<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xml:lang="nl-NL" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/"><meta><owmskern><dcterms:identifier xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">63112_1</dcterms:identifier><dcterms:title xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/"> Verordening op de heffing en invordering van landtoeristenbelasting 2007</dcterms:title><dcterms:language xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Nijefurd</dcterms:creator><dcterms:modified xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">2010-12-13</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Friso, 12-12-2006</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/"> Landtoeristenbelasting 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="BWB://1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=224" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">Gemeentewet, art. 224 </dcterms:source><dcterms:subject xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">financiën en economie</dcterms:subject><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:issued xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">2006-12-12</dcterms:issued><dcterms:rights xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/">De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Nijefurd, gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 21 november 2003;  gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;  Besluit vast te stellen de: “Verordening op de heffing en invordering van landtoeristenbelasting 2007”</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>vakantie-onderkomens:  woningen, woonschepen, appartementen en andere verblijven, niet-zijnde  mobiele kampeeronderko­mens stacaravans of pensions, in hoofdzaak  bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere  recreatieve doeleinden; </al></li><li nr="b."><al>mobiele  kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeer­auto's, toercaravans en  soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke voertuigen welke bestemd  zijn dan wel gebe­zigd worden als verblijf voor vakantie en andere  recrea­tieve doelein­den;</al></li><li nr="c."><al>niet-beroepsmatig  verhuurde ruimten: kamerverhuur, gedeelten van woningen, niet zijnde  mobiele kampeer­onderkomens, stacaravans of vakantie-onderkomens, welke  niet in hoofd­zaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere  recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor  die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur aangeboden;         </al></li><li nr="d."><al>vaste  standplaats: een terrein of terreingedeelte dat in hoofdzaak bestemd  wordt voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van eenzelfde  kampeeronder­komen of stacaravan;</al></li><li nr="e."><al>pensions:  beroepsmatig verhuurde ruimten, niet zijnde vakantieonderkomens,  mobiele kampeeron­derkomens, stacaravans, of accommodaties bestemd en  gebezigd voor verblijf in groepsver­band.</al></li><li nr="f."><al>hotel;  een gelegenheid waarin, tegen een bepaalde vergoeding, in kamers kan  worden overnacht en waarbij naast een keuken ook een voor hotelgasten en  publiek toegangkelijke eetzaal (restaurant) aanwezig is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen of anderszins tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente zijn opgenomen, wordt onder de naam "toeristenbelasting" een directe belasting geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is  degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 in  hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem daartoe ter  beschikking staande terreinen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De  belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op  degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien  met toepassing van het eerste lid geen belasting­plichtige is aan te  wijzen, is belasting­plichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in  artikel 2 verblijf houdt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf met overnachten door degene, die:</al><lijst><li nr="a."><al>als  verpleegde of verzorgde in een in deze gemeente gevestigde van  overheidswege erkende inrichting tot verpleging of verzorging van  zieken, van gebrekki­gen, van hulpbehoe­venden of van ouden van dagen  verblijft;</al></li><li nr="b."><al>verblijf  houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter zake van het verblijf  in, of het ter beschik­king houden van die woning forensenbelasting is  verschuldigd;</al></li><li nr="c."><al>nachtverblijf houdt ingevolge last of bevel van de overheid;</al></li><li nr="d."><al>als  gebruiker van een woonwagen of woonschip als bedoeld in de Woonwagenwet  (Stb. 1968, nr. 98) onderscheidenlijk in de Wet op woonwagens en  woonschepen (Stb. 1918, nr. 492), daarin overnacht;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met be­trekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>vakantie-onderkomens bepaald op:</al><al>-het aantal slaapplaatsen indien dit aantal minder dan 3 bedraagt</al><al>-3,2 indien het aantal slaapplaatsen 3 of 4 bedraagt;</al><al>-4,3 indien het aantal slaapplaatsen 5 of 6 bedraagt</al><al>-5,5 indien het aantal slaapplaatsen 7 tot en met 10 bedraagt.</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>mobiele kampeeronderkomens, stacaravans op vaste standplaatsen of trekkershutten bepaald op:</al><al>-2,4 indien het aantal slaapplaatsen drie of minder bedraagt;</al><al>-3,2 indien het aantal slaapplaatsen meer dan drie bedraagt;</al></li><li nr="c."><al> hotels en pensions bepaald op het aantal slaapplaatsen met dien  verstande, dat wanneer het aantal slaapplaatsen in één kamer meer dan 2  bedraagt het aantal personen voor die kamer wordt bepaald op:</al><al>-2,6 indien het aantal slaapplaatsen in één kamer 3 bedraagt;</al><al>-3,2 indien het aantal slaapplaatsen in één kamer 4 bedraagt.</al></li><li nr="d."><al>niet-beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op het aantal slaapplaatsen;</al></li><li nr="e."><al>mobiele kampeeronderkomens dan wel stacaravans op voorseizoen- dan wel naseizoenplaatsen bepaald op 2,5 personen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt:</al><lijst><li nr="a."><al>ingeval  verblijf wordt gehouden in vakantie-onderko­mens welke geschikt zijn  voor ge­bruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende:</al><al>-de periode van 15 mei tot 15 september, bepaald op 60;</al><al>-de periode van 15 maart tot 31 oktober, bepaald op 80;</al><al>-meer dan 7,5 maanden in het gehele belastingjaar, bepaald op 100.</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeer­onderkomens,  stacaravans op vaste standplaatsen of trekkershutten welke geschikt zijn  voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden geduren­de een periode  van:</al><al>-meer dan 3 doch ten hoogste 7,5 maanden, bepaald op 57;</al><al>-meer dan 7,5 maanden in het gehele belastingjaar, bepaald op 65;</al></li><li nr="c."><al>ingeval verblijf wordt gehouden in hotels en pensions, bepaald op 100.</al></li><li nr="d."><al>ingeval verblijf wordt gehouden in niet-beroepsmatig verhuurde ruimten, bepaald op 40.</al></li><li nr="e."><al>in geval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens dan wel stacaravans op voorseizoenplaatsen bepaald op 30;</al></li><li nr="f."><al>in geval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens dan wel stacaravans op naseizoenplaatsen bepaald op 18.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing vastgesteld op het werkelijke aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op grond van artikel 6 berekende aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 1,00.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Geen belastingaanslag wordt opgelegd indien het aantal over­nachtingen, waartoe gelegen­heid wordt of is gegeven, gedurende het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van  artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de voorlopige  en definitieve aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen  waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend  op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en  de volgende termijn een maand later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.<vet> </vet></al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschalding</titel></kop><al>Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Nachtverblijfregister</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ieder die gelegenheid  tot verblijf biedt in de zin van deze verordening is gehouden een door  de gemeente kosteloos ter beschikking gesteld nachtverblijfregister aan  te houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het college van burgemeester en wethouders geeft nader voorschriften  omtrent de inrichting en het gebruik van het nachtverblijfregister.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd voor bepaalde  gevallen of groepen van gevallen van de in het eerste lid bedoelde  verplichting gehele of gedeeltelijke ontheffing te verlenen, zonodig  onder door hem te stellen voorwaar­den.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De “Verordening op de  heffing en invordering van landtoeristenbelasting 2002” van 13 december  2001, laatst gewijzigd op 7 december 2004, wordt ingetrokken met ingang  van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met  dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die  zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2007.</al></lid></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>