<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>48432_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van de onroerende zaakbelastingen 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bodegraven</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-10-29</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Bodegraafs Nieuwsblad 23-12-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de onroerende zaakbelastingen 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 220 t/m 220h</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-12-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsvergadering 17-12-2009; Raadsvoorstelnr. 82a</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule></intitule><regeling><aanhef><preambule><al></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label></label></kop><al></al><table><tgroup cols="10"><colspec colname="col1" colwidth="4*"></colspec><colspec colname="col2" colwidth="1*"></colspec><colspec colname="col3" colwidth="3*"></colspec><colspec colname="col4" colwidth="4*"></colspec><colspec colname="col5" colwidth="4*"></colspec><colspec colname="col6" colwidth="2*"></colspec><colspec colname="col7" colwidth="2*"></colspec><colspec colname="col8" colwidth="70*"></colspec><colspec colname="col9" colwidth="2*"></colspec><colspec colname="col10" colwidth="9*"></colspec><tbody><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>De raad van de gemeente Bodegraven;</al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 10 november 2009, nummer 82;</al><al>gelet op de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet;</al><al><vet>b e s l u i t:</vet></al><al>vast te stellen de:</al><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van onroerende-zaakbelastingen 2010.</vet></al><al>Artikel 1.<onderstreept></onderstreept>Belastingplicht</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Onder de naam "onroerende-zaakbelastingen" worden ter zake van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>a.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt, verder te noemen: gebruikersbelasting;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>b.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, verder te noemen: eigenarenbelasting.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col6"><al></al></entry><entry colname="col7" namest="col7" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Bij de gebruikersbelasting wordt:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>a.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>b.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Met betrekking tot de eigenarenbelasting wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al><onderstreept>Artikel 2. Belastingobject</onderstreept></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al>1.</al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al>Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al></al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al>2.</al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al>Een onroerende zaak dient in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al></al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al><vet>Artikel 3.</vet><vet><onderstreept></onderstreept></vet><vet>Maatstaf van heffing</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>De heffingsmaatstaf is de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het kalenderjaar bedoeld in artikel 1.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18, en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col6"><al></al></entry><entry colname="col7" namest="col7" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>Artikel 4.<onderstreept></onderstreept>Vrijstellingen </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col6"><al></al></entry><entry colname="col7" namest="col7" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet reeds is geschied bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>a.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>ten behoeve van de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>b.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>c.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>d.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingenbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>e.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>f.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>g.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>h.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>i.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>j.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die bestemd zijn te worden gebruikt voor het geven van onderwijs;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>k.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen – niet zijnde gebouwen – welke zijn geplaatst ten gerieve of in het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>l.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>m.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col6"><al></al></entry><entry colname="col7" namest="col7" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>De vrijstelling met betrekking tot de in onderdeel j van het eerste lid bedoelde onroerende zaken voor de eigenarenbelasting geldt niet voor zover de gemeente van die zaken niet het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de gebruikersbelasting buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col6"><al></al></entry><entry colname="col7" namest="col7" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al><onderstreept>Artikel 5.</onderstreept><onderstreept>Belastingtarieven</onderstreept></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. Het percentage bedraagt voor:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>a.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col8"><al>de gebruikersbelasting</al></entry><entry colname="col9" namest="col9" nameend="col10"><al>0,1126%;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al>b.</al></entry><entry colname="col4" namest="col4" nameend="col10"><al>de eigenarenbelasting</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al>1.</al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col8"><al>voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen</al></entry><entry colname="col9" namest="col9" nameend="col10"><al>0,0882%;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al>2.</al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col8"><al>voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen</al></entry><entry colname="col9" namest="col9" nameend="col10"><al>0,1407%.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al></al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Het bedrag van de belasting wordt per belastingaanslag naar beneden afgerond op gehele eurocenten.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al></al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Voor belastingbedragen tot € 10,00 vindt geen invordering plaats. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen onroerende-zaakbelastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al></al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>Artikel 6.<onderstreept></onderstreept>Wijze van heffing</al><al>De belastingen worden bij wege van aanslag geheven.</al><al>Artikel 7.<onderstreept></onderstreept>Termijnen van betaling</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al>1.</al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al>De aanslagen die worden opgelegd in het kalenderjaar waarop zij betrekking hebben, moeten worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al></al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col5"><al></al></entry><entry colname="col6" namest="col6" nameend="col7"><al></al></entry><entry colname="col8" namest="col8" nameend="col9"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al>2.</al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 50,00, doch minder is dan € 2.500,00, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het kalenderjaar waarin de aanslagen worden opgelegd overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste drie en ten hoogste tien bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al>3.</al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten andere aanslagen dan die genoemd in het eerste lid, eveneens worden betaald in twee gelijke termijnen zoals vermeld in het eerste lid.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al></al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col5"><al></al></entry><entry colname="col6" namest="col6" nameend="col7"><al></al></entry><entry colname="col8" namest="col8" nameend="col9"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al>4.</al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al></al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col5"><al></al></entry><entry colname="col6" namest="col6" nameend="col7"><al></al></entry><entry colname="col8" namest="col8" nameend="col9"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al></al></entry><entry colname="col3" namest="col3" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>Artikel 8. Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de onroerende-zaakbelastingen.</al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al><vet><onderstreept>Artikel 9.</onderstreept></vet><vet></vet><vet><onderstreept>Overgangsrecht</onderstreept></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>De "Verordening onroerende-zaakbelastingen 2009" van 18 december 2008, wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2010, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al></al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al><vet><onderstreept>Artikel 10.</onderstreept></vet><vet></vet><vet><onderstreept>Inwerkingtreding</onderstreept></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al></al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2010.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col3"><al></al></entry><entry colname="col4"><al></al></entry><entry colname="col5" namest="col5" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al><vet><onderstreept>Artikel 11.</onderstreept></vet><vet></vet><vet><onderstreept>Citeertitel</onderstreept></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al></al></entry><entry colname="col2" namest="col2" nameend="col10"><al></al></entry></row><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col10"><al>Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening onroerende-zaakbelastingen 2010".</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering</al><al>van de raad d.d. 17 december 2009</al><al>de raadsgriffier, de voorzitter,</al><al>drs. A.A. van Alten drs. J.P.J. Lokker</al></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>