<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR102943_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Gedragscode Bestuurlijke Integriteit</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Reusel-De Mierden</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Reusel-De Mierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">D'n Uitkijk, 30-11-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gedragscode Bestuurlijke Integriteit</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Handreiking integriteit van bestuurders bij gemeenten en provincies</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-12-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-12-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>R 12-054</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Tevens vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 22 januari 2002 (B&amp;W 02-33).</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gedragscode Bestuurlijke Integriteit</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel I: Kernbegrippen van bestuurlijke integriteit</label></kop><structuurtekst><al>Leden van het college van burgemeester en wethouders en van de raad
                            stellen bij hun handelen de kwaliteit van het openbaar bestuur centraal.
                            Integriteit van het openbaar bestuur is daarvoor een belangrijke
                            voorwaarde. De belangen van de gemeente, en in het verlengde daarvan die
                            van de burgers, zijn het primaire richtsnoer.</al><al>Bestuurlijke integriteit houdt in dat de verantwoordelijkheid die met de
                            functie samenhangt wordt aanvaard en dat er de bereidheid is om daarover
                            verantwoording af te leggen. Verantwoording wordt intern afgelegd aan
                            collega-bestuurders, de gemeenteraad, maar ook extern aan organisaties
                            en burgers voor wie bestuurders hun functie vervullen.</al><al>Een aantal kernbegrippen is daarbij leidend en plaatst bestuurlijke
                            integriteit in een breder perspectief:</al><al><cursief>Dienstbaarheid</cursief></al><al>Het handelen van een bestuurder is altijd en volledig gericht op het
                            belang van de gemeente en op de organisaties en burgers die daar
                            onderdeel van uit maken.</al><al><cursief>Functionaliteit</cursief></al><al>Het handelen van een bestuurder heeft een herkenbaar verband met de
                            functie die hij vervult in het</al><al>bestuur.</al><al><cursief>Onafhankelijkheid</cursief></al><al>Het handelen van een bestuurder wordt gekenmerkt door onpartijdigheid,
                            dat wil zeggen dat geen vermenging optreedt met oneigenlijke belangen en
                            dat ook iedere schijn van een dergelijke vermenging wordt vermeden.</al><al><cursief>Openheid</cursief></al><al>Het handelen van een bestuurder is transparant, opdat optimale
                            verantwoording mogelijk is en de controlerende organen volledig inzicht
                            hebben in het handelen van de bestuurder en zijn beweegredenen
                            daarbij.</al><al><cursief>Betrouwbaarheid</cursief></al><al>Op een bestuurder moet men kunnen rekenen. Die houdt zich aan zijn
                            afspraken. Kennis en informatie</al><al>waarover hij uit hoofde van zijn functie beschikt, wendt hij alleen aan
                            voor het doel waarvoor die zijn</al><al>gegeven.</al><al><cursief>Zorgvuldigheid</cursief></al><al>Het handelen van een bestuurder is zodanig dat organisaties en burgers
                            op gelijke wijze en met respect</al><al>worden bejegend en dat belangen van partijen op correcte wijze worden
                            afgewogen.</al><al>Deze kernbegrippen zijn de toetssteen voor de nu volgende
                            gedragsafspraken. Gedragingen moeten aan deze kernbegrippen getoetst
                            kunnen worden.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel II. Gedragscode bestuurlijke integriteit</label></kop><artikel><kop><label>1Algemene bepalingen</label></kop><lijst><li nr="1.1"><al>Onder bestuurder wordt verstaan: de leden van het college van
                                    burgemeester en wethouders en de leden van de raad.</al></li><li nr="1.2"><al> In gevallen waarin de code niet voorziet of waarbij de
                                    toepassing niet eenduidig is, vindt bespreking plaats in het
                                    college of de raad.</al></li><li nr="1.3"><al>De code is openbaar en door derden te raadplegen.</al></li><li nr="1.4"><al>De leden van het college en de leden van de raad ontvangen bij
                                    hun aantreden een exemplaar van de code en worden geacht zich
                                    daaraan te binden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>2Belangenverstrengeling en aanbesteding</label></kop><lijst><li nr="2.1"><al>Een bestuurder doet opgave van zijn financiële belangen in
                                    ondernemingen en organisaties waarmee de gemeente zakelijke
                                    betrekkingen onderhoudt. De opgave is openbaar en door derden te
                                    raadplegen.</al></li><li nr="2.2"><al>Bij privaat-publieke samenwerkingsrelaties voorkomt de
                                    bestuurder (de schijn van) bevoordeling in strijd met eerlijke
                                    concurrentieverhoudingen.</al></li><li nr="2.3"><al>Een oud-bestuurder wordt het eerste jaar na de beëindiging van
                                    zijn ambtstermijn uitgesloten van het tegen beloning verrichten
                                    van werkzaamheden voor de gemeente.</al></li><li nr="2.4"><al>Een bestuurder die familie- of vriendschapsbetrekkingen of
                                    anderszins persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van
                                    diensten aan de gemeente, onthoudt zich van deelname aan de
                                    besluitvorming over de betreffende opdracht.</al></li><li nr="2.5"><al>Een bestuurder neemt van een aanbieder van diensten aan de
                                    gemeente geen faciliteiten of diensten aan die zijn
                                    onafhankelijke positie ten opzichte van de aanbieder kan
                                    beïnvloeden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>3 Nevenfuncties</label></kop><lijst><li nr="3.1"><al>Een bestuurder vervult geen nevenfuncties waarbij strijdigheid
                                    is of kan zijn met het belang van de gemeente.</al></li><li nr="3.2"><al>Een bestuurder maakt melding van al zijn nevenfuncties waarbij
                                    tevens wordt aangegeven of de functie wel of niet bezoldigd is.
                                    Deze gegevens worden openbaar gemaakt.</al></li><li nr="3.3"><al>De kosten die een bestuurder maakt in verband met een
                                    nevenfunctie uit hoofde van het ambt, worden vergoed door de
                                    instantie waar de nevenfunctie wordt uitgeoefend.</al></li><li nr="3.4"><al>Een bestuurder die een nevenfunctie wil vervullen anders dan uit
                                    hoofde van het ambt, bespreekt dit voornemen in het college, de
                                    raadsleden melden dit aan de voorzitter. Daarbij komt tevens aan
                                    de orde hoe wordt gehandeld met betrekking tot eventuele
                                    vergoedingen en de te maken kosten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>4Informatie</label></kop><lijst><li nr="4.1"><al>Een bestuurder gaat zorgvuldig en correct om met informatie
                                    waarover hij uit hoofde van zijn ambt beschikt. Hij verstrekt
                                    geen geheime informatie.</al></li><li nr="4.2"><al>Een bestuurder houdt geen informatie achter, tenzij deze geheim
                                    of vertrouwelijk is en het niet geven van informatie mogelijk is
                                    op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van
                                    bestuur.</al></li><li nr="4.3"><al>Een bestuurder maakt niet ten eigen bate of van zijn
                                    persoonlijke betrekkingen gebruik van in de uitoefening van het
                                    ambt verkregen informatie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>5 Aannemen van geschenken</label></kop><lijst><li nr="5.1"><al>Geschenken en giften die een bestuurder uit hoofde van zijn
                                    functie ontvangt, worden gemeld en geregistreerd en zijn
                                    eigendom van de gemeente. Er wordt een gemeentelijke bestemming
                                    voor gezocht.</al></li><li nr="5.2"><al>Indien een bestuurder geschenken of giften ontvangt die een
                                    waarde van minder dan € 50 vertegenwoordigen, kunnen deze in
                                    afwijking van het bovenstaande worden behouden. De ontvangst van
                                    geschenken of giften wordt door de leden van het college en de
                                    raad gemeld bij de voorzitter. De voorzitter van het college en
                                    de raad melden dit bij het college.</al></li><li nr="5.3"><al>Geschenken en giften worden niet op het huisadres ontvangen.
                                    Indien dit toch is gebeurd, wordt dit gemeld in het college waar
                                    een besluit over de bestemming van het geschenk wordt
                                    genomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6 Bestuurlijke uitgaven</label></kop><lijst><li nr="6.1"><al>Uitgaven worden uitsluitend vergoed als de hoogte en de
                                    functionaliteit ervan kunnen worden aangetoond.</al></li><li nr="6.2"><al>Ter bepaling van de functionaliteit van bestuurlijke uitgaven
                                    worden de volgende criteria gehanteerd:</al><lijst><li nr="-"><al>de uitgave is in het belang van de gemeente</al></li></lijst></li></lijst><al>en</al><lijst><li nr="-"><al>de uitgave vloeit voort uit de functie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>7 Declaraties</label></kop><lijst><li nr=""><lijst><li nr="7.1"><al>De bestuurder declareert geen kosten die reeds op andere
                                            wijze worden vergoed.</al></li><li nr="7.2"><al>Declaraties worden afgewikkeld volgens een daartoe
                                            vastgestelde administratieve procedure.</al></li><li nr="7.3"><al>Een declaratie wordt ingediend door middel van een
                                            daartoe vastgesteld formulier. Bij het formulier wordt
                                            een betalingsbewijs gevoegd en op het formulier wordt de
                                            functionaliteit van de uitgave vermeld.</al></li><li nr="7.4"><al>Gemaakte kosten worden binnen een maand gedeclareerd.
                                            Eventuele voorschotten worden voorzover mogelijk binnen
                                            een maand afgerekend.</al></li><li nr="7.5"><al>De gemeentesecretaris is verantwoordelijk voor een
                                            deugdelijke administratieve afhandeling en registratie
                                            van declaraties. Declaraties van bestuurders worden
                                            administratief afgehandeld door een daartoe aangewezen
                                            ambtenaar.</al></li><li nr="7.6"><al> In geval van twijfel omtrent een declaratie, wordt deze
                                            voorgelegd aan de burgemeester. Zonodig wordt de
                                            declaratie ter besluitvorming aan het college
                                            voorgelegd.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>8 Creditcards</label></kop><lijst><li nr="8.1"><al>Het gebruik van gemeentelijke creditcards wordt zoveel mogelijk
                                    beperkt.</al></li><li nr="8.2"><al>De gemeentesecretaris draagt zorg voor aanvragen, verstrekken en
                                    intrekken van creditcards. Er wordt vastgelegd voor welk soort
                                    kosten de creditcard kan worden gebruikt.</al></li><li nr="8.3"><al>Bij de afhandeling van betalingen verricht met een creditcard
                                    wordt een daartoe vastgesteld formulier ingediend. Bij het
                                    formulier wordt een betalingsbewijs gevoegd en op het formulier
                                    wordt de functionaliteit van de uitgave vermeld.</al></li><li nr="8.4"><al>Het gebruik van de creditcard kan uitsluitend betrekking hebben
                                    op uitgaven die volgens geldende regelingen voor vergoeding in
                                    aanmerking komen.</al></li><li nr="8.5"><al>Ingeval van twijfel over een correct gebruik van de creditcard
                                    wordt dit aan de burgemeester gemeld en zo nodig ter
                                    besluitvorming aan het college voorgelegd.</al></li><li nr="8.6"><al>Indien met de creditcard kosten zijn betaald die na controle
                                    blijken voor rekening van de bestuurder te moeten komen, wordt
                                    aan de bestuurder een factuur gezonden ter hoogte van het bedrag
                                    dat voor zijn rekening dient te blijven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>9 Gebruik van gemeentelijke voorzieningen</label></kop><lijst><li nr="9.1"><al>Gebruik van gemeentelijke eigendommen of voorzieningen voor
                                    privé-doeleinden is niet toegestaan.</al></li><li nr="9.2"><al>Bestuurders kunnen op basis van een overeenkomst voor zakelijk
                                    gebruik computerapparatuur in bruikleen ter beschikking
                                    krijgen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>10Reizen buitenland</label></kop><lijst><li nr="10.1"><al>Een bestuurder die het voornemen heeft een buitenlandse reis te
                                    maken, heeft toestemming nodig van het college. De gemeenteraad
                                    wordt van het besluit op de hoogte gesteld.</al></li><li nr="10.2"><al>Een bestuurder die het voornemen van een reis meldt, verschaft
                                    informatie over het doel van de reis, de bijbehorende
                                    beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap en de
                                    geraamde kosten. </al></li><li nr="10.3"><al>Uitnodigingen voor reizen, werkbezoeken en dergelijke op kosten
                                    van derden worden altijd besproken in het college en onder meer
                                    getoetst op het risico van belangenverstrengeling. Het
                                    gemeentelijk belang van de reis is doorslaggevend voor de
                                    besluitvorming. </al></li><li nr="10.4"><al>Van de reis wordt een verslag opgesteld. Buitenlandse reizen
                                    worden vermeld in een jaarverslag.</al></li><li nr="10.5"><al>Het ten laste van de gemeente meereizen van de partner van een
                                    bestuurder is uitsluitend toegestaan wanneer dit gebeurt op
                                    uitnodiging van de ontvangende partij en het belang van de
                                    gemeente gediend is. Het meereizen van de partner wordt bij de
                                    besluitvorming van het college betrokken.</al></li><li nr="10.6"><al>Het anderszins meereizen van derden op kosten van de gemeente is
                                    niet toegestaan. Het meereizen van derden op eigen kosten is
                                    toegestaan en wordt in dat geval bij de besluitvorming van het
                                    college betrokken.</al></li><li nr="10.7"><al>Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor
                                    privé-doeleinden is toegestaan, mits dit is betrokken bij de
                                    besluitvorming van het college. De extra reis- en verblijfkosten
                                    komen volledig voor rekening van de bestuurder.</al></li><li nr="10.8"><al>De in verband met de buitenlandse dienstreis gedane functionele
                                    uitgaven worden vergoed conform de geldende regelingen. Uitgaven
                                    worden vergoed voorzover zij redelijk en verantwoord worden
                                    geacht.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Deze gedragscode is vastgesteld in de vergadering van de raad 14 maart
                        2002.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De secretaris, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. L.J.M. Bertens A.M. Demmers-van der Geest</ondertekening><ondertekening>Deze gedragscode is vastgesteld door burgemeester en wethouders in hun
                        vergadering van 22 januari 2002.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>