<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR100756_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Reïntegratieverordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vlagtwedde</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vlagtwedde</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ter Apeler Courant 2-12-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reïntegratieverordening gemeente Vlagtwedde 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand/article=8">Wet werk en bijstand, art. 8 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=IOAW/article=35">IOAW, art. 35 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=IOAZ/article=35">IOAZ, art. 35 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-11-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-12-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2009-04-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-04-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>toevoeging art. 13A</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z.09-2788/D.09-44</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reïntegratieverordening</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Vlagtwedde;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 november 2007,
                        no. 200701831, Afdeling Samenleving;</al><al>besluit:</al><al>gelet op de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht">Algemene wet bestuursrecht</extref> , <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet">de Gemeentewet</extref> , <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand">de Wet werk en bijstand</extref> , de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers">Wet inkomensvoorziening voor oudere- en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
                            werkloze werknemers</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">Wet inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
                            gewezen zelfstandigen</extref> ,</al><al>besluit :</al><al>vast te stellen de volgende “Re-integratieverordening”.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Alle begrippen die in deze verordening gebruikt worden en die niet
                                nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand">Wet werk en bijstand (Wwb)</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht%20">Algemene wet bestuursrecht (Awb).</extref></al></li><li nr="2."><al>Deze verordening verstaat onder:</al></li><li nr="a."><al>Wwb: de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand">Wet werk en bijstand</extref> ;</al></li><li nr="b."><al>IOAW: de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                    arbeidsongeschikte werkloze werknemers</extref> ;</al></li><li nr="c."><al>IOAZ: de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                    arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen</extref> ;</al></li><li nr="d."><al>Wsw: <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20sociale%20werkvoorziening">Wet sociale werkvoorziening</extref> ;</al></li><li nr="e."><al>Anw: <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20nabestaandenwet">Algemene nabestaandenwet</extref> ;</al></li><li nr="f."><al>voorzieningen: voorzieningen bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=7">artikel 7 eerste lid onder a van de Wwb</extref> en beschreven
                                in deze verordening;</al></li><li nr="g."><al>uitkeringsgerechtigde: persoon jonger dan 65 jaar die bijstand ter
                                voorziening in de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan
                                ontvangt; dan wel een uitkering ontvangt op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers">IOAW</extref> of de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">IOAZ</extref> ;</al></li><li nr="h."><al>niet-uitkeringsgerechtigde<onderstreept>:</onderstreept>de persoon
                                bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=6">artikel 6 onder a. van de</extref><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=6">Wwb</extref> ;</al></li><li nr="i."><al>cliënt: een tot de doelgroep van deze verordening behorende
                                persoon;</al></li><li nr="j."><al>algemeen geaccepteerdearbeid: iedere vorm van betaalde arbeid, niet
                                zijnde werk in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20sociale%20werkvoorziening">Wsw</extref> en die niet in strijd is met de wet of de goede
                                zeden;</al></li><li nr="k."><al>duurzame arbeid: algemeen geaccepteerde arbeid die over een periode
                                van ten minste zes aaneengesloten maanden wordt verricht engeen
                                gesubsidieerde arbeid is;</al></li><li nr="l."><al>gesubsidieerde arbeid: arbeid in de financiering waarvan door de
                                gemeente op enigerleiwijze wordt bijgedragen;</al></li><li nr="m."><al>college: het college van Burgemeester &amp; Wethouders van de
                                gemeente Vlagtwedde</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 Doelgroep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De doelgroep van deze verordening zijn de personen wonende in de
                                gemeente Vlagtwedde, jonger dan 65 jaar, </al><lijst><li nr="a."><al>bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=7">artikel 7 eerste lid onder a van de Wwb</extref> ,
                                        of</al></li><li nr="b."><al>bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=7">artikel 7 derde lid tweede volzin van de Wwb</extref> ,
                                        of</al></li><li nr="c."><al>die een uitkering ontvangen op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers">IOAW</extref> of de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">IOAZ</extref> of</al></li><li nr="d."><al>die vanwege een voorziening als bedoeld in artikel 7 van
                                        deze verordening niet behoren tot één de doelgroepen genoemd
                                        onder a, b of c van dit lid.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Niet tot de doelgroep behoort: </al><lijst><li nr="a."><al>de persoon die geen uitkeringsgerechtigde is en die
                                        onderwijs of een beroepsopleiding als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20studiefinanciering%202000">Wet studiefinanciering 2000</extref> of in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20tegemoetkoming%20onderwijsbijdrage%20en%20schoolkosten/article=4.1">hoofdstuk 4 van de wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage
                                            en schoolkosten</extref> , en</al></li><li nr="b."><al>de persoon die een kind is als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20Kinderbijslagwet/article=7">artikel 7, tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de
                                            Algemene Kinderbijslagwet</extref> , en</al></li><li nr="c."><al>de persoon bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=7">artikel 7 eerste lid onder a van de Wwb</extref> , die
                                        niet als werkloos werkzoekende geregistreerd staat bij de
                                        Centrale Organisatie Werk en Inkomen.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Taak gemeente</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor het aanbieden van voorzieningen aan
                                cliënten in het kader van ondersteuning bij arbeidsinschakeling
                                gericht op de kortste weg naar duurzame arbeid. Het college stelt
                                vast welke voorziening voor een cliënt het meest geschikt is om het
                                beoogde doel te behalen.</al></li><li nr="2."><al>Ter uitvoering van de in het eerste lid genoemde zorgplicht, stelt
                                het college jaarlijks beleidsregels vast waarin op basis van het
                                beschikbare budget wordt aangegeven op welke wijze het komende jaar
                                wordt voorzien in de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en welke
                                voorzieningen in welke mate in het kader van arbeidsinschakeling
                                zullen worden ingezet voor de doelgroepen van de Wwb.</al></li><li nr="3."><al>Het college bevordert de beschikbaarheid van flankerende
                                voorzieningen die belemmeringen voor toetreding tot de arbeidsmarkt
                                kunnen opheffen.</al></li><li nr="4."><al>De voorzieningen die de gemeente in het kader van ondersteuning bij
                                arbeidsinschakeling voor een cliënt inzet, worden in principe
                                vastgelegd in een uitstroom gericht re-integratieplan, dat onderdeel
                                uitmaakt van een beschikking. Het re-integratieplan wordt door de
                                cliënt en door een vertegenwoordiger namens het college (of een door
                                het college aangewezen derde) ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Rechten en plichten cliënt</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een cliënt is verplicht naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid
                                te verkrijgen, deze te aanvaarden, te behouden en alles in het werk
                                te stellen om belemmeringen ten aanzien van algemeen geaccepteerde
                                arbeid op te heffen.</al></li><li nr="2."><al>Een cliënt kan aanspraak maken op ondersteuning bij
                                arbeidsinschakeling ten behoeve van het realiseren van de, naar het
                                oordeel van het college, kortste weg naar duurzame arbeid. Het
                                college bepaalt hoe deze aanspraak wordt ingevuld.</al></li><li nr="3."><al>Een cliënt aan wie een voorziening zoals bedoeld in artikel 7 van
                                deze verordening wordt aangeboden, is verplicht gebruik te maken van
                                deze voorziening.</al></li><li nr="4."><al>Onverminderd andere verplichtingen, voortvloeiend uit wet- of
                                regelgeving, geldt voor een cliënt die deelneemt aan of deelgenomen
                                heeft aan een voorziening de verplichting: </al><lijst><li nr="a."><al>alle inlichtingen te verstrekken aan het college over de
                                        passendheid en de voortgang van de voorziening en
                                        wijzigingen in zijn persoonlijke situatie die van belang
                                        kunnen zijn voor de beoordeling van de aanspraak op
                                        ondersteuning en de noodzaak van voortzetting van een
                                        voorziening, daaronder in ieder geval begrepen wijzigingen
                                        in woonplaats, wijzigingen met betrekking tot
                                        gezondheidssituatie of arbeidshandicaps en wijzigingen met
                                        betrekking tot nevenwerkzaamheden of neveninkomsten;</al></li><li nr="b."><al>zijn medewerking te verlenen aan onderzoeken over de inhoud,
                                        passendheid, voortgang en uitvoering van de
                                        voorziening;</al></li><li nr="c."><al>naar vermogen uitvoering te geven dan wel mee te werken aan
                                        de onderdelen van de voorziening;</al></li><li nr="d."><al>na te laten alles dat de realisatie van het doel van de
                                        voorziening belemmert.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Als een cliënt zijn verplichtingen krachtens het derde, vierde of
                                vijfde lid van dit artikel niet nakomt, kan het college beslissen
                                dat zijn aanspraak op iedere voorziening vervalt.</al></li><li nr="6."><al>De rechten en plichten van een cliënt worden vastgelegd in het in
                                artikel 3 lid 4 van deze overeenkomst genoemde
                                re-integratieplan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Niet-uitkeringsgerechtigden en ANW-ers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Niet-uitkeringsgerechtigde cliënten van 18 jaar en ouder en cliënten
                                met een uitkering op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20nabestaandenwet">Anw</extref> van 18 jaar en ouder kunnen aanspraak maken op
                                ondersteuning bij arbeidsinschakeling ten behoeve van het realiseren
                                van de, naar het oordeel van het college, kortste weg naar duurzame
                                arbeid.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan in beleidsregels de aanspraken en de voorzieningen
                                vaststellen, die beschikbaar zijn voor cliënten bedoeld in het
                                eerste lid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Criteria ontheffing arbeidsplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan met inachtneming van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand/article=9">artikel 9 tweede lid van de Wwb,</extref> onderscheidenlijk
                                    <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers/article=37a">artikel 37a van de IOAW</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">IOAZ</extref> bepalen dat aan een cliënt tijdelijk, geheel of
                                gedeeltelijk, ontheffing wordt verleend van de in artikel 4 eerste
                                lid en artikel 4 derde lid van deze verordening genoemde
                                verplichtingen, op basis van in beleidsregels vast te leggen
                                criteria, onder meer: </al><lijst><li nr="a."><al>indien de combinatie van zorg en arbeid of de combinatie van
                                        zorg en voorziening niet mogelijk is voor alleenstaande
                                        ouders;</al></li><li nr="b."><al>indien belanghebbende om psychische dan wel medische redenen
                                        niet in staat is om te werken.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Ontheffing van de arbeidsplicht wordt slechts voor een door het
                                college in beleidsregels vast te stellen periode verleend.</al></li><li nr="3."><al>Op basis van een herbeoordeling kan het college besluiten een
                                ontheffing na afloop van de vastgestelde periode te verlengen. De
                                termijn waarbinnen herbeoordeling plaatsvindt, kan door het college
                                in beleidsregels worden vastgesteld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Voorzieningen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan een persoon behorende tot de doelgroep (laten)
                                begeleiden bij het zoeken naar en verwerven van arbeid, alsmede bij
                                het wegnemen van belemmeringen voor de arbeidsinschakeling. In
                                beleidsregels kan het college verdere uitwerking geven aan deze
                                voorzieningen. Bij deze uitwerking worden in elk geval de doelgroep,
                                de duur van de voorziening, het doel van de voorziening en de
                                verplichtingen van de deelnemer betrokken.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan ter uitvoering van dit artikel gebruik maken gebruik
                                maken van door derden uitgevoerde subsidiebanen. In dat geval wordt
                                door deze derden met een cliënt een arbeidsovereenkomst aangaan als
                                bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Burgerlijk%20Wetboek%20Boek%207/article=610">artikel 610, eerste lid van Boek 7 van het burgerlijk
                                    wetboek</extref> . Op deze arbeidsovereenkomst zijn de
                                bepalingen van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Burgerlijk%20Wetboek%20Boek%207/article=610">titel 10 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van
                                    toepassing</extref> . Het college kan in beleidsregels
                                vaststellen op welke wijze en onder welke voorwaarden deze
                                subsidiebanen worden uitgevoerd.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan ter uitvoering van dit artikel gebruik maken van een
                                loonkostensubsidie aan een werkgever, die een cliënt in dienst neemt
                                op basis van de CAO die voor de werkgever van toepassing is. Het
                                college kan in beleidsregels vaststellen onder welke voorwaarden
                                werkgevers op (loonkosten)subsidie aanspraak kunnen maken.</al></li><li nr="4."><al>Onverminderd het elders in dit artikel bepaalde is bij de inzet van
                                subsidiebanen als bedoeld in 
                                    lid 3 van dit artikel en (loonkosten)subsidie als
                                bedoeld in lid 4 van dit artikel de beleidsaanbeveling “Subsidiëring
                                arbeidsplaatsen in het kader van reïntegratiewerkzaamheden”, zoals
                                vermeld op <extref doc="http://docs.minszw.nl/pdf/35/2004/35_2004_3_5491.pdf">pagina 14 e.v. van de circulaire van het ministerie van Sociale
                                    Zaken en Werkgelegenheid d.d. 7 april 2004, kenmerk Intercom
                                    2004/24233</extref> , van toepassing.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan ter uitvoering van dit artikel een cliënt in staat
                                stellen zich te oriënteren en voorbereiden op de start van een eigen
                                bedrijf of beroep. Het college kan in beleidsregels vaststellen
                                onder welke voorwaarden deze voorziening aan een cliënt kan worden
                                aangeboden.</al></li><li nr="6."><al>Het doel van de inzet van voorzieningen is het bevorderen van
                                arbeidsinschakeling van cliënten onder andere door het opdoen van
                                dag- en werkritme en werkervaring, het aanleren van vaardigheden en
                                kennis, maatschappelijke participatie en/of het bevorderen van
                                sociale – en zelfredzaamheid.</al></li><li nr="7."><al>Scholing kan onderdeel uitmaken van de voorzieningen in tweede lid.
                                Daarnaast kan het college ook scholing als zelfstandige voorziening
                                aanbieden.</al></li><li nr="8."><al>Het college kan voor de uitvoering van voorzieningen afspraken maken
                                met derden, waaronder werkgevers en reïntegratiebedrijven.</al></li><li nr="9."><al>Het college kan jaarlijks een budgetplafond vaststellen voor
                                voorzieningen die door de gemeente bekostigd worden. Voorzieningen
                                kunnen door het college worden geweigerd indien door het totaal van
                                toezeggingen in dat jaar het budgetplafond is bereikt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inschakeling%20werkzoekenden/date=2003-12-31">WIW</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20in-%20en%20doorstroombanen/date=2003-12-31">ID</extref></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor de uitvoering van de dienstbetrekkingen
                                als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inschakeling%20werkzoekenden/article=4/date=2003-12-31">artikel 4 van de WIW</extref> , zoals dit luidde op 31 december
                                2003, en stimuleert de uitstroom.</al></li><li nr="2."><al>Het college draagt zorg voor de subsidiëring van de
                                dienstbetrekkingen als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20in-%20en%20doorstroombanen/article=6/date=2003-12-31">artikel 6 van het Besluit in- en doorstroombanen</extref> ,
                                zoals dit besluit luidde op 31 december 2003, en voor de
                                subsidiëring van de arbeidsovereenkomsten zoals bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inschakeling%20werkzoekenden/article=5/date=2003-12-31">artikel 5 eerste lid van de WIW</extref> , zoals dit luidde op
                                31 december 2003, en stimuleert de uitstroom. De hoogte van de
                                subsidie wordt door het college vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De dienstbetrekkingen en arbeidsovereenkomsten genoemd in eerste en
                                tweede lid zijn, vanaf het moment van inwerkingtreding van de Wwb,
                                voorzieningen in de zin van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand">Wwb</extref>. Het college kan in beleidsregels nadere
                                voorwaarden stellen aan de uitvoering van deze voorzieningen. De
                                verwijzing in artikel 7 vijfde lid van deze verordening is op dit
                                artikel van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Beperkingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Geen recht op een voorziening bestaat indien sprake is van een
                                voorliggende voorziening die naar mening van het college in
                                voldoende mate bijdraagt aan de arbeidsinschakeling van de
                                cliënt.</al></li><li nr="2."><al>Evenmin bestaat recht op een voorziening indien het netto- inkomen
                                van het gezin of de alleenstaande of alleenstaande ouder, boven de
                                inkomens- en vermogengrens ligt zoals deze gehanteerd wordt in de
                                richtlijnen bijzondere bijstand gemeente Vlagtwedde.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan van een cliënt met een Anw-uitkering en van een
                                Niet-uitkeringsgerechtigde cliënt een in beleidsregels uitgewerkt
                                bijdrage in de kosten van de voorziening verlangen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Afweging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij de afweging welke voorziening het meest geschikt is voor een
                                cliënt, worden de mogelijkheden en belemmeringen van de cliënt en
                                het belang van de gemeente tegen elkaar afgewogen. Daarbij houdt het
                                college rekening met de zorgtaken van alleenstaande ouders voor hun
                                kinderen. Hiernaast spelen de actuele en de door het college
                                verwachte toekomstige situatie op de arbeidsmarkt een rol.</al></li><li nr="2."><al>De alleenstaande ouder kan pas deelnemen aan een voorziening zoals
                                bedoeld in artikel 7 van deze verordening indien een
                                kinderopvangvoorziening beschikbaar is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Handhaving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als een cliënt die deelneemt aan of heeft deelgenomen aan een
                                voorziening, zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 4 van deze
                                verordening niet nakomt of niet is nagekomen, kan het college de
                                door hem in het kader van die voorziening ten behoeve van deze
                                cliënt gemaakte kosten terugvorderen.</al></li><li nr="2."><al>Als een uitkeringsgerechtigde met een uitkering krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand">Wwb</extref> zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 4 van
                                deze verordening niet is nagekomen of niet nakomt, kan het college
                                de uitkering afstemmen, conform hetgeen hierover is bepaald in de
                                Afstemmingsverordening Wwb.</al></li><li nr="3."><al>Als een uitkeringsgerechtigde met een uitkering krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers">IOAW</extref> of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">IOAZ</extref> zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 4 van
                                deze verordening niet nakomt, kan het college de uitkering verlagen,
                                conform hetgeen hierover is bepaald in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers/article=20">artikel 20 van de IOAW</extref> en de<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen">IOAZ.</extref></al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Beëindiging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan de voorziening beëindigen: </al><lijst><li nr="a."><al>als een cliënt die deelneemt aan een voorziening, zijn
                                        verplichtingen als bedoeld in artikel 4 van deze
                                        verordening, dan wel zijn verplichtingen als bedoeld in
                                            <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20werk%20en%20bijstand/article=9">artikel 9 van de Wwb</extref> , niet nakomt;</al></li><li nr="b."><al>als een cliënt die deelneemt aan een voorziening niet meer
                                        tot de doelgroep bedoeld in artikel 2 van deze verordening
                                        behoort;</al></li><li nr="c."><al>indien het college een andere voorziening aanbiedt;</al></li><li nr="d."><al>als een cliënt die deelneemt aan een voorziening
                                        neveninkomsten heeft, die naar oordeel van het college
                                        betekenen dat hij in staat is zonder voorziening een plaats
                                        te vinden of te behouden op de arbeidsmarkt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Beëindiging van de voorziening als bedoeld in lid 1 van dit artikel
                                kan tevens inhouden: het opzeggen van de dienstbetrekking, bedoeld
                                in artikel 8 eerste lid of het beëindigen van de subsidie, bedoeld
                                in artikel 8 tweede lid van deze verordening.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer een voorziening beëindigd is en niet het beoogde doel heeft
                                gehad, kan het college besluiten, gedurende een in beleidsregels
                                vastgelegde periode, geen nieuwe voorziening aan de betrokken cliënt
                                aan te bieden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 Premies en onkostenvergoeding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan premies verlenen die tot doel hebben de
                                arbeidsinschakeling te bevorderen</al></li><li nr="2."><al>Het college kan ten aanzien van de verstrekking van premies nadere
                                regels vaststellen met betrekking tot: </al><lijst><li nr="a."><al>de activiteiten waarvoor premie kan worden verstrekt en wie
                                        daarvoor in aanmerking komt;</al></li><li nr="b."><al>het bedrag van de premie dan wel de wijze waarop dit bedrag
                                        wordt bepaald;</al></li><li nr="c."><al>de aanvraag van een premie en de besluitvorming
                                        daarover;</al></li><li nr="d."><al>de voorwaarden waaronder een premie wordt verstrekt;</al></li><li nr="e."><al>de weigeringsgronden voor een premie;</al></li><li nr="f."><al>de verplichtingen voor de premieontvanger;</al></li><li nr="g."><al>de vaststelling van de premie;</al></li><li nr="h."><al>andere mogelijke uitvoeringsaspecten van deze premies.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan nadere regels vaststellen ten aanzien van de
                                verstrekking van onkostenvergoedingen in verband met de deelname aan
                                een voorziening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13A</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college verstrekt aan uitkeringsgerechtigden die onbeloonde
                                additionele werkzaamheden verrichten conform artikel <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand/article=10a">10a, zesde lid van de Wwb</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20werkloze%20werknemers/article=35">artikel 35 Ioaw</extref> /<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20inkomensvoorziening%20oudere%20en%20gedeeltelijk%20arbeidsongeschikte%20gewezen%20zelfstandigen/article=35">Ioaz</extref> een premie van telkens maximaal € 520,00.</al></li><li nr="2."><al>De hoogte van de premie is afhankelijk van het gemiddeld aantal
                                gewerkte uren per week in de voorafgaande 6 maanden en bedraagt €
                                1,00 per gewerkt uur met een maximum van 20 uur per week.</al></li><li nr="3."><al>Het recht op een premie als bedoeld in het eerste lid wordt elke zes
                                maanden beoordeeld en ineens betaald (niet per maand).</al></li><li nr="4."><al>De premie wordt geweigerd indien bij de beoordeling blijkt dat de
                                belanghebbende de aan de onbeloonde additionele werkzaamheden
                                verbonden verplichtingen in de voorafgaande zes maanden heeft
                                geschonden, of er andere aantoonbare feiten zijn waaruit vastgesteld
                                kan worden dat de belanghebbende onvoldoende heeft meegewerkt aan
                                het vergroten van zijn kans op inschakeling in het
                                arbeidsproces.</al></li><li nr="5."><al>Onverminderd het eerste lid komen ook personen als bedoeld in
                                    <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand/article=7">artikel 7, derde lid van de wet</extref> voor een premie in
                                aanmerking indien zij aan alle voorwaarden voldoen.</al></li><li nr="6."><al>Voor zover de belanghebbende niet beschikt over een
                                startkwalificatie wordt binnen 6 maanden na aanvang van de
                                onbeloonde additionele werkzaamheden door het college bekeken in
                                hoeverre scholing of opleiding kan bijdragen aan vergroting van de
                                kans op inschakeling in het arbeidsproces. Het college betrekt bij
                                deze beoordeling: </al><lijst><li nr="a."><al>het oordeel van degene in wiens opdracht de belanghebbende
                                        de additionele werkzaamheden uitvoert;</al></li><li nr="b."><al>de scholingswens van de belanghebbende;</al></li><li nr="c."><al>het oordeel van de werkcoach</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Het college kan ten behoeve van de uitvoering van deze verordening
                                nadere beleidsregels vaststellen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                college.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in
                                deze verordening, als toepassing daarvan tot onbillijkheden van
                                overwegende aard leidt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 Evaluatie</titel></kop><al>Het college zendt op verzoek van de raad een verslag over de wijze waarop
                        deze verordening is toegepast.</al></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 16 Slotbepalingen</onderstreept></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: "Re-integratieverordening
                                gemeente Vlagtwedde 2008”.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2008.</al></li><li nr="3."><al>Gelijktijdig met de inwerkingtreding van de deze verordening,
                                vervalt de "reïntegratieverordening gemeente Vlagtwedde 2004</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare</ondertekening><ondertekening>vergadering van 11 december 2007.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>J. Broertjes mevr. J. van den Berg</ondertekening><ondertekening>voorzitter griffier</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>