<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR107460_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Deelsubsidieverordening Subsidieverlening aan sportverenigingen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-07-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws, 2011, 28</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative> Deelsubsidieverordening “Subsidieverlening aan sportverenigingen”</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=149&amp;g=2020-01-01">artikel 149 van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">https://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Den%20Helder/624627/CVDR624627_1.html</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>algemeen</dcterms:subject><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-07-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-07-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2011-07-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB11.0045</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Deelsubsidieverordening Subsieverlening aan Sportverenigingen 2009.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Deelsubsidieverordening Subsidieverlening aan sportverenigingen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al><onderstreept>Sportvereniging</onderstreept>: een statutair in de
                            gemeente Den Helder gevestigde en bij de Kamer van Koophandel
                            ingeschreven (omni)sportvereniging die de beoefening van sport in
                            georganiseerd verband ten doel heeft en die lid is van een landelijke
                            bij het NOC*NSF aangesloten sportbond. IJsclubs worden niet beschouwd
                            als een sportvereniging in de zin van deze verordening.</al><al><onderstreept>Sportaccommodatie:</onderstreept> een ruimtelijk en/of
                            kadastraal aan te duiden voorziening waar (georganiseerde)
                            sportbeoefening kan plaatsvinden niet zijnde een clubhuis, kleedruimte
                            of opslag.</al><al><onderstreept>Jeugdlid</onderstreept>: lid van een sportvereniging dat
                            op 1 september van het jaar waarin de vereniging een subsidieaanvraag
                            indient 23 jaar of jonger is, en die door het lidmaatschap minimaal kan
                            deelnemen aan trainingen, wedstrijden en toernooien van de
                            vereniging.</al><al><onderstreept>Ouder lid</onderstreept>: lid van een sportvereniging dat
                            op 1 september van het jaar waarin de vereniging een subsidieaanvraag
                            indient 60 jaar of ouder is, en die door het lidmaatschap minimaal kan
                            deelnemen aan trainingen, wedstrijden en toernooien van de
                            vereniging.</al><al><onderstreept>Subsidiepunt</onderstreept>: meeteenheid ten behoeve van
                            de verdeling van de voor deze deelsubsidieverordening beschikbare
                            subsidiemiddelen, zoals omschreven in hoofdstuk 4 van deze
                            deelsubsidieverordening.</al><al><onderstreept>Veldsport</onderstreept>: een sport die door een
                            sportvereniging uitgeoefend wordt op een in dit geval van de gemeente
                            gehuurde of door de gemeente in gebruik gegeven
                            buitensportaccommodatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.2</nr><titel>Reikwijdte en doel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze deelsubsidieverordening is van toepassing op de van
                                gemeentewege te verlenen subsidie aan een sportvereniging voor
                                activiteiten als bedoeld in deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelsubsidieverordening is gericht op het stimuleren van een
                                sportvereniging tot het laten deelnemen van inwoners van Den Helder
                                aan georganiseerde sport, het bevorderen van de kwaliteit van
                                sportbeoefening in verenigingsverband en op het versterken van de
                                rol van de sportvereniging bij het via sportbeoefening actief laten
                                deelnemen van mensen uit achterstandsgroepen aan de Helderse
                                samenleving.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvraag heeft betrekking op activiteiten die plaatsvinden
                                gedurende een kalenderjaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.3</nr><titel>Subsidieplafond</titel></kop><al>Middelen voor de subsidiering van sportverenigingen worden, voor zover
                            de raad deze heeft gevoteerd, ieder jaar op de gemeentebegroting
                            gereserveerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.4</nr><titel>Evaluatieplicht</titel></kop><al>Deze verordening zal vijf jaar na de inwerkingtreding worden
                            geëvalueerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Aanvrager</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aanvragen kunnen gedaan worden door sportverenigingen </al><lijst><li nr="a."><al>die statutair in Den Helder zijn gevestigd en</al></li><li nr="b."><al>waarvan ten minste 70% van het ledenbestand woonachtig is in
                                        Den Helder en</al></li><li nr="c."><al>waarvan het aantal vol lidmaatschap betalende leden die
                                        actief de sport beoefenen, ten minste 50 is op 1 september
                                        van het jaar van aanvraag met dien verstande dat het college
                                        ook een aanvraag van een vereniging met minder dan 50 leden
                                        in behandeling neemt, als de leden een specifieke sport
                                        beoefenen die nog niet door een andere vereniging in Den
                                        Helder wordt aangeboden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Er bestaat geen aanspraak op subsidie ingevolge deze verordening
                                wanneer verenigingen niet algemeen toegankelijk zijn, zoals in ieder
                                geval personeelsverenigingen en verenigingen die een zeer hoge
                                contributie en soms ook nog een hoog entreebedrag/inkoopbedrag
                                vragen, waardoor zij voor grote groepen van de bevolking in feite
                                ontoegankelijk zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr><titel>Aanvraag termijn</titel></kop><al>Een sportvereniging dient voor 1 oktober van het jaar voorafgaand aan
                            het kalenderjaar waarvoor de subsidie is bestemd haar subsidieaanvraag
                            in bij het college van burgemeester en wethouders (college).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3</nr><titel>Subsidietijdvak</titel></kop><al>Een verleende subsidie heeft betrekking op het kalenderjaar volgend op
                            het jaar waarin het subsidieverzoek bij het college wordt
                            ingediend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.4</nr><titel>Gegevens bij de aanvraag voor subsidieverlening</titel></kop><al>In plaats van verplichtingen die voortkomen uit artikel 2:2 van de
                            Algemene subsidieverordening 2008 (Asv 2008) dient de sportvereniging de
                            volgende stukken samen met de subsidieaanvraag in:</al><lijst><li nr="1."><al>a. bij de eerste aanvraag: een afschrift van statuten en de
                                    reglementen die de inrichting en werkzaamheden van de
                                    sportvereniging regelen;</al><al>b. bij een volgende aanvraag: afschrift van de statuten en
                                    reglementen die de inrichting en werkzaamheden van de
                                    sportvereniging regelen indien en voor zover deze zijn gewijzigd
                                    in de periode na de vorige subsidie aanvraag.</al></li><li nr="2."><al>een overzicht van het totaal aantal leden dat de sportvereniging
                                    heeft op basis van haar ledenbestand per 1 september van het
                                    jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie is
                                    aangevraagd. In dit overzicht dient:</al></li><li nr=""><al>a. het totaal aantal leden dat actief sport(en) beoefent en 23
                                    jaar of jonger dan wel 60 jaar of ouder is, schuin gearceerd te
                                    zijn;</al><al>b. per lid ten minste het geboortejaar en de beoefende sport(en)
                                    vermeld zijn. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.5</nr><titel>Uitstel of ontheffing</titel></kop><al>Een sportvereniging kan een aanvraag tot uitstel of ontheffing aanvragen
                            conform artikel 2:3 lid 1 van de Asv 2008.</al><al>Het college besluit op basis van de in het verzoek tot uitstel gegeven
                            redenen tot het al dan niet verlenen daarvan uitstel, daarbij lettend
                            op:</al><lijst><li nr="1."><al>vermijdbaarheid van het uitstel;</al></li><li nr="2."><al>zorgvuldigheid;</al></li><li nr="3."><al>het verloop van eerdere subsidieaanvragen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.6</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Het college beslist op een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 2.2
                            voor 31 december van het jaar waarin deze aanvraag is ingediend.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr><titel>Financiële verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger draagt zorg voor eenvoudig inzichtelijke
                                financiële en projectadministratie voor de activiteiten waarvoor de
                                subsidie is verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ontvanger van een subsidie die meer dan € 50.000,00 bedraagt,
                                overlegt naast de onder lid 1 van dit artikel bedoelde
                                administraties aan het college een accountantsverklaring als bedoelt
                                in artikel 2:393, vijfde lid van het Burgerlijk Wetboek aangaande de
                                besteding van de subsidie. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ontvanger van een subsidie die meer bedraagt dan € 5.000,00 maar
                                minder is dan of gelijk is aan € 50.000,00 overlegt aan het college
                                een verklaring aangaande de besteding van de subsidie, opgesteld
                                door een kascommissie van de sportvereniging of door enig ander
                                orgaan dat toeziet op de financiële huishouding van de
                                vereniging.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De ontvanger van een subsidie lager of gelijk aan € 5.000,00 hoeft
                                geen financiële verantwoording af te leggen over de besteding van de
                                subsidie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2</nr><titel>Vermogensvorming</titel></kop><al>Het vormen van reserves en/of vermogen is toegestaan wanneer het tot
                            doel heeft de middelen in de jaren volgend op het jaar waarvoor de
                            subsidie is verleend te besteden aan de activiteiten als omschreven in
                            deze regeling. Conform artikel 3:5 van de Asv 2008 dient de aanvrager
                            hiervoor toestemming te vragen aan het college.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Subsidieverdeling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1</nr><titel>Subsidiepunten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De hoogte van de subsidie die een sportvereniging kan krijgen wordt
                                bepaald door het subsidieplafond en het aantal subsidiepunten dat
                                zij krijgt op basis van kenmerken van haar ledenbestand. Het aantal
                                subsidiepunten bepaalt het percentage van het subsidiebedrag (zie
                                artikel 2:4 lid 2).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een sportvereniging krijgt één subsidiepunt voor ieder lid dat op 1
                                september van het jaar van aanvraag 23 jaar of jonger dan wel 60
                                jaar of ouder is. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een toelichting op de berekening van het subsidiebedrag is een
                                bijlage bij de beschikking waarmee het college de subsidie
                                verleent.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2</nr><titel>Weging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Gezien hun beperkte accommodatiekosten wordt op het
                                    subsidiebedrag van de volgende sporten een weging
                                    toegepast:</al><lijst><li nr="·"><al>Bord- en kaartspelen 0.3</al></li><li nr="·"><al>Biljart 0.5</al></li><li nr="·"><al>Wandelsport 0.3</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Gezien de hoge accommodatiekosten mogen veldsporten subsidie
                                    aanvragen, met een weging op het subsidiebedrag, aangezien de
                                    gemeente voor 85% de kosten van de sportaccommodatiehuur op zich
                                    neemt.</al><al>· Veldsporten 0.3</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Te subsidiëren activiteiten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>De subsidie moet aangewend worden voor de volgende door de betrokken
                            sportvereniging te organiseren activiteiten, zoals nader omschreven in
                            de bij deze verordening behorende toelichting onder 5.1: </al><al>a. het in gebruik krijgen en houden van een sportaccommodatie;</al><al>b. het aanbieden van training, opleiding en onderwijs ter verhoging van
                            de kwaliteit van het kader van de vereniging, zowel op sportief als
                            organisatorisch vlak;</al><al>c. het organiseren van sportactiviteiten ten behoeve van doelgroepen uit
                            de Helderse samenleving die minder betrokken zijn bij het
                            maatschappelijke leven of activiteiten die sportbeoefening introduceren
                            bij de diverse geledingen van de Helderse samenleving.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>De subsidievaststelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.1</nr><titel>De aanvraag om subsidie vaststelling</titel></kop><al>De subsidieontvanger dient voor 1 april van het jaar dat volgt op het
                            jaar waarvoor de subsidie is aangevraagd een aanvraag tot vaststelling
                            van de subsidie in bij het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.2</nr><titel>Gegevens bij de aanvraag om subsidievaststelling</titel></kop><al>Het opgeven van verantwoordingsgegevens als bedoeld in artikel 4.2
                            eerste lid van de Asv 2008 kan voor deze deelsubsidieverordening
                            gebeuren op het door het college vastgestelde subsidieafrekenformulier.
                            De sportvereniging moet aantonen dat de subsidie is uitgegeven aan elk
                            van de onder artikel 5.1 genoemde activiteiten. Zie ook artikel
                            3.1.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.3</nr><titel>Subsidieafrekenformulier</titel></kop><al>Indien de subsidieontvanger van een subsidie van €5.000,00 of hoger in
                            het subsidieafrekenformulier niet kan aantonen, dat de activiteiten
                            zoals benoemd onder artikel 5.1 van deze deelverordening en de verdeling
                            van de middelen daarover hebben plaatsgevonden overeenkomstig de in deze
                            deelverordening opgenomen voorwaarden, wordt de verleende subsidie op
                            nul vastgesteld.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.1</nr><titel>Inwerkingtreding en overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na die van zijn
                                openbare bekendmaking en werkt terug vanaf 1 juli 2011.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelsubsidieverordening “Subsidieverlening aan Sportverenigingen
                                2009” wordt met ingang van de in lid 1 genoemde datum ingetrokken,
                                en blijft van toepassing op de afwikkeling van de subsidies die op
                                grond van deze deelsubsidieverordening zijn verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.2</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze deelsubsidieverordening kan worden aangehaald als:
                            Deelsubsidieverordening “Subsidieverlening aan sportverenigingen”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de raadsvergadering van 4 juli 2011 </ondertekening><ondertekening>Koen Schuiling, voorzitter</ondertekening><ondertekening>mr. drs. M. Huisman, griffier</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de deelsubsidieverordening</titel></kop><al/><al><vet>Algemeen</vet></al><al>In deze deelsubsidieverordening zijn de regels omschreven die van toepassing
                    zijn op de subsidieverlening aan sportverenigingen voor zover deze regels
                    afwijken van de Asv 2008 of voor zover de regels van de Asv 2008 een nadere
                    specificatie nodig hebben.</al><al/><al><vet>Artikelsgewijs commentaar</vet></al><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1:1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Een omnisportvereniging is een sportvereniging waar meerdere sporten
                        beoefend worden. Zo’n vereniging bestaat uit meerdere afdelingen per tak van
                        sport met een gemeenschappelijke overkoepelende organisatie. Afhankelijk van
                        de structuur in de vereniging opereren de afdelingen als zelfstandige
                        individuele verenigingen of als één gezamenlijke vereniging.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1:2</nr><titel>Reikwijdte en doel</titel></kop><al>Het tweede lid omschrijft de maatschappelijke doelen die de gemeente met het
                        subsidiëren van sportverenigingen wil bereiken. Deze doelen zijn ontleend
                        aan de Kadernota Lokaal Sportbeleid “Wat ons beweegt” vastgesteld door de
                        raad op 1 maart 2006.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1:3</nr><titel>Subsidieplafond</titel></kop><al>Jaarlijks stelt de raad bij de begrotingsvaststelling het voor deze regeling
                        beschikbare budget vast. De omvang van het beschikbare bedrag voor 2010 is
                        onderdeel van het raadsbesluit “tarieven en subsidies sportverenigingen d.d.
                        1 februari 2010”.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1:4</nr><titel>Evaluatieplicht</titel></kop><al>De evaluatie van deze regeling na vijf jaar loopt gelijk met de evaluatie
                        van het nieuwe tarievenstelsel voor de verhuur van
                        buitensportaccommodaties.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2:1</nr><titel>Aanvrager</titel></kop><al>Het eerste lid beperkt de werking van de regeling in en voor Den Helder
                        actieve sportverenigingen en bepaalt ook een gewenste minimum omvang van de
                        vereniging. Dit laatste komt voort uit de kadernota Lokaal Sportbeleid die
                        stelt dat het sportaanbod in Den Helder versnipperd is en dat daardoor veel
                        verenigingen te klein zijn om de gewenste verbetering van de kwaliteit van
                        het sportaanbod te bewerkstelligen. Omdat dit niet wenselijk is, is de
                        minimumomvang ontstaan. Lid 1.c. van de regeling bepaalt dat verenigingen
                        die een sport aanbieden die (nog) niet werd aangeboden uitgezonderd zijn van
                        uitsluiting vanwege te gering ledenaantal. Dit omdat de gemeente een zo
                        gevarieerd mogelijk aanbod aan sporten wil stimuleren.</al><al>Het totale ledenbestand bepaalt de omvang van een sportvereniging.</al><al>Lid 2 van dit artikel sluit verenigingen uit voor het verkrijgen van
                        subsidie als zij niet algemeen toegankelijk zijn voor alle inwoners van Den
                        Helder. Omdat er bijvoorbeeld aanvullende eisen zijn voor het lidmaatschap
                        ofwel omdat de contributie zo hoog is dat veel inwoners van Den Helder deze
                        niet op zullen willen brengen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2:4</nr><titel>Gegevens aan te leveren bij de aanvraag voor
                            subsidieverlening</titel></kop><al>Aan te leveren stukken zijn aan de ene kant nodig om tot een
                        subsidieverdeling te komen. Aan de andere kant leveren zij een financiële en
                        inhoudelijke omschrijving van de door de aanvrager te ondernemen
                        activiteiten die mede bepalend zijn voor de toekenning van de subsidie.</al><al>Een aanvragende vereniging is er uit hoofde van de Wet bescherming
                        persoonsgegevens verplicht om aan haar leden vooraf toestemming te vragen om
                        hen in het in lid 3 genoemde overzicht van het ledenbestand op te
                        nemen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2.5</nr><titel>Uitstel of ontheffing</titel></kop><al>Als leidraad voor het toekennen van uitstel of ontheffing voor het aanvragen
                        van een subsidie geldt de vraag of de betrokken sportvereniging zorgvuldig
                        handelt of handelde en of het verzoek tot uitstel voorkomen had kunnen
                        worden.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2:6</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Het tweede lid van dit artikel is bedoeld om te voorkomen dat aanvragers in
                        financiële moeilijkheden komen door het uitblijven van een beslissing van de
                        gemeente op toekenning van de subsidie.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3:1</nr><titel>Financiële verantwoording</titel></kop><al>Het derde lid maakt het mogelijk dat verenigingen bij hun verantwoording van
                        besteding van de verkregen subsidie zoveel mogelijk kunnen aansluiten bij
                        hun reguliere boekhouding. Dit voorkomt voor de verenigingen onevenredig
                        hoge kosten.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3:5</nr><titel>Vermogensvorming</titel></kop><al>Vermogensvorming uit deze subsidie is alleen toegestaan bij aanwending van
                        het opgebouwde vermogen voor activiteiten zoals omschreven in deze regeling.
                    </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4:1</nr><titel>Subsidiepunten</titel></kop><al>Het eerste lid van dit artikel bepaalt de manier waarop de verdeling van de
                        subsidie plaatsvindt. Het aantal subsidiepunten van een vereniging is een
                        percentage van het totale aantal punten dat aanvragers gezamenlijk in een
                        bepaald jaar hebben. </al><al>De raad bepaalt het voor subsidies beschikbaar budget bij de vaststelling
                        van de begroting. De toegekende subsidie is een percentage van dat
                        beschikbare bedrag.</al><al>Het tweede en derde lid van dit artikel bepalen waarvoor een sportvereniging
                        een subsidiepunt krijgt. Deze methode is ontleend aan de kadernota Lokaal
                        Sportbeleid. </al><al>De gemeente wil met de subsidiering van sportverenigingen stimuleren dat
                        jongeren en ouderen meer bewegen. De leeftijdgrens voor jongeren sluit aan
                        bij de leeftijdsgrens die in het gemeentelijke jeugdbeleid wordt gebruikt. </al><al>Aan de hand van een inventarisatie binnen zijn ledenbestand kan een
                        aanvrager het aantal subsidiepunten vaststellen. Daarbij zij aangetekend,
                        dat als een lid van een vereniging binnen die vereniging meerdere sporten
                        beoefend die voor subsidie in aanmerking komen voor ieder van deze sporten
                        mee telt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4:2</nr><titel>Weging</titel></kop><al>Een aantal sporten krijgt een wegingsfactor mee vanwege veronderstelde lage
                        kosten voor de accommodaties waar zij beoefend worden of omdat bij
                        verenigingen die veldsporten aanbieden de gemeente al in de kosten bijdraagt
                        door een niet kostendekkende huur in rekening te brengen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5:1</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>De subsidie moet uitsluitend en alleen besteed worden aan een drietal
                        activiteiten:</al><al>1. Activiteiten ten behoeve van het in gebruik krijgen of houden van een
                        sportvoorziening waarbij naast het betalen van huur of hypotheek ook
                        verstaan worden kosten voor het vervangen van bijvoorbeeld een vloer,
                        dug-outs, ballenvangers, verlichting etc.</al><al>2. Kaderopleidingen en onderwijs ten behoeve van leden die actief zijn in de
                        sportvereniging kunnen op zowel het sportieve vlak (trainers, jeugdleiders,
                        scheidsrechters etc.) als op het organisatorisch vlak (ledenadministrateurs,
                        website en PR-mensen).</al><al>3. Activiteiten voor speciale doelgroepen, zoals sportdagen voor
                        gehandicapten, schooljeugd of groepen die niet vaak in verenigingverband aan
                        sport doen. Uit dit budget is ook individuele ondersteuning van leden uit op
                        afstand staande geledingen van de maatschappij mogelijk. </al><al>Deze activiteiten zijn ontleend en dragen bij aan de doelstellingen van
                        participatie en integratie zoals geformuleerd binnen het beleid rond de Wet
                        maatschappelijke ondersteuning (WMO).</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>