<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>57984_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Littenseradiel</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-11-29</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2006</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukIII/Artikel44/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 44, lid 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>personeel en organisatie</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-07-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukIII/Artikel44/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 44, lid 3</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel95/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 95</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel96/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 96</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel97/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 97</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel98/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 98</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel99/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 99</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIII/HoofdstukIX/Artikel147/geldigheidsdatum_29-11-2010">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0006535/geldigheidsdatum_29-11-2010">Rechtspositiebesluit wethouders</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0006536/geldigheidsdatum_29-11-2010">Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden</dcterms:source></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-07-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2006-03-16</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Collegevoorstel, 01-05-2007, nr. 6</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>vergoedingen, reiskosten, onkostenvergoeding, verblijfkosten, voorzieningen, wethouders, raadsleden</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling treedt in werking op 4 juli 2007 en werkt voor wat betreft de artikelen 1 t/m 11a en 21 t/m 23 terug tot en met 16 maart 2006 en voor wat betreft de artikelen 12 t/m 20 en 21 t/m 23 ten aanzien van de op 24 april 2006 beëdigde wethouders terug tot en met de dag van hun beëdiging.</al><al>Publicatie van de vaststelling van de verordening is niet meer te achterhalen. De inwerkingtreding is bij benadering.<vet></vet></al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule><vet>Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2006</vet></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Littenseradiel,</al><al></al><al>gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet,</al><al></al><al>gelet op het Rechtspositiebesluit wethouders en het rechtspositiebesluit raads- en commissieleden,</al><al></al><al>besluit vast te stellen de volgende verordening</al><al></al><al><vet>Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2006</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr status="officieel">I</nr><titel status="officieel">Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Rechtspositiebesluit wethouders: het Koninklijk Besluit van 22 maart 1994, Stb. 243;</al></li><li nr="b."><al>Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden: het Koninklijk Besluit van 22 maart 1994, Stb. 244;</al></li><li nr="c."><al>Regeling rechtspositie wethouders: de ministeriële regeling van 20 februari 2001, Stcrt. 41 als bedoeld in artikel 23 van het Rechtspositiebesluit wethouders;</al></li><li nr="d."><al>Verplaatsingskostenregeling 1989: het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 20 oktober 1989, nr. AB87/74/u6dgmp/av/far, Stcrt.212;</al></li><li nr="e."><al>Reisregeling binnenland: het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 16 maart 1993, nr. AB93/U280, Stcrt. 56;</al></li><li nr="f."><al>Reisregeling buitenland: het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 12 september 1994, nr. AD94/U1011, Stcrt.181;</al></li><li nr="g."><al>raadslid: lid van de gemeenteraad, niet zijnde wethouder;</al></li><li nr="h."><al>griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;</al></li><li nr="i."><al>gemeentesecretaris: de secretaris, bedoeld in artikel 102 van de Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr status="officieel">II</nr><titel status="officieel">Voorzieningen voor raadsleden</titel></kop><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">2</nr><titel status="officieel">Vergoeding voor de werkzaamheden</titel></kop><al>De vergoeding voor de werkzaamheden bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, is gelijk aan het door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor gemeenteklasse 4 (8.001-14.000 inwoners) vastgestelde maximum.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">3</nr><titel status="officieel">Onkostenvergoeding</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De vergoeding voor aan de uitoefening van het raadslidmaatschap verbonden kosten is gelijk aan het bedrag voor gemeenteklasse 4 (8.001-14.000 inwoners), vermeld in tabel II van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Ten aanzien van een raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, is in afwijking van het eerste lid de onkostenvergoeding gelijk aan het bedrag voor gemeenteklasse 4 (8.001-14.000 inwoners), vermeld in tabel III van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">4</nr><titel status="officieel">Berekening en betaling vaste vergoedingen</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Hij die gedurende een gedeelte van het kalenderjaar raadslid is geweest ontvangt de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 2 en 3, naar evenredigheid van het aantal dagen dat hij in dat jaar raadslid is geweest.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De betaling van de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 2 en 3, geschiedt in maandelijkse termijnen.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">5</nr><titel status="officieel">Reiskosten</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Aan het raadslid worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur vergoed.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde vergoeding betreft:</al><lijst><li nr="a."><al>bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten;</al></li><li nr="b."><al>bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, onderdeel b, van de Regeling rechtspositie wethouders.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">6</nr><titel status="officieel">Verblijfkosten</titel></kop><al>De in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfskosten ter zake van reizen buiten het grondgebied van de gemeente worden aan het raadslid vergoed. </al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">7</nr><titel status="officieel">Cursus, congres, seminar of symposium</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De gemeente vergoedt aan de raadsleden de kosten van cursussen, congressen, seminars en symposia die van gemeentewege noodzakelijk bezocht moeten worden in het belang van de vervulling van hun ambt.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Het raadslid dat wil deelnemen aan een cursus, congres, seminar of symposium dient daartoe een gemotiveerde aanvraag in. De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>De in lid 1 genoemde vergoeding is gebonden aan een maximum van € 250,-- per raadslid per jaar.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>De te vergoeden cursussen, congressen, seminars en symposia hebben een algemeen belang. Partijpolitiek gebonden bijeenkomsten vallen niet onder deze regeling.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">8</nr><titel status="officieel">Computer en internetverbinding</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Het college verleent een raadslid voor de uitoefening van het raadslidmaatschap een tegemoetkoming voor:</al><lijst><li nr="a."><al>aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur en software, of</al></li><li nr="b."><al>gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Voor zover er sprake is van een tegemoetkoming voor de aanschaf of het gebruik van de eigen computer, bijbehorende apparatuur en software als bedoeld in het eerste lid, ontvangt het raadslid ten laste van de gemeente per jaar een tegemoetkoming van € 300,-- .</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Op aanvraag vergoedt het college het raadslid de aanlegkosten voor de internetverbinding voor de in het eerste lid genoemde computerapparatuur.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>Het college geeft het raadslid een tegemoetkoming in de kosten van het internetabonnement van € 60,-- per jaar.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">9</nr><titel status="officieel">Spaarloonregeling/levensloopregeling</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt kan op aanvraag deelnemen aan de voor het gemeentelijk personeel geldende spaarloonregeling.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt kan deelnemen aan de levensloopregeling als bedoeld in artikel 19g van de Wet op de loonbelasting 1964.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Deelname aan de spaarloonregeling is niet mogelijk indien het raadslid gebruik maakt van de wettelijke levensloopregeling.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 99 van de Gemeentewet bestaat geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">9a</nr><titel status="officieel">Fietsregeling</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt kan deelnemen aan de fietsregeling als bedoeld in artikel 37 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2001. </al><al>Naar keuze van het raadslid wordt de raadsvergoeding dan wel vaste onkostenvergoeding verminderd met de vergoeding voor de fiets als bedoeld in de Uitvoeringsregeling.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 99 van de Gemeentewet bestaat geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">10</nr><titel status="officieel">Verlaging vergoeding werkzaamheden bij arbeidsongeschiktheid</titel></kop><al>De vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 2, kan op verzoek van een raadslid worden verlaagd in het geval hij een uitkering ontvangt in verband met gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">11</nr><titel status="officieel">Vergoeding voor waarneming voorzitterschap van de gemeenteraad</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Een raadslid dat op grond van artikel 77 van de Gemeentewet meer dan 30 dagen onafgebroken het voorzitterschap van de gemeenteraad waarneemt, ontvangt voor die waarneming een toeslag van 8% van de in artikel 2 bedoelde vergoeding voor de werkzaamheden over de tijd van de waarneming.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 3.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">11a</nr></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De tegemoetkoming in de kosten van een ziektekostenverzekering als bedoeld in artikel 11 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden bedraagt € 175,-- per jaar.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>In het geval een raadslid gedurende een gedeelte van het kalenderjaar lid van de raad is geweest, ontvangt hij de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste lid, naar evenredigheid van het aantal dagen dat hij in dat jaar raadslid is geweest.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>De betaling van de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste lid, geschiedt in maandelijkse termijnen.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">11b</nr></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De artikelen 2 tot en met 4, 8, 9, 9a, 10 en 11a blijven van toepassing op het raadslid aan wie ingevolge artikel X 10 van de Kieswet tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, met dien verstande dat de onkostenvergoeding die dit raadslid op grond van artikel 3, eerste of tweede lid, ontvangt de helft bedraagt van het bedrag dat op grond van die bepalingen van toepassing is.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De artikelen 1 tot en met 7, 8 en 10 tot en met 11a van deze verordening zijn van toepassing op raadsleden die tijdelijk worden benoemd ter vervanging van een raadslid dat ingevolge artikel X10 van de Kieswet tijdelijk ontslag heeft verkregen wegens zwangerschap en bevalling of ziekte.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr status="officieel">III</nr><titel status="officieel">Voorzieningen voor wethouders</titel></kop><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">12</nr><titel status="officieel">Onkostenvergoeding</titel></kop><al>De vergoeding voor aan de uitoefening van het wethouderschap verbonden kosten is gelijk aan het bedrag voor gemeenteklasse 4 (8.001 – 14.000 inwoners), vermeld in artikel 25 van het Rechtspositiebesluit wethouders.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">13</nr><titel status="officieel">Reiskosten woon-werkverkeer</titel></kop><al>De tegemoetkoming voor het reizen tussen zijn woning en de plaats van tewerkstelling van de wethouder is gelijk aan de vergoeding bedoeld in artikel 3 van de Regeling rechtspositie wethouders.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">14</nr><titel status="officieel">Zakelijke reiskosten</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Aan de wethouder wordt naast de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 13 vergoeding verleend voor reiskosten ter zake van andere dan de in artikel 13 bedoelde reizen ten behoeve van de gemeente gemaakt. </al><al>De vergoeding betreft:</al><lijst><li nr="a."><al>bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een taxi: een volledige vergoeding van de reiskosten;</al></li><li nr="b."><al>bij gebruik van een eigen personenauto: de vergoeding als bedoeld in artikel 4, onderdeel b, van de Regeling rechtspositie wethouders;</al></li><li nr="c."><al>een vergoeding van noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte kosten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Op aanvraag worden de reiskosten voor de zakelijke reizen van de wethouder gesaldeerd overeenkomstig de regeling voor gemeentelijk personeel. Indien geen regeling als bedoeld in de eerste volzin is vastgesteld vindt op aanvraag saldering van de reiskosten voor de zakelijke reizen van de wethouder plaats overeenkomstig artikel 4a van de Reisregeling binnenland, artikel 2a van de Reisregeling buitenland en artikel 13a van de krachtens het Verplaatsingskostenbesluit 1989 vastgestelde Verplaatsingskostenregeling 1989.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">15</nr><titel status="officieel">Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Indien de wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maakt worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reis- en verblijfkosten vergoed.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming van het college vereist. De gemeenteraad kan aan deze toestemming voorwaarden verbinden.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">16</nr><titel status="officieel">Cursus, congres, seminar of symposium</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De kosten van deelname van een wethouder aan cursussen, congressen, seminars en symposia die in het gemeentelijk belang door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen voor rekening van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De wethouder die wil deelnemen aan een cursus, congres, seminar of symposium dat niet door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dient daartoe een gemotiveerde aanvraag in. De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. De kosten komen voor rekening van de gemeente als deelname van belang is in verband met de uitoefening van het ambt van wethouder.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>De te vergoeden cursussen, congressen, seminars en symposia hebben een algemeen belang. Partijpolitiek gebonden bijeenkomsten vallen niet onder deze regeling.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">17</nr><titel status="officieel">Computer en internetverbinding</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Het college verleent een wethouder voor de uitoefening van het wethouderschap een tegemoetkoming voor:</al><lijst><li nr="a."><al>aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur en software, of</al></li><li nr="b."><al>gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Voor zover er sprake is van een tegemoetkoming voor de aanschaf of het gebruik van de eigen computer, bijbehorende apparatuur en software als bedoeld in het eerste lid, ontvangt de wethouder ten laste van de gemeente een tegemoetkoming van € 300,--.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Het college vergoedt de wethouder op aanvraag de aanlegkosten voor de internetverbinding voor de in het eerste lid genoemde computerapparatuur.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>Het college geeft de wethouder een tegemoetkoming in de kosten van het internetabonnement van € 60,-- per jaar.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">18</nr><titel status="officieel">Mobiele telefoon</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Op aanvraag wordt de wethouder voor de uitoefening van zijn ambt een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking gesteld.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met de gemeente.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>Voor zover de in bruikleen beschikbaar gestelde mobiele telefoon voor privé-doeleinden is gebruikt, vindt maandelijks een verrekening van de gesprekskosten plaats.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">19</nr><titel status="officieel">Spaarloonregeling/levensloopregeling</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De wethouder kan op aanvraag deelnemen aan de voor het gemeentelijk personeel geldende spaarloonregeling.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De wethouder kan deelnemen aan de levensloopregeling als bedoeld in artikel 19g van de Wet op de loonbelasting 1964.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Deelname aan de spaarloonregeling is niet mogelijk indien de wethouder gebruik maakt van de wettelijke levensloopregeling.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 44 van de Gemeentewet bestaat geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">19a</nr><titel status="officieel">Fietsregeling</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De wethouder kan deelnemen aan de fietsregeling als bedoeld in artikel 37 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2001. Naar keuze van de wethouder wordt de bezoldiging dan wel vaste onkostenvergoeding dan wel eindejaarsuitkering verminderd met de vergoeding voor de fiets als bedoeld in de Uitvoeringsregeling.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 44 van de Gemeentewet bestaat geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">20</nr><titel status="officieel">Reis- en pensionkosten en verhuiskosten bij benoeming</titel></kop><al>De wethouder die bij benoeming nog niet over woonruimte in de gemeente beschikt heeft ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding van:</al><lijst><li nr="a."><al>reis- en pensionkosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 1 van het Rechtspositiebesluit wethouders;</al></li><li nr="b."><al>verhuiskosten in verband met de benoeming als wethouder overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 van het Rechtspositiebesluit wethouders.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr status="officieel">IV</nr><titel status="officieel">De procedure van declaratie</titel></kop><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">21</nr><titel status="officieel">Betaling van kosten</titel></kop><al>Betaling van kosten op grond van deze verordening vindt plaats door </al><lijst><li nr="a."><al>betaling uit eigen middelen; of</al></li><li nr="b."><al>rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">22</nr><titel status="officieel">Declaratie van vooruit betaalde kosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de vergoeding van de kosten, bedoeld in de artikelen 5, 6, 14, 15 en 20 wordt gebruik gemaakt van een declaratieformulier, waarvan het model door het college is vastgesteld, indien deze kosten uit eigen middelen vooruit zijn betaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het declaratieformulier wordt volledig ingevuld en ondertekend. Het raadslid of de wethouder dient het declaratieformulier binnen 2 maanden bij de griffier, onderscheidenlijk de gemeentesecretaris of een door hem aangewezen ambtenaar in, onder bijvoeging van de originele bewijsstukken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Rechtstreekse facturering bij de gemeente</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergoeding van kosten, bedoeld in de artikelen 7, 14, 15, 16 en 20 kan plaatsvinden door rechtstreekse toezending van de door het raadslid, onderscheidenlijk de wethouder voor akkoord ondertekende factuur aan de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verantwoording van deze wijze van vergoeding vindt plaats door het begeleidingsformulier, waarvan het model door het college is vastgesteld, volledig in te vullen en te ondertekenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het raadslid, onderscheidenlijk de wethouder dient het begeleidingsformulier en de factuur binnen 2 maanden in bij de griffier, onderscheidenlijk de gemeentesecretaris of de door hem aangewezen ambtenaar.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De verordening Geldelijke voorzieningen voor de gemeentebestuurders, welke door de raad is vastgesteld op 6 november 2006 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze regeling treedt in werking op 4 juli 2007 en werkt voor wat betreft de artikelen 1 t/m 11a en 21 t/m 23 terug tot en met 16 maart 2006 en voor wat betreft de artikelen 12 t/m 20 en 21 t/m 23 ten aanzien van de op 24 april 2006 beëdigde wethouders terug tot en met de dag van hun beëdiging. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2006.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label></label></kop><al>Wommels, 4 juli 2007.</al><al></al><al>, voorzitter</al><al>, griffier</al><al></al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>