<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>355492_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet 2015 gemeente Franekeradeel</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Franekeradeel</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-01-21</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">overheid.nl, 22-12-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet 2015 gemeente Franekeradeel</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Participatiewet, artikel 6, 2e lid</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-02-20</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule><vet>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet 2015gemeente
                Franekeradeel</vet></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Franekeradeel;</al><al></al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28
                        oktober 2014;</al><al></al><al>gelet op artikel 6, tweede lid, van de Participatiewet;</al><al></al><al>besluit vast te stellen de <vet>Verordening loonkostensubsidie
                            Participatiewet 2015 gemeente Franekeradeel</vet></al><al></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begrippen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die
                                    niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de
                                    Participatiewet, en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).</al></li><li nr="2."><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de Dienst
                                            Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;</al></li><li nr="b."><al>dienst: de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid
                                            Noardwest Fryslân;</al></li><li nr="c."><al>IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                            arbeidsongeschikte werkloze werknemers;</al></li><li nr="d."><al>IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                            arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.</al></li><li nr="e."><al>doelgroep loonkostensubsidie: personen als bedoeld in
                                            artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van wie is
                                            vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat
                                            zijn tot het verdienen van het wettelijk minimumloon,
                                            doch wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben
                                            (artikel 6, eerste lid, onderdeel e,
                                            Participatiewet);</al></li><li nr="f."><al>loonwaarde: vastgesteld percentage van het rechtens
                                            geldende loon voor de door een persoon, die tot de
                                            doelgroep loonkostensubsidie behoort, verrichte arbeid
                                            in een functie naar evenredigheid van de arbeids-
                                            prestatie in die functie van een gemiddelde werknemer
                                            met een soortgelijke opleiding en ervaring, die niet tot
                                            de doelgroep loonkostensubsidie behoort (artikel 6,
                                            eerste lid, onderdeel g, Participatie wet);</al></li><li nr="g."><al>dienstbetrekking: een privaatrechtelijke of
                                            publiekrechtelijke dienstbetrekking (artikel 6,eerste
                                            lid, onderdeel f Participatiewet). </al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Loonwaarde en loonkostensubsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Vaststelling doelgroep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het dagelijks bestuur stelt vast of een persoon behoort tot de
                                    doelgroep loonkostensubsidie.</al></li><li nr="2."><al>Hierbij neemt het dagelijks bestuur de volgende criteria in
                                    acht:</al><lijst><li nr="a."><al>een persoon moet behoren tot de doelgroep zoals
                                            omschreven in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de
                                            Participatiewet;</al></li><li nr="b."><al>die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het
                                            wettelijk minimumloon teverdienen, en</al></li><li nr="c."><al>die persoon heeft mogelijkheden tot
                                            arbeidsparticipatie.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het dagelijks bestuur kan advies inwinnen over het oordeel of de
                                    aanvrager tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort. De
                                    adviseur neemt daarbij de in het tweede lid neergelegde criteria
                                    in acht.</al></li></lijst><al></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vaststelling loonwaarde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur gebruikt de in artikel 4 omschreven wijze om
                                de loonwaarde van een persoon vast te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan advies inwinnen over de vaststelling van
                                de loonwaarde van een persoon uit de doelgroep. Men neemt daarbij de
                                in artikel 4 omschreven methode in acht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Wijze bepalen loonwaarde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur maakt gebruik van de loonwaarde-methode om de
                                loonwaarde van een persoon te bepalen. Het dagelijks bestuur neemt
                                het advies van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen over
                                het hanteren van een loonwaarde methode in overweging. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De loonwaarde-methode is een objectieve meting van competenties
                                gebaseerd op kennis van werknemers aan de onderkant van de
                                arbeidsmarkt. De definitieve bepaling van de loonwaarde vindt eerst
                                plaats na bedrijfsbezoek. De bepaling van loonwaarde wordt
                                vastgelegd in een schriftelijk rapport met advies.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een loonwaarde wordt individueel bepaald als iemand aan 2 criteria
                                voldoet:</al><lijst><li nr="a."><al>de persoon behoort tot de doelgroep;</al></li><li nr="b."><al>er is een werkgever die werk tegen een bepaald cao salaris
                                        aanbiedt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De loonwaarde wordt bepaald aan de hand van het inkomen dat ter
                                beschikking wordt gesteld op basis van de cao van de werkgever,
                                afgezet tegen de prestatiemogelijkheid van de klant om een
                                arbeidsprestatie te leveren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Loonkostensubsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur bepaalt de loonkostensubsidie nadat de
                                loonwaarde is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De loonkostensubsidie bedraagt maximaal 70% van het wettelijk
                                minimum loon voor de werkgever voor het verschil tussen de
                                loonwaarde en het wettelijk minimum loon gedurende de arbeidsperiode
                                of zoveel korter als het dagelijks bestuur redelijk acht.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening loonkostensubsidie
                            Participatiewet 2015 gemeente Franekeradeel. </al><al></al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van de gemeente op 27
                        november 2014.</al><al></al><al>De voorzitter, De griffier,</al><al></al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel> Toelichting</titel></kop><al><vet>Algemeen</vet></al><al></al><al>Deze verordening geeft uitvoering aan artikel 6, tweede lid, van de
                    Participatiewet. Overeenkomstig deze bepaling dient de gemeenteraad bij
                    verordening regels vast te stellen over de doelgroep loonkostensubsidie en de
                    loonwaarde. De regels dienen in ieder geval te bepalen:</al><lijst><li nr="-"><al>de wijze waarop wordt vastgesteld wie tot de doelgroep
                            loonkostensubsidie behoort, en</al></li><li nr="-"><al>de wijze waarop de loonwaarde wordt vastgesteld.</al><al></al></li></lijst><al>Het dagelijks bestuur kan op verzoek of ambtshalve vaststellen wie tot de
                    doelgroep loonkostensubsidie behoort (artikel 10c van de Participatiewet).
                    Personen zoals bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de
                    Participatiewet die mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben en van wie is
                    vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het verdienen
                    van het wettelijk minimumloon, behoren tot de doelgroep loonkostensubsidie
                    (artikel 6, eerste lid, onderdeel e, van de Participatiewet).</al><al></al><al>Heeft het dagelijks bestuur vastgesteld dat een persoon behoort tot de doelgroep
                    loonkostensubsidie en is een werkgever voornemens met die persoon een
                    dienstbetrekking aan te gaan, dan stelt het dagelijks bestuur in beginsel de
                    loonwaarde van die persoon vast (artikel 10d, eerste lid, van de
                    Participatiewet). Hiervoor is geen aanvraag vereist. De vastgestelde loonwaarde
                    legt het dagelijks bestuur vast in een beschikking waartegen zowel de betrokken
                    persoon als diens (potentiële) werkgever bezwaar en beroep kunnen instellen. Het
                    is niet toegestaan om een subsidieplafond in te stellen. In artikel 10d, vierde
                    lid van de Participatiewet is bepaald dat als een werkgever een dienstbetrekking
                    aangaat met iemand uit de doelgroep loonkostensubsidie, het dagelijks bestuur
                    deze subsidie moet verstrekken.</al><al></al><al>De loonwaarde is een vastgesteld percentage van het rechtens geldende loon voor
                    de door een persoon uit de doelgroep loonkostensubsidie verrichte arbeid in een
                    functie. De loonwaarde wordt vastgesteld naar evenredigheid van de
                    arbeidsprestatie in die functie van een gemiddelde werknemer met een
                    soortgelijke opleiding en ervaring, die niet tot de doelgroep loonkostensubsidie
                    behoort . (artikel 6, eerste lid, onderdeel g, van de Participatiewet)</al><al></al><al>In deze verordening gaat het om een andere vorm van loonkostensubsidie dan de
                    vorm van loonkostensubsidie zoals werd verstrekt onder de Wet werk en bijstand
                    (WWB) De loonkostensubsidie zoals beschreven in deze verordening kan uitsluitend
                    worden ingezet als de persoon in kwestie behoort tot de doelgroep
                    loonkostensubsidie, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel e, van de
                    Participatiewet: mensen met een arbeidsbeperking. Deze nieuwe vorm van
                    loonkostensubsidie is niet per definitie tijdelijk, maar kan indien nodig voor
                    een langere periode worden ingezet. Met dit instrument worden werkgevers
                    gecompenseerd voor de verminderde productiviteit van de werknemer (zie
                    Kamerstukken II 2013/14, 33 161, nr. 107, blz. 60).</al></nota-toelichting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Begrippen die al zijn omschreven in de Participatiewet, Algemene wet
                        bestuursrecht (hierna: Awb) of de Gemeentewet zijn vanzelfsprekend ook van
                        toepassing op deze verordening. Hiervan zijn in deze verordening daarom geen
                        begripsomschrijvingen opgenomen. Voor de duidelijkheid zijn een aantal
                        belangrijke wettelijke definities weergegeven: nl.: doelgroep
                        loonkostensubsidie, loonwaarde en dienstbetrekking.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Vaststelling doelgroep</titel></kop><al>In artikel 10c van de Participatiewet is geregeld wanneer wordt vastgesteld
                        of een persoon tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort: op schriftelijke
                        aanvraag of ambtshalve. Ambtshalve vaststelling is alleen mogelijk bij:</al><lijst><li nr="-"><al>personen die algemene bijstand ontvangen;</al></li><li nr="-"><al>personen als bedoeld in artikel 34a, vijfde lid, onderdelen b en c,
                                van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (hierna: WIA),
                                artikel 35, vierde lid onderdelen b en c, van de WIA en artikel 36,
                                derde lid, onderdelen b en c, van de WIA tot het moment dat het
                                inkomen uit arbeid in dienstbetrekking gedurende twee aaneengesloten
                                jaren ten minste het minimumloon bedraagt en ten behoeve van die
                                persoon in die twee jaren geen loonkostensubsidie als bedoeld in
                                artikel 10d van de Participatiewet is verleend;</al></li><li nr="-"><al>personen als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de
                                Participatiewet;</al></li><li nr="-"><al>personen met een uitkering op grond van de IOAW;</al></li><li nr="-"><al>personen met een uitkering op grond van de IOAZ.</al><al></al></li></lijst><al>In artikel 10c van de Participatiewet is ook bepaald dat het aan college
                        i.c. het dagelijks bestuur is om vast te stellen of een persoon tot de
                        doelgroep loonkostensubsidie behoort. Binnen de kaders van de wet is het aan
                        de gemeente i.c. de dienst om vast te stellen op welke wijze zij bepalen of
                        mensen tot de doelgroep loonkostensubsidie behoren en of loonkostensubsidie
                        voor hen wordt ingezet (zie Kamerstukken II 2013/14, 33 161, nr. 107, blz.
                        62). In artikel 2, tweede lid, is vastgelegd welke criteria daarbij in acht
                        genomen worden. Deze cumulatieve criteria zijn ontleend aan artikel 6,
                        eerste lid, onderdeel e, van de Participatiewet. Daarin is immers wettelijk
                        de doelgroep loonkostensubsidie vastgelegd.</al><al></al><al>Bij de vaststelling of iemand behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie
                        kan het dagelijks bestuur zich laten adviseren door de een externe
                        organisatie. Het dagelijks bestuur draagt personen voor die zouden kunnen
                        behoren tot de doelgroep loonkostensubsidie, de daartoe aangewezen externe
                        organisatie adviseert en neemt daarbij eveneens de in het tweede lid
                        neergelegde criteria in acht. Op basis van het advies beslist het dagelijks
                        bestuur of iemand tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort. Als sprake is
                        van een onzorgvuldige totstandkoming van het advies, kan besloten worden het
                        advies niet te volgen<onderstreept>.</onderstreept></al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vaststellen loonwaarde</titel></kop><al>In artikel 10d, eerste lid, van de Participatiewet is bepaald dat als een
                        persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie en een werkgever
                        voornemens is een dienstbetrekking aan te gaan met die persoon, het
                        dagelijks bestuur de loonwaarde van die persoon vaststelt. Hiervoor is geen
                        aanvraag vereist. De daartoe aangewezen externe organisatie adviseert het </al><al>dagelijks bestuur met betrekking tot de vaststelling van de loonwaarde van
                        een persoon (tweede lid, van deze verordening). Het dagelijks bestuur stelt
                        uiteindelijk de loonwaarde van een persoon vast. De vastgestelde loonwaarde
                        legt het dagelijks bestuur vast in een beschikking waartegen zowel de
                        betrokken persoon als diens (potentiële) werkgever bezwaar en </al><al>beroep kunnen instellen. </al><al></al><al>In artikel 4 wordt de methode die het dagelijks bestuur gebruikt om de
                        loonwaarde van die persoon te bepalen omschreven.</al><al>Als een dienstbetrekking tot stand komt, verleent het dagelijks bestuur
                        loonkostensubsidie aan de werkgever met inachtneming van artikel 10d van de
                        Participatiewet.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Wijze bepalen loonwaarde</titel></kop><al>De wijze van bepalen van de loonwaarde wordt in regionaal verband overlegd. </al><al></al><al>Het systeem van de loonwaardebepaling moet kennis hebben van uitstroom van
                        mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Het systeem heeft een
                        wetenschappelijke basis waarmee voor mensen aan de onderkant van de
                        arbeidsmarkt een bijdrage wordt verzorgd aan effectieve en efficiënte
                        re-integratie.</al><al></al><al>De dienst zal kiezen voor een betrouwbare methode die de competenties van de
                        werknemer of potentiële werknemer meet. Het systeem dient ervaring en kennis
                        te hebben van functies en arbeidsomstandigheden aan de onderkant van de
                        arbeidsmarkt. De definitieve bepaling van de loonwaarde vindt eerst plaats
                        na bedrijfsbezoek. De theoretische meting wordt geverifieerd aan de praktijk
                        en/of beoogde werkplek.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Loonkostensubsidie</titel></kop><al>Het dagelijks bestuur bepaalt de loonkostensubsidie nadat de loonwaarde is
                        vastgesteld. De loonkostensubsidie bedraagt maximaal 70% van het wettelijk
                        minimum loon voor de werkgever gedurende de arbeidsperiode of zoveel korter
                        als het dagelijks bestuur redelijk acht.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015. De nieuwe
                        verordening gaat onmiddellijk werken voor alle situaties. Vanaf die datum
                        geldt de verordeningsopdracht voor de gemeenteraad om regels in de
                        verordening vast te stellen over het bepalen van de loonwaarde.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting. </al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>