<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR106163_1</dcterms:identifier><dcterms:title>De wijzigingsverordening rekenkamercommissie Eijsden-Margraten 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Eijsden-Margraten</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-07-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Eijsden-Margraten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de rekenkamercommissie voor de gemeente Eijsden-Margraten 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 81</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-04-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-04-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-09-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>De wijzigingsverordening rekenkamercommissie Eijsden-Margraten
            2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Eijsden-Margraten;</al><al/><al>Gelezen het voorstel van het presidium;</al><al/><al>BESLUIT:</al><al>De wijzigingsverordening rekenkamercommissie Eijsden-Margraten 2011 zoals
                        opgenomen in het voorstel vast te stellen;</al><al>De rekenkamercommissie van de voormalig gemeente Eijsden voor 2011 aan te
                        merken als haar rekenkamercommissie;</al><al>De gemeenteraden van Beek, Meerssen, Nuth, Gulpen-Wittem en Valkenberg aan
                        de Geul te laten weten dat de raad in alle vrijheid zijn afweging wil maken
                        m.b.t. de invulling van de verplichtingen voortvloeiend uit art. 81
                        gemeentewet e.v.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>- Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al> wet: Gemeentewet;</al></li><li nr="b."><al>rekenkamercommissie: de rekenkamercommissie van de gemeente
                                Eijsden-Margraten;</al></li><li nr="c."><al> voorzitter: voorzitter van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="d."><al> college: college van burgemeester en wethouders;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>- Rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een commissie die door de raad wordt ingesteld en wordt aangeduid
                            als de rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De rekenkamercommissie bestaat uit 6 leden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Benoeming leden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De raad benoemt de leden van de rekenkamercommissie uitsluitend uit
                            externen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden worden benoemd voor een periode van zes jaar. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De rekenkamercommissie benoemt de voorzitter uit de leden van de
                            rekenkamercommissie. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en
                            periodiek bijeenroepen van de rekenkamercommissie, het leiden van de
                            vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het
                            bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert
                            hiertoe regelmatig overleg met de onderzoekers en met het secretariaat.
                            Bij ontstentenis van de voorzitter treedt de door de rekenkamercommissie
                            aangewezen plaatsvervangende voorzitter op als voorzitter. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Voorafgaand aan de benoeming van de voorzitter en de overige leden van
                            de rekenkamercommissie pleegt de raad overleg met de
                            rekenkamercommissie. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>- Eed</titel></kop><al>Ten aanzien van de externe leden is artikel 81g van overeenkomstige
                        toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>- Ontslag en non-activiteit, alsmede tijdelijk terugtreden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad ontslaat de leden of stelt hen op non-actief.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lidmaatschap van een lid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij de aanvaarding van een functie die, conform artikel 81o, lid
                                    3 van de Gemeentewet, onverenigbaar is met het lidmaatschap van
                                    de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="c."><al>wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een
                                    uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot
                                    gevolg heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het lid bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak
                                    onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is
                                    verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens
                                    schulden is gegijzeld.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden ontslagen
                            wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn hun functie
                            te vervullen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Indien de gemeenteraad vindt dat in het kader van een specifiek
                            onderzoek sprake is of kan zijn van belangenverstrengeling, kan hij de
                            rekenkamercommissie verzoeken het desbetreffende lid tijdelijk voor dat
                            bepaalde onderzoek terug te laten treden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>- Vergoeding voor werkzaamheden van de leden van de
                            rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De leden ontvangen een vergoeding voor het bijwonen van de
                            vergaderingen van de rekenkamercommissie van € 125,-- per uur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De leden ontvangen een vergoeding van € 125,-- per uur voor het
                            verrichten van onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De vergoeding genoemd in het eerste lid komt ten laste van het budget
                            dat de raad op grond van artikel 11, lid 2 beschikbaar heeft gesteld ten
                            behoeve van de rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> De vergoeding genoemd in het tweede lid komt ten laste van het budget
                            dat de raad op grond van artikel 11, lid 3 beschikbaar heeft gesteld ten
                            behoeve van de rekenkamercommissie</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>- Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De raad benoemt de (ambtelijk) secretaris in overleg me t de
                            rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar
                            taken terzijde.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de
                            rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken worden
                            verricht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de verslaglegging en
                            de vorming van dossiers.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>- Reglement van orde</titel></kop><al>De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen
                        en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na vaststelling
                        onverwijld ter kennisneming naar de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>- Onderwerpselectie en opdrachtverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt,
                            formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                            rekenkamercommissie ter kennisneming aan de raad verstuurd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De raad kan de rekenkamercommissie een gemotiveerd verzoek doen tot het
                            instellen van een onderzoek. De rekenkamer bericht de raad binnen een
                            maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de
                            rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de raad voldoet, zal zij
                            daarvoor goede gronden aanvoeren. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>- Werkwijze</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                            uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door
                            haar vastgestelde onderzoeksopzet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
                            tussentijds te informeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is bevoegd alle documenten die berusten bij het
                            gemeentebestuur te onderzoeken, voor zover zij dat ter vervulling van
                            haar taak nodig acht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het gemeentebestuur verstrekt desgevraagd alle inlichtingen die de
                            rekenkamercommissie ter vervulling van haar taak nodig acht.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Het college verstrekt desgevraagd aan de rekenkamercommissie de
                            controleprogramma’s van hen die met controles belast zijn en lichten
                            haar volledig in omtrent de resultaten daarvan door overlegging van
                            rapporten of op andere door de rekenkamercommissie aan te geven
                            wijze.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Indien de zorg voor een administratie aan een derde is uitbesteed, is
                            het derde lid van overeenkomstige toepassing op de administratie van de
                            betrokken derde dan wel van degene die de administratie in opdracht van
                            die derde voert.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De accountant als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet
                            verstrekt desgevraagd aan de rekenkamercommissie controleprogramma’s en
                            licht haar volledig in omtrent de resultaten van zijn controles door
                            overlegging van rapporten of op andere door de rekenkamercommissie aan
                            te geven wijze.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al> De rekenkamercommissie is bevoegd, indien en voor zover de gemeente uit
                            anderen hoofde over deze bevoegdheid beschikt of daartoe toestemming
                            heeft van de betrokken instellingen, ten aanzien van de volgende
                            instellingen en over de daarbij genoemde periode, op de wijze als in de
                            vorige leden van dit artikel bepaald, onderzoek te doen bij:</al><lijst><li nr="a."><al> openbare lichamen en gemeenschappelijke organen ingesteld
                                    krachtens de Wet gemeenschappelijk regelingen waaraan de
                                    gemeente deelneemt, over de jaren dat de gemeente deelneemt in
                                    de regeling;</al></li><li nr="b."><al> naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met
                                    beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente meer dan 50% van
                                    het geplaatste aandelenkapitaal houdt, over de jaren dat de
                                    gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal
                                    houdt;</al></li><li nr="c."><al> andere privaatrechtelijke rechtspersonen waaraan de gemeente of
                                    een derde voor rekening en risico van de gemeente rechtstreeks
                                    of middellijk een subsidie, lening over garantie heeft verstrekt
                                    ten bedrage van tenminste 50% van de baten van deze instelling,
                                    over de jaren waarop deze subsidie, lening of garantie
                                    betrekking heeft. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al> De rekenkamercommissie is bevoegd collegeleden, raadsleden, ambtenaren,
                            externe deskundigen en bestuurders en medewerkers van instellingen als
                            bedoeld in lid 8, uit te nodigen tot het geven van toelichtingen of het
                            anderszins bijwonen van een vergadering.</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al> De rekenkamercommissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter
                            bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het
                            onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al> De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn
                            openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet
                            Openbaarheid van Bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten die aan de
                            raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken.</al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al> De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen
                            beleggen.</al></lid><lid><lidnr>13.</lidnr><al> Voor de uitvoering van een onderzoek kan de rekenkamercommissie, met
                            inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus
                            inschakelen.</al></lid><lid><lidnr>14.</lidnr><al> De rekenkamercommissie stelt betrokkene(n) in de gelegenheid om binnen
                            een door haar te stellen termijn, die ten minste twee weken bedraagt,
                            via wederhoor te reageren op de weergave van de feitelijke informatie
                            zoals die door betrokkene(n) is/zijn verstrekt, informatie die verkregen
                            is buiten betrokkene(n) om en op de gevolgtrekkingen door onderzoekers
                            die de betrokkene(n) betreffen, alvorens aan opdrachtgever wordt
                            gerapporteerd. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede)
                            voorwerp van onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie bepaalt
                            wie voorts als betrokkenen worden aangemerkt.</al></lid><lid><lidnr>15.</lidnr><al> Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het
                            onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen op het
                            rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het
                            college en betrokkenen, aan de raad aangeboden. De weergave van het
                            wederhoor van betrokkene(n) neemt de rekenkamercommissie op in een
                            bijlage bij het onderzoeksrapport.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De rekenkamercommissie biedt jaarlijks, tijdig voor de in artikel 191
                            Gemeentewet bedoelde vaststelling van de programmabegroting, de raad een
                            onderzoeksprogramma aan en een ontwerp voor de begroting met
                            toelichting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De raad stelt jaarlijks in zijn programmabegroting een budget
                            beschikbaar voor de instandhoudingkosten van de rekenkamercommissie. Het
                            budget voor de instandhoudingkosten wordt naar rato van het aantal
                            inwoners per 1 januari van het voorafgaande jaar verdeeld over de
                            gemeenten die hebben besloten deel te nemen aan de samenwerking in de
                            vorm van een personele unie van de rekenkamercommissie. Ten laste van
                            het budget voor de instandhoudingkosten worden gebracht:</al><lijst><li nr="a."><al> de vergoedingen aan de leden voor het bijwonen van de integrale
                                    vergaderingen van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="b."><al> de vergoeding voor organisatorische werkzaamheden van de
                                    voorzitter; </al></li><li nr="c."><al> de salariskosten van de (ambtelijk) secretaris;</al></li><li nr="d."><al> de kosten voor de faciliteiten van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="e."><al> de kosten voor opleiding en training.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad stelt jaarlijks op basis van het onderzoeksprogramma van de
                            rekenkamercommissie in zijn programmabegroting een budget beschikbaar
                            voor de onderzoekskosten van de rekenkamercommissie. Ten laste van het
                            budget voor onderzoekskosten worden gebracht:</al><lijst><li nr="a."><al> de vergoeding aan de leden voor het zelf uitvoeren van
                                    onderzoek;</al></li><li nr="b."><al> de vergoeding aan externe deskundigen die door de
                                    rekenkamercommissie zijn ingeschakeld.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het begrotingsjaar is het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Indien de begroting of een besluit tot wijziging daarvan niet is
                            goedgekeurd, behoeft de rekenkamercommissie tot het aangaan van
                            verplichtingen de toestemming van de raad.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> De rekenkamercommissie legt jaarlijks, tijdig voor de in artikel 198
                            Gemeentewet bedoelde vaststelling van de jaarrekening, aan de raad over
                            elk begrotingsjaar verantwoording af, onder overlegging van de
                            jaarrekening en het jaarverslag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>- Aansprakelijkheid</titel></kop><al>De leden van de rekenkamercommissie worden door de gemeente Eijsden
                        gevrijwaard tegen alle aanspraken van derden die direct of indirect,
                        middellijk of onmiddellijk uit de uitvoering van de functie als lid van de
                        rekenkamercommissie voortvloeien. De leden van de rekenkamercommissie zijn
                        alleen aansprakelijk voor eventuele schade tijdens de uitvoering van een
                        onderzoek indien er sprake is van opzet en/of grove schuld van de leden van
                        de rekenkamercommissie zelf. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>- Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking de dag na vaststelling en expireert op 31
                        december 2011.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>- Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening op de
                        rekenkamercommissie voor de gemeente Eijsden-Margraten 2011.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van 5 april 2011</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>H.J. Waterborg, J.H.M. Bronckers</ondertekening><ondertekening>Griffier, Voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting op de Verordening op de Rekenkamercommissie</tussenkop><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al>Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde begrippen
                    telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven. In deze verordening is
                    gekozen om de begrippen doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid (die
                    in artikel 182 van de Gemeentewet is genoemd) niet in artikel 1 op te nemen. Wel
                    wordt in deze toelichting uiteengezet wat onder deze termen wordt verstaan.
                    Doelmatigheid is de mate waarin de nagestreefde beleidsdoelen tegen zo gering
                    mogelijke kosten worden bereikt. Bij doeltreffendheid gaat het er om of het
                    resultaat van het beleid beantwoordt aan wat er met het beleid werd beoogd en de
                    gestelde beleidsdoelen worden verwezenlijkt. Bij rechtmatigheid gaat het om het
                    voldoen aan de wettelijke kaders en regelgeving. Het gaat dan vooral om wet- en
                    regelgeving die direct van belang is voor de rechtmatigheid van de
                    totstandkoming van de gemeentelijke baten en lasten. </al><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al>Wanneer gemeenten geen rekenkamer instellen, stellen zij op grond van artikel
                    81o van de wet regels vast voor de uitoefening van de rekenkamerfunctie. De wet
                    spreekt van een rekenkamerfunctie. In deze modelverordening is gekozen voor een
                    rekenkamercommissie met uitsluitend externen. De voorzitter wordt uit de externe
                    leden gekozen. De raad bepaalt zelf hoeveel leden de rekenkamer zal hebben. </al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>Anders dan bij de rekenkamer kunnen naast externen ook raadsleden en leden van
                    andere rekenkamercommissies deel uitmaken van de rekenkamercommissie. Uit een
                    oogpunt van onafhankelijkheid is er voor gekozen om de leden enkel uit externen
                    te benoemen. </al><al>In het tweede lid is een termijn van zes jaar genoemd. De raad kan uiteraard
                    zelf bepalen of hij de leden van de rekenkamercommissie korter of langer dan zes
                    jaar benoemd.</al><tussenkop>Artikel 4</tussenkop><al>De verplichting deze eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit voor de
                    rekenkamer rechtstreeks voort uit artikel 81g van de Gemeentewet. Deze bepaling
                    wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de externe leden van de
                    rekenkamercommissie.</al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al>Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de mogelijkheid (of
                    soms verplichting) hen op non-actief te stellen in bepaalde situaties.</al><al>Verder handelt het laatste lid over het terugtreden van een of meerdere leden
                    van de rekenkamer op het moment dat zij vanuit hun functie of nevenfunctie of
                    anderszins niet geheel onafhankelijk staan ten opzichte van een uit te voeren
                    onderzoek en daardoor (schijn van) belangenverstrengeling zou kunnen
                    ontstaan.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><al>In dit artikel is de vergoeding die externe leden voor hun werkzaamheden
                    ontvangen, vastgelegd. Bij het bepalen ten laste van welk budget de vergoeding
                    moet worden gebracht wordt ervan uit gegaan dat vergoedingen voor plenaire
                    vergaderingen waarin zaken van algemene aard worden besproken, ten laste komen
                    van het instandhoudingbudget en dat vergoedingen voor inhoudelijke overleggen
                    over knelpunten bij lopende onderzoeken tussen betrokkenen bij het onderzoek,
                    ten laste komen van het onderzoeksbudget. </al><tussenkop>Artikel 7</tussenkop><al>De rekenkamercommissie wordt bijgestaan door een secretaris. De
                    rekenkamercommissie dient zelfstandig te functioneren en in het derde lid is
                    voorzien in een rechtstreekse verantwoordingsrelatie van de secretaris ten
                    opzichte van de rekenkamercommissie.</al><tussenkop>Artikel 8</tussenkop><al>Artikel 81i van de Gemeentewet wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op
                    de rekenkamercommissie. In het reglement van orde moeten/kunnen zaken als de
                    vergoeding, volgorde van aftreden bij een meerhoofdige rekenkamercommissie,
                    verhouding secretaris - voorzitter, de procedure die wordt gevolgd bij
                    onderzoeken, hoe wordt omgegaan met verzoeken van derden om onderzoek te
                    verrichten enzovoorts geregeld.</al><tussenkop>Artikel 9</tussenkop><al>De rekenkamercommissie dient onafhankelijk te zijn en om deze onafhankelijkheid
                    te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de onderzoeksonderwerpen kan
                    kiezen. De rekenkamercommissie kan op verzoek van de raad een onderzoek
                    instellen maar is niet verplicht het verzoek van de raad in te willigen. Dit
                    verzoek van de raad wordt in artikel 182, tweede lid van de wet expliciet
                    genoemd. Doordat deze mogelijkheid uitdrukkelijk in de wet is genoemd, wordt er
                    een bepaald gewicht toegekend aan het verzoek van de raad. Indien de
                    rekenkamercommissie niet voldoet aan een goed gemotiveerd verzoek van de raad
                    zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren. </al><tussenkop>Artikel 10</tussenkop><al>Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar onderzoek
                    over voldoende en relevante gegevens kan beschikken is voorzien in de
                    bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden van het gemeentebestuur
                    en van alle ambtenaren. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn in beginsel
                    openbaar maar op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet
                    openbaarheid van bestuur (Wob) kunnen rapporten of gedeelten daarvan als geheim
                    worden aangemerkt. </al><al>Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de onderzochte partij
                    de kans krijgt om te reageren op het (nog niet gepubliceerde)
                    ontwerponderzoeksrapport. Er vindt dan wederhoor plaats waarbij de feitelijke
                    bevindingen die uit het onderzoek voortvloeien (hieronder wordt verstaan
                    informatie die door betrokkene(n) zelf is verstrekt, informatie verkregen buiten
                    betrokkene(n) om en de gevolgtrekkingen door de onderzoekers die de
                    betrokkene(n) zelf betreffen) aan de betrokkene(n) worden voorgelegd met de
                    vraag eventuele onjuistheden uit te halen en te corrigeren. Een eventueel
                    wederhoor mag evenwel geen consequenties hebben in die zin dat achteraf
                    conclusies of aanbevelingen zouden moeten worden bijgesteld. Wederhoor dient dan
                    ook plaats te vinden alvorens de afrondende conclusies en/of aanbevelingen aan
                    het papier worden toevertrouwd. Eventueel zouden zaken die in dit artikel zijn
                    opgenomen ook in een reglement van orde kunnen worden geregeld.</al><tussenkop>Artikel 11</tussenkop><al>Bij de oprichting van de rekenkamercommissie is overwogen dat het budget een
                    tweetal kostensoorten omvat. Enerzijds zijn dat instandhoudingkosten en
                    anderzijds zijn er de onderzoekskosten. </al><al/><al>Instandhoudingskosten</al><al>Nu Eijsden niet alleen heeft gekozen voor een eigen rekenkamercommissie maar ook
                    voor samenwerking in de vorm van een personele unie van leden van de
                    rekenkamercommissie (tezamen met Beek, Gulpen-Wittem, Meerssen, Nuth en
                    Valkenburg aan de Geul) is het mogelijk geworden om gezamenlijk de ondersteunend
                    secretaris aan te stellen. De secretaris ondersteunt daarmee de facto de
                    rekenkamercommissies van zes gemeenten, zij het dat deze rekenkamercommissies
                    dus iedere keer bemenst worden door dezelfde personen. </al><al>Bij de instelling van de rekenkamercommissie is overeengekomen dat de
                    instandhoudingkosten in totaal € 60.000 bedragen. In de primaire begroting
                    worden de volgende posten opgenomen:</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="2*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="91*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="1*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="6*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>De vergoedingen aan de leden en de voorzitter, in totaal 96
                                        uren à € 125 (punten a en b van artikel 11, lid 2)</al></entry><entry colname="col3"><al>€</al></entry><entry colname="col4"><al>12.000</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>De personeelskosten voor de ambtelijke secretaris, via
                                        gemeente Valkenburg aan de Geul</al></entry><entry colname="col3"><al>€</al></entry><entry colname="col4"><al>33.000</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2"><al>Overhead (zoals huur, gas, water en elektriciteit, onderhoud
                                        kantoorruimte, kopieerkosten, internetkosten e.d.), via
                                        gemeente Valkenburg aan de Geul</al></entry><entry colname="col3"><al>€</al></entry><entry colname="col4"><al>12.000</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.</al></entry><entry colname="col2"><al>Opleiding, vrij te besteden</al></entry><entry colname="col3"><al>€</al></entry><entry colname="col4"><al>3.000</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>TOTAAL</al></entry><entry colname="col3"><al>€</al></entry><entry colname="col4"><al>60.000</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De beloning- en werkplek(overhead)kosten van de secretaris (hiervoor genoemd
                    onder 2 en 3) vallen onder de instandhoudingkosten. Eveneens vallen de algemene
                    organisatorische kosten van de rekenkamer onder dit budget (dit zijn de
                    gezamenlijke vergaderuren van de leden van de rekenkamercommissie én
                    organisatie-uren gemaakt door de voorzitter – hiervoor genoemd onder 1 a en 1b -
                    alsmede opleidingskosten, hiervoor genoemd onder 4). Eijsden draagt naar rato
                    van aantal inwoners bij in de kosten aan de gemeente die de rekenkamercommissie
                    feitelijk huisvest (Valkenburg).</al><al>De gemeenschappelijke raden zijn budgetgever voor de instandhoudingkosten voor
                    zover het betreft de onderdelen 1, 2 en 3. Uit praktische overwegingen is
                    daarbij gekozen voor een constructie waarbij de griffier van de gemeente
                    Valkenburg aan de Geul (alwaar het secretariaat is gevestigd) coördinerend
                    griffier is. De facto komt dit er op neer dat de coördinerend griffier
                    budgethouder is van deze instandhoudingkosten. </al><al>De (ambtelijke secretaris van de) rekenkamercommissie is – eveneens uit
                    praktische overwegingen - budgetbeheerder van de vergoedingen aan de leden en
                    voorzitter alsmede van de overheadkosten (genoemd onder 1 en 3).</al><al>Bij vraagpunten van enige importantie inzake zijn budgethouderschap wordt door
                    de griffier van Valkenburg in overleg met de griffiers van de andere vijf
                    gemeenten bekeken hoe een en ander op te lossen is en of zulks zonodig
                    doorgeleid kan/moet worden naar de desbetreffende raden of
                    raadsvertegenwoordigingen. De secretaris is budgethouder voor de kosten voor
                    opleiding en training (genoemd onder 4). De rekenkamercommissie is voor de
                    besteding van de budgetten verantwoording verschuldigd aan de raad.</al><al/><al>Onderzoekskosten</al><al>Voor wat betreft de onderzoekskosten stelt Eijsden, evenals de andere vijf
                    gemeenten die gekozen hebben voor dezelfde personele unie van leden, aan haar
                    rekenkamercommissie jaarlijks een budget (iedere gemeente heeft tot nu een
                    bijdrage geraamd van € 12.500) beschikbaar waarvoor de rekenkamer ten behoeve
                    van Eijsden onderzoek doet. De rekenkamercommissie is bevoegd om binnen dit
                    onderzoeksbudget zelfstandig uitgaven te doen. Enerzijds wordt hiermede de
                    onafhankelijkheid gegarandeerd van de rekenkamer (zij het dat de rekenkamer met
                    de raad heeft afgesproken een onderzoeksprogramma op te stellen waarin de
                    verzoeken tot onderzoek van de raad worden meegenomen). Anderzijds biedt dit de
                    rekenkamercommissie de mogelijkheid om (delen van) onderzoeken uit te besteden
                    indien dit naar mening van de rekenkamercommissie meer in de rede ligt dan zelf
                    onderzoek te doen.</al><al>Overigens worden overleguren ten behoeve van een specifiek onderzoek, zoals in
                    de toelichting bij artikel 6 ook al is aangegeven, gerekend tot de
                    onderzoekskosten. De raad gaat er bij het offreren voor een onderzoek vanuit dat
                    deze overleguren alsmede uren die besteed worden aan een presentatie van een
                    onderzoek en eventuele uren ten behoeve van het beantwoorden van (eventueel voor
                    de behandeling in de raad nog schriftelijke gestelde) toelichtende vragen) in de
                    onderzoeksopzet worden meegenomen.</al><tussenkop>Artikel 12</tussenkop><al>Het is niet uitgesloten dat eventueel handelen door een rekenkamer tot
                    civielrechtelijke aansprakelijkheid aanleiding kan geven. Met deze bepaling
                    worden de leden van de rekenkamercommissie gevrijwaard voor eventuele
                    schadeaanspraken voor zover er geen sprake is van opzet en/of grove schuld van
                    de onderzoeker(s).</al><tussenkop>Artikel 13 en 14</tussenkop><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>