<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR108274_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Wegsleepverordening Noordwijk 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Noordwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-02-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Noordwijk</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Noordwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Zeekant, 06-07-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Wegsleepverordening Noordwijk 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wegenverkeerswet 1994, artikel 173, lid 2</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Besluit wegslepen van voertuigen</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-06-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-07-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-02-05</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-56963</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-56964</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Wegsleepverordening Noordwijk 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Besluit van de raad van de gemeente Noordwijk van 01/06/2011. (De Zeekant
                        van 6 juli 2011)</al><al/><al>De raad van de gemeente Noordwijk; </al><al/><al>gelet op artikel 149 jo. 147 van de Gemeentewet, artikel 173, tweede lid van
                        de Wegenverkeerswet 1994 en het Besluit wegslepen van voertuigen; </al><al/><al>overwegende dat het wenselijk is om in voorkomende gevallen op de weg
                        staande voertuigen te kunnen verwijderen, over te brengen en in bewaring te
                        stellen; </al><al/><al>BESLUIT:</al><al/><al>Vast te stellen de navolgende: </al><al/><al>Wegsleepverordening Noordwijk 2011</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al>Artikel 1 Begripsbepalingen</al><al>In deze verordening (en de daarop rustende bepalingen) wordt verstaan
                        onder:</al><lijst><li nr="a."><al>RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;</al></li><li nr="b."><al>wet: de Wegenverkeerswet 1994;</al></li><li nr="c."><al>besluit: het Besluit wegslepen van voertuigen;</al></li><li nr="d."><al>voertuig: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, onder al RVV
                                1990, met uitzondering van fietsen en bromfietsen;</al></li><li nr="e."><al>motorrijtuig: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid,
                                onder c van de wet;</al></li><li nr="f."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                gemeente Noordwijk.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 2 Aanwijzing van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden
                        verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het
                        vrijhouden van wegen en weggedeelten</al><al>Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid, onder c van
                        de wet worden alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente Noordwijk
                        aangewezen voor zover ze behoren tot één van de in artikel 2 van het besluit
                        bedoelde soorten van wegen en weggedeelten.</al><al/><al>Artikel 3 Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</al><lijst><li nr="1."><al>Als plaats van bewaring van voertuigen wordt aangewezen het terrein
                                van Berging Regio Leiden, Amphoraweg 11 te Leiden, of een ander door
                                het college aan te wijzen locatie. </al><al/></li><li nr="2."><al>De openingstijden van de in het eerste lid bedoelde bewaarplaats
                                zijn: </al><lijst><li nr="•"><al>maandag t/m vrijdag van 08.00 tot 18.00 uur.</al></li><li nr="•"><al>maandag t/m vrijdag van 18.00 tot 22.00 uur (op telefonische
                                        afspraak)</al></li><li nr="•"><al>zaterdag en zondag van 08.00 tot 22.00 uur (op telefonische
                                        afspraak)</al><al/></li></lijst></li><li nr="3."><al>Buiten de reguliere openingstijden (maandag t/m vrijdag van 08.00
                                tot 18.00 uur) kan het voertuig worden opgehaald na het maken van
                                een afspraak via telefoonnummer 071-5157110.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 4 Kosten overbrengen en bewaren voertuigen</al><lijst><li nr="1."><al>De kosten van het overbrengen en bewaren van voertuigen zijn
                                opgenomen in een bij deze verordening behorende Tarievenlijst.</al></li><li nr="2."><al>De gemeenteraad kan de kosten voor het overbrengen en bewaren van
                                voertuigen, vermeld op de Tarievenlijst, jaarlijks aanpassen op
                                basis van de consumentenprijsindex van het CBS.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 5 Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het geval
                        van gebleken onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het
                        ontbreken van een behoorlijk zichtbare kentekenplaat</al><al>Wanneer gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 130,
                        vierde lid, 164, zevende lid en 174, eerste lid van de wet, zijn de
                        artikelen 1, 3 en 4 van deze verordening van overeenkomstige
                        toepassing.</al><al/><al>Artikel 6 Inwerkingtreding nieuwe en intrekken oude verordening</al><lijst><li nr="1."><al>De verordening treedt in werking op de dag na die waarop zij is
                                bekend gemaakt.</al></li><li nr="2."><al>Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening wordt de
                                Wegsleepverordening gemeente Noordwijk 2005 ingetrokken.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 7 Citeertitel</al><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Wegsleepverordening Noordwijk
                        2011.</al></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 01/06/2011</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>H.H.M. Groen, voorzitter H.C.A. Kolen, griffier</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al>Tarievenlijst Wegsleepverordening Noordwijk 2011</al><al/><al>1. Begrippen</al><al/><al>1.1 In deze tarievenlijst wordt verstaan onder:</al><al>Uitrijtarief: kosten die in rekening worden gebracht op het moment dat de
                    opdracht tot wegslepen wordt verstrekt en waarbij ook daadwerkelijk wordt
                    uitgereden.</al><al>Laad/sleeptarief en bewaring: kosten die worden berekend vanaf het moment dat
                    een medewerker van het wegsleepbedrijf bezig is met het daadwerkelijk wegslepen
                    van het voertuig.</al><al/><al>2 Wegslepen, opslaan en afgifte motorvoertuig</al><al>2.1 De kosten die verband houden met het wegslepen, de opslag en de afgifte van
                    een voertuig zijn: </al><al>- Uitrijtarief € 82,10</al><al>- Laad/sleeptarief en bewaring € 160,44</al><al>- Opslag afgifte tussen 19.00 – 7.00 uur € 41,65</al><al>- Opslag na eerste etmaal: per etmaal of deel van een etmaal € 10,56</al><al/><al>De genoemde bedragen zijn inclusief BTW. </al><al/><al>Behoort bij de "Wegsleepverordening Noordwijk 2011".</al><al/><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 1 juni 2011</al><al/><al/><al>De raad voornoemd,</al><al/><al/><al>De griffier, de voorzitter. </al><al>Toelichting op de Wegsleepverordening Noordwijk 2011</al><al/><al>Toelichting algemeen</al><al/><al>Deze algemene toelichting op de wegsleepverordening Noordwijk 2011 was ook al
                    van toepassing op de Wegsleepverordening gemeente Noordwijk 2005, maar is voor
                    de volledigheid hier nogmaals opgenomen.</al><al/><al>Op 1 januari 2002 is de Wet van 21 februari 1997, houdende de wijziging van de
                    Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994), ook wel de wijziging van de wegsleepregeling
                    genoemd, en het bijbehorende Besluit wegslepen van voertuigen in werking
                    getreden. Artikel 170 tot en met 173 WVW 1994 zijn geheel vervangen door nieuwe
                    bepalingen. De wijzigingswet is bij de Invoeringswet van de derde tranche van de
                    Algemene wet bestuursrecht (Awb), deel II, nog aangepast in verband met de
                    overgang van de bepalingen over de uitvoering van bestuursdwang uit de
                    Gemeentewet naar de Awb.</al><al/><al>Kort samengevat houden de wijzigingen in de wegsleepregeling voor gemeenten het
                    volgende in.</al><al/><al>Bevoegdheid tot het wegslepen van voertuigen </al><al/><al>Het uitvoeren van de wegsleepregeling is geen bevoegdheid meer van de
                    burgemeester, maar van het gehele college van burgemeester en wethouders. Het
                    wegslepen van een voertuig moet worden gezien als een bijzondere vorm van
                    bestuursdwang. In de Awb zijn algemene regels gesteld over de toepassing van
                    bestuursdwang. Deze regels zijn voor een groot deel ook van toepassing op het
                    wegslepen van voertuigen. In de WVW 1994 wordt een aantal bepalingen uit de Awb
                    niet van toepassing verklaard. Tegen besluiten tot het wegslepen van voertuigen
                    staat op grond van de Awb bezwaar en vervolgens beroep open.</al><al/><al>Uitgebreide werking</al><al/><al>Op grond van de oude (lees steeds: huidige) WVW 1994 mochten op de weg staande
                    voertuigen alleen worden weggesleept in het belang van de veiligheid op de weg,
                    de vrijheid van het verkeer of het vrijhouden van invalidenparkeerplaatsen. Op
                    grond van de herziene regeling in de WVW 1994 en het daarop gebaseerde Besluit
                    wegslepen van voertuigen is het laatstgenoemde criterium uitgebreid. Zowel de
                    VNG als een aantal grote(re) gemeenten hebben hier sterk op aangedrongen bij
                    zowel het ministerie van Verkeer en Waterstaat als de Tweede Kamer. Er zijn
                    immers meer locaties denkbaar waar fout parkeren als zeer hinderlijk wordt
                    ervaren zonder dat de veiligheid op de weg of de vrijheid van het verkeer direct
                    in het geding is. Direct optreden tegen dergelijke fout geparkeerde voertuigen
                    kan in bepaalde gevallen zeer wenselijk zijn. Hierbij kan worden gedacht aan het
                    onbevoegd parkeren op laad- en loshavens, taxistandplaatsen, marktterreinen,
                    voetgangersgebieden en dergelijke. Als wegen en weggedeelten waar op grond van
                    de wegsleepverordening kan worden weggesleept zijn thans alle wegen en
                    weggedeelten binnen de gemeente Noordwijk voor zover die behoren tot één van de
                    in artikel 2 van het Besluit bedoelde soorten van wegen en weggedeelten.</al><al/><al>In zowel in de oude als de nieuwe regeling geldt dat een voertuig niet zonder
                    meer kan worden weggesleept wanneer aan een van de genoemde criteria wordt
                    voldaan. Degene die met de uitvoering van de wegsleepregeling is belast, dient
                    per geval na te gaan of in dat specifieke geval het wegslepen van het
                    desbetreffende voertuig absoluut noodzakelijk is. Het wegslepen van een voertuig
                    dat om 4.00 uur 's nachts in strijd met een van de genoemde criteria is
                    geparkeerd, zal doorgaans als niet of minder urgent moeten worden beschouwd. In
                    zo'n geval kan het opmaken van een proces-verbaal door een opsporingsambtenaar
                    doorgaans volstaan.</al><al/><al/><al>Verhouding Wet-Mulder en bestuursdwang</al><al/><al>Wanneer een voertuig fout geparkeerd staat en wegsleepwaardig is, zijn er in
                    principe twee naast elkaar bestaande manieren om hiertegen op te treden.
                    Allereerst door politie en justitie op grond van de Wet
                    administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wet-Mulder) via het
                    opmaken van een proces-verbaal. Daarnaast door het uitvoeren van bestuursdwang
                    (lees: het laten wegslepen en bewaren van dat voertuig) door het college van
                    burgemeester en wethouders. In de oude wegsleepregeling bestond er een
                    onlosmakelijk verband tussen beide vormen van optreden. Voordat tot het
                    wegslepen van een voertuig kon worden overgegaan, moest altijd eerst een
                    proces-verbaal op grond van de Wet-Mulder worden opgemaakt. Indien het
                    desbetreffende proces-verbaal werd geseponeerd of wanneer vrijspraak of ontslag
                    van rechtsvervolging door de rechter volgde, dienden ook de kosten van het
                    wegslepen en bewaren van het voertuig te worden terugbetaald. In de nieuwe
                    wegsleepregeling wordt deze koppeling losgelaten. Het opmaken van een
                    proces-verbaal op grond van de Wet-Mulder, voordat tot het wegslepen van een
                    voertuig kan worden overgegaan, is niet meer vereist, maar kan nog steeds wel
                    samengaan. Opgemerkt wordt dat het wel noodzakelijk is om de geconstateerde
                    parkeerovertreding zo goed mogelijk vast te leggen wanneer alleen gebruik wordt
                    gemaakt van de bestuursdwangbevoegdheid. Voor eventuele latere bezwaar- en
                    beroepsprocedures op grond van de Awb is het verstandig de geconstateerde
                    parkeerovertreding zo goed mogelijk vast te leggen in een schriftelijk document
                    en bij voorkeur vergezeld te laten gaan van een foto die de feitelijke situatie
                    weergeeft. Een eventueel sepot, vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging door
                    justitie, respectievelijk de rechter naar aanleiding van een proces-verbaal is
                    niet zonder meer een reden om ook de kosten van de bestuursdwang terug te
                    betalen. Het college van burgemeester en wethouders maakt in een eventuele
                    bezwaarprocedure een zelfstandige afweging.</al><al/><al>Verordening In artikel 170 e.v.</al><al/><al>In artikel 170 e.v. van de WVW 1994 is het kader aangegeven waarbinnen het
                    college van burgemeester en wethouders gebruik kan maken van zijn bevoegdheid
                    tot het wegslepen van voertuigen. Hoewel de bevoegdheid tot het wegslepen van
                    voertuigen in de wet is neergelegd, kan het college pas goed van deze
                    bevoegdheid gebruikmaken wanneer de gemeenteraad in een verordening nadere
                    regels heeft gesteld over de toepassing van deze bevoegdheid, zoals in artikel
                    173, tweede lid van de wet wordt voorgeschreven. In deze verordening dienen in
                    elk geval regels te worden gesteld over:</al><al/><al>1. de aanwijzing van de plaats(en) waar de weggesleepte voertuigen worden
                    bewaard;</al><al/><al>2. de berekening van de kosten die verbonden zijn aan de uitvoering van het
                    wegslepen en bewaren van voertuigen;</al><al/><al>3. de eventuele aanwijzing van wegen en weggedeelten waar op grond van artikel
                    170, eerste lid, onder c WVW 1994 voertuigen mogen worden weggesleept.</al><al/><al>De uitwerking van deze regels van de verordening kan door het college van
                    burgemeester en wethouders geschieden.</al><al/><al/><al/><al>Wegsleepwaardige overtredingen</al><al/><al>Zoals hiervoor reeds aangegeven mochten op grond van de bepalingen uit de oude
                    WVW 1994 op de weg staande voertuigen alleen worden weggesleept in het belang
                    van de veiligheid op de weg, de vrijheid van het verkeer of het vrijhouden van
                    invalidenparkeerplaatsen. Op grond van het nieuwe artikel 170, eerste lid WVW
                    1994 kunnen voertuigen waarmee én een verkeersregel wordt overtreden én waarvan
                    de verwijdering noodzakelijk is in verband met het belang van:</al><al>a. de veiligheid op de weg of</al><al>b. de vrijheid van het verkeer of</al><al>c. het vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen</al><al>zonder meer worden weggesleept.</al><al/><al>Om enig houvast te bieden bij de toepassing van de wegsleepverordening is in een
                    bijlage bij deze toelichting aangegeven in welke concrete gevallen er sprake kan
                    zijn van een wegsleepwaardige overtreding van de wegenverkeerswetgeving.</al><al/><al>Tot slot wijzen wij nog op het bepaalde in artikel 170, zesde lid WVW 1994.
                    Hierin wordt bepaald dat een voertuig niet kan worden weggesleept indien de
                    rechthebbende het voertuig verwijdert voordat met de overbrenging wordt
                    begonnen. In de wet wordt niet expliciet aangegeven wanneer met de overbrenging
                    wordt begonnen. In de dagelijkse praktijk wordt ervan uitgegaan dat pas met de
                    overbrenging wordt begonnen wanneer het voertuig zich in de takels van het
                    wegsleepvoertuig bevindt. Indien de rechthebbende zich eerder bij zijn voertuig
                    meldt, mag het voertuig niet meer worden weggesleept. Wel zal de rechthebbende
                    alle aan de voorbereiding van de overbrenging verbonden kosten dienen te
                    vergoeden, waarbij met name kan worden gedacht aan de voorrijkosten van het
                    sleepvoertuig en administratieve kosten.</al><al/><al/><al/><al>Artikelsgewijze toelichting</al><al/><al/><al>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</al><al/><al>In deze bepaling is een aantal begrippen omschreven dat diverse malen in deze
                    verordening terugkomt. De omschrijving van deze begrippen spreekt voor zich.
                    Veelal wordt verwezen naar definities uit bestaande wetgeving.</al><al/><al>Ad d. Voertuig</al><al>Het begrip 'voertuig', zoals in artikel 1, onder al RVV 1990 is omschreven, is
                    ruim. Hieronder vallen niet alleen motorvoertuigen, invalidenvoertuigen, trams
                    en wagens. Al deze voertuigen vallen derhalve onder de werking van deze
                    wegsleepverordening. Fietsen en bromfietsen vallen echter niet onder de werking
                    van de wegsleepverordening.</al><al/><al>Ad e. Motorrijtuig</al><al>Het begrip 'motorrijtuig' is apart omschreven omdat artikel 5 van de
                    Wegsleepverordening gemeente Noordwijk alleen betrekking heeft op dit soort
                    voertuigen.</al><al/><al>Artikel 2 Aanwijzing van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden
                    verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het vrijhouden
                    van wegen en weggedeelten</al><al/><al>Zoals hiervoor in het algemene deel van de toelichting is gememoreerd, is de
                    bevoegdheid tot het wegslepen van voertuigen in de wet zelf geregeld. Voor het
                    wegslepen van voertuigen in het belang van de veiligheid op de weg of de
                    vrijheid van het verkeer hoeven geen wegen en weggedeelten te worden aangewezen.
                    Van deze bevoegdheid kan op alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente
                    gebruik worden gemaakt. Voor het wegslepen van voertuigen in het belang van het
                    vrijhouden van wegen en weggedeelten kunnen op grond van artikel 170, eerste
                    lid, aanhef en onder c, en artikel 173, tweede lid, aanhef en onder c WVW 1994
                    bij gemeentelijke verordening wegen en weggedeelten worden aangewezen. In
                    artikel 2 van het Besluit wegslepen van voertuigen is nader aangegeven om welke
                    soorten van wegen en weggedeelten het kan gaan, zoals onder andere
                    gehandicaptenparkeerplaatsen, taxistandplaatsen, laad- en loshavens,
                    parkeerplaatsen voor vergunninghouders, voetgangersgebieden en dergelijke. Het
                    is aan de gemeenteraad om in deze wegsleepverordening de wegen en weggedeelten
                    aan te wijzen waar het college van burgemeester en wethouders van deze
                    bevoegdheid gebruik kan maken. In de tekst van de Wegsleepverordening gemeente
                    Noordwijk is de ruimste variant opgenomen: alle wegen en weggedeelten binnen de
                    gemeente zijn aangewezen. </al><al/><al>Voor de volledigheid wordt nog eens opgemerkt dat een parkeerovertreding, zoals
                    in deze bepaling bedoeld, op zich niet zonder meer voldoende is om over te gaan
                    tot het wegslepen en in bewaring stellen van een voertuig. Per geval zal tevens
                    moeten worden beoordeeld of de specifieke parkeerovertreding het wegslepen en in
                    bewaring stellen van het desbetreffende voertuig ook rechtvaardigt. Indien
                    bijvoorbeeld een voertuig midden in de nacht op een laad- en loshaven wordt
                    geparkeerd terwijl alle winkels en bedrijven dicht zijn, zal het normaal
                    gesproken niet weggesleept mogen worden. Het voertuig zal doorgaans pas mogen
                    worden weggesleept wanneer de winkels en bedrijven weer opengaan of enige tijd
                    daarvoor.</al><al/><al>Artikel 3 Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</al><al/><al>De inhoud van de bepaling spreekt voor zich. Als plaats van bewaring van
                    voertuigen wordt aangewezen de locatie van het erkende takel- en bergingsbedrijf
                    dat het wegslepen van voertuigen in opdracht van het college van Noordwijk voor
                    haar rekening neemt. In onvoorziene omstandigheden is het denkbaar dat de
                    burgemeester op grond van zijn bijzondere bevoegdheden ter handhaving van de
                    openbare orde tijdelijk ook andere terreinen aanwijst als plaats van bewaring
                    van voertuigen. </al><al/><al>Artikel 4 Kosten overbrengen en bewaren voertuigen</al><al/><al>In artikel 13 tot en met 15 van het Besluit wegslepen van voertuigen is geregeld
                    welke soorten van kosten, verbonden aan het wegslepen en in bewaring stellen van
                    voertuigen, in rekening kunnen worden gebracht. Het gaat hierbij niet alleen om
                    personele en materiële kosten die direct verband houden met het wegslepen en in
                    bewaring stellen van voertuigen, maar ook om kosten die verbonden zijn aan
                    bekendmaking van beschikkingen, verkoop, eigendomsoverdracht om niet of
                    vernietiging van voertuigen, inclusief de taxatie van deze voertuigen,
                    renteverlies, WA-verzekering en dergelijke. Bij de berekening van de prijzen
                    hanteert het takel- en bergingsbedrijf de indexering volgens “CBI-laag”. In de
                    bijgevoegde Tarievenlijst Wegsleepverordening Noordwijk 2011 zijn de kosten
                    opgenomen. </al><al/><al>Artikel 5 Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het geval van
                    gebleken onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het ontbreken van
                    een behoorlijk zichtbare kentekenplaat</al><al/><al>Naast de in artikel 170, eerste lid WVW 1994 bedoelde gevallen zijn in deze wet
                    nog twee gevallen genoemd, waarin het noodzakelijk kan zijn om een voertuig te
                    laten wegslepen en in bewaring te laten stellen. Achtereenvolgens wordt hier
                    gedoeld op:</al><lijst><li nr="a."><al>het niet afgeven van zijn rijbewijs, wanneer dit is ingevorderd, omdat
                            iemand zijn motorrijtuig heeft bestuurd terwijl hij onder invloed was
                            van drogerende stoffen of alcohol en dergelijke (zie artikel 130 en 164
                            WVW 1994); </al></li><li nr="b."><al>de situatie dat een motorrijtuig niet beschikt over een behoorlijk
                            zichtbare kentekenplaat terwijl de eigenaar of houder van dat
                            motorrijtuig niet direct te achterhalen is. Hierbij kan bijvoorbeeld
                            worden gedacht aan voertuigwrakken die geen kenteken meer hebben of aan
                            situaties dat er sprake kan zijn van het 'knoeien' met kentekens in
                            geval van autodiefstal. </al></li></lijst><al/><al>Wanneer in dit soort gevallen een voertuig moet worden weggesleept en in
                    bewaring genomen, is er geen sprake van uitoefening van bestuursdwang. Artikel
                    170, eerste lid WVW 1994, waarin de bestuursdwangbevoegdheid is geregeld, is dan
                    ook niet van toepassing verklaard in de genoemde gevallen. In feite gaat het om
                    een vorm van inbeslagname van goederen die ook in het strafrecht voorkomt.</al><al/><al>Wel heeft de wetgever voor deze gevallen diverse bepalingen uit het hoofdstuk
                    Bestuursdwang van de WVW 1994 (artikel 170 e.v.) van overeenkomstige toepassing
                    verklaard. In de wegsleepverordening zijn de artikelen over de bewaarplaats(en)
                    van voertuigen en openingstijden (artikel 3) en de kosten van overbrengen en
                    bewaren van voertuigen (artikel 4) voor deze gevallen van overeenkomstige
                    toepassing verklaard.</al><al/><al>Artikel 6 Inwerkingtreding</al><al/><al>Deze bepaling spreekt voor zich.</al><al/><al>Artikel 7 Citeertitel</al><al/><al>Deze bepaling spreekt voor zich. Deze verordening wordt aangehaald als:
                    Wegsleepverordening Noordwijk 2011</al><al/><al>Bijlage bij toelichting van de model-wegsleepverordening</al><al/><al/><al>A. Veiligheid op de weg en vrijheid van het verkeer</al><al/><al>Als gevallen waarin verwijdering, overbrenging en inbewaringstelling van
                    voertuigen in het belang van de veiligheid op de weg en de vrijheid van het
                    verkeer (zie artikel 170, eerste lid, aanhef en onder a en b WVW 1994)
                    noodzakelijk kunnen zijn, kunnen worden genoemd:</al><al/><al>Plaats op de weg</al><al/><al>- a. een voertuig is tot stilstand gebracht op een trottoir, voetpad of
                    fietspad, tenzij het een fiets, bromfiets of invalidenvoertuig betreft (zie
                    artikel 10 en artikel 5 tot en met 7 RVV 1990).</al><al/><al>Laten stilstaan</al><al/><al>- b. een voertuig is tot stilstand gebracht:</al><al/><al>1. op een kruispunt, rotonde of een overweg; </al><al>2. op een fietsstrook of de rijbaan langs een fietsstrook; </al><al>3. op een oversteekplaats of binnen een afstand van 5 meter daarvan; </al><al>4. in een tunnel; </al><al>5. bij een bord bushalte (eventueel: ook tramhalte) ter hoogte van de geblokte
                    markering of, indien die markering niet is aangebracht, op een afstand van
                    minder dan 12 meter van het bord, tenzij het stilstaan dient voor het
                    onmiddellijk laten in- en uitstappen van passagiers; </al><al>6. op de rijbaan langs een busstrook; </al><al>7. op een busbaan of een busstrook met uitzondering van een lijnbus; </al><al>8. langs een gele doorgetrokken streep of in strijd met bord E2 van bijlage 1
                    RVV 1990; </al><al>- op de rijbaan, inclusief de invoeg- en uitrijstrook, van een autosnelweg of
                    autoweg, of - behoudens in noodgevallen - op de vluchtstrook, de vluchthaven of
                    de berm van zo'n weg. (Zie artikel 23, 43, tweede lid, en 81 RVV 1990 en bord E2
                    van bijlage 1 bij het RVV 1990.)</al><al/><al>- c. een voertuig is geparkeerd:</al><al/><al>1. bij een kruispunt op een afstand van minder dan 5 meter daarvan; </al><al>2. voor een inrit of een uitrit; </al><al>3. buiten de bebouwde kom op de rijbaan van een voorrangsweg; </al><al>4. langs een gele onderbroken streep of in strijd met bord E1 van bijlage 1 RVV
                    1990; </al><al>5. op een wijze waardoor er sprake is van dubbel parkeren; </al><al>6. binnen een erf, waarbij - voorzover het een motorvoertuig betreft - geen
                    gebruik is gemaakt van de parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of
                    aangewezen; </al><al>7. op een weg waarvoor een geslotenverklaring geldt; </al><al>8. zonder dat de voorgeschreven voertuigverlichting in werking is gesteld; </al><al>- (Zie artikel 24, 25, 38 e.v. en 46 RVV 1990 en bord E1 van bijlage 1 bij het
                    RVV 1990.)</al><al/><al>- d. een voertuig is tot stilstand gebracht in strijd met een bevel of een
                    aanwijzing, gegeven door een daartoe bevoegd en als zodanig kenbare ambtenaar of
                    ander persoon;</al><al/><al>(Zie artikel 82 RVV 1990.)</al><al/><al/><al>Gevaarlijk of hinderlijk gedrag</al><al/><al>- e. een voertuig is overigens zodanig tot stilstand gebracht of geparkeerd dat
                    gevaar op de weg wordt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg
                    wordt of kan worden gehinderd.</al><al/><al>(Zie artikel 5 WVW 1994, het zogenaamde kapstokartikel.)</al><al/><al>Toelichting Veiligheid op de weg en vrijheid van het verkeer</al><al/><al>Hiervoor zijn diverse wegsleepwaardige overtredingen van de
                    wegenverkeerswetgeving opgenomen, waarbij het motief ligt bij de
                    verkeersveiligheid en de doorstroming van het verkeer. Zoals reeds in de
                    algemene toelichting is aangegeven, zal van geval tot geval beoordeeld moeten
                    worden of de geconstateerde parkeerovertreding ook daadwerkelijk wegsleepwaardig
                    is.</al><al/><al>In onderdeel a gaat het om overtreding van artikel 10 RVV 1990. Bestuurders van
                    voertuigen, met uitzondering van fietsen, bromfietsen en invalidenvoertuigen
                    (zie artikel 5 tot en met 7 RVV 1990), gebruiken de rijbaan. Zij mogen hun
                    voertuig niet parkeren op een trottoir, voetpad of fietspad.</al><al/><al>In onderdeel b gaat het om overtreding van het bepaalde in artikel 23, 43,
                    tweede lid, en 81 RVV 1990 en bord E2 van bijlage 1 bij het RVV 1990.</al><al/><al>In onderdeel c is er sprake van overtreding van het bepaalde in artikel 24, 25,
                    38 e.v. en 46 RVV 1990 en bord E1 van bijlage 1 bij het RVV 1990.</al><al/><al>In onderdeel d wordt gedoeld op overtreding van het bepaalde in artikel 82 RVV
                    1990.</al><al/><al>In onderdeel e gaat het om overtreding van het bepaalde in artikel 5 WVW 1994,
                    het kapstokartikel. Op grond van deze bepaling is het verboden zich zodanig te
                    gedragen dat er gevaar op de weg wordt of kan worden veroorzaakt of dat het
                    verkeer op de weg wordt of kan worden gehinderd. De inhoud van deze bepaling is
                    zo ruim dat ongewenst gedrag op de weg, i.c. ongewenst parkeren, dat niet reeds
                    in onderdeel a tot en met d is geregeld, doorgaans onder deze bepaling kan
                    worden gebracht.</al><al/><al>B. Vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen</al><al/><al>Verwijdering, overbrenging en inbewaringstelling van voertuigen in het belang
                    van het vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen (zie artikel 170, eerste
                    lid, aanhef en onder c WVW 1994 en artikel 2 Besluit wegslepen van voertuigen)
                    kunnen noodzakelijk zijn in het geval dat een voertuig geparkeerd is:</al><al/><lijst><li nr="a."><al>op een weg of weggedeelte waar door middel van bord E1 van bijlage 1 van
                            het RVV 1990 of door middel van een gele onderbroken streep als bedoeld
                            in artikel 24, lid 1 onder e RVV 1990 wordt aangegeven dat ter plaatse
                            een parkeerverbod geldt; </al></li><li nr="b."><al>op een weg of weggedeelte waar door middel van bord E2 van die bijlage
                            of door middel van een gele doorgetrokken streep als bedoeld in artikel
                            23, lid 1 onder g RVV 1990 wordt aangegeven dat ter plaatse een verbod
                            stil te staan geldt; </al></li><li nr="c."><al>op een parkeerplaats nader aangeduid door bord E4 van die bijlage (al
                            dan niet met onderbord) voorzover: </al><lijst><li nr="i."><al>het voertuig niet behoort tot de toegelaten categorie of groep
                                    voertuigen; - het voertuig op een andere dan de aangegeven wijze
                                    is geparkeerd; </al></li><li nr="ii."><al>het voertuig op andere dagen of uren dan aangegeven is
                                    geparkeerd; </al></li></lijst></li><li nr="d."><al>op een taxistandplaats, nader aangeduid door bord E5 van die bijlage,
                            tenzij het parkeren gebeurt met een taxi; </al></li><li nr="e."><al>op een gehandicaptenparkeerplaats, nader aangeduid met bord E6 van die
                            bijlage: </al><lijst><li nr="i."><al>tenzij het parkeren gebeurt met een gehandicaptenvoertuig; </al></li><li nr="ii."><al>tenzij gebruik wordt gemaakt van een geldige en duidelijk
                                    zichtbaar aangebrachte gehandicaptenparkeerkaart; </al></li><li nr="iii."><al>die gereserveerd is voor een bepaald voertuig, tenzij het
                                    parkeren gebeurt met dat voertuig; </al></li></lijst></li><li nr="f."><al>op een laad- en losplaats, nader aangeduid door bord E7 van die bijlage
                            (met uitzondering van de aangegeven dagen of uren), tenzij de bestuurder
                            van het voertuig bezig is met het onmiddellijk laden en lossen van
                            goederen; </al></li><li nr="g."><al>op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E8 van die bijlage
                            voorzover het voertuig niet behoort tot de toegelaten categorie of groep
                            voertuigen; </al></li><li nr="h."><al>op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E9 van die bijlage en
                            bestemd voor vergunninghouders, tenzij het parkeren gebeurt met het
                            voertuig waarvoor een parkeervergunning is afgegeven; </al></li><li nr="i."><al>in een voetgangersgebied, nader aangeduid door bord G7 of C1 van die
                            bijlage (eventueel: met uitzondering van aangegeven dagen en uren. </al></li></lijst><al/><al/><al>Toelichting Vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen</al><al/><al>Hiervoor zijn diverse wegsleepwaardige overtredingen van de
                    wegenverkeerswetgeving opgenomen, waarbij het motief niet zozeer ligt bij de
                    verkeersveiligheid en de doorstroming van het verkeer, maar wel bij het
                    vrijhouden van wegen en weggedeelten. In de oude wettelijke regeling werd een
                    specifiek voorbeeld van een locatie genoemd waar voertuigen mochten worden
                    weggesleept wanneer hier door onbevoegden werd geparkeerd, namelijk de
                    gehandicaptenparkeerplaats. In de praktijk bleken er aanzienlijk meer locaties
                    denkbaar te zijn waar het wegslepen van voertuigen noodzakelijk werd geacht
                    zonder dat er direct sprake was van verkeersonveiligheid of belemmering van de
                    doorstroming van het verkeer. In artikel 2 van het Besluit wegslepen van
                    voertuigen is concreet aangegeven op welke soorten wegen en weggedeelten
                    voertuigen mogen worden weggesleept in het belang van het vrijhouden van wegen
                    en weggedeelten. Deze soorten wegen en weggedeelten zijn eerder onder a tot en
                    met i nader aangeduid.</al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Noordwijk/i48776.pdf">06072011 publicatie De Zeekant.pdf</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Noordwijk/i48775.pdf">28062011 Ondertekend raadsbesluit inclusief verordening.pdf</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>