<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>10271_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Inspraakverordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leiden</dcterms:creator><dcterms:modified>2009-07-24</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsblad, 6 april 2007.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Inspraakverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 150.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-03-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-04-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-10-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>wijziging</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV 070014</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>INSPRAAKVERORDENING
                        (inspraakverordening)</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>I</nr><titel>BEGRIPSBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>inspraak: een door of namens burgemeester en wethouders
                                        georganiseerde gelegenheid waarbij het mogelijk wordt
                                        gemaakt meningen omtrent gemeentelijke beleidsvoornemens
                                        kenbaar te maken en daarover met het gemeentebestuur van
                                        gedachten te wisselen;</al></li><li nr="b."><al>inspraakprocedure: de wijze waarop de onder a. bedoelde
                                        inspraak ingevolge het bij of krachtens deze verordening
                                        bepaalde gestalte wordt gegeven;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien en voor zover de voorbereiding van de besluitvorming de
                                verantwoordelijkheid is van een ander gemeentelijk orgaan, wordt in
                                deze verordening dat orgaan in de plaats van burgemeester en
                                wethouders gelezen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr><titel>INSPRAAK ALGEMEEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Object van inspraak</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Inspraak wordt in elk geval verleend op beleidsvoornemens
                                    betreffende:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorbereiding of herziening van ruimtelijke
                                            plannen,</al></li><li nr="b."><al>de stadsvernieuwing;</al></li><li nr="d."><al>de subsidiebrief;</al></li><li nr="e."><al>verkeers- en vervoersplannen;</al></li><li nr="f."><al>het gemeentelijk milieubeleidsplan;</al></li><li nr="g."><al>de welzijnsvoorzieningen;</al></li><li nr="h."><al>de voorbereiding van de toepassing van artikel 19,
                                            eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening;</al></li><li nr="i."><al>beleidsvoornemens anders dan de voormelde, waarbij het
                                            redelijkerwijze te verwachten is dat velen zich daarbij
                                            betrokken voelen.</al></li></lijst></li></lijst><al>Voorts wordt ten aanzien van een beleidsvoornemen waarop reeds inspraak
                            is verleend, opnieuw inspraak verleend, indien er een termijn van
                            tenminste drie jaar is verstreken tussen de gegeven inspraak over het
                            beleidsvoornemen en de definitieve vaststelling van dat
                            beleidsvoornemen, tenzij aannemelijk is dat de reeds ingebrachte
                            inspraakreacties nog als actueel kunnen worden beschouwd.</al><lijst><li nr="2."><al>Nadat burgemeester en wethouders hebben besloten het
                                    beleidsvoornemen vrij te geven voor inspraak, brengen zij het
                                    beleidsvoornemen ter kennis van de raadscommissie tot welk
                                    taakveld het beleidsvoornemen behoort.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van hetgeen in het eerste lid is bepaald wordt geen
                                    inspraak verleend</al><lijst><li nr="a."><al>indien inspraak bij of krachtens de wet is
                                            uitgesloten;</al></li><li nr="b."><al>indien sprake is van uitvoering van regelingen van
                                            hogere overheden waarbij van enige beleidsvrijheid geen
                                            sprake is;</al></li><li nr="c."><al>ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een
                                            eerder vastgesteld beleidsvoornemen;</al></li><li nr="d."><al>ten aanzien van een beleidsvoornemen dat rechtstreeks
                                            voortvloeit uit een beleidsvoornemen waarover reeds
                                            inspraak heeft plaats gehad;</al></li><li nr="e."><al>indien in een eerder stadium reeds inspraak op het
                                            beleidsvoornemen is verleend, tenzij de afwijkingen naar
                                            aard en omvang in een later stadium ten opzichte van
                                            voornoemd beleidsvoornemen zodanig zijn dat een geheel
                                            ander plan is ontstaan;</al></li><li nr="f."><al>ten aanzien van de begroting en de hoogte van
                                            belastingen en tarieven;</al></li><li nr="g."><al>ten aanzien van een beleidsvoornemen dat uitsluitend of
                                            hoofdzakelijk betrekking heeft op interne of
                                            organisatorische aangelegenheden van de gemeente;</al></li></lijst></li></lijst><al>Op het besluit daartoe van burgemeester en wethouders is het bepaalde in
                            artikel 6, eerste lid, van overeenkomstige toepassing. Het besluit maakt
                            melding van de mogelijkheid om ex artikel 13 van de Inspraakverordening
                            een klacht in te dienen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Subject van inspraak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen inspraak aan ingezetenen en
                                belanghebbenden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in lid 1 bedoelde natuurlijke en rechtspersonen kunnen
                                individueel of door middel van een groepering aan de inspraak
                                deelnemen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Deelnemers aan inspraakactiviteiten kunnen zich op een door hen te
                                bepalen wijze laten begeleiden. Zij kunnen zich doen
                                vertegenwoordigen, waartoe een machtiging is vereist.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien inspraak wordt verleend over een beleidsvoornemen waarvan
                                redelijkerwijs te verwachten valt, dat veel nietNederlandstaligen
                                zich daarbij in het bijzonder betrokken voelen, wordt daarmee bij
                                het verlenen van inspraak rekening gehouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vereisten inspraak</titel></kop><al>Inspraak dient aan de volgende vereisten te voldoen:</al><lijst><li nr="a."><al>inspraak vindt plaats aan de hand van een
                                    inspraakprocedure;</al></li><li nr="b."><al>inspraak vangt aan in een zo vroeg mogelijk stadium van de
                                    besluitvorming;</al></li><li nr="c."><al>de verschillende beleidsmogelijkheden en de consequenties
                                    daarvan worden duidelijk aangegeven;</al></li><li nr="d."><al>van gemeentewege wordt die informatie verschaft, die nodig moet
                                    worden geacht voor het vormen van een oordeel over hetgeen
                                    tijdens de inspraak aan de orde is;</al></li><li nr="e."><al>de besluitvorming over hetgeen ter inspraak staat vindt pas
                                    plaats nadat het beslissingsbevoegde orgaan kennis heeft genomen
                                    van de resultaten van de inspraak.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr><titel>INSPRAAKPROCEDURE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Inspraakprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voorafgaand aan de inspraak stellen burgemeester en wethouders een
                                inspraakprocedure vast, hetzij door de procedure als bedoeld in
                                artikel 6 tot en met 10 van toepassing te verklaren, hetzij door een
                                adhocinspraakprocedure vast te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een adhocinspraakprocedure omvat tenminste een regeling inzake de
                                vorm, de opzet en de fasering van de inspraakactiviteiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Bekendmaking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders maken de beleidsvoornemens waarop
                                inspraak wordt verleend publiekelijk bekend op de in de gemeente
                                gebruikelijke wijze, waarbij tevens wordt aangegeven waar en
                                eventueel tegen welke vergoeding het voorgenomen besluit met daarbij
                                behorende stukken kan worden afgehaald en waar dit kan worden
                                ingezien en op welke tijdstippen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De beleidsvoornemens worden om commentaar gezonden aan daarvoor in
                                aanmerking komende personen en instanties.<vet><cursief></cursief></vet>De
                                beleidsvoornemens worden voorts gedurende de in artikel 7, eerste en
                                tweede lid, bedoelde termijn ter inzage gelegd in het Stadhuis, het
                                Stadsbouwhuis en andere openbare gebouwen die zich daarvoor
                                lenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur is van
                                overeenkomstige toepassing. Indien op grond daarvan bepaalde stukken
                                niet ter inzage worden gelegd, wordt daarvan mededeling gedaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bekendmaking omvat tevens de te volgen inspraakprocedure.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Gedurende zes weken na verzending c.q. publicatie van het
                                voorgenomen besluit wordt gelegenheid geboden tot het indienen van
                                schriftelijk commentaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de periode van de kerstvakantie en de zomervakantie, zoals
                                die gelden voor het basisonderwijs vallen binnen de in het eerste
                                lid genoemde termijn, wordt de termijn verlengd met het aantal dagen
                                dat in die periode valt met een maximum van twee weken. Deze
                                verlenging is niet van toepassing ingeval het betreft de in artikel
                                2, eerste lid, onder c. bedoelde beleidsvoornemen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ontvangst van inspraakreacties wordt schriftelijk aan de
                                insprekers bevestigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inspraakbijeenkomsten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien in de inspraakprocedure is voorzien in één of meerdere
                                inspraakbijeenkomsten worden die inspraakbijeenkomsten niet eerder
                                dan twee weken na publicatie van het voorgenomen besluit
                                georganiseerd. In die bijeenkomsten wordt door of namens
                                burgemeester en wethouders mondeling de nodige toelichting verstrekt
                                en kunnen commentaren mondeling kenbaar worden gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De inspraakbijeenkomsten worden gehouden op een tijdstip en een
                                plaats die voor potentiële insprekers gunstig lijken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Verslaglegging inspraakbijeenkomsten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor schriftelijke
                                verslaglegging van de inspraakbijeenkomsten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag wordt zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen twee
                                weken toegezonden aan de insprekers.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Insprekers kunnen nadere opmerkingen over het verslag gedurende een
                                week na verzending indienen. Deze opmerkingen worden aan het verslag
                                toegevoegd, waarmee het is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bepaalde in artikel 6, vierde lid, is van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het eventueel bijgestelde beleidsvoornemen wordt tezamen met de
                                schriftelijke ingekomen reacties, het vastgestelde verslag van de
                                inspraakbijeenkomst(en) en een document waarin een verantwoording
                                wordt gegeven van de wijze waarop met de ingekomen reacties,
                                respectievelijk de gemaakte opmerkingen is gehandeld, door
                                burgemeester en wethouders vastgelegd in een eindrapportage, met
                                dien verstande dat zulks zo spoedig mogelijk plaatsvindt doch
                                uiterlijk binnen 6 maanden na afloop van de inspraaktermijn.
                                Burgemeester en Wethouders kunnen eenmaal schriftelijk en
                                gemotiveerd besluiten deze termijn met 6 maanden verlengen. Dit
                                besluit wordt ter kennis van de raad gebracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Degenen die een schriftelijke reactie hebben ingezonden dan wel
                                aanwezig waren bij een inspraakbijeenkomst wordt een afschrift van
                                deze stukken toegezonden of worden geïnformeerd over de tijd en
                                plaats waar deze stukken ter inzage liggen. Bij die gelegenheid
                                worden betrokkenen tevens geïnformeerd over de nader te volgen
                                procedure, zo mogelijk inclusief het tijdpad alsmede over de
                                mogelijkheid om ex artikel 13 van de Inspraakverordening een klacht
                                over de inspraakprocedure in te dienen bij burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Degenen die aan de inspraak hebben deelgenomen worden geïnformeerd
                                over het uiteindelijke besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Afwijken van inspraakprocedures</titel></kop><al>In spoedeisende gevallen kunnen burgemeester en wethouders direct tot
                            tussentijdse afwijking van de inspraakprocedure overgaan.</al><al>De afwijking wordt, met vermelding van de redenen die hiertoe hebben
                            geleid, terstond publiekelijk bekend gemaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overleg met belanghebbenden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een voorgenomen besluit of maatregel dan wel de wijze van
                                uitvoering van een besluit of maatregel van belang is voor een
                                beperkt aantal personen, stellen burgemeester en wethouders –
                                spoedeisende gevallen uitgezonderd – belanghebbenden in de
                                gelegenheid zich daarover uit te spreken</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Door of namens burgemeester en wethouders worden belanghebbenden
                                tijdig op de hoogte gesteld van een voornemen of een wijze van
                                uitvoering als bedoeld in het eerste lid en wordt die informatie
                                verstrekt die nodig moet worden geacht voor het vormen van een
                                oordeel daarover.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de informatie tevens voorziet in een informatieve
                                bijeenkomst, dragen burgemeester en wethouders zorg voor een
                                schriftelijke vastlegging daarvan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Door of namens burgemeester en wethouders worden degenen die van de
                                in het eerste lid bedoelde gelegenheid gebruik hebben gemaakt,
                                schriftelijk en gemotiveerd medegedeeld in hoeverre met de ingekomen
                                reacties rekening is gehouden. Hierbij wordt gewezen op de
                                mogelijkheid om over de gevolgde procedure een klacht in te dienen
                                volgens artikel 13 van deze procedure en wordt zo nodig de verdere
                                procedure aangegeven.”</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>IV</nr><titel>KLACHTRECHT</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Klachtrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ingezetenen en belanghebbenden kunnen bij burgemeester en wethouders
                                schriftelijk klachten indienen omtrent de uitvoering van de
                                verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op de behandeling van deze klachten is hoofdstuk 9 van de Algemene
                                wet bestuursrecht en het Klachtreglement van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders brengen de beslissing omtrent het
                                klaagschrift terstond ter kennis van de klager.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien sprake is van een klacht omtrent een lopende
                                inspraakprocedure kunnen burgemeester en wethouders besluiten dat de
                                inspraakprocedure wordt geschorst totdat op het klaagschrift is
                                beslist.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien sprake is van een klacht omtrent een afgeronde
                                inspraakprocedure kunnen burgemeester en wethouders besluiten dat de
                                besluitvorming over c.q. uitvoering van de beleidsvoornemens die in
                                de inspraak zijn gebracht, wordt geschorst totdat op het
                                klaagschrift is beslist.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>V</nr><titel>SLOTBEPALING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van de bekendmaking .</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Zij kan worden aangehaald als "Inspraakverordening”.</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>