<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR100657_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Inrichting Antidiscriminatievoorziening Wet Gemeentelijke                Antidiscriminatievoorzieningen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Noordwijkerhout</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-31</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Noordwijkerhout</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Inrichting Antidiscriminatievoorziening Wet Gemeentelijke Antidiscriminatievoorzieningen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-01-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-02-05</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de Verordening 2019 Inrichting anti-discriminatievoorziening gemeente Noordwijk.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Inrichting Antidiscriminatievoorziening Wet Gemeentelijke
                Antidiscriminatievoorzieningen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Noordwijkerhout; gelezen het voorstel van het
                        college van burgemeester en wethouders van 22 december 2009, inzake
                        Verordening Wet Gemeentelijke Antidiscriminatievoorzieningen; gelet op
                        artikel 1 van de Wet gemeentelijke antidisciminatievoorzieningen; besluit
                        vast te stellen de Verordening inrichting antidiscriminatievoorziening
                        gemeente Noordwijkerhout.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wet: de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Besluit: het Besluit gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De antidiscriminatievoorziening: antidiscriminatievoorziening als
                            bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeentelijke
                            antidiscriminatievoorzieningen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Klacht: klacht bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, van de
                            wet.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Klachtbehandelaar: klachtbehandelaar als bedoeld in artikel 1 van het
                            besluit.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Klager: Klager als bedoeld in artikel 1 van het besluit.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Ingezetene: ingezetene als bedoeld in artikel 2 van de Gemeentewet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Zorgplicht college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders biedt de ingezetenen toegang tot
                        een antidiscriminatievoorziening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inrichting antidiscriminatievoorziening</titel></kop><al>Bij de inrichting van de antidiscriminatievoorziening worden in ieder geval
                        de deskundigheid van klachtbehandelaars en de toegankelijkheid van de
                        voorziening gewaarborgd.</al><lijst><li nr="1."><al>De antidiscriminatievoorziening draagt er zorg voor dat de
                                klachtbehandelaars voldoen aan de voor klachtenbehandeling vereiste
                                deskundigheid en biedt de klachtbehandelaars de mogelijkheid hun
                                deskundigheid te onderhouden en verder te ontwikkelen.</al></li><li nr="2."><al>De klager heeft in ieder geval de mogelijkheid om een klacht te
                                melden:</al><lijst><li nr="-"><al>Per post;</al></li><li nr="-"><al>Per e-mail;</al></li><li nr="-"><al>Telefonisch;</al></li><li nr="-"><al>Op een door de gemeente beschikbaar gestelde locatie als
                                        bedoeld in artikel 5 van deze verordening.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Protocol klachtenbehandeling</titel></kop><al>Het protocol voor de behandeling van klachten als bedoeld in artikel 6 van
                        de wet regelt in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>De afdoeningstermijn van klachten;</al></li><li nr="b."><al>De wijze van afdoening van klachten;</al></li><li nr="c."><al>De registratie van klachten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Laagdrempeligheid antidiscriminatievoorziening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ingezetenen worden in de gelegenheid gesteld een klacht in hun directe
                            leefomgeving te melden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Gemeenten die aansluiting hebben bij een regionaal
                            antidiscriminatiebureau kunnen overeenkomen dat deze melding op een
                            locatie in de betreffende gemeente kan plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor de deskundigheid van de medewerkers die
                            deze meldingen op adequate manier opneemt en doorverwijst.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Klager wordt door de medewerkers doorgeleid naar de
                            antidiscriminatievoorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de
                        bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan aangehaald worden als: Verordening Inrichting
                        Antidiscriminatievoorziening Wet Gemeentelijke
                        Antidiscriminatievoorzieningen.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 28 januari 2010.</al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Algemene toelichting</titel></kop><al>Artikel 1 van de wet legt het college van burgemeester en wethouders op om
                    toegang te bieden tot een antidiscriminatievoorziening. Zie ook de toelichting
                    bij artikel 2 van deze verordening.</al><al>Artikel 2, tweede lid, van de wet wordt opgedragen dat de gemeenteraad stelt
                    “met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens deze wet bij verordening
                    regels vast omtrent de inrichting van de antidiscriminatievoorziening , bedoeld
                    in artikel 1, en de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, onder a.”
                    De wet is als bijlage toegevoegd aan deze verordening.</al><al>De wet is nader ingevuld in een Algemene Maatregel van Bestuur vastgesteld op 16
                    september 2009, het Besluit gemeentelijke antidiscriminatievoorziening. Het
                    besluit is als bijlage toegevoegd aan deze verordening. Nu veel van de nadere
                    invulling die de wet behoeft is geregeld in het besluit, kan deze verordening
                    beknopt blijven.</al><al>De Handreiking Iedereen=Gelijk: lokale aanpak discriminatie zal als
                    ondersteuning dienen bij de uitvoering van de Algemene Maatregel van Bestuur en
                    deze verordening.</al></nota-toelichting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Deze bepaling behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Zoals in het algemene deel van deze toelichting al aangegeven, is deze
                        zorgplicht opgenomen in artikel 1 van de wet. In wetstechnische zin is het
                        dan ook niet noodzakelijk om deze hier te herhalen. Er is voor gekozen om
                        dat wel te doen, nu deze zorgplicht zozeer de kern van deze regelgeving
                        uitmaakt, dat het opnemen ervan sterk bijdraagt aan de begrijpelijkheid van
                        deze verordening.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Met deze bepaling wordt nader invulling gegeven aan artikel 3 van het
                        besluit, dat luidt: “Bij de inrichting van de antidiscriminatievoorziening
                        worden in ieder geval de deskundigheid van de klachtbehandelaars en de
                        toegankelijkheid van de antidiscriminatievoorziening gewaarborgd”. Ook op de
                        verantwoordelijkheid met de omgang met gegevens zal worden toegezien. Er is
                        gekozen voor een minimale invulling om gemeenten en
                        antidiscriminatievoorziening alle ruimte te geven voor maatwerk.</al><al>De antidiscriminatievoorziening dient aan te geven of ze beschikt over een
                        opleidingprotocol waar klachtbehandelaars gebruik van kunnen maken. Ook moet
                        worden aangegeven hoe vaak van behandelaars wordt verwacht aan een opleiding
                        deel te nemen. Het landelijke expertisebureau van Art.1 kan de opleidingen
                        en cursussen verzorgen. </al><al>De gemeente draagt er zorg voor dat de burger zich zowel fysiek als niet-
                        fysiek kan melden. De mogelijkheid om zich fysiek op locatie te kunnen
                        melden betekent tevens dat een burger redelijkerwijs op de hoogte kan zijn
                        waar hij of zij terecht kan om te melden. De gemeente draagt zorg voor de
                        aanwezigheid van een locatie. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van een
                        bestaande balie (zie ook de toelichting bij artikel 5). Uiteraard kan ook
                        worden afgesproken dat de antidiscriminatievoorziening op locatie aanwezig
                        is, zodat klachten direct bij de voorziening kunnen worden ingediend.</al><al>Bij niet-fysiek wordt verstaan dat de mogelijkheid bestaat voor de burger
                        via sms, telefoon (0900 landelijk en 0900 ADV), brief of email om de klacht
                        te melden of in te dienen. Ook hier geldt dat op de gemeente een zorgplicht
                        rust om ervoor zorg te dragen dat burgers kennis kunnen nemen van deze
                        mogelijkheden.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>Met deze bepaling wordt invulling gegeven aan artikel 6 van het besluit dat
                        luidt: “De antidiscriminatievoorziening heeft een protocol voor de
                        behandeling van klachten”. Daarbij is gekozen voor een minimale invulling om
                        gemeenten en antidiscriminatievoorziening alle ruimte te geven voor
                        maatwerk.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>De wet vermeldt dat de antidiscriminatievoorziening zich in de leefomgeving
                        van burgers moet bevinden. De memorie van toelichting geeft aan dat het
                        gemeenten vrij staat om daar op een praktische wijze invulling aan te geven.
                        De voorziening hoeft dan ook niet in de gemeente zelf aanwezig te zijn. Een
                        gemeente kan zich bijvoorbeeld aansluiten bij een (bestaande) regionale
                        antidiscriminatievoorziening. Ook kan de gemeente aansluiting zoeken bij het
                        regionaal discriminatieoverleg (RDO) waar politie, openbaar ministerie en
                        antidiscriminatievoorzieningen overleg voeren over discriminatie incidenten
                        en deze in zaaksoverzichten opnemen. Voor de nodige laagdrempeligheid kan
                        dan worden gezorgd door een doorverwijsfunctie of meldpunt te creëren bij
                        bestaande gemeentelijke voorzieningen, zoals bijvoorbeeld een loket
                        burgerzaken, slachtofferhulp of WMO-loket.</al><al>Een gemeente kan er ook voor kiezen deze toegang een meer inhoudelijk
                        karakter te geven door een eigen frontoffice in te richten. Daarbij moet het
                        voor klagers ondubbelzinnig duidelijk zijn dat een gemeentelijk loket een
                        luisterend oor en de nodige deskundigheid kan bieden, maar dat het zijn taak
                        is om de klager door te geleiden naar de antidiscriminatievoorziening. In de
                        wet is uitdrukkelijk aangegeven dat de antidiscriminatievoorziening
                        onafhankelijk is en op geen enkele wijze onder het gezag van de
                        (gemeentelijke) overheid kan vallen. Het gemeentelijk loket kan dan ook op
                        geen enkele manier in de plaats treden van de
                        antidiscriminatievoorziening.</al><al>Vereisten voor de frontoffice zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>Een loket gefaciliteerd door de gemeente dan wel een gemeenteloket
                                waar klager een klacht kan melden, luisterend oor kan vinden en
                                professioneel kan worden doorverwezen naar de
                                antidiscriminatievoorziening.</al></li><li nr="-"><al>Loketmedewerker dient inzicht te hebben in de materie</al></li><li nr="-"><al>Positie als doorgeefluik helder moet zijn.</al></li></lijst><al>Vereisten voor de backoffice:</al><lijst><li nr="-"><al>Deze worden opgenomen in de subsidieregeling tussen gemeenten en
                                antidiscrimiantievoorzieningen</al></li></lijst><al>Strikt juridisch is het niet noodzakelijk om met een front- en backoffice te
                        werken. Daarom hebben wij deze vereisten niet in de modelverordening
                        opgenomen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Gezien het feit dat er sprake is van een bijzondere reden (Wet Gemeentelijke
                        Antidiscriminatievoorzieningen (die aangeeft dat de gemeentelijke
                        verordening uiterlijk 28 januari 2010 van kracht dient te zijn) en het feit
                        dat geen sprake is van een belastende regeling noch van strafbaar of
                        zwaarder strafbaar stellen, verzet zich dit niet tegen het met terugwerkende
                        kracht in werking laten treden van de verordening. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Deze bepaling behoeft geen toelichting.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>