<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xml:lang="nl-NL" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/"><meta><owmskern><dcterms:identifier xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">69698_1</dcterms:identifier><dcterms:title xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/"> Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid</dcterms:title><dcterms:language xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Nijefurd</dcterms:creator><dcterms:modified xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">2010-12-17</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente Nijefurd</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="BWB://1.0:r:BWBR0003420" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Wet op het Primair onderwijs</dcterms:source><dcterms:subject xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">onderwijs</dcterms:subject><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:issued xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">1999-03-23</dcterms:issued><dcterms:rights xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1999-03-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Nijefurd;</al><al> </al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 februari 1999;</al><al> </al><al>gelet op de bepalingen over het op overeenstemming gericht overleg in de Wet op het Primair onderwijs;</al><al> </al><al>gelet  op het gevoerde overleg met de vertegenwoordigers van de  schoolbesturen; </al><al></al><al>overwegende dat het noodzakelijk is een regeling vast te  stellen voor het overleg tussen de gemeente en de schoolbesturen over  het lokaal onderwijsbeleid;</al><al> </al><al><vet>Besluit:</vet></al><al> </al><al>vast te stellen de volgende verordening: "verordening overleg lokaal onderwijsbeleid".</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>schoolbestuur:</cursief></al><al><cursief></cursief>het  bevoegd gezag van een volgens de Wet op het Primair onderwijs  bekostigde   openbare of bijzondere school voor basisonderwijs, <cursief>die </cursief>gelegen is op het grondgebied van de gemeente;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al><cursief>advies:</cursief></al><al><cursief></cursief>het advies van de Onderwijsraad als bedoeld in de Wet op het Primair onderwijs;</al></li></lijst><lijst><li nr="c."><al><cursief>burgemeester en wethouders:</cursief></al><al><cursief></cursief>het college van burgemeester en wethouders;</al></li></lijst><lijst><li nr="d."><al><cursief>de raad:</cursief></al><al><cursief></cursief><cursief></cursief>de gemeenteraad.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Overleg</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.1</nr><titel>Overlegorgaan lokaal onderwijsbeleid</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Functie overlegorgaan</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er  is een overlegorgaan lokaal onderwijsbeleid waarin burgemeester en  wethouders met de vertegenwoordigers van alle schoolbesturen overleg  voeren over de voorbereiding en uitvoering van het lokaal  onderwijsbeleid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>in het overlegorgaan komen aan de orde:</al><lijst><li nr="a."><al><vet></vet>de onderwerpen waarop het op overeenstemming gericht overleg van  toepassing is als bedoeld in de Wet op het Primair onderwijs;</al></li><li nr="b."><al> overige onderwerpen van overleg aangaande het lokaal onderwijsbeleid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op de onderwerpen, als genoemd in het tweede lid onder b, is artikel 9 niet van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling overlegorgaan</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De schoolbesturen kunnen zich naar keuze afzonderlijk of gezamenlijk laten vertegenwoordigen in het overlegorgaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met inachtneming van het gestelde onder 1 bestaat de vertegenwoordiging per bestuur uit twee personen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De  portefeuillehouder onderwijs vertegenwoordigt burgemeester en  wethouders in het overlegorgaan. De portefeuillehouder onderwijs  fungeert als voorzitter van het overlegorgaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Derden</titel></kop><al>Derden kunnen, indien de voorzitter van het overlegorgaan dit wenst of twee vertegenwoordiger(s) van schoolbesturen uit verschillende denominaties, genoemd in artikel 3, dit wensen, deelnemen aan een overleg.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.2</nr><titel>Voorbereiding overleg</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Uitnodiging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alvorens  burgemeester en wethouders een voorstel aan de raad doen over een  onderwerp waarop het op overeenstemming gericht overleg als bedoeld in  de Wet op het Primair onderwijs van toepassing is, zenden zij de  voorgenomen inhoud van dit voorstel met een toelichting daarop en de  inventarisatie, als bedoeld in artikel 7, aan alle schoolbesturen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De  toezending geschiedt onder bekendmaking van de plaats, de datum en het  tijdstip waarop het overleg hierover zal aanvangen. Tussen de datum van  de toezending van het voorstel en de datum van het overleg liggen ten  minste twee weken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De  schoolbesturen die niet deelnemen aan het overleg kunnen voor de datum  van dit overleg hun zienswijzen schriftelijk kenbaar maken aan  burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders stellen de  deelnemers aan dit overleg hiervan in kennis.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Secretariaat</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders voeren het secretariaat van het overlegorgaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Voorbereiding</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen een voorbereidend overleg tussen vertegenwoordigers van de schoolbesturen en burgemeester en wethouders instellen dat voorafgaat aan het overleg in het overlegorgaan. Dit voorbereidend overleg wordt afgerond met een inventarisatie van de onderwerpen waarover al dan niet overeenstemming is bereikt. Per onderwerp wordt aangegeven of het gaat om een onderwerp als bedoeld in artikel 2, tweede lid onder a.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Agenda overleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een  agenda overleg instellen. Hierin wordt nagegaan welke onderwerpen op  welk tijdstip in het overlegorgaan aan de orde kunnen komen. Op grond  hiervan stellen burgemeester en wethouders de agenda op.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aan  het agenda overleg nemen de portefeuillehouder onderwijs en twee  vertegenwoordiger(s) van schoolbesturen uit verschillende denominaties  deel.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.3</nr><titel>Uitvoering overleg</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Advies Onderwijsraad</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien  een of meer schoolbesturen of burgemeester en wethouders een advies  wensen over een onderwerp waarop het op overeenstemming gericht overleg  van toepassing is, maken ze dit uiterlijk kenbaar in het overleg waarin  het onderwerp in finale zin aan de orde is. Dit gebeurt aan de hand van  een schriftelijke omschrijving van het onderwerp waarover het advies  wordt verlangd. Hierbij wordt het verband aangegeven tussen het  onderwerp en de vrijheid van richting en de vrijheid van inrichting van  het onderwijs.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alle vertegenwoordigers krijgen in het overleg de gelegenheid hun zienswijzen naar voren te brengen over het verzoek om advies.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester  en wethouders zijn belast met de indiening van een verzoek om advies.  Zij doen dit uiterlijk twee weken na afloop van het overleg. Daarbij  informeren zij tevens de Onderwijsraad over de in het tweede lid  bedoelde zienswijzen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De  wettelijke termijn voor het uitbrengen van het advies wordt opgeschort  met ingang van de dag waarop de Onderwijsraad burgemeester en wethouders  uitnodigt het verzoek voor het uitbrengen van het advies aan te vullen  met de gegevens die hij nodig heeft voor een goede vervulling van zijn  taak, tot de dag waarop het verzoek is aangevuld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De  raad neemt gedurende de termijn voor het uitbrengen van het advies geen  besluit over het onderwerp waarover advies is gevraagd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Burgemeester  en wethouders zenden zo spoedig mogelijk een afschrift van het  uitgebrachte advies toe aan alle schoolbesturen. Indien het geheel of  gedeeltelijk opvolgen van het advies zou leiden tot een of meer  inhoudelijke bijstellingen van het voorstel over een onderwerp waarover  advies is gevraagd, worden de schoolbesturen bij de toezending van het  afschrift van het advies uitgenodigd voor nader overleg. In alle andere  gevallen beoordelen burgemeester en wethouders of nader overleg over het  advies wenselijk is. Zij geven dit aan bij de toezending van het  afschrift van het advies.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het  overleg, als bedoeld in het vorige lid, vindt binnen twee weken plaats  nadat het advies is uitgebracht. Burgemeester en wethouders informeren  de raad over dit overleg in de vorm van een aanvulling op het verslag  als bedoeld in artikel 10.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verslaglegging; informeren raad</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders maken een verslag van het overleg.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag bevat een overzicht van de besproken onderwerpen, waarbij per onderwerp wordt aangegeven:</al><lijst><li nr="a."><al>of het bepaalde in artikel 2, tweede lid, onder a of b van toepassing is;</al></li><li nr="b."><al>of volledige, geen volledige of geen overeenstemming is bereikt;</al></li><li nr="c."><al>de  in liet overleg door de deelnemers naar voren gebrachte zienswijzen en -  indien van toepassing - de zienswijzen als bedoeld in artikel S, derde  lid;</al></li><li nr="d."><al>de <cursief>door </cursief>de portefeuillehouder onderwijs in het overleg toegezegde wijzigingen in het oorspronkelijke voorstel.</al><al>Indien artikel 9, eerste lid van toepassing is, wordt hiervan eveneens een weergave opgenomen in het verslag.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester  en wethouders zenden het concept van het verslag ter commentaar toe aan  de vertegenwoordigers van e bevoegde gezagsorganen die deel hebben  genomen aan het bestuurlijk overleg. De bevoegde gezagsorganen die niet  hebben deelgenomen aan het bestuurlijk overleg ontvangen het concept van  het verslag ter kennisneming. Binnen één week na de dag waarop het  concept van het eindverslag is toegezonden, maken de bevoegde  gezagsorganen die hebben deelgenomen aan het bestuurlijk overleg  schriftelijk hun opmerkingen over het concept van het verslag kenbaar.  Vervolgens stellen burgemeester en wethouders, met inachtneming van de  opmerkingen, het verslag definitief vast.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester  en wethouders brengen het verslag gelijktijdig met het voorstel over  het onderwerp ter kennis van de raad. Voorzover burgemeester en  wethouders afwijken van de tijdens het overleg naar voren gebrachte  zienswijzen, wordt dit gemeld in het voorstel aan de raad. Daarbij geven  zij de redenen aan van het niet of niet geheel overnemen van deze  zienswijzen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Heropening overleg</titel></kop><al>1. Indien  uit het oordeel van de betrokken raadscommissie over het voorgenomen  voorstel aan de raad blijkt dat de meerderheid van de raadscommissie of  een deel van de raadscommissie dat volgens burgemeester en wethouders  geacht wordt een meerderheid in de raad te vertegenwoordigen, van  oordeel is dat het voorstel inhoudelijk bijstelling behoeft, kan  heropening van het overleg plaatsvinden. Burgemeester en wethouders  beslissen daarover. Zij heropenen het overleg in ieder geval indien de  inhoudelijke bijstelling betrekking heeft op een onderwerp als bedoeld  in artikel 2, tweede lid, onder a, waarover overeenstemming in het  overlegorgaan was bereikt.</al><al>2. Indien  burgerheester en weihouders het overleg heropenen, roepen zij het  overlegorgaan zo spoedig mogelijk bijeen, doch uiterlijk <cursief>één </cursief>week  vóór het moment waarop de raad een definitief besluit neemt over het  onderwerp. In dit overleg hebben de vertegenwoordigers de gelegenheid om  hun zienswijze te geven op het oordeel van de raadscommissie.  Burgemeester en wethouders informeren de raad over het resultaat van dit  overleg in de vorm van een aanvulling op het verslag als bedoeld in </al><al> artikel 10. De raad betrekt de in dit aanvullend verslag neergelegde  zienswijzen bij zijn definitieve besluitvorming.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Beslissing in gevallen <cursief>waarin</cursief> de verordening niet voorziet</titel></kop><al>In  gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester  en wethouders, gehoord de vertegenwoordigers van de schoolbesturen in  het overleg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Citeertitel; inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De verordening kan worden aangehaald als: Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente Nijefurd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze  verordening treedt, onder gelijktijdige intrekking van de verordening  procedure overleg huisvesting gemeente Nijefurd, in werking met ingang  van de dag na de bekendmaking.</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>