<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR109338_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de naamgeving van de openbare ruimte, afbakening en nummeraanduiding adressen gemeente Lochem 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lochem</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-08-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lochem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Berkelbode, 06-07-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening naamgeving en nummering (adressen) 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0023466">Wet basisadministraties adressen en gebouwen, art. 6</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-06-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-07-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2009-07-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2025-06-19</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2011-006897</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de naamgeving van de openbare ruimte, afbakening en nummeraanduiding adressen gemeente Lochem 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Lochem;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van 24 mei 2011;</al><al/><al>gelet op artikel 6 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen,
                        artikel 147 van de Gemeentewet, de artikelen 108, eerste lid, en artikel
                        149 van de Gemeentewet en artikel 156, eerste lid, van de
                        Gemeentewet;</al><al/><al>overwegende dat:</al><al/><al>er een verplichting bestaat tot het wettelijk regelen van de naamgeving
                        van (delen van) de openbare ruimte, de afbakening van panden en de
                        nummering van verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen;</al><al/><al>besluit </al><al/><al>vast te stellen de volgende: </al><al/><al>Verordening op de naamgeving van de openbare ruimte, afbakening en
                        nummeraanduiding adressen gemeente Lochem 2011;</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening (en de daarop berustende bepalingen) wordt verstaan
                            onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Adres: door het college aan een verblijfsobject, een standplaats
                                    of een ligplaats toegekende benaming, bestaande uit een
                                    combinatie van de naam van een openbare ruimte, een
                                    nummeraanduiding en de naam van een woonplaats.</al></li><li nr="b."><al>Afgebakend terrein: een terrein met een kunstmatige of
                                    natuurlijke afbakening, waarop zich geen verblijfsobjecten
                                    bevinden en dat betreedbaar en afsluitbaar is.</al></li><li nr="c."><al>College: het college van burgemeester en wethouders.</al></li><li nr="d."><al>Convenant: het tussen de Minister van Volkshuisvesting,
                                    Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de Vereniging van
                                    Nederlandse Gemeenten en de Koninklijke TPG Post BV gesloten
                                    Kader Convenant en Nader Convenant inzake postcodes.</al></li><li nr="e."><al>Ligplaats: door het college als zodanig aangewezen plaats in het
                                    water, al dan niet aangevuld met een op de oever aanwezig
                                    terrein of een gedeelte daarvan, die is bestemd voor het
                                    permanent afmeren van een voor woon-, bedrijfsmatige of
                                    recreatieve doeleinden geschikt vaartuig.</al></li><li nr="f."><al>Nummeraanduiding: door het college als zodanig toegekende
                                    aanduiding van een verblijfsobject, een standplaats, een
                                    ligplaats en een afgebakend terrein dat bestaat uit een of meer
                                    Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter-
                                    en/of cijfercombinatie.</al></li><li nr="g."><al>Openbare ruimte: door het college als zodanig aangewezen en van
                                    een naam voorziene buitenruimte die binnen één woonplaats is
                                    gelegen.</al></li><li nr="h."><al>Pand: kleinste bij de totstandkoming functioneel en
                                    bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en
                                    duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar
                                    is.</al></li><li nr="i."><al>Rechthebbende: een ieder die krachtens eigendom of een beperkt
                                    zakelijk recht of een persoonlijk recht zodanig beschikking
                                    heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht
                                    bevoegd is om in die zaak te handelen zoals in de verordening is
                                    voorgeschreven, alsmede de beheerder.</al></li><li nr="j."><al>Standplaats: door het college als zodanig aangewezen terrein of
                                    een gedeelte daarvan dat is bestemd voor het permanent plaatsen
                                    van een niet direct en duurzaam met de aarde verbonden en voor
                                    woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikte
                                    ruimte.</al></li><li nr="k."><al>Uitvoeringsvoorschriften: nadere bepalingen inzake naamgeving en
                                    nummering (adressen).</al></li><li nr="l."><al>Verblijfsobject: de kleinste binnen één of meerdere panden
                                    gelegen en voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden
                                    geschikte eenheid van gebruik die ontsloten wordt via een eigen
                                    afsluitbare toegang vanaf de openbare weg, een erf of een
                                    gedeelde verkeersruimte, die onderwerp kan zijn van
                                    goederenrechtelijke rechtshandelingen en in functioneel opzicht
                                    zelfstandig is.</al></li><li nr="m."><al>Wijk- en buurtindeling: een indeling van de gemeente in wijken
                                    en buurten conform de eisen die het CBS aan deze indeling
                                    verbindt.</al></li><li nr="n."><al>Woonplaats: door het college als zodanig aangewezen en van een
                                    naam voorzien gedeelte van het grondgebied van de gemeente.</al></li><li nr="o."><al>De Wet: Wet basisregistraties adressen en gebouwen. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>Naamgeving en begrenzing van woonplaatsen, toekennen van namen aan de
                            openbare ruimte, het nummeren van verblijfsobjecten, ligplaatsen,
                            standplaatsen en afgebakende terreinen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt de grens en de naam van de woonplaats(en) vast en
                                kan desgewenst de woonplaats(en), al dan niet op basis van
                                bouwblokken, in wijken en buurten verdelen en aanduiden met namen,
                                zo nodig met letters en nummers.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kent per woonplaats namen toe aan delen van de openbare
                                ruimte en zo nodig aan gemeentelijke gebouwen en bouwwerken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Onder vaststellen, verdelen, aanduiden en toekennen, zoals bedoeld
                                in het eerste lid en tweede lid, wordt tevens begrepen het wijzigen
                                en intrekken daarvan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt de ligplaatsen en standplaatsen vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kent binnen het grondgebied van de gemeente nummers toe
                                aan verblijfsobjecten, ligplaatsen en standplaatsen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college bepaalt de afbakening van panden, verblijfsobjecten,
                                standplaatsen en ligplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De toekenning of afbakening, zoals bedoeld in het tweede en derde
                                lid, kan ook op voor personen toegankelijke objecten, zijnde niet
                                verblijfsobjecten of op afgebakende terreinen worden toegepast,
                                indien dat naar oordeel van het college noodzakelijk is.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Onder vaststellen, toekennen en bepalen, zoals bedoeld in het eerste
                                tot en met vierde lid, wordt tevens begrepen het wijzigen en
                                intrekken daarvan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De door het college toegekende namen, zoals vervat in artikel 2,
                                worden door of in opdracht van de gemeente blijvend zichtbaar en in
                                voldoende aantallen ter plaatse aangebracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aan objecten, zoals aangegeven in artikel 3, waarvoor een nummer is
                                vastgesteld moet dat nummer op een doeltreffende wijze zijn
                                aangebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het is eenieder die daartoe niet is bevoegd is, verboden namen aan
                                de openbare ruimte en woonplaatsen, wijken en buurten toe te kennen
                                door deze op zichtbare wijze aan te brengen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het is een ieder die daartoe niet is bevoegd, verboden aan een pand
                                of verblijfsobject, stand- of ligplaats of afgebakend terrein
                                nummers toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te
                                brengen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>Plaatsen van naam- en nummerborden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Gedoogplicht naamborden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien het college het nodig oordeelt dat borden met een wijk- of
                                buurtaanduiding, borden met namen van de openbare ruimte,
                                naamverwijsborden, nummerborden, nummer-verzamelborden en andere
                                (verwijs)aanduidingen aan een bouwwerk, gebouw, muur, paal,
                                schutting of een andere soort terreinafscheiding worden aangebracht,
                                draagt de rechthebbende er zorg voor dat de hier bedoelde borden
                                vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van het
                                college worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of
                                verwijderd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college het noodzakelijk acht om een naambord, waarop de
                                vervallen naam is doorgehaald, tijdelijk naast het naambord met de
                                nieuwe naam te handhaven zal de rechthebbende dit toelaten als
                                daaraan door het college een termijn van niet langer dan een jaar is
                                verbonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbende zorgt er voor dat de in het eerste en tweede lid
                                bedoelde borden vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar
                                blijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Verplichting tot aanbrengen van nummerborden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tenzij het college anders heeft besloten, zorgt de rechthebbende van
                                een object er voor dat de nummers, zoals bedoeld in artikel 3,
                                tweede lid, worden aangebracht op een wijze zoals krachtens artikel
                                7 is bepaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rechthebbende draagt er zorg voor dat de in het eerste lid
                                genoemde nummers binnen vier weken na kennisgeving van het besluit
                                van het college zijn aangebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een verblijfsobjecten, ligplaatsen, standplaatsen of
                                afgebakend terrein nog niet is voltooid, wordt het nummer binnen
                                vier weken na voltooiing aangebracht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het college heeft besloten om een nummerbord, waarop het
                                vervallen nummer is doorgehaald, naast het nummerbord met het nieuwe
                                nummer te handhaven zal de rechthebbende dit toelaten of daar
                                uitvoering aan geven als daaraan door het college een termijn van
                                niet langer dan een jaar is verbonden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan de in het tweede en derde lid genoemde termijn
                                verlengen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Uitvoeringsvoorschriften</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan uitvoeringsvoorschriften vaststellen betreffende het
                                proces en de wijze van:</al><lijst><li nr="a."><al>naamgeving en van begrenzing van woonplaatsen, wijken,
                                        buurten en bouwblokken;</al></li><li nr="b."><al>naamgeving en begrenzing van de openbare ruimte;</al></li><li nr="c."><al>nummering van verblijfsobjecten, ligplaatsen en
                                        standplaatsen en afgebakende terreinen;</al></li><li nr="d."><al>opmaak van formulieren, besluiten en verklaringen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uitvoeringsvoorschriften zijn niet strijdig met het convenant
                                inzake postcodes.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Overtreding van artikel 4, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel
                                6, eerste tot en met het vierde lid, wordt gestraft met een
                                geldboete van de eerste categorie, zoals aangeduid in het Wetboek
                                van Strafrecht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De opsporing van de in het eerste lid strafbaar gestelde feiten is,
                                naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde
                                opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door het college met
                                zorg voor de naleving van deze verordening zijn belast, ieder voor
                                zover het de feiten betreft die in de aanwijzing zijn vermeld. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De verordening treedt in werking op de dag na de datum van
                                bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening is met terugwerkende kracht van toepassing met
                                ingang van 1 juli 2009.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Vervallen oude regels</titel></kop><al>Met de inwerkingtreding van deze verordening vervallen alle eerdere
                            gemeentelijke regels en voorschriften voor het benoemen van delen van de
                            openbare ruimte en het nummeren van de daaraan liggende objecten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Namen en nummers die op grond van de in artikel 10 genoemde regels
                                en voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na
                                inwerkingtreding van deze verordening bestaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op
                                grond van de in het eerste lid genoemde regels en voorschriften
                                aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn
                                moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij
                                of krachtens deze verordening gestelde voorschriften.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening naamgeving en
                            nummering (adressen)’.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 27 juni 2011.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>J.P. Stegeman F.J. Spekreijse</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>Artikelsgewijze toelichting</nr><titel/></kop><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Artikel 1.</tussenkop><al>De begripsomschrijvingen zijn aangepast aan de omschrijving zoals opgenomen in
                    artikel 1 van de wet. Daardoor zijn de voorheen in de verordening gehanteerde
                    begrippen straatnaam, huisnummer, object, gebouw, complex en bouwwerk komen te
                    vervallen. Verblijfsobject, pand, nummeraanduiding, wijk- en buurtindeling,
                    woonplaats en convenant zijn aan de begripsomschrijvingen toegevoegd. De overige
                    begrippen zijn ongewijzigd gebleven. Voor de goede orde wordt gewezen op het
                    feit dat het begrip &lt; openbare ruimte &gt; onder punt g niet precies
                    overeenkomt met de openbare ruimte die wordt gebezigd in het spraakgebruik.</al><tussenkop>Artikel 2.</tussenkop><al>Het eerste lid regelt het vaststellen en begrenzen van de woonplaats(en). Het
                    totale grondgebied van de gemeente moet in een of meer woonplaatsen worden
                    opgedeeld. Dit betekent, dat de gemeentegrens altijd samenvalt met de
                    woonplaatsgrenzen. Verder biedt het eerste lid de mogelijkheid om woonplaatsen
                    te verdelen in wijken en buurten. In het kader van de Volkstelling 1971 is
                    tussen gemeenten, de provinciale planologische diensten en het Centraal Bureau
                    voor de Statistiek (CBS) een gebiedsindeling overeengekomen, die wordt aangeduid
                    met de term CBS wijk- en buurtindeling. Deze indeling werd noodzakelijk geacht,
                    omdat op provinciaal en landelijk niveau behoefte bestond aan inzicht in de
                    onderverdeling van het gemeentelijk grondgebied. </al><al>Het tweede lid regelt het per woonplaats benoemen van openbare ruimte. In de Wet
                    BAG zijn geen bepalingen opgenomen over de grenzen van benoemde delen van de
                    openbare ruimte. Daar is in de verordening wel voor gekozen om te voorkomen dat
                    delen van de openbare ruimte, onbedoeld, een dubbele naam krijgen of deels geen
                    naam krijgen vanwege onduidelijkheid over de begrenzingen. Voor de meeste
                    gemeenten is het vastleggen van begrenzingen van benoemde delen van de openbare
                    ruimte al dagelijkse praktijk. Verder is in het tweede lid de naamgeving van
                    gemeentelijke gebouwen en bouwwerken meegenomen. </al><al>Met de wettelijke regeling inzake de naamgeving van de openbare ruimte komt een
                    einde aan discussies over de naamgeving van rijkswegen en provinciale wegen. De
                    Wet BAG schrijft namelijk voor dat alle verblijfsobjecten van een nummer moeten
                    zijn voorzien en dat geldt dus ook voor bijvoorbeeld benzinestations,
                    restaurants of hotels die alleen via een rijks- of provinciale weg zijn te
                    bereiken. Nummers kunnen alleen worden uitgegeven als zij worden gerelateerd aan
                    een door het college vastgestelde naam aan een deel van de openbare ruimte.
                    Gemeenten moeten derhalve ex artikel 6 van de Wet BAG voor rijks- en provinciale
                    wegen een naambesluit nemen. Gemeenten moeten hier verstandig met hun
                    bevoegdheid omgaan. In dit soort gevallen kan worden aangesloten bij de al jaren
                    door veel gemeenten toegepaste werkwijze, waarbij de naamgeving louter wordt
                    gebaseerd op de nummer en het type weg. </al><al>Het derde lid bepaalt, dat onder de termen bepalen, vaststellen, verdelen en
                    toekennen, zoals bedoeld in het eerste en twee lid, tevens het wijzigingen of
                    intrekken daarvan omvat. </al><tussenkop>Artikel 3.</tussenkop><al>Het eerste en tweede lid regelen het vaststellen van standplaatsen en
                    ligplaatsen en het toekennen van nummers aan verblijfsobjecten, ligplaatsen,
                    standplaatsen en afgebakende terreinen. Hier is niet voor de term huisnummer
                    gekozen, omdat bij afgebakende terreinen, lig- en standplaatsen niet kan worden
                    gesproken van huis. Vandaar dat de term nummeraanduiding wordt gebruikt.</al><al>Een burger kan overigens een aanvraag voor een nummeraanduiding bij burgemeester
                    en wethouders indienen. Deze aanvraag zal in de regel zijn aan te merken als een
                    verzoek van een belanghebbende om een besluit te nemen in de zin van artikel
                    1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Op de
                    afwikkeling van de aanvraag zijn de hoofdstuk 3 en 4 van de Awb van toepassing
                    (zie hierover ook de algemene toelichting).</al><al>De strekking van het derde lid spreekt voor zich en behoeft geen verdere
                    toelichting. Het vierde lid regelt, dat het eerste tot en met het derde lid ook
                    kan worden toegepast op andere betreedbare en afsluitbare objecten - zoals
                    bijvoorbeeld afgebakende terreinen - als het college dat nodig oordeelt.</al><al>Het vijfde lid bepaalt dat onder de termen vaststellen, verdelen en toekennen,
                    zoals bedoeld in het eerste en twee lid, tevens het wijzigingen of intrekken
                    daarvan omvat. Deze passage is opgenomen, omdat hierover in het verleden
                    problemen zijn gerezen.</al><tussenkop>Artikel 4.</tussenkop><al>De toegekende namen moeten overeenkomstig de wens van het college worden
                    aangebracht. De kosten daarvan komen voor rekening van de gemeente. De in het
                    eerste lid vervatte zinsnede ‘in voldoende aantallen ter plaatse’ verdient
                    nadere toelichting. Onder dit begrip wordt verstaan, dat een verkeersdeelnemer
                    bij het oprijden van een kruising van wegen, door in voldoende aantallen
                    aangebrachte naamborden, zonder omkijken en in een oogopslag de naam van de
                    dwarsstraat moet kunnen lezen. Dit betekent doorgaans dat op alle hoeken van de
                    kruising borden dienen te worden aangebracht.</al><al>Het tweede lid bepaalt dat een object of plaats of terrein een door het college
                    toegekend nummer ook feitelijk moet dragen. Het college wordt de mogelijkheid
                    geboden toe te zien op de naleving van het aanbrengen van nummers. Met het oog
                    op de dienstverlening is het immers noodzakelijk dat de nummers, die door het
                    college zijn toegekend, ook ter plaatse terug zijn te vinden. </al><al>Het derde lid verbiedt een ieder die daartoe niet is bevoegd, namen toe te
                    kennen aan delen van de openbare ruimte door naamborden zichtbaar ter plaatse
                    aan te brengen. Het komt steeds vaker voor dat burgers - om de meest
                    uiteenlopende redenen - een straatnaambord in de tuin plaatsen of aan de
                    onroerende zaak bevestigen. Dat geeft veelal verwarring met de door de gemeente
                    toegekende namen aan de openbare ruimte. Het derde lid geeft de gemeente de
                    bevoegdheid om hiertegen op te treden. Voor de goede wordt erop gewezen dat het
                    iedereen vrij staat om een naam toe te kennen aan zijn onroerende zaak, zolang
                    dat geen verwarring geeft met de door de gemeente toegekende namen aan de
                    openbare ruimte.</al><al>Het vierde lid verbiedt een ieder die daartoe niet is bevoegd nummers toe te
                    kennen aan onroerende zaken die privée bezit zijn door deze op zichtbare wijze
                    aan te brengen. Het aanbrengen van zelf gekozen nummers door eigenaren,
                    gebruikers of beheerders aan objecten, plaatsen en terreinen is de laatste
                    decennia hand over hand toegenomen. Bovendien is bij de invoering van de BAG ook
                    gebleken dat nummers vaak zijn verdwenen. Ook worden nummers soms zo abstract
                    vormgegeven dat zij niet meer aan het criteria van doeltreffendheid, zoals
                    bedoeld in het tweede lid, voldoen. </al><tussenkop>Artikel 5.</tussenkop><al>Vanuit een weloverwogen algemeen maatschappelijk belang dienen naamborden door
                    of namens de gemeente ter plaatse goed zichtbaar en in voldoende mate te worden
                    aangebracht. Veelal is het noodzakelijk om naamborden te bevestigen aan
                    gebouwgevels, terreinafscheidingen of aan paaltjes die op privé-terrein worden
                    geplaatst. De betrokken rechthebbenden zijn verplicht dat toe te laten. Het
                    artikel houdt verder rekening met de omstandigheid dat de borden niet door de
                    gemeente zelf, maar op verzoek van de gemeente door derden worden
                    aangebracht.</al><al>Het tweede lid geeft de gemeente de mogelijkheid om een bord met de oude
                    (doorgehaalde) naam enige tijd te handhaven naast een bord met de nieuwe naam.
                    Op deze wijze wordt voorkomen dat zij, die niet van de herbenoeming op de hoogte
                    zijn, hun bestemming niet kunnen vinden.</al><al>Het derde lid is opgenomen om te voorkomen dat de leesbaarheid/zichtbaarheid van
                    een aangebracht naambord door bijvoorbeeld hoog opschietend groen, zonnescherm
                    of reclamebord wordt belemmerd. Vandaar dat is bepaald dat de rechthebbende
                    ervoor dient te zorgen dat de bedoelde borden vanaf de openbare weg leesbaar
                    blijven.</al><tussenkop>Artikel 6.</tussenkop><al>Met betrekking tot dit artikel wordt gewezen op het feit dat het aanbrengen van
                    nummerborden per gemeente verschillend is geregeld. Sommige gemeenten brengen de
                    nummers zelf aan. Het aanbrengen van de nummers wordt echter ook uitbesteed of
                    overgelaten aan de aannemer. Bijvoorbeeld als onderdeel van het uitvoeren van
                    een bouwwerk. Ten slotte wordt het ook vaak aan de rechthebbende opgedragen om
                    de nummers, conform de gemeentelijke voorschriften, aan te brengen.</al><al>In de verordening is gekozen voor een formulering waarbij de rechthebbende het
                    nummer dient aan te brengen, tenzij het college anders besluit. Het laatste zal
                    vaak het geval zijn bij nieuwbouwprojecten, waarbij een uniform uitgevoerde
                    nummering wenselijk wordt geacht. </al><al>In het tweede en derde lid is bepaald dat het door het college toegekende nummer
                    binnen een bepaalde termijn moet zijn aangebracht. Voor gevallen waarin het
                    object nog niet is voltooid, moet het nummer vier weken na de voltooiing zijn
                    aangebracht.</al><al>Het vierde lid biedt de gemeente de mogelijkheid om een bord met het oude
                    (doorgehaalde) nummer enige tijd te handhaven naast een bord met het nieuwe
                    nummer. Op deze wijze wordt voorkomen dat zij, die niet van de hernummering op
                    de hoogte zijn, hun bestemming niet kunnen vinden. Het handhaven van het oude
                    (doorgehaalde) nummer wordt soms bij omvangrijke of ingewikkelde vernummering
                    toegepast.</al><al>Het vijfde lid geeft het college de mogelijkheid de in het tweede en derde lid
                    genoemde termijnen te verlengen.</al><tussenkop>Artikel 7.</tussenkop><al>Het eerste lid biedt de mogelijkheid om uitvoeringsvoorschriften vast te stellen
                    ten aanzien van naamgeving en nummering.</al><al>Het tweede lid bepaalt dat de uitvoeringsvoorschriften niet in strijd mogen zijn
                    met het postcodeconvenant.</al><tussenkop>Artikel 8.</tussenkop><al>Het opleggen van verplichtingen, zoals vervat in de verordening, heeft alleen
                    zin wanneer deze verplichtingen bij nalatigheid of overtreding kunnen worden
                    afgedwongen, zodra deze worden overtreden. Het is gebruikelijk aan lichte
                    overtredingen een geldboete van de eerste categorie te verbinden.</al><al>In het tweede lid wordt de afdeling of dienst aangewezen, die op de naleving van
                    de bepalingen in de verordening moet toezien. </al><tussenkop>Artikel 9.</tussenkop><al>Dit artikel regelt de inwerkingtreding van de verordening.</al><tussenkop>Artikel 10.</tussenkop><al>Dit artikel regelt het vervallen van de oude bepalingen. De strekking van dit
                    artikel spreekt voor zich.</al><tussenkop>Artikel 11.</tussenkop><al>Het principe van het benoemen van de openbare ruimte en het nummeren van
                    verblijfsobjecten, ligplaatsen, standplaatsen en afgebakende terreinen dateert
                    al uit de vorige eeuw. In de loop der jaren zijn veel opvolgende voorschriften
                    van kracht geweest. Het is niet zinvol bij de invoering van de verordening te
                    eisen dat alle nummers in de gemeente dienen te worden aangepast aan de nieuwe
                    uitvoeringsvoorschriften, zoals vervat in artikel 7. Nummers die onder het oude
                    regime tot stand zijn gekomen, blijven gehandhaafd. Het college heeft wel de
                    mogelijkheid om aanpassing van de nummers te eisen.</al><tussenkop>Artikel 12.</tussenkop><al>Omdat de term huisnummer in principe geen juiste term is voor het nummeren van
                    verblijfsobjecten, afgebakende terreinen, standplaatsen en ligplaatsen en de
                    term straatnaam geen juiste term is voor plantsoenen, wegen e.d., is gekozen
                    voor de nieuwe citeertitel Verordening naamgeving en nummering (adressen).</al></bijlage></regeling></body></cvdr>