<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR108483_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Aansluitverordening riolering gemeente Hillegom</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hillegom</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-09-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hillegom</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Hillegommer 14-03-2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Aansluitverordening Riolering Gemeente Hillegom</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WET MILIEUBEHEER">Wet milieubeheer, art. 10:33</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-03-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-03-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2007-03-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>06-117</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Milieu</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De verordening heeft terugwerkende kracht tot en met 01-03-2007.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-56672</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Aansluitverordening riolering gemeente Hillegom</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Hillegom;</al><al> Gelet op het voorstel van burgemeester en wethouders van Hillegom van 30
                        januari 2007;</al><al> Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 10.33 van de Wet
                        milieubeheer;</al><al> Gelet op de Algemene Wet bestuursrecht;</al><al> besluit:</al><al> Vast te stellen de Aansluitverordening riolering gemeente Hillegom.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al> a. Erfscheiding: de denkbeeldige lijn tussen de openbare weg en de
                            particuliere gebruiksgrens.</al><al> b. Erfscheidingsput: een controleput die dichtbij de erfscheiding
                            ligt.</al><al> c. Aansluitleiding: de leiding die het perceel verbindt met het
                            aansluitpunt.</al><al> d. Aansluitpunt:</al><al> 1. bij gemengde en gescheiden stelsels en drainage het punt waar de
                            aansluitleiding op het openbaar riool wordt aangesloten;</al><al> 2. bij drukriolering het punt waar het particulier riool wordt
                            aangesloten op de pompput of vacuümput.</al><al> e. Aansluitvergunning: de vergunning voor een aansluiting op het
                            openbaar riool of de wijziging van een aansluitleiding.</al><al> f. Aanvraagformulier: het bij deze verordening behorende door het
                            college van burgemeester en wethouders vast te stellen aanvraagformulier
                            voor de vergunning voor een aansluiting op het openbaar riool of de
                            wijziging van een aansluitleiding.</al><al> g. Afvalwater: alle water waarvan de houder zich – met het oog op de
                            verwijdering daarvan – ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich
                            moet ontdoen.</al><al> h. Bronneringswater: grondwater onttrokken ten behoeve van tijdelijke
                            verlaging van de grondwaterstand.</al><al> i. Drainagewater: grondwater ingezameld door een ingegraven doorlatend
                            buizensysteem.</al><al> j. Drainage stelsel: het openbaar riool, dat gedeeltelijk bestaat uit
                            buizen met een waterdoorlatende buiswand, voor de afvoer van
                            drainagewater.</al><al> k. Drukriolering: het openbaar riool, voor de afvoer van afvalwater
                            exclusief hemelwater, waarbij het transport door het riool plaats vindt
                            door middel van onder- of overdruk.</al><al> l. Gemeente: de gemeente Hillegom.</al><al> m. Gemengd stelsel: het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater,
                            inclusief hemelwater.</al><al> n. Gescheiden stelsel: het openbaar riool met een buizenstelsel voor de
                            afvoer van hemelwater en een buizenstelsel voor de afvoer van het
                            overige afvalwater.</al><al> o. Openbaar riool: het gedeelte van de riolering, tot 0 tot 40 meter
                            buiten de perceelsgrens, dat bij de gemeente in eigendom en beheer is
                            voor de inzameling en transport van afvalwater, met inbegrip van de
                            daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen en werken en installaties
                            van overeenkomende aard, met uitzondering van de aansluitleidingen.</al><al> p. Particulier riool: de binnen de erfgrenzen liggende riolering van
                            het aan te sluiten perceel tot aan het aansluitpunt.</al><al> q. Perceelleiding: het riool en voorzieningen die deel uitmaken van dit
                            riool op particulier terrein.</al><al> r. Bedrijfsmatige lozingen zijn lozingen die niet afkomstig zijn van
                            een woning of een woningcomplex.</al><al> s. Rechthebbende:</al><al> 1. de eigenaar, de vereniging van eigenaren of de zakelijk gerechtigde
                            van het perceel ten behoeve waarvan de aansluiting op het openbaar riool
                            wordt gerealiseerd en in stand gehouden;</al><al> 2. de rechtverkrijgende onder algemene of bijzondere titel van de onder
                            1 bedoelde persoon.</al><al> t. Richtlijnen: de bij deze verordening behorende door het college van
                            burgemeester en wethouders vast te stellen nadere regels voor het
                            verkrijgen van een aansluiting of wijziging van een aansluiting op het
                            openbaar riool van de gemeente Hillegom.</al><al> u. Tarieven: de door de raad in de legesverordening vast te stellen
                            kosten voor het verkrijgen van een standaard rioolaansluiting of
                            wijziging van een standaard rioolaansluiting op het openbaar riool van
                            de gemeente Hillegom.</al><al> v. Tijdelijke aansluiting: een rioolaansluiting die voor een aan te
                            geven periode wordt verleend.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>2</nr><titel>De aansluiting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aansluitvergunning</titel></kop><al>1. Het is zonder aansluitvergunning van het college van burgemeester en
                            wethouders niet toegestaan een aansluiting op het openbaar riool tot
                            stand te brengen of te wijzigen.</al><al> 2. Het college van burgemeester en wethouders verleent alleen een
                            vergunning voor het tot stand brengen en in stand houden van een
                            aansluiting tussen de aansluitleiding en het openbaar riool:</al><al> a. voor de afvoer van afvalwater inclusief hemelwater indien ter
                            plaatse een gemengd stelsel aanwezig is en/of;</al><al> b. voor de afvoer van afvalwater zonder hemelwater naar het daarvoor
                            bedoelde buizenstelsel, indien ter plaatse een gescheiden stelsel
                            aanwezig is en/of;</al><al> c. voor de afvoer van hemelwater naar het daarvoor bedoelde
                            buizenstelsel, indien ter plaatse een gescheiden stelsel aanwezig is
                            en/of;</al><al> d. voor de afvoer van afvalwater zonder hemelwater indien ter plaatse
                            riolering onder overdruk en/of onderdruk aanwezig is en/of;</al><al> e. voor de afvoer van drainagewater naar het daarvoor bedoelde stelsel
                            indien ter plaatse een drainage stelsel aanwezig is.</al><al> f. indien er een erfscheidingsput aanwezig is.</al><al> 3. Indien meer dan één aansluiting van een aansluitleiding op het
                            openbaar riool tot stand dient te worden gebracht, alsmede wanneer meer
                            dan één aansluiting dient te worden gewijzigd, is het eerste lid voor
                            iedere aansluiting of wijziging afzonderlijk van toepassing.</al><al> 4. In de aansluitvergunning kunnen voorschriften worden opgenomen met
                            betrekking tot:</al><al> a. het tot stand brengen van de aansluiting;</al><al> b. het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de
                            aansluitleiding;</al><al> c. sloopwerkzaamheden op het perceel van de rechthebbende;</al><al> d. de periode waarvoor de vergunning wordt verleend indien de
                            aansluiting is bedoeld voor de afvoer van Bronneringswater, indien het
                            een tijdelijke aansluiting betreft;</al><al> e. de kwantiteit van het af te voeren proceswater.</al><al> 5. Indien de rechthebbende binnen een jaar na verlening geen gebruik
                            heeft gemaakt van de aansluitvergunning kan het college van burgemeester
                            en wethouders een besluit nemen om de aansluitvergunning in te
                            trekken.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Het verkrijgen van een aansluitvergunning</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3a</nr><titel>Huishoudelijke lozingen</titel></kop><al>1. De aanvraag om een aansluitvergunning wordt schriftelijk met behulp
                            van een daartoe bestemd aanvraagformulier, bij het college van
                            burgemeester en wethouders ingediend door de rechthebbende van het aan
                            te sluiten dan wel aangesloten perceel.</al><al> 2. Bij een aanvraag om een aansluitvergunning dienen de volgende
                            gegevens door de rechthebbende te worden vermeld:</al><al> a. de naam en het adres van de rechthebbende;</al><al> b. de ligging van het aan te sluiten dan wel aangesloten perceel aan de
                            hand van straat en huisnummer of, indien nog geen huisnummer is
                            toegekend, aan de hand van het kadastraal nummer van het betreffende
                            perceel en een situatieschets 1:1000 of grotere schaal;</al><al> c. de hoeveelheid van het af te voeren afvalwater, en of er regenwater,
                            drainagewater of Bronneringswater zal worden afgevoerd;</al><al> d. van het aan te sluiten of te wijzigen riool van woningcorporaties
                            ten minste de volgende gegevens:</al><al> 1. het leidingverloop en de dimensies van de leidingen;</al><al> 2. de hoogteligging en het materiaal ter plaatse van het
                            aansluitpunt;</al><al> 3. het toe te passen duidelijke verschil in kleur of symbolen tussen
                            afvalwater, hemelwater en drainageafvoerleidingen;</al><al> 4. de wijze waarop de functies van de verschillende leidingen van het
                            particulier riool ter plaatse van het aansluitpunt zullen worden
                            gemarkeerd.</al><al> e. de aanvraag moet voorzien zijn van een dagtekening.</al><al> 3. Indien de gegevens zoals bedoeld in het tweede lid, reeds zijn
                            vastgelegd in een voor het perceel afgegeven bouwvergunning of een
                            vergunning op grond van de Wet milieubeheer, kan bij de aanvraag worden
                            volstaan met een verwijzing naar die vergunning.</al><al> 4. Over een vergunning om een aansluiting tot stand te brengen of te
                            wijzigen wordt pas beslist nadat bij de aanvraag alle in het tweede lid
                            vermelde gegevens in het bezit van de gemeente zijn. Bij het ontbreken
                            van gegevens wordt de rechthebbende daarover binnen 6 weken geïnformeerd
                            en in de gelegenheid gesteld deze gegevens alsnog aan te vullen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3b</nr><titel>Bedrijfsmatige lozingen</titel></kop><al>1. Alle leden onder artikel 3a zijn van toepassing.</al><al> 2. Als de lozing niet alleen huishoudelijk afvalwater betreft geeft
                            aanvrager aan wat de aard en de hoeveelheid van het af te voeren
                            afvalwater is.</al><al> 3. De aanvrager van het aan te sluiten of te wijzigen bedrijfsmatig
                            riool dient ten minste de volgende gegevens te verstrekken:</al><al> 1. het leidingverloop en de dimensies van de leidingen;</al><al> 2. de hoogteligging en het materiaal ter plaatse van het
                            aansluitpunt;</al><al> 3. het toe te passen duidelijke verschil in kleur of symbolen tussen
                            afvalwater, hemelwater en drainageafvoerleidingen.</al><al> 4. Het college van burgemeester en wethouders kan voor incidentele en
                            eenmalige lozingen een vergunning verlenen indien aan de volgende
                            vereisten wordt voldaan:</al><al> b. de lozing niet in strijd is met voorschriften, vergunningen en
                            verordeningen van andere instanties en overheden;</al><al> c. de lozing de doelmatige werking van de riolering niet
                            verstoort;</al><al> d. de lozing geen overstorting van water uit het openbare riool op
                            oppervlaktewater veroorzaakt;</al><al> 5. Als voor de lozing waarvoor de aanvraag is bedoeld reeds een
                            milieuvergunning, lozingsvergunning of een andere vergunning is verleend
                            door de gemeente of door een andere overheid moet de aanvrager de
                            vergunningsvoorwaarden overleggen.</al><al> 6. Het college van burgemeester en wethouders kan voor incidentele
                            lozingen aanvullende eisen en voorzieningen voorschrijven ten behoeve
                            van het zekerstellen en monitoren van eisen genoemd in artikel 3 lid
                            6.</al><al> 7. Het college van burgemeester en wethouders verleent mandaat aan de
                            beheerder buitenruimte om verzoeken om incidentele en eenmalige lozingen
                            af te handelen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Het verlenen van de aansluitvergunning</titel></kop><al>1. Het college van burgemeester en wethouders besluit binnen 8 weken na
                            ontvangst op de aanvraag.</al><al> 2. In afwijking van het eerste lid houdt het college van burgemeester
                            en wethouders de beslissing omtrent de aanvraag van een
                            aansluitvergunning aan indien er geen reden is de vergunning te weigeren
                            terwijl:</al><al> a. voor het aan te sluiten perceel nog een aanvraag moet worden gedaan
                            of in behandeling is voor een bouwvergunning krachtens artikel 40
                            Woningwet;</al><al> b. er voor het aan te sluiten perceel nog een aanvraag moet worden
                            gedaan of in behandeling is voor een vergunning krachtens artikel 8.1
                            Wet Milieubeheer.</al><al> 3. Rechthebbende wordt zo spoedig mogelijk op de hoogte gebracht van de
                            aanhouding.</al><al> 4. Na de verlening van de in lid 2 onder sub a en b bedoelde
                            vergunningen, neemt het college van burgemeester en wethouders binnen 8
                            weken een besluit op de aanvraag.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Het weigeren van de aansluitvergunning</titel></kop><al>1. Een aansluitvergunning kan worden geweigerd indien niet wordt voldaan
                            aan de eisen gesteld in artikel 3, of indien de aansluiting vanwege
                            juridische redenen, technische redenen op grond van het Bouwbesluit en
                            de Bouwverordening gemeente Hillegom of milieuhygiënische redenen op
                            grond van de Wet milieubeheer bezwaarlijk is.</al><al> 2. Aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of
                            wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk indien:</al><al> a. de hoogteligging van het aansluitpunt (binnenonderkant buis) lager
                            ligt dan de bovenzijde van het openbaar riool, vermeerderd met 200 mm
                            plus de benodigde hoogte voor het afschot van de aansluitleiding;</al><al> b. de bovenzijde van een lozingstoestel lager is gelegen dan 150 mm
                            boven de kruin van de straat, tenzij via een pompinstallatie voorzien
                            van terugslagklep wordt aangesloten;</al><al> c. de gevraagde aansluiting een samengevoegde voorziening betreft,
                            terwijl een gescheiden openbaar riool aanwezig is;</al><al> d. de gevraagde aansluiting een lozing voor afvalwater en/of
                            bronneringswater betreft, waarvoor krachtens de geldende milieuwetgeving
                            een vergunning benodigd is, maar niet is verleend, of niet aan de
                            geldende algemene regels is voldaan;</al><al> e. het openbaar riool ter plaatse van de aansluitleiding niet over
                            voldoende capaciteit beschikt om de hoeveelheid te lozen vloeistoffen te
                            kunnen afvoeren;</al><al> f. het lozing van niet verontreinigd drainagewater betreft;</al><al> g. de gevraagde aansluiting een afvoerleiding voor niet verontreinigd
                            bronneringswater betreft, die zonder bezwaar op het oppervlaktewater kan
                            worden aangesloten of middels retourbemaling kan worden afgevoerd:</al><al> h. een bouwvergunning of een Wet milieubeheervergunning voor het aan te
                            sluiten perceel is geweigerd.</al><al> 3. Een weigering om een aansluitvergunning is met redenen omkleed,
                            waarbij het college van burgemeester en wethouders de nadere eisen
                            aangeeft waaraan moet worden voldaan om voor een aansluitvergunning in
                            aanmerking te komen. Het voldoen aan de nadere eisen geschiedt binnen
                            een door het college van burgemeester en wethouders gestelde termijn.
                            Bij het niet voldoen aan de nadere eisen dan wel na het verstrijken van
                            de door het college van burgemeester en wethouders gestelde termijn zal
                            door middel van bestuursdwang op grond van artikel 5:21 van de Algemene
                            wet bestuursrecht de voorziening alsnog worden getroffen. De kosten
                            worden verhaald op aanvrager.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>3</nr><titel>De aansluitleiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Het verzoek tot aanleg of wijziging van een
                                aansluitleiding</titel></kop><al>1. Een rechthebbende van een perceel aan wie een aansluitvergunning is
                            verleend kan de gemeente tevens verzoeken een aansluitleiding aan te
                            leggen of een wijziging van een aansluitleiding uit te voeren. De
                            rechthebbende dient daarvoor een schriftelijk verzoek door middel van
                            een daartoe bestemd aanvraagformulier in te dienen bij het college van
                            burgemeester en wethouders.</al><al> 2. De aansluiting mag slechts plaats vinden als de aan te sluiten
                            particuliere afvoerleiding voldoet aan de daaraan te stellen eisen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Uitvoering aanleg of wijziging van een aansluitleiding</titel></kop><al>1. De uitvoering van de aanleg van een aansluitleiding, inclusief de
                            aansluiting op het openbaar riool, vindt niet plaats anders dan door of
                            namens de gemeente.</al><al> 2. In afwijking van lid 1, kan het college van burgemeester en
                            wethouders na overleg met de rechthebbende besluiten dat de
                            rechthebbende zelf de aansluiting uitvoert. Dit wordt aan de
                            rechthebbende schriftelijk medegedeeld. De rechthebbende onttrekt het
                            aansluitpunt na melding aan het college van burgemeester en wethouders
                            dat de aansluiting is uitgevoerd, gedurende drie werkdagen niet aan het
                            zicht.</al><al> 3. De aansluiting van de aansluitleiding op de perceelleiding vindt
                            slechts plaats, als de perceelleiding voldoet aan de daaraan op grond
                            van het Bouwbesluit of de Bouwverordening gemeente Hillegom te stellen
                            eisen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Kosten voor het aansluiten op het openbaar riool</titel></kop><al>1. Voor de aansluiting op het openbaar riool is de aanvrager, voor zover
                            dit redelijk is, de kosten voor de eventuele aanleg van een nieuw
                            openbaar riool, het aansluiten op het openbaar riool en de aanleg of
                            wijziging van de aansluitleiding aan de gemeente verschuldigd.</al><al> 2. Het college van burgemeester en wethouders stelt de kosten van de
                            aansluiting en eventueel nog aan te brengen aansluitleiding van het
                            perceel vast.</al><al> 3. Indien de kosten voor de aanleg van het openbaar riool, het
                            aansluiten op het openbaar riool en de aanleg of wijziging van de
                            aansluitleiding reeds zijn voldaan uit hoofde van een eerder door de
                            rechthebbende met de gemeente gesloten overeenkomst, worden geen kosten
                            in rekening gebracht.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>4</nr><titel>Onderhoud</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Onderhoud, renovatie en vervanging</titel></kop><al>1. Het beheer en onderhoud, de renovatie dan wel de vervanging van de
                            aansluitleiding van het perceel wordt uitgevoerd door of namens de
                            gemeente en voor rekening van de gemeente, tenzij de betreffende
                            werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd ten gevolge van een onjuist
                            gebruik van het particulier riool, in welk geval de kosten voor rekening
                            van de rechthebbende of veroorzaker komen.</al><al> 2. Onder onjuist gebruik wordt in ieder geval begrepen:</al><al> a. het via deze aansluiting lozen van stoffen die, vanwege hun aard en
                            samenstelling, verstoppingen in de aansluitleiding of het openbaar riool
                            veroorzaken;</al><al> b. het via deze aansluiting lozen van stoffen die, door hun aard of
                            concentratie, de constructie van de aansluitleiding aantasten.</al><al> 3. De kosten voor het onderhoud van het particulier riool komen voor
                            rekening van de rechthebbende, tenzij vaststaat dat de noodzaak tot
                            onderhoud is veroorzaakt door inspoeling vanuit het openbaar riool.</al><al> 4. Onder renovatie wordt tevens begrepen het aanpassen van de
                            aansluitleiding van het perceel ten gevolge van een wijziging van het
                            openbaar riool.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Calamiteiten</titel></kop><al>1. Bij een verstopping of andere storing in het riool graaft de
                            rechthebbende de erfscheidingsput op en onderzoekt of het een
                            verstopping of een storing betreft in het particulier riool of in de
                            aansluitleiding van het perceel.</al><al> De locatie van de erfscheidingsput is bij de gemeente op te vragen. Als
                            er water in de erfscheidingsput staat zit de verstopping in het openbaar
                            riool. Als er geen water in de erfscheidingsput staat zit de verstopping
                            in het particuliere riool.</al><al> 2. Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek wordt vermoed dat sprake
                            is van een verstopping of storing in de aansluitleiding van het perceel
                            of van een verstopping of storing als gevolg van inspoeling vanuit het
                            openbaar riool, neemt de rechthebbende of de gebruiker contact op met de
                            gemeente voor het verrichten van de noodzakelijke werkzaamheden.</al><al> Indien de rechthebbende of de gebruiker, zonder expliciete voorafgaande
                            toestemming van de gemeente, zelf aan een derde opdracht geeft tot het
                            verrichten van werkzaamheden, komen de kosten daarvan voor rekening van
                            de rechthebbende of de gebruiker.</al><al> 3. Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek blijkt dat er sprake is
                            van een verstopping of storing in het particulier riool dient de
                            rechthebbende deze verstopping of storing zelf te verhelpen.</al><al> 4. Indien bij of na het verrichten van de in lid 2 bedoelde
                            werkzaamheden door de gemeente blijkt dat de kosten van deze
                            werkzaamheden op grond van artikel 10 voor rekening van de rechthebbende
                            of gebruiker behoren te zijn, worden de door de gemeente gemaakte kosten
                            bij de vergunninghouder in rekening gebracht.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>5</nr><titel>Verwijdering aansluitleiding, sloop</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Zorgplicht</titel></kop><al>1. Bij sloopwerkzaamheden of andere werkzaamheden op een op het openbaar
                            riool aangesloten perceel, moeten door de rechthebbende zodanige
                            voorzieningen aan het particulier riool worden getroffen dat verzanding
                            van het openbaar riool en de aansluitleiding wordt voorkomen.</al><al> 2. Indien de rechthebbende bij sloopwerkzaamheden niet voldoet aan de
                            in het eerste lid omschreven zorgplicht, heeft de gemeente de
                            bevoegdheid de aansluiting op het openbaar riool af te sluiten en de
                            hieraan verbonden kosten te verhalen op de rechthebbende.</al><al> 3. Indien het gebruik van een aansluiting definitief wordt beëindigd,
                            is de rechthebbende verplicht de gemeente hiervan in kennis te
                            stellen.</al><al> 4. Indien het gebruik van een aansluitleiding definitief wordt
                            beëindigd, wordt de op de aansluitleiding betrekking hebbende
                            aansluitvergunning ingetrokken, waarna het particuliere riool op kosten
                            van de rechthebbende door de gemeente wordt verwijderd.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>6</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd in gevallen waarin
                            de toepassing van deze verordening naar hun oordeel tot een bijzondere
                            hardheid leidt ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze
                            verordening.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>7</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>1. De aanvragen tot aansluiting en aanleg of wijziging van een
                            aansluitleiding, die voor de datum van inwerkingtreding van deze
                            verordening zijn ingediend, vallen onder de bepalingen van deze
                            verordening.</al><al> 2. Op aansluitingen die op het moment van de inwerkingtreding van deze
                            verordening krachtens de tot dan toe geldende regelgeving en
                            voorschriften tot stand zijn gebracht, zijn de bepalingen van afdeling V
                            en afdeling VI van deze verordening rechtstreeks van toepassing.</al><al> 3. Bij strijd van deze verordening met bepalingen in overeenkomsten
                            gesloten vóór de inwerkingtreding van deze verordening tussen de
                            gemeente en de rechthebbende, prevaleert het bepaalde in deze
                            overeenkomsten.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al>1. Deze verordening treedt gelijktijdig in werking met de
                            bouwverordening gemeente Hillegom inclusief de 11e wijziging.</al><al> 2. Deze verordening kan worden aangehaald als: Aansluitverordening
                            Riolering Gemeente Hillegom.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening> Vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Hillegom van 8
                        maart 2007.</ondertekening><ondertekening> De voorzitter;</ondertekening><ondertekening> drs. A. Mans</ondertekening><ondertekening> De griffier;</ondertekening><ondertekening> drs. P.M. Hulspas-Jordaan</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr/><titel>Bijlagen</titel></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Hillegom/i48980.pdf">Toelichting aansluitverordening riolering</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>