binnen te treden, voorzover zulks woningen betreft, met
                            inachtneming van het bepaalde bij de Wet van 31 augustus 1853, Stb. 83,
                            zoals nadien gewijzigd, alsmede het bepaalde in artikel 128, zesde lid,
                            van de (nieuwe) Gemeentewet.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15</nr>
            </kop>
            <al>Met de zorg voor de handhaving van deze verordening zijn, behalve de in
                            artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde
                            opsporingsambtenaren, mede belast de door de burgemeester aan te wijzen
                            ambtenaren van Bouw- en Milieuzaken voor zover het zaken betreft die aan
                            hun toezicht zijn toevertrouwd.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Overtreding van het bepaalde in de artikelen 11, 12 en 13 wordt
                                gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete
                                van de tweede categorie.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Daarnaast kan overtreding van de in het vorige lid genoemde
                                artikelen worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke
                                uitspraak.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>8:</nr>
            <titel>Overgangs- en slotbepaling.</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17</nr>
            </kop>
            <al>Aan een ondernemer van een inrichting welke ten tijde van het inwerking
                            treden van deze verordening, in het bezit is van een ontheffing als
                            bedoeld in artikel 2, lid 1 van de Verordening inzake het verstrekken
                            van alcoholhoudende drank in de binnenstad, dan wel een vergunning als
                            bedoeld in de Overlastverordening Hoorn, wordt geacht een vergunning
                            krachtens deze verordening (Overlastverordening Hoorn 1994) te zijn
                            verleend, zulks met inachtneming van gelijkluidende voorwaarden, welke
                            daaraan zijn verbonden.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Overlastverordening
                                Hoorn 1994.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Op het tijdstip van inwerkingtreding van de in het eerste lid
                                bedoelde verordening vervalt de Overlastverordening Hoorn zoals
                                vastgesteld op 26 mei 1987 onder nummer 426387A.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>