<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dc="http://purl.org/dc/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:sch="http://www.ascc.net/xml/schematron" xmlns:xopus="http://www.xopus.com/xmlns/xsd" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta>
    <owmskern>
      <dcterms:identifier>344123_1</dcterms:identifier>
      <dcterms:title>Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 gemeente het Bildt</dcterms:title>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type>
      <dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">het Bildt</dcterms:creator>
      <dcterms:modified>2014-12-03T07:44:50Z</dcterms:modified>
      <dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Het Bildt</dcterms:spatial>
    </owmskern>
    <owmsmantel>
      <dcterms:alternative>Verordening tegenprestatie 2015 gemeente het Bildt</dcterms:alternative>
      <dcterms:subject>algemeen</dcterms:subject>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Participatiewet, art. 8a, lid 1</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers, art. 34, lid 1</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen werknemers, art. 34, lid 1</dcterms:source>
      <dcterms:issued>2014-10-08</dcterms:issued>
      <dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">GVOP, 2014</dcterms:isFormatOf>
      <dcterms:publisher scheme="overheid:Gemeente">Het Bildt</dcterms:publisher>
      <overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy>
    </owmsmantel>
    <cvdripm>
      <overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum>
      <overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-02-20</overheidrg:uitwerkingtredingDatum>
      <overheidrg:betreft>Invoering nieuwe participatiewet</overheidrg:betreft>
      <overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk>
      <overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving>
        <al>Geen.</al>
      </overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving>
      <overheidrg:redactioneleToevoeging>
        <al>Geen.</al>
      </overheidrg:redactioneleToevoeging>
    </cvdripm>
  </meta>
  <body>
    <intitule/>
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente het Bildt;</al>
          <al/>
          <al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 8
                        oktober 2014;</al>
          <al/>
          <al>gelet op artikel 8a, eerste lid, onderdeel b, van de Participatiewet,
                        artikel 34, eerste lid onder-deel e van de Wet inkomensvoorziening oudere en
                        gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers en artikel 34, eerste lid,
                        onderdeel e van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                        arbeidsongeschikte gewezen werknemers;</al>
          <al/>
          <al>besluit vast te stellen de </al>
          <al/>
          <al>
            <vet>Verordening tegenprestatie Participatiewet,</vet>
          </al>
          <al>
            <vet>IOAW en IOAZ 2015 gemeente het Bildt</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1.</nr>
              <titel>Begripsbepalingen</titel>
            </kop>
            <al/>
            <table>
              <tgroup cols="4">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="25*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/>
                <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/>
                <colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="25*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>1.</al>
                    </entry>
                    <entry nameend="col4" namest="col2">
                      <al>Alle begrippen die in deze verordening worden
                                                gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben
                                                dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Wet
                                                inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                                arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de
                                                Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                                arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en
                                                de Algemene wet bestuursrecht (Awb).</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>2.</al>
                    </entry>
                    <entry nameend="col4" namest="col2">
                      <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>a.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>dagelijks bestuur</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>het dagelijks bestuur van de Dienst Sociale Zaken en
                                                Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>b.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>dienst: </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest
                                                Fryslân;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>c.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>IOAW:</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                                arbeidsongeschikte werkloze werknemers;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>d.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>IOAZ:</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                                arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>e.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>tegenprestatie</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>het verrichten van naar vermogen door het dagelijks
                                                bestuur opgedragen onbeloonde maatschappelijk
                                                nuttige werkzaamheden, die worden verricht naast of
                                                in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden
                                                tot verdringing op de arbeidsmarkt;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>f.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>grote afstand tot de arbeidsmarkt: </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet
                                                mogelijk binnen één jaar;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>g.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>korte afstand tot de arbeidsmarkt: </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs
                                                mogelijk binnen één jaar;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al/>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>h.</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>mantelzorg:</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>langdurige zorg die niet in het kader van een
                                                hulpverlenend beroep wordt geboden aan een
                                                hulpbehoevende door personen uit diens directe
                                                omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks
                                                voortvloeit uit de sociale relatie en de
                                                gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar
                                                overstijgt.</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Beleid</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.</nr>
              <titel>Verslag over beleid</titel>
            </kop>
            <al>Het dagelijks bestuur zendt periodiek, gelijktijdig met de beleidscyclus
                            aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid van het
                            beleid.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>De tegenprestatie naar vermogen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3.</nr>
              <titel>Inhoud van een tegenprestatie</titel>
            </kop>
            <al/>
            <lijst>
              <li nr="1.">
                <al>Het dagelijks bestuur kan onbeloonde maatschappelijk nuttige
                                    werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als
                                    tegenprestatie voor zover die werkzaamheden:</al>
                <lijst>
                  <li nr="a.">
                    <al>naar zijn aard niet zijn gericht op toeleiding tot de
                                            arbeidsmarkt;</al>
                  </li>
                  <li nr="b.">
                    <al>niet zijn bedoeld als re-integratie instrument;</al>
                  </li>
                  <li nr="c.">
                    <al>worden verricht naast of in aanvulling op reguliere
                                            arbeid in de organisatie waarin ze worden verricht; en
                                        </al>
                  </li>
                  <li nr="d.">
                    <al>niet leiden tot verdringing.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
              <li nr="2.">
                <al>Het dagelijks bestuur stelt ter nadere uitvoering van deze
                                    verordening beleidsregels vast waarin wordt vastgelegd welke
                                    aanvullende werkzaamheden het dagelijks bestuur in ieder geval
                                    kan aanbieden en de voorwaarden die daarbij gelden voor zover
                                    daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn
                                    opgenomen.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4.</nr>
              <titel>Het opdragen van een tegenprestatie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1.">
                <al>Het dagelijks bestuur kan een belanghebbende met een grote
                                    afstand tot de arbeidsmarkt een tegenprestatie opdragen.</al>
              </li>
              <li nr="2.">
                <al>Het dagelijks bestuur kan een belanghebbende met een korte
                                    afstand tot de arbeidsmarkt uitsluitend een tegenprestatie
                                    opdragen indien bijzondere omstandigheden dat
                                    rechtvaardigen.</al>
              </li>
              <li nr="3.">
                <al>In afwijking van het eerste lid draagt het dagelijks bestuur
                                    geen tegenprestatie op aan:</al>
                <lijst>
                  <li nr="a.">
                    <al>de belanghebbende die aantoonbaar vrijwilligerswerk
                                            verricht dat naar aard en omvang minimaal vergelijkbaar
                                            is met een tegenprestatie als bedoeld in deze
                                            verordening;</al>
                  </li>
                  <li nr="b.">
                    <al>de belanghebbende die aantoonbaar mantelzorg verricht
                                            voor zover het verrichten van die mantelzorg naar het
                                            oordeel van het dagelijks bestuur redelijkerwijs
                                            noodzakelijk is.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
              <li nr="4.">
                <al>Bij het opdragen van een tegenprestatie houdt het dagelijks
                                    bestuur rekening met de volgende factoren: </al>
                <lijst>
                  <li nr="a.">
                    <al>de tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden
                                            verricht door een belang hebbende;</al>
                  </li>
                  <li nr="b.">
                    <al>de persoonlijke situatie en individuele omstandigheden
                                            van een belanghebbende worden in aanmerking
                                            genomen;</al>
                  </li>
                  <li nr="c.">
                    <al>de persoonlijke wensen en kwaliteiten van een
                                            belanghebbende worden in overweging genomen;</al>
                  </li>
                  <li nr="d.">
                    <al>als een belanghebbende al maatschappelijke activiteiten
                                            verricht, anders dan bedoeld in het derde lid, wordt
                                            daarmee rekening gehouden.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.</nr>
              <titel>Duur en omvang van een tegenprestatie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1.">
                <al>De tegenprestatie wordt opgedragen voor de duur van maximaal
                                    twaalf maanden.</al>
              </li>
              <li nr="2.">
                <al>Na de periode als genoemd in het eerste lid wordt de duur
                                    verlengd met 12 maanden nadat het dagelijks bestuur heeft
                                    beoordeeld of de omstandigheden en situatie van de
                                    belanghebbende verder onveranderd zijn gebleven.</al>
              </li>
              <li nr="3.">
                <al>De tegenprestatie wordt opgedragen voor gemiddeld acht uren per
                                    week.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6.</nr>
              <titel>Geen werkzaamheden voorhanden</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1.">
                <al>Het dagelijks bestuur draagt geen tegenprestatie op indien geen
                                    werkzaamheden voorhanden zijn die kunnen worden ingezet als
                                    tegenprestatie. </al>
              </li>
              <li nr="2.">
                <al>Het dagelijks bestuur kan werkzaamheden als tegenprestatie
                                    opdragen die zowel binnen als buiten de gemeentegrenzen verricht
                                    worden.</al>
              </li>
              <li nr="3.">
                <al>Indien het dagelijks bestuur geen tegenprestatie opdraagt omdat
                                    geen werkzaamheden voorhanden zijn, beoordeelt het dagelijks
                                    bestuur binnen zes maanden of op dat moment wel werkzaamheden
                                    voorhanden zijn die kunnen worden ingezet als
                                    tegenprestatie.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7.</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8.</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al/>
            <al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening tegenprestatie 2015
                            gemeente het Bildt.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van de gemeente het
                        Bildt d.d. 6 november 2014.</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>Gemeenteraad van de gemeente het Bildt,</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>G. Krol (voorzitter),</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>F. Meijerink (griffier).</al>
          <al/>
          <al/>
        </slotformulering>
      </regeling-sluiting>
      <nota-toelichting>
        <al>
          <vet>Toelichting</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Algemeen</vet>
        </al>
        <al>Het dagelijks bestuur is bevoegd een belanghebbende te verplichten naar
                            vermogen een tegenprestatie te verrichten, ook als die tegenprestatie
                            niet direct samenhangt met arbeidsinschakeling. Een belanghebbende van
                            achttien jaar of ouder doch jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd
                            is vanaf de dag van melding gehouden naar vermogen een tegenprestatie te
                            verrichten. Dit is vastgelegd in artikel 9, eerste lid, onderdeel c, van
                            de Participatiewet. De</al>
        <al>tegenprestatie bestaat uit de plicht om naar vermogen door het college
                            .i.c. het dagelijks bestuur opgedragen onbeloonde maatschappelijk
                            nuttige werkzaamheden te verrichten, naast of in aanvulling op reguliere
                            arbeid en die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Individuele omstandigheden </cursief>
        </al>
        <al>Het dagelijks bestuur bepaalt aan de hand van de individuele
                            omstandigheden en de</al>
        <al>voorhanden zijnde onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, de
                            aard, de duur en de omvang van de aan een persoon op te leggen
                            tegenprestatie. Hierbij moet het dagelijks bestuur de in deze
                            verordening neergelegde criteria in acht nemen. Als het dagelijks
                            bestuur een tegenprestatie vraagt van belanghebbende, moet het een
                            duidelijke omschrijving geven van de te verrichten werkzaamheden. Het
                            moet voor een belanghebbende immers duidelijk zijn welke
                                <onderstreept>tegenprestatie</onderstreept> van hem verwacht wordt
                            (zie Rechtbank Zeeland-West-Brabant 25-02-2013, nr. 12/3649,
                            ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171).</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Geen tegenprestatie </cursief>
        </al>
        <al>Indien daarvoor dringende redenen - zoals zorgtaken - aanwezig zijn, kan
                            het dagelijks bestuur in individuele gevallen tijdelijk ontheffing
                            verlenen van de plicht tot het verrichten van een tegenprestatie
                            (artikel 9, tweede lid, van de Participatiewet). De plicht tot
                            tegenprestatie is niet van toepassing op een belanghebbende die volledig
                            en duurzaam arbeidsongeschikt is als bedoeld in artikel 4 van de Wet
                            werk en inkomen naar arbeidsvermogen (artikel 9, vijfde lid, van de
                            Participatiewet). De plicht tot tegenprestatie is voorts niet van
                            toepassing op een alleenstaande ouder die in het bezit is van een
                            ontheffing als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van de Participatiewet
                            (artikel 9, zevende lid, van de Participatiewet).</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Afstemmen </cursief>
        </al>
        <al>Net als bij het niet nakomen van de arbeids- en
                            re-integratieverplichting geldt voor het niet nakomen van de
                            tegenprestatie dat de bijstand kan worden afgestemd overeenkomstig de
                            af-stemmingsverordening.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Bevoegdheid opdragen tegenprestatie </cursief>
        </al>
        <al>De bevoegdheid van het dagelijks bestuur om een belanghebbende te
                            verplichten naar vermogen een tegenprestatie te verrichten geldt al
                            sinds 1 januari 2012. De regering meent dat de tegenprestatie voor
                            uitkeringsgerechtigden een gelegenheid is om te blijven participeren in
                            de samenleving en om een sociaal netwerk, arbeidsritme en regelmaat te
                            behouden. Dit zijn volgens de regering ook noodzakelijke voorwaarden om
                            de kansen op de arbeidsmarkt te vergroten (TK 2013-2014, 33 801, nr. 3,
                            p. 29).</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Tegenprestatie is geen
                                    </cursief>
          <cursief>
            <onderstreept>re-integratie-instrument</onderstreept>
          </cursief>
          <cursief/>
        </al>
        <al>De plicht tot tegenprestatie heeft tot doel om maatschappelijk nuttige
                            werkzaamheden te doen in de samenleving als tegenprestatie voor het
                            ontvangen van een uitkering. Het opdragen van een tegenprestatie heeft
                            niet primair tot doel de re-integratie van een belanghebbende te
                            bevorderen, maar moet worden gezien als een nuttige bijdrage aan de
                            samenleving (TK 2013-2014, 33 801, nr. 7, p. 49-50). De tegenprestatie
                            is daarom naar zijn aard niet gericht op toeleiding tot de arbeidsmarkt
                            en is niet bedoeld als re-integratieinstrument. Voorts mag een
                            tegenprestatie het accepteren van passende arbeid of van
                            re-integratieinspanningen niet belemmeren. Immers, als uitgangspunt
                            geldt werk boven uitkering.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Verordeningsplicht</cursief>
        </al>
        <al>De Wet maatregelen WWB legt de gemeenteraad de verplichting op om bij
                            verordening regels vast te stellen over het opdragen van een
                            tegenprestatie aan mensen met een bijstandsuitkering in de leeftijd van
                            18 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd. Deze verordenings-opdracht
                            is neergelegd in artikel 8a, eerste lid, onderdeel b Participatiewet.
                            Het is aan de gemeente i.c. de dienst om de duur, omvang en inhoud van
                            de tegenprestatie te regelen (zie TK 2013-2014, 33 801, nr. 24, p. 6). </al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Ontwikkelen beleid c.q. beleidsregels door het dagelijks
                                bestuur </cursief>
        </al>
        <al>Het dagelijks bestuur heeft de opdracht beleid c.q. beleidsregels te
                            ontwikkelen ten behoeve van het verrichten van een tegenprestatie en het
                            uitvoeren ervan overeenkomstig de verordening tegenprestatie. Dit volgt
                            uit artikel 7, eerste lid, onderdeel c, van de Participatiewet.</al>
        <al/>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikelsgewijze toelichting</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 1. Begripsbepalingen</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>Begrippen die al zijn omschreven in de Participatiewet, de Algemene wet
                            bestuursrecht of de Gemeentewet worden niet afzonderlijk gedefinieerd in
                            deze verordening. Deze zijn vanzelfsprekend van toepassing op deze
                            verordening.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Korte afstand tot de arbeidsmarkt </cursief>
        </al>
        <al>In artikel 1 van deze verordening is een definitie opgenomen van het
                            begrip 'korte afstand tot de arbeidsmarkt'. Onder een korte afstand tot
                            de arbeidsmarkt wordt verstaan dat een persoon redelijkerwijs binnen één
                            jaar geschikt is voor deelname aan de arbeidsmarkt. Dit begrip is van
                            belang in verband met de mogelijkheid tot het opdragen van een
                            tegenprestatie. Zie hierover artikel 4 van deze verordening.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Grote afstand tot de arbeidsmarkt </cursief>
        </al>
        <al>In artikel 1 van deze verordening is een definitie opgenomen van het
                            begrip 'grote afstand tot de arbeidsmarkt'. Onder een grote afstand tot
                            de arbeidsmarkt wordt verstaan dat een persoon redelijkerwijs niet
                            binnen één jaar geschikt is voor deelname aan de arbeidsmarkt. Dit
                            begrip is van belang in verband met de mogelijkheid tot het opdragen van
                            een tegenprestatie. Zie hierover artikel 4 van deze verordening.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Mantelzorg </cursief>
        </al>
        <al>In artikel 1 van deze verordening is de definitie opgenomen van
                            mantelzorg. Deze begripsbepaling is gebaseerd op het begrip zoals dat
                            wordt gehanteerd in de Wet maatschappelijke ondersteuning (zie artikel
                            1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning). Onder
                            mantelzorg wordt verstaan: langdurige zorg die niet in het kader van een
                            hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende door personen
                            uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks
                            voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van
                            huisgenoten voor elkaar overstijgt. Het begrip 'mantelzorg' is van
                            belang omdat artikel 4 van deze verordening bepaalt dat het dagelijks
                            bestuur geen tegenprestatie opdraagt indien een belanghebbende
                            mantelzorg verricht voor zover het verrichten van mantelzorg naar het
                            oordeel van het dagelijks bestuur redelijkerwijs noodzakelijk is.</al>
        <al>Uit kamerstukken met betrekking tot het begrip 'mantelzorg' zoals
                            neergelegd in de Wet maatschappelijke ondersteuning volgt dat de vier
                            belangrijkste kenmerken van mantelzorg zijn: </al>
        <table>
          <tgroup cols="2">
            <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/>
            <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/>
            <tbody>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al>•</al>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al> er is een bestaande sociale relatie tussen de
                                                zorgvrager en de zorgverlener; </al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al>•</al>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al> mantelzorg wordt niet verricht in een georganiseerd
                                                verband;</al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al>•</al>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al> het verrichten van mantelzorg is veelal geen
                                                bewuste keuze; </al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al>•</al>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al> het verlenen van mantelzorg is nooit
                                                afdwingbaar.</al>
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </table>
        <al/>
        <al>Deze kenmerken zijn ontleend aan diverse kamerstukken zoals TK
                            2004-2005, 30 169, nr. 1 (Notitie "De mantelzorger in beeld") en TK
                            2005-2006, 30 131, nr. C. </al>
        <al>Voor mantelzorg is vereist dat de verleende zorg de gebruikelijke zorg
                            van huisgenoten voor elkaar overstijgt. Voor de uitvoering van de Wet
                            maatschappelijke ondersteuning hanteren gemeenten veelal het protocol
                            Gebruikelijke Zorg van het Centrum Indicatiestelling Zorg om vast te
                            stellen of sprake is van gebruikelijke zorg. Voor de uitleg van wat
                            onder gebruikelijke zorg kan worden aangesloten bij de definitie van
                            gebruikelijke zorg in het protocol </al>
        <al>Gebruikelijke Zorg. Gebruikelijke zorg wordt in dat Protocol als volgt
                            omschreven: de normale, dagelijkse zorg die partners of ouders en
                            inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden omdat ze als
                            leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een
                            gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat
                            huishouden. </al>
        <al/>
        <al>
          <vet/>
          <vet>Artikel 2. Verslag over beleid </vet>
        </al>
        <al/>
        <al>Het dagelijks bestuur zendt periodiek (bijvoorbeeld gelijktijdig met de
                            beleidscyclus) aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid
                            van het beleid inzake het opdragen van een tegenprestatie.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 3. Inhoud van een tegenprestatie </vet>
        </al>
        <al/>
        <al>Het dagelijks bestuur bepaalt aan de hand van de individuele
                            omstandigheden en de voorhanden zijnde onbeloonde maatschappelijk
                            nuttige werkzaamheden, de aard, de duur en de omvang van de aan een
                            persoon op te leggen tegenprestatie. Hierbij moet het dagelijks bestuur
                            de in deze verordening neergelegde criteria in acht nemen. Artikel 3 van
                            deze verordening stelt voorwaarden ten aanzien van de inhoud van de
                            tegenprestatie. Het dagelijks bestuur dient maatwerk toe te passen bij
                            het opdragen van een tegenprestatie. Rekening moet worden gehouden met
                            de individuele omstandigheden van belanghebbende, waaronder</al>
        <al>leeftijd, opleiding, werkervaring en andere relevante persoonlijke
                            omstandigheden. De werkzaamheden worden immers opgedragen ‘naar
                            vermogen’. Het is dus van belang dat belanghebbende ook in staat is de
                            werkzaamheden te verrichten (zie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
                            25-02-2013, nr. 12/3649, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171). </al>
        <al>Als het dagelijks bestuur een tegenprestatie vraagt van belanghebbende,
                            moet het een duidelijke omschrijving geven van de te verrichten
                            werkzaamheden. Het moet voor een belanghebbende immers duidelijk zijn
                            welke tegenpresatie van hem wordt verwacht (zie Rechtbank
                            Zeeland-West-Brabant 25-02-2013, nr. 12/3649,
                            ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171).</al>
        <al/>
        <al><cursief>Additionele onbeloonde maatschappelijk nuttige
                                werkzaamheden</cursief> In artikel 3, eerste lid, van deze
                            verordening is bepaald dat de tegenprestatie onbeloonde maatschappelijk
                            nuttige werkzaamheden betreffen die additioneel van aard zijn. De
                            maatschappelijk nuttige werkzaamheden in het kader van de tegenprestatie
                            dienen zich te onderscheiden van werkzaamheden die door de reguliere
                            arbeidsmarkt verricht worden. Het onderscheid tussen betaalde en
                            onbetaalde werkzaamheden is afhankelijk van onder meer economische
                            factoren en van keuzes die mede op basis daarvan door het bedrijfsleven
                            en/of de overheid worden gemaakt (TK 2013-2014, 33 801, nr. 3, p. 30). </al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Werkzaamheden die kunnen worden ingezet </cursief>
        </al>
        <al>Het dagelijks bestuur kan onbeloonde maatschappelijk nuttige
                            werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als
                            tegenprestatie voor zover die werkzaamheden voldoen aan de in artikel 3,
                            eerste lid, van deze verordening genoemde voorwaarden. Dit betekent dat
                            de als tegenprestatie in te zetten werkzaamheid: </al>
        <lijst>
          <li nr="a.">
            <al>naar zijn aard niet is gericht op toeleiding tot de
                                    arbeidsmarkt;</al>
          </li>
          <li nr="b.">
            <al>niet is bedoeld als
                                        <onderstreept>re-integratie-instrument</onderstreept>; </al>
          </li>
          <li nr="c.">
            <al>wordt verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid in de
                                    organisatie waarin deze worden verricht; en </al>
          </li>
          <li nr="d.">
            <al>niet leidt tot verdringing.</al>
            <al>Deze voorwaarden zijn gebaseerd op de belangrijkste kenmerken
                                    van de tegenprestatie die volgen uit de parlementaire
                                    geschiedenis (zie TK 2010-2011, 32 815, nr. 3, p. 14). </al>
            <al>In beleidsregels kan het dagelijks bestuur vastleggen welke
                                    werkzaamheden in ieder geval als tegenprestatie kunnen worden
                                    ingezet (artikel 3, tweede lid, van deze verordening). Deze
                                    werkzaamheden voldoen aan de in artikel 3, eerste lid, van deze
                                    verordening gestelde voorwaarden.</al>
            <al>Omdat de werkzaamheden additioneel zijn en niet mogen leiden tot
                                    verdringing op de arbeidsmarkt, kunnen veel werkzaamheden niet
                                    als tegenprestatie worden ingezet. </al>
            <al/>
            <al><cursief>Samenwerking met maatschappelijke
                                        organisaties</cursief>: De dienst kan voor het werven van
                                    maatschappelijk nuttige werkzaamheden samenwerken met
                                    maatschappelijke organisaties zoals: welzijnsinstellingen,
                                    vrijwilligerswerkorganisaties, buurthuizen en/of
                                    sportvoorzieningen. Om ervoor te zorgen dat voldoende
                                    maatschappelijk nuttige werkzaamheden voorhanden zijn, is het
                                    van belang dat contacten worden onderhouden met maatschappelijke
                                    organisaties. Een vrijwilligersvacaturebank bij een
                                    vrijwilligerscentrale kan een belangrijk hulpmiddel zijn om het
                                    aanbod van maatschappelijk nuttige werkzaamheden te bepalen. </al>
            <al/>
            <al>
              <cursief>Tegenprestatie mag niet leiden tot verdringing
                                    </cursief>
            </al>
            <al>De tegenprestatie mag niet worden ingezet in het kader van de
                                    re-integratie. De tegenprestatie mag bovendien niet direct
                                    gericht zijn op toeleiding naar de arbeidsmarkt en is dan ook
                                    niet bedoeld als
                                        <onderstreept>re-integratie-instrument</onderstreept>. Het
                                    betreffen werkzaamheden die worden verricht naast of in
                                    aanvulling op reguliere arbeid en die niet mogen leiden tot
                                    verdringing op de arbeidsmarkt. Reguliere werkzaamheden kunnen
                                    daarom niet als tegenprestatie worden ingezet. De tegenprestatie
                                    mag het accepteren van passende arbeid of van
                                    re-integratie-inspanningen niet belemmeren. Het uitgangspunt
                                    werk boven uitkering staat voorop. Dit volgt uit artikel 9,
                                    eerste lid, onderdeel c, van de Participatiewet en de
                                    parlementaire geschiedenis (zie TK 2010-2011, 32 815, nr. 3, p.
                                    14).</al>
            <al/>
            <al>
              <vet>Artikel 4. Het opdragen van een tegenprestatie </vet>
            </al>
            <al/>
            <al>Het dagelijks bestuur heeft beleidsvrijheid om een
                                    tegenprestatie op te leggen. Het dagelijks bestuur bepaalt
                                    uiteindelijk of, en zo ja welke tegenprestatie wordt opgedragen.
                                    Tegen een besluit tot het opdragen van een tegenprestatie kan
                                    bezwaar en beroep worden aangetekend (TK 2013-2014, 33 801, nr.
                                    7, p. 49). </al>
            <al>In artikel 4, eerste en tweede lid, van deze verordening is
                                    neergelegd dat het dagelijks bestuur in beginsel uitsluitend aan
                                    personen met een lange afstand tot de arbeidsmarkt een
                                    tegenprestatie opdraagt. Aan personen met een korte afstand tot
                                    de arbeidsmarkt kan uitsluitend een tegenprestatie worden
                                    opgedragen indien bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen.
                                    Personen met een korte afstand tot de arbeidsmarkt dienen zich
                                    immers volledig te richten op re-integratie. Het is denkbaar dat
                                    het wenselijk is dat ook aan personen met een korte afstand tot
                                    de arbeidsmarkt een tegenprestatie op te dragen. </al>
            <al/>
            <al>
              <cursief>Tegenprestatie opdragen aan personen met lange afstand
                                        tot arbeidsmarkt </cursief>
            </al>
            <al>De gemeenteraad kiest er in deze verordening voor te bepalen dat
                                    het dagelijks bestuur een tegenprestatie in beginsel uitsluitend
                                    kan opdragen aan een belanghebbende die een grote afstand tot de
                                    arbeidsmarkt heeft. Dit impliceert dat aan belanghebbenden die
                                    een korte afstand tot de arbeidsmarkt hebben geen tegenprestatie
                                    wordt opgedragen, tenzij sprake is van bijzondere
                                    omstandigheden. Zie artikel 1 van deze verordening voor de
                                    begrippen korte en grote afstand tot de arbeidsmarkt. </al>
            <al>De gemeenteraad heeft hiervoor gekozen opdat personen met een
                                    korte zich volledig kunnen richten op de arbeidsplicht en de
                                    re-integratieplicht, zoals het naar vermogen algemeen
                                    geaccepteerde arbeid verkrijgen. Bij personen met een korte
                                    afstand tot de arbeidsmarkt kan redelijkerwijs worden verwacht
                                    dat hun inspanningen eerder zullen leiden tot uitstroom. </al>
            <al>Daarom wordt in beginsel aan personen met een korte afstand tot
                                    de arbeidsmarkt geen</al>
            <al>tegenprestatie opgedragen. De tegenprestatie mag immers het
                                    accepteren van passende arbeid of van re-integratie-inspanningen
                                    niet belemmeren aangezien werk boven uitkering als uitgangspunt
                                    geldt. Aan personen met een lange afstand tot de arbeidsmarkt
                                    kan het dagelijks bestuur wel een tegenprestatie opdragen. </al>
            <al/>
            <al>
              <cursief>Belanghebbende met een korte afstand tot de
                                        arbeidsmarkt </cursief>
            </al>
            <al>Artikel 4, tweede lid, van deze verordening bepaalt dat het
                                    dagelijks bestuur een belanghebbende met een korte afstand tot
                                    de arbeidsmarkt een tegenprestatie kan opdragen als bijzondere
                                    omstandigheden dat rechtvaardigen. Hierbij kan bijvoorbeeld
                                    gedacht worden aan de situatie waarin geen
                                    re-integratieactiviteiten worden verricht door belanghebbende en
                                    het verrichten van re-integratieactiviteiten op korte termijn
                                    redelijkerwijs niet kan worden verwacht. In dat geval bestaat er
                                    ruimte een tegenprestatie op te leggen.</al>
            <al/>
            <al>
              <cursief>Geen tegenprestatie </cursief>
            </al>
            <al>Indien daarvoor dringende redenen - zoals zorgtaken - aanwezig
                                    zijn, kan het dagelijks bestuur in individuele gevallen
                                    tijdelijk ontheffing verlenen van de plicht tot het verrichten
                                    van een tegenprestatie (artikel 9, tweede lid, van de
                                    Participatiewet). </al>
            <al>De verplichting tot het verrichten van een tegenprestatie is
                                    niet van toepassing op een belanghebbende die volledig en
                                    duurzaam arbeidsongeschikt is, als bedoeld in artikel 4 van de
                                    Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (artikel 9, vijfde lid,
                                    van de Participatiewet) De verplichting tot tegenprestatie is
                                    niet van toepassing op een alleenstaande ouder die in het bezit
                                    is van een ontheffing als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van
                                    de Participatiewet (artikel 9, zevende lid, van de
                                    Participatiewet).</al>
            <al/>
            <al>In het derde lid is bepaald dat geen tegenprestatie wordt
                                    opgedragen indien een belanghebbende vrijwilligerswerk of
                                    mantelzorg verricht en het dagelijks bestuur het verrichten
                                    hiervan redelijkerwijze noodzakelijk vindt. De regering heeft
                                    deze mogelijkheid uitdrukkelijk benoemd in de nota van wijziging
                                    met betrekking tot de Wet maatregelen WWB (TK 2013-2014, 33 801,
                                    nr. 24, p. 6). Of sprake is van mantelzorg wordt getoetst aan de
                                    criteria van het begrip mantelzorg zoals neergelegd in artikel 1
                                    van deze verordening. Verricht een belanghebbende mantelzorg in
                                    de zin van deze verordening en is het verrichten van mantelzorg
                                    volgens het dagelijks bestuur redelijkerwijs noodzakelijk, dan
                                    draagt het dagelijks bestuur een belanghebbende geen
                                    tegenprestatie op.</al>
            <al>Dit geldt ook voor het verrichten van vrijwilligerswerk. Het
                                    dagelijks bestuur kan ook besluiten vrijwilligerswerk aan te
                                    merken als tegenprestatie. Hierbij moet wel rekening worden
                                    gehouden met de minimale en maximale duur van de tegenprestatie
                                    zoals neergelegd in artikel 5 van deze verordening. De aard van
                                    het vrijwilligerswerk speelt hierbij een rol. </al>
            <al>Onder vrijwilligerswerk wordt in het algemeen verstaan: werk dat
                                    in enig verband onverplicht en onbetaald wordt verricht, voor
                                    anderen of de samenleving (vergelijk TK 2005-2006, 30 334, nr.
                                    1, p. 2). </al>
            <al/>
            <al>
              <cursief>Weigering tegenprestatie </cursief>
            </al>
            <al>Het dagelijks bestuur dient bij weigering van belanghebbende om
                                    de tegenprestatie te verrichten, op basis van het individuele
                                    geval de hoogte en de duur van de op te leggen maatregel te
                                    bepalen (TK 2013-2014, 33 801, nr. 3, p. 29).</al>
            <al/>
            <al>
              <cursief>Factoren opdragen tegenprestatie </cursief>
            </al>
            <al>In artikel 4, vierde lid, van deze verordening is neergelegd met
                                    welke factoren het dagelijks bestuur rekening moet houden bij
                                    het opdragen van een tegenprestatie. Deze factoren worden hierna
                                    toegelicht.</al>
          </li>
        </lijst>
        <table>
          <tgroup cols="2">
            <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="8*"/>
            <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="91*"/>
            <tbody>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al/>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al><cursief>‘tegenprestatie 'naar vermogen'</cursief>
                                                De werkzaamheden die als tegenprestatie ingezet
                                                worden, moeten naar vermogen door een belanghebbende
                                                verricht kunnen worden. De term 'naar vermogen'
                                                heeft betrekking op de mogelijkheden waarover een
                                                belanghebbende beschikt om deze werkzaamheden te
                                                verrichten. Immers, niet alle onbeloonde
                                                maatschappelijk nuttige werkzaamheden kunnen worden
                                                opgedragen aan elke uitkeringsgerechtigde (TK
                                                2013-2014, 33 801, nr. 3, p. 30). ‘persoonlijke
                                                situatie en individuele omstandigheden
                                                belanghebbende’ Bij het opdragen van de
                                                tegenprestatie houdt het dagelijks bestuur rekening
                                                met de persoonlijke situatie en individuele
                                                omstandigheden van een belanghebbende, waaronder
                                                leeftijd, opleiding en werkervaring (Rechtbank
                                                Zeeland-West-Brabant 25-02-2013, nr. 12/3649,
                                                ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171). Hierbij wordt rekening
                                                gehouden met het fysieke en psychische vermogen van
                                                een belanghebbende. Bij het opdragen van de
                                                tegenprestatie dient het dagelijks bestuur maatwerk
                                                te leveren. Voorts wordt bij opdragen van een
                                                tegenprestatie rekening gehouden met praktische
                                                omstandigheden zoals reistijd, beschikbaarheid van
                                                kinderopvang en/of belanghebbende al
                                                maatschappelijke activiteiten verricht. </al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al/>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al><cursief>‘persoonlijke wensen en kwaliteiten
                                                  belanghebbende’</cursief> Bij het opdragen van de
                                                verplichting tot tegenprestatie houdt het dagelijks
                                                bestuur rekening met de persoonlijke wensen en
                                                kwaliteiten van belanghebbende. De regering vindt
                                                het immers belangrijk dat een belanghebbende invloed
                                                heeft op de keuze van de activiteiten (TK 2013-2014,
                                                33 801, nr. 7, p. 47). </al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al/>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al>Belanghebbende kan zelf ideeën aandragen voor de als
                                                tegenprestatie te verrichten werkzaamheden. Het
                                                dagelijks bestuur kan in beleidsregels bepalen
                                                wanneer een belanghebbende zijn keuze voor het
                                                verrichten van maatschappelijk nuttige activiteit
                                                kenbaar maakt aan het dagelijks bestuur. Het
                                                dagelijks bestuur beoordeelt de door belanghebbende
                                                zelf aangedragen ideeën en kan besluiten om het
                                                voorstel van belanghebbende over te nemen en die
                                                werkzaamheden in te zetten als tegenprestatie. </al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al/>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al>Uiteraard moet die werkzaamheid voldoen aan het
                                                bepaalde bij of krachtens artikel 3 van deze
                                                verordening en moet die werkzaamheid beschikbaar
                                                zijn. Het dagelijks bestuur is niet gehouden te
                                                voldoen aan de wensen van een belanghebbende, maar
                                                moet deze wel in de beoordeling meenemen. Draagt
                                                belanghebbende geen ideeën aan, dan legt het
                                                dagelijks bestuur belanghebbende een lijst met
                                                keuzemogelijkheden voor van maatschappelijk nuttige
                                                werkzaamheden die voorhanden zijn. Als
                                                belanghebbende geen voorkeur kenbaar maakt of er
                                                geen keuzemogelijkheid is, legt het dagelijks
                                                bestuur een werkzaamheid op. Het is immers aan het
                                                dagelijks bestuur, en niet aan een belanghebbende,
                                                een tegenprestatie op te dragen aan
                                                belanghebbende.</al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al/>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al><cursief>‘maatschappelijke activiteiten door
                                                  belanghebbende’</cursief> Het dagelijks bestuur
                                                houdt er bij het opdragen van de plicht tot
                                                tegenprestatie rekening met het eventuele gegeven
                                                dat een belanghebbende al maatschappelijk actief is
                                                (TK 2013-2014, 33 801, nr. 24, p. 6). Indien een
                                                belanghebbende al een maatschappelijke activiteit
                                                verricht, kan het dagelijks bestuur in bepaalde
                                                gevallen besluiten deze maatschappelijke activiteit
                                                aan te merken als tegenprestatie. Ook kan de
                                                omstandigheid dat een belanghebbende
                                                maatschappelijke activiteit verricht, ertoe leiden
                                                dat hiermee rekening wordt gehouden bij het
                                                vaststellen van de tegenprestatie, met name de duur
                                                en de omvang van de tegenprestatie. Een voorbeeld
                                                van maatschappelijke activiteiten zijn: de zorg voor
                                                een ouder of een gehandicapt kind. Het dagelijks
                                                bestuur beoordeelt de maatschappelijke activiteiten
                                                en houdt daarbij rekening met de duur en omvang.
                                            </al>
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </table>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 5. Duur en omvang van een tegenprestatie</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>Het dagelijks bestuur bepaalt aan de hand van de individuele
                            omstandigheden en de voorhanden zijnde onbeloonde maatschappelijk
                            nuttige werkzaamheden, de aard, de duur en de omvang van de aan een
                            persoon op te leggen tegenprestatie. Hierbij moet het dagelijks bestuur
                            de in deze verordening neergelegde criteria in acht nemen. Artikel 5 van
                            deze verordening stelt voorwaarden ten aanzien van de duur en omvang van
                            de tegenprestatie.</al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Individuele omstandigheden </cursief>
        </al>
        <al>Het dagelijks bestuur beoordeelt op basis van de individuele
                            omstandigheden van een belanghebbende de omvang en de duur van de
                            tegenprestatie. De omvang van de werkzaamheden en de duur in de tijd
                            dienen in de regel beperkt te zijn. Dat betekent dat steeds een afweging
                            wordt gemaakt op basis van de situatie in welke mate een tegenprestatie
                            verlangd kan worden (TK 2013-2014, 33 801, nr. 30). </al>
        <al/>
        <al>
          <cursief>Maximale duur tegenprestatie in dagen </cursief>
        </al>
        <al>Artikel 5, eerste lid, regelt dat de tegenprestatie wordt ingezet voor
                            een maximale duur van twaalf maanden. Uit het onderzoeksrapport "Voor
                            wat hoort wat" blijkt dat bij ongeveer de helft van de gemeenten die de
                            tegenprestatie uitvoeren de gemiddelde duur korter is dan een half jaar
                            en bij iets minder dan de helft is de gemiddelde duur meer dan een half
                            jaar. Het is van belang dat de duur beperkt is. Het opdragen van de
                            tegenprestatie tot aan het einde van de uitkering is in ieder geval niet
                            beperkt in duur en in omvang. </al>
        <al>Het tweede lid, regelt dat de duur van het opdragen van een
                            tegenprestatie na een periode van twaalf maanden nogmaals met een
                            periode van twaalf maanden verlengd kan worden.</al>
        <al/>
        <al>Maximale duur tegenprestatie in uren </al>
        <al>Artikel 5, derde lid, regelt dat de tegenprestatie wordt ingezet voor
                            een maximaal aantal uren van gemiddeld 8 uren per week. </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 6. Geen werkzaamheden voorhanden </vet>
        </al>
        <al/>
        <al>De Participatiewet verplicht gemeenten niet om buiten de eigen
                            gemeentegrens een tegenprestatie te laten verrichten (TK 2013-2014, 33
                            801, nr. 7, p. 51). Desondanks kan het voorkomen dat werkzaamheden, die
                            als een tegenprestatie kunnen worden voorgedragen, zowel binnen als
                            buiten de gemeentegrenzen voorhanden zijn.</al>
        <al/>
        <al>Indien het dagelijks bestuur geen tegenprestatie oplegt omdat er zowel
                            binnen als buiten de eigen gemeentegrenzen geen onbeloonde
                            maatschappelijk nuttige werkzaamheden voorhanden zijn, wordt binnen zes
                            maanden een heronderzoek uitgevoerd om te beoordelen of op dat moment
                            wel maatschappelijk nuttige werkzaamheden binnen de eigen
                            gemeentegrenzen voorhanden zijn. Dit is geregeld in artikel 6, tweede
                            lid, van deze verordening. </al>
        <al>Ter uitvoering hiervan dient te worden samengewerkt met omliggende
                            gemeenten. </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 7. Inwerkingtreding </vet>
        </al>
        <al/>
        <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015. Vanaf
                            die datum is in artikel 8a, eerste lid, onderdeel b, van de
                            Participatiewet de verordeningsopdracht voor de gemeenteraad neergelegd
                            om regels in de verordening vast te stellen over het opdragen van een
                            tegenprestatie.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 8. Citeertitel </vet>
        </al>
        <al/>
        <al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al>
      </nota-toelichting>
      <bijlage/>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>
