<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dc="http://purl.org/dc/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:sch="http://www.ascc.net/xml/schematron" xmlns:xopus="http://www.xopus.com/xmlns/xsd" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta>
    <owmskern>
      <dcterms:identifier>31197_1</dcterms:identifier>
      <dcterms:title>Financiële verordening gemeente het Bildt</dcterms:title>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type>
      <dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">het Bildt</dcterms:creator>
      <dcterms:modified>2010-10-05</dcterms:modified>
      <dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Het Bildt</dcterms:spatial>
    </owmskern>
    <owmsmantel>
      <dcterms:alternative>Financiële verordening gemeente het Bildt</dcterms:alternative>
      <dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet,artikel 212</dcterms:source>
      <dcterms:issued>2003-09-25</dcterms:issued>
      <dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Geen.</dcterms:isFormatOf>
      <dcterms:publisher scheme="overheid:Gemeente">Het Bildt</dcterms:publisher>
      <overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy>
    </owmsmantel>
    <cvdripm>
      <overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-11-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum>
      <overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum>
      <overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft>
      <overheidrg:kenmerk>03.09.??-??</overheidrg:kenmerk>
      <overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving>
        <al>Geen.</al>
      </overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving>
      <overheidrg:redactioneleToevoeging>
        <al>Op grond van artikel 28 Wet algemene regels herindeling is deze verordening per 1 januari 2020 vervallen.</al>
        <al>Datum ondertekening inwerkingstredingbesluit 25-09-2003</al>
      </overheidrg:redactioneleToevoeging>
    </cvdripm>
  </meta>
  <body>
    <intitule/>
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente het Bildt besluit,</al>
          <al/>
          <al>gelet op artikel 212 van de Gemeentewet,</al>
          <al/>
          <al>vast te stellen:</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr/>
            <titel>Financiële verordening gemeente het Bildt</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al/>
            <al>Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede
                            voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële
                            organisatie van de gemeente het Bildt.</al>
            <al/>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1.</nr>
              <titel>Definities</titel>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <al>a. <onderstreept>dienst</onderstreept>:</al>
            <al>iedere organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie die
                            als zodanig een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het college
                            heeft.</al>
            <al>b. <onderstreept>administratie</onderstreept>:</al>
            <al>het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van
                            informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het
                            beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente het Bildt
                            en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden
                            afgelegd.</al>
            <al>c. <onderstreept>financiële administratie</onderstreept>:</al>
            <al>het onderdeel van de administratie dat omvat het systematisch maken en
                            verwerken van aantekeningen betreffende de financiële gegevens van
                            (onderdelen van) de organisatie van de gemeente het Bildt, teneinde te
                            komen tot een goed inzicht in:</al>
            <al>de financieel-economische positie;</al>
            <al>het financiële beheer ;</al>
            <al>de uitvoering van de begroting;</al>
            <al>het afwikkelen van vorderingen en schulden;</al>
            <al>alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording daarover.</al>
            <al>d. <onderstreept>administratieve organisatie</onderstreept>:</al>
            <al>het stelsel van organisatorische maatregelen gericht op het tot stand
                            brengen en het in stand houden van de goede werking van de bestuurlijke
                            en ambtelijke informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke
                            leiding.</al>
            <al>e. <onderstreept>financieel beheer</onderstreept>:</al>
            <al>het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen
                            en het uitoefenen rechten van de gemeente het Bildt.</al>
            <al>f. <onderstreept>rechtmatigheid:</onderstreept></al>
            <al>het in overeenstemming zijn met geldende wet- en regelgeving, waaronder
                            gemeentelijke verordeningen, raadsbesluiten en collegebesluiten.</al>
            <al>g. <onderstreept>doelmatigheid:</onderstreept></al>
            <al>
              <cursief>het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt
                                mogelijke inzet van middelen.</cursief>
            </al>
            <al>h. <onderstreept>doeltreffendheid:</onderstreept></al>
            <al>de mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook
                            daadwerkelijk worden behaald.</al>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Begroting en verantwoording</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al/>
            <al>
              <vet>
                <cursief>Kaderstellen</cursief>
              </vet>
            </al>
            <al/>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.</nr>
              <titel>Programmabegroting</titel>
            </kop>
            <al>1. De raad stelt in ieder geval bij de aanvang van de nieuwe
                            raadsperiode een programma-indeling vast.</al>
            <al>2. De raad stelt<cursief/>per programma vast:</al>
            <al>de beoogde maatschappelijke effecten;</al>
            <al>de te leveren goederen en diensten;</al>
            <al>de baten en lasten.</al>
            <al>3. Het college stelt per programma indicatoren voor met betrekking tot
                            de beoogde maatschappelijke effecten en de te leveren goederen en
                            diensten.</al>
            <al>4. De raad stelt de indicatoren, bedoeld in het derde lid, vast.</al>
            <al>5. Het college draagt zorg voor het verzamelen en vastleggen van
                            gegevens over de geleverde goederen en diensten en de maatschappelijke
                            effecten, opdat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid
                            zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3.</nr>
              <titel>Producten</titel>
            </kop>
            <al>1. Bij iedere begroting en jaarstukken wordt een overzicht gegeven van
                            de toedeling van de producten uit de productraming aan de
                            programma’s.</al>
            <al>2. De onderverdeling van de programma’s in de producten staat voor de
                            raadsperiode vast, tenzij er dringende redenen zijn tot wijzigen.
                            Wijzigingen worden bij de begroting expliciet vermeld.</al>
            <al>
              <vet>
                <cursief/>
              </vet>
            </al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4.</nr>
              <titel>Kaders begroting</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt uiterlijk 1 juni van het begrotingsjaar een nota
                            aan over de kaders voor het</al>
            <al>volgende begrotingsjaar en de drie opvolgende jaren. In deze nota worden
                            de bevindingen betrokken uit de rapportage van de begrotingsuitvoering
                            bedoeld in artikel 7 en de jaarstukken bedoeld in artikel 8.</al>
            <al>2. De raad stelt deze nota uiterlijk 1 augustus vast.</al>
            <al/>
            <al>
              <vet>
                <cursief/>
              </vet>
            </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label/>
              <nr/>
              <titel>Uitvoering</titel>
            </kop>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.</nr>
              <titel>Uitvoering begroting</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college stelt regels die waarborgen dat de uitvoering van de
                            begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt.</al>
            <al>2. Het college draagt ten aanzien van de productenraming er zorg voor
                            dat:</al>
            <al>de lasten en baten, door middel van kostentoerekening, eenduidig zijn
                            toegewezen aan de producten van de productraming; </al>
            <al>de budgetten uit de productraming en kredieten voor investeringen passen
                            binnen de kaders zoals geautoriseerd bij de vaststelling van de
                            uiteenzetting van de financiële positie.;</al>
            <al>de lasten van de producten niet dusdanig worden overschreden dat de
                            realisatie van andere producten binnen hetzelfde programma onder druk
                            komt.</al>
            <al>3. Het college draagt er zorg voor dat de lasten van de programma’s
                            zoals geautoriseerd in de (gewijzigde) begroting niet worden
                            overschreden. </al>
            <al>
              <vet>
                <cursief/>
              </vet>
            </al>
            <al>
              <vet>Beheersing en Interne controle</vet>
            </al>
            <al>
              <vet/>
            </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6.</nr>
              <titel>Interne controle</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college draagt ten behoeve van het getrouwe beeld en de
                            rechtmatigheid van de jaarrekening zorg voor de jaarlijkse interne
                            toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking, en de
                            rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het
                            college maatregelen tot herstel.</al>
            <al>2. Het college biedt ten minste elke vier jaar een nota aan inzake de
                            bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke
                            regelingen. De raad stelt deze nota vast binnen 2<cursief/>maanden nadat
                            deze is aangeboden.</al>
            <al>3. Het college draagt zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van een
                            aantal bedrijfsonderdelen op juistheid, volledigheid en tijdigheid van
                            de bestuurlijke informatievoorziening, de rechtmatigheid van
                            beheershandelingen en op misbruik en oneigenlijk gebruik van de
                            gemeentelijke regelingen. Ieder bedrijfsonderdeel van de gemeente wordt
                            minimaal eens in de 4 jaar getoetst.</al>
            <al>4. Het college zorgt op basis van de resultaten van de toets bedoeld in
                            het derde lid indien nodig voor een plan van verbetering. Het college
                            neemt op basis van het plan van verbetering maatregelen voor herstel van
                            de tekortkomingen.</al>
            <al>5. De resultaten van de toets en het plan van verbetering worden ter
                            kennisgeving aan de raad aangeboden.</al>
            <al/>
            <al>
              <vet>
                <cursief/>
              </vet>
            </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label/>
              <nr/>
              <titel>Rapportage en Verantwoording</titel>
            </kop>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7.</nr>
              <titel>Tussentijdse rapportage en informatie</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college informeert de raad n.a.v. elk kwartaal door middel van
                            tussentijdse rapportages over de realisatie van de begroting van de
                            gemeente van het lopende boekjaar.</al>
            <al>2. De tussenrapportages worden aan de raad aangeboden op de volgende
                            tijdstippen:</al>
            <al>1<sup>e</sup> kwartaal: vóór 1 mei van het lopende begrotingsjaar;</al>
            <al>2<sup>e</sup> kwartaal: voor 1 augustus van het lopende
                            begrotingsjaar</al>
            <al>3<sup>e</sup> kwartaal: voor 1 november van het lopende
                            begrotingsjaar</al>
            <al>4<sup>e</sup> kwartaal: voor 1 februari van het opvolgende
                            begrotingsjaar</al>
            <al>3. De inrichting van de tussentijdse rapportages sluit aan bij de
                            programma-indeling van de begroting.</al>
            <al>4. De rapportages gaan in op afwijkingen, zowel wat betreft de lasten,
                            de geleverde goederen en diensten en indien daar aanleiding voor is de
                            maatschappelijke effecten. In de rapportages wordt in ieder geval
                            aandacht besteed aan afwijkingen van:</al>
            <al>inkomsten uit de algemene uitkering;</al>
            <al>de rente-ontwikkeling op de kapitaalmarkt;</al>
            <al>resultaten uit grondexploitatie;</al>
            <al>realisatie op begrote subsidieverwachtingen.</al>
            <al>5. Het college informeert in ieder geval vooraf de raad en neemt pas een
                            besluit, nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en
                            bedenkingen ter kennis van het college te brengen voorzover het betreft
                            niet bij begroting vastgestelde afzonderlijke verplichtingen
                            inzake:</al>
            <al>investeringen groter dan € 50.000,-</al>
            <al>aankoop en verkoop van goederen en diensten groter dan € 12.500,-;</al>
            <al>het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan €
                            50.000,-;</al>
            <al>6. Het college informeert vooraf de raad en neemt pas een besluit nadat
                            de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter
                            kennis van het college te brengen indien het college nieuwe meerjarige
                            verplichtingen aangaat waarvan de jaarlijkse lasten groter zijn dan €
                            12.500,-.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8.</nr>
              <titel>Jaarstukken</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college draagt zorg voor een adequate vertaling van de
                            verantwoording van de diensten naar de productenrealisatie en naar de
                            programma verantwoording.</al>
            <al>2. Het college legt verantwoording af over de uitvoering van de
                            programma’s. In de verantwoording geeft het college aan:</al>
            <al>wat is bereikt;</al>
            <al>welke goederen en diensten zijn geleverd;</al>
            <al>wat de kosten zijn</al>
            <al>hoe de resultaten zich verhouden tot de in de begroting gestelde
                            doelen.</al>
            <al>3. De raad bepaalt aan de hand van de uitvoering van de programma’s of
                            de beleidsdoelen van de programma’s voor het lopende jaar bijstelling
                            behoeven.</al>
            <al/>
            <al>
              <vet/>
            </al>
            <al>
              <vet/>
            </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Financiële positie</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al/>
            <al>
              <vet>
                <cursief>Kaderstellen</cursief>
              </vet>
            </al>
            <al>
              <vet/>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9.</nr>
              <titel>Financiële positie</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college draagt er zorg voor, dat al het beleid waartoe de raad
                            heeft besloten, in de uiteenzetting van de financiële positie en de
                            meerjarenramingen is opgenomen.</al>
            <al>2. Het totaalbedrag aan verleende garanties en waarborgen worden bij de
                            uiteenzetting van de financiële positie expliciet vermeld.</al>
            <al>3. De raad autoriseert met het vaststellen van de financiële positie de
                            investeringskredieten.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10.</nr>
              <titel>Waardering &amp; afschrijving vaste activa</titel>
            </kop>
            <al>1. Geactiveerde kosten voor onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald
                            actief het saldo van agio en disagio worden lineair in 4 jaar
                            afgeschreven.</al>
            <al>2. Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste
                            van de exploitatie gebracht.</al>
            <al>3. De materiele vaste activa met economisch nut, zoals bedoeld in
                            artikel 35 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en
                            gemeenten, worden lineair afgeschreven in:</al>
            <al>a. 40 jaar: nieuwbouw woonruimten en bedrijfsgebouwen;</al>
            <al>b. 30 jaar: rioleringen;</al>
            <al>c. 25 jaar: renovatie, restauratie en aankoop woonruimten en
                            bedrijfsgebouwen;</al>
            <al>d. 20 jaar: motorvaartuigen;</al>
            <al>e. 15 jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen;</al>
            <al>f. 10 jaar: veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen;
                            telefooninstallaties; kantoormeubilair; schoolmeubilair; aanleg
                            tijdelijke terreinwerken; nieuwbouw tijdelijke woonruimten en
                            bedrijfsgebouwen; groot onderhoud woonruimten en bedrijfsgebouwen;</al>
            <al>g. 10 jaar: zware transportmiddelen;</al>
            <al>h. 8 jaar: aanhangwagens; schuiten; personenauto’s; lichte
                            motorvoertuigen; </al>
            <al>i. 4 jaar: automatiseringsapparatuur;</al>
            <al>j. niet: gronden en terreinen.</al>
            <al/>
            <al>Activa met een verkrijgingprijs van minder dan € 12.500,- worden niet
                            geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen. Deze laatst genoemden
                            worden altijd geactiveerd.</al>
            <al>4. Onder activa met een meerjarig maatschappelijk nut, zoals bedoeld in
                            artikel 35 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en
                            gemeenten, worden verstaan investeringen in aanleg en onderhoud van:
                            (inrichting) wegen, waterwegen; civiele kunstwerken, groen en
                            kunstwerken,</al>
            <al>5. Aankoop en vervaardiging van activa met een meerjarig maatschappelijk
                            nut worden onder aftrek van bijdragen van derden en bestemmingsreserves
                            ten laste van de exploitatie gebracht. Hiervan kan bij raadsbesluit
                            worden afgeweken. In geval van activering bij raadbesluit wordt het
                            actief lineair afgeschreven over de verwachte levensduur van het actief
                            of een kortere, door de raad aan te geven tijdsduur.</al>
            <al/>
            <al>
              <vet/>
            </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11.</nr>
              <titel>Voorziening voor oninbare vorderingen</titel>
            </kop>
            <al>1. Voor openstaande vorderingen betreffende:</al>
            <al>a. onroerende zaakbelasting gebruikers;</al>
            <al>b. onroerende zaakbelasting eigenaren;</al>
            <al>c. precariobelasting;</al>
            <al>d. hondenbelasting;</al>
            <al>e. rioolrechten;</al>
            <al>f. en reinigingsrechten;</al>
            <al>wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het
                            historische percentage van oninbaarheid.</al>
            <al>2. Voor de overige vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid
                            gevormd op basis van een beoordeling op inbaarheid van de openstaande
                            vorderingen ouder dan drie maanden.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12.</nr>
              <titel>Reserves en voorzieningen</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt jaarlijks gelijktijdig met de in artikel 4 genoemde
                            nota de (bijgestelde) nota reserves en voorzieningen aan.</al>
            <al>2. De nota behandelt:</al>
            <al>a. de vorming en besteding van reserves;</al>
            <al>b. de vorming en besteding voorzieningen;</al>
            <al>c. de toerekening en verwerking van rente over de reserves en de
                            voorzieningen,</al>
            <al>in relatie tot de nota weerstandsvermogen bedoeld in artikel 16.</al>
            <al>3. De raad stelt deze nota uiterlijk 1 juni vast.</al>
            <al>
              <vet/>
            </al>
            <al>
              <vet/>
            </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13.</nr>
              <titel>Kostprijsberekening</titel>
            </kop>
            <al>1. Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van producten en diensten
                            van de gemeente Het Bildt wordt een systeem van kostentoerekening
                            gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten
                            alleen die indirecte kosten betrokken, die rechtstreeks samenhangen met
                            de door de gemeente verleende diensten.</al>
            <al>2. Bij de indirecte kosten worden betrokken de bijdragen aan reserves
                            voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa, de
                            kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa en voor rioolrechten,
                            reinigingsrechten en afvalstoffenheffing de compensabele BTW.</al>
            <al>3. De omslagrente voor de rentetoerekening van de kapitaallasten wordt
                            bepaald door het rentetotaal van de uitstaande leningen en de bij
                            begroting vastgestelde gecalculeerde rente over het eigen vermogen en
                            voorzieningen.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14:</nr>
              <titel>Financieringsfunctie</titel>
            </kop>
            <al/>
            <al>1. Het college draagt bij de uitoefening van de financieringsfunctie
                            zorg voor </al>
            <lijst>
              <li nr="a.">
                <al>het aantrekken van voldoende financiële middelen en het
                                    uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de
                                    door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te kunnen
                                    voeren;</al>
              </li>
              <li nr="b.">
                <al>het beheersen van de risico’s verbonden aan de
                                    financieringsfunctie zoals renterisico’s, koersrisico’s en
                                    kredietrisico’s;</al>
              </li>
              <li nr="c.">
                <al>het zo veel mogelijk beperken van de kosten van de leningen en
                                    het bereiken van een voldoende rendement op de
                                    uitzettingen;</al>
              </li>
              <li nr="d.">
                <al> het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten
                                    bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.</al>
                <al>2. Het college neemt bij de uitvoering van de
                                    financieringsfunctie de volgende richtlijnen in acht:</al>
              </li>
              <li nr="a.">
                <al>het uitzetten van overtollige geldmiddelen gebeurt uitsluitend
                                    bij financiële instellingen met minimaal een AA rating afgegeven
                                    door tenminste één gezaghebbende rating agency, of bij
                                    instellingen voor wiens waardepapieren een solvabiliteitseis
                                    geldt van 0%;</al>
              </li>
              <li nr="b.">
                <al>overtollige geldmiddelen worden uitsluitend uitgezet tegen
                                    vastrentende waarden, dan wel in producten waarbij de hoofdsom
                                    tenminste aan het eind van de looptijd in tact is. </al>
              </li>
              <li nr="c.">
                <al>Derivaten worden uitsluitend gebruikt ter beperking van
                                    financiële risico’s;.</al>
              </li>
              <li nr="d.">
                <al>voor het aantrekken van financieringen voor langer dan 1 jaar
                                    worden tenminste 2 prijsopgaven bij verschillende financiële
                                    instellingen gevraagd;. </al>
              </li>
              <li nr="e.">
                <al>overeenkomsten voor het aangaan van leningen, het uitzetten van
                                    middelen of het verlenen van garanties luiden in euro;. </al>
              </li>
              <li nr="f.">
                <al>voor de kasgeldlimiet en de renterisiconorm gelden de wettelijke
                                    waarden. Het college informeert de raad indien de kasgeldlimiet
                                    of de renterisiconorm dreigen te worden overschreden.</al>
                <al>3. Verstrekken van leningen en garanties en het aangaan van
                                    financiële participaties anders dan genoemd in het tweede lid
                                    worden uitsluitend gedaan uit hoofde van de publieke taak. Bij
                                    het uitzetten van middelen, het verstrekken van garanties en het
                                    aangaan van financiële paricipaties uit hoofde van de publieke
                                    taak bedingt het college indien mogelijk zekerheden. Het college
                                    motiveert in zijn besluit het openbaar belang van dergelijke
                                    uitzettingen van middelen, verstrekkingen van garanties en
                                    financiële participaties.</al>
                <al>4. Het college stelt regels op ter uitvoering van het gestelde
                                    onder het eerste tot en met derde lid en legt deze regels
                                    alsmede de regels voor taken en bevoegdheden, de
                                    verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening
                                    vast in een besluit financieringsstatuut. Het college zendt het
                                    besluit financieringsstatuut ter kennisgeving aan de raad.</al>
                <al/>
                <al>
                  <vet>
                    <cursief/>
                  </vet>
                </al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15.</nr>
              <titel>Registratie bezittingen, activa en vermogen</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college draagt zorgt voor een actuele en volledige registratie
                            van bezittingen. In de registratie worden ook opgenomen
                            niet-geactiveerde kunstvoorwerpen met cultuurhistorische waarde en de
                            niet- of netto-geactiveerde investeringen in de openbare ruimte.</al>
            <al>2. Het college draagt er zorg voor, dat de registratie en de
                            ontwikkeling van de bezittingen en het vermogen van de gemeente
                            systematisch worden gecontroleerd, met dien verstande dat de
                            waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de
                            (debiteuren-)vorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen en de
                            (crediteuren-)schulden jaarlijks worden gecontroleerd en
                            registergoederen en bedrijfsmiddelen tenminste eenmaal in de 4
                            jaar.</al>
            <al>3. Bij afwijkingen in de registratie van bezittingen neemt het college
                            maatregelen voor herstel van de tekortkomingen. De resultaten van de
                            controle en eventuele plannen van verbetering worden ter kennisgeving
                            aan de raad aangeboden.</al>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Paragrafen</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al/>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16.</nr>
              <titel>Lokale heffingen</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt tenminste eenmaal in de vier jaar een (bijgestelde)
                            nota lokale heffingen aan. Deze nota behandelt in ieder geval:</al>
            <al>- de samenstelling van het pakket aan gemeentelijke belastingen en
                            heffingen;</al>
            <al>- de verdeling van de druk van de belastingen over de diverse
                            bevolkingsgroepen en belanghebbenden;</al>
            <al>- de kostendekkendheid van de heffingen;</al>
            <al>- de druk van de lokale belastingen en heffingen;</al>
            <al>- het kwijtscheldingsbeleid en het tarievenbeleid.</al>
            <al>2. De nota bevat voorts een overzicht van de verordeningen met de
                            bijbehorende vaststellingsdata waarin tarieven, heffingen en prijzen
                            zijn vastgelegd. Het college draagt er zorg voor dat er een actueel
                            overzicht is van de tarieven, heffingen, prijzen en kosten per
                            verstrekte dienst. De raad stelt de nota vast binnen 2 maanden nadat de
                            nota is aangeboden.</al>
            <al>3. Voor het vaststellen van de hoogte van gemeentelijke tarieven,
                            heffingen en prijzen door de raad verstrekt het college aan de raad per
                            verordening de actueel geraamde hoeveelheden per door de gemeente
                            verstrekte dienst, waarover de tarieven, heffingen en prijzen in
                            rekening worden gebracht en per verordening het totaal van de geraamde
                            kosten van de erin genoemde door de gemeente verstrekte diensten.</al>
            <al>4. Bij de begroting en jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            lokale heffingen verslag van: de opbrengsten per lokale heffing; het
                            volume en bedrag aan kwijtscheldingen; de kostendekkendheid van de
                            rioolrechten en de afvalstoffenheffing; de (ontwikkeling van de) lokale
                            lastendruk voor eenpersoonshuishoudingen, meerpersoonshuishoudingen en
                            bedrijven.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17.</nr>
              <titel>Weerstandsvermogen en risicomanagement</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt tenminste eenmaal in de vier jaar een (bijgestelde)
                            nota weerstandsvermogen en risicomanagement aan. In deze nota wordt
                            ingegaan op het risicomanagement, het opvangen van risico’s door
                            verzekeringen, voorzieningen, het weerstandsvermogen of anderszins. In
                            de nota wordt tevens het gewenste weerstandscapaciteit bepaald. De raad
                            stelt de nota vast binnen 2 maanden nadat de nota is aangeboden.</al>
            <al>2. Het college geeft aan in de paragraaf weerstandsvermogen van de
                            begroting en van de jaarstukken de risico’s van materieel belang en een
                            inschatting van de kans dat deze risico’s zich voordoen. Het college
                            brengt hierbij in elk geval de risico’s in beeld en actualiseert de
                            risico’s genoemd in de nota bedoeld in het eerste lid. Hierbij wordt
                            speciale aandacht gegeven aan:</al>
            <al>een inventarisatie van de weeerstandscapaciteit, een inventarisatie van
                            de risico’s, het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de
                            risico’s.</al>
            <al/>
            <al>Het college geeft aan in de paragraaf weerstandsvermogen van de
                            begroting en van de jaarstukken de weerstandscapaciteit en in hoeverre
                            schade en verliezen als gevolg van de risico’s van materieel belang met
                            de weerstandscapaciteit kunnen worden opgevangen.</al>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18.</nr>
              <titel>Onderhoud kapitaalgoederen</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt tenminste eens in de vier jaar een nota onderhoud
                            openbare ruimte aan. De nota geeft het kader weer voor de inrichting van
                            het onderhoud en het beoogde onderhoudsniveau voor het openbaar groen,
                            water, wegen, kunstwerken en straatmeubilair en eveneens de
                            normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. De raad stelt
                            de nota vast binnen 2 maanden nadat de nota is aangeboden.</al>
            <al>2. Het college biedt ten minste eens in de vier jaar een nota
                            rioleringsplan aan. De nota geeft het kader weer voor de inrichting van
                            het onderhoud, het beoogde onderhoudsniveau en de uitbreiding van de
                            riolering alsmede de kwaliteit van het milieu en eveneens de
                            normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. De raad stelt
                            de nota vast binnen 2 maanden nadat de nota is aangeboden.</al>
            <al>3. Het college biedt jaarlijks voor 1 september een nota onderhoud
                            gebouwen aan ter behandeling en vaststelling door de raad. De nota bevat
                            de voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten
                            aan de gemeentelijke gebouwen en eveneens de normkostensystematiek en
                            het meerjarig budgettair beslag. De raad stelt de nota voor 1 oktober
                            vast.</al>
            <al>4. Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            onderhoud kapitaalgoederen verslag over de voortgang van het geplande
                            onderhoud en het eventuele achterstallig onderhoud aan openbaar groen,
                            water, wegen, kunstwerken, straatmeubilair, riolering, gebouwen.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>19.</nr>
              <titel>Financiering</titel>
            </kop>
            <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            financiering in ieder geval verslag van:</al>
            <al>a. de kasgeldlimiet;</al>
            <al>b. de renterisico norm;</al>
            <al>c. de liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte voor de komende
                            drie jaar;</al>
            <al>d. de rentevisie en</al>
            <al>e. de rentekosten en rente-opbrengsten verbonden aan de
                            financieringsfunctie.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>20.</nr>
              <titel>Bedrijfsvoering</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college stelt tenminste eenmaal in de vier jaar een nota
                            bedrijfsvoering vast. De nota wordt ter kennisgeving aan de raad
                            gezonden. In de nota wordt speciale aandacht geschonken aan de relatie
                            tussen het gemeentelijk apparaat en de inwoners van de gemeente.</al>
            <al>2. In de bedrijfsvoeringsparagraaf in de begroting wordt ingegaan op de
                            tijdelijke en actuele onderwerpen die aandacht behoeven. In de
                            bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag wordt gerapporteerd over de
                            bij de begroting bepaalde onderwerpen aangaande de bedrijfsvoering
                            alsmede over nieuwe ontwikkelingen. Daarbij wordt speciale aandacht
                            gegeven aan:</al>
            <al>personeelsformatie en opbouw, directe loonskosten, personeelskosten,
                            kosten inleen/inhuur, huisvestingskosten, automatiseringskosten,
                            projecten.</al>
            <al>3. Het college rapporteert in de bedrijfsvoeringsparagraaf van de
                            begroting en jaarstukken over de voortgang van de onderzoeken naar de
                            doelmatigheid en doeltreffendheid, bedoeld in artikel 213a Gemeentewet,
                            en de uitputting van de bijbehorende budgetten.</al>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>21.</nr>
              <titel>Verbonden partijen</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt tenminste eenmaal in de vier jaar<cursief/>een nota
                            verbonden partijen aan. De raad stelt de nota vast binnen 2 maanden
                            nadat de nota is aangeboden.</al>
            <al>2 Van elk van de verbonden partijen wordt weergegeven het openbaar
                            belang, het eigen vermogen, de solvabiliteit, het financieel resultaat
                            en het financieel belang en de zeggenschap van de gemeente.</al>
            <al>3. De nota bevat voorts de kaders voor het beleid aangaande (het aangaan
                            van nieuwe) participaties met name de condities waaronder het publiek
                            belang is gediend met behartiging door verbonden partijen, de taken,
                            verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de verbonden partijen en de
                            financiële voorwaarden.</al>
            <al>4. In de begroting en de jaarstukken wordt in de paragraaf verbonden
                            partijen in elk geval ingegaan op nieuwe verbonden partijen, het
                            beëindigen van bestaande verbonden partijen, het wijzigen van bestaande
                            verbonden partijen en eventuele problemen bij bestaande verbonden
                            partijen.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>22.</nr>
              <titel>Grondbeleid</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt ten minste eens in de vier jaar een (bijgestelde)
                            nota grondbeleid aan ter behandeling en vaststelling door de raad. In
                            deze nota wordt aandacht besteed aan:</al>
            <al>a. de relatie met de programma’s van de begroting;</al>
            <al>b. de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de
                            gemeente;</al>
            <al>c. aan te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten;</al>
            <al>d. de voorraadverwerving en uitgifte van gronden;</al>
            <al>e. de uitgifte van gronden in erfpacht en de bijstelling van
                            erfpachtvergoedingen.</al>
            <al>De raad stelt de nota vast binnen 2 maanden nadat de nota is
                            ingediend.</al>
            <al>2. In de paragraaf grondbeleid van de begroting en de jaarstukken wordt
                            ingegaan op de uitvoering van de nota grondbeleid, met name de
                            belangrijkste financiële ontwikkelingen zoals
                            verlies/winstverwachtingen, de verwerving van gronden e.d. en de
                            relaties van het grondbeleid met de programma’s.</al>
            <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            grondbeleid verslag van:</al>
            <al/>
            <al>a. een aanduiding van de wijze waarop de gemeente het grondbeleid
                            uitvoert;</al>
            <al>b. een actuele prognose van de te verwachten resultaten van de totale
                            grondexploitatie;</al>
            <al>c. een onderbouwing van de geraamde winstneming;</al>
            <al>d. de beleidsuitgangspunten omtrent de reserves voor grondzaken in
                            relatie tot de risico’s van de grondzaken.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>23.</nr>
              <titel>Verstrekking subsidies</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college biedt tenminste eens in de vier<cursief/>jaar een
                            (bijgestelde) nota verstrekking gemeentelijke subsidies aan. De nota
                            bevat het kader voor de verstrekking van gemeentelijke subsidies en een
                            overzicht van de toegekende gemeentelijke subsidies.</al>
            <al>2. De raad stelt de nota vast binnen 2 maanden na aanbieding van de nota
                            door het college.</al>
            <al/>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>Financiële organisatie en administratie</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al/>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>24.</nr>
              <titel>Administratie</titel>
            </kop>
            <al>1. De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder
                            geval dienstbaar is voor:</al>
            <al>a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de
                            gemeente als geheel en in de diensten;</al>
            <al>b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van
                            activa met economisch nut, activa met maatschappelijk nut, voorraden,
                            vorderingen en schulden, enzovoorts.;</al>
            <al>c. het verschaffen van informatie aan de budgethouders en voor het maken
                            van kostencalculaties;</al>
            <al>d. het bevorderen van de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de
                            doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde
                            beleidsdoelen, de begroting en ter zake geldende wet- en
                            regelgeving;</al>
            <al>e. het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de
                            doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie
                            tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en ter zake geldende wet- en
                            regelgeving;</al>
            <al>f. de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de
                            daaraan ontleende informatie alsmede voor de controle op de
                            rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde
                            bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>25.</nr>
              <titel>Financiële administratie</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt er zorg voor dat:</al>
            <al>a. de inrichting en de werking van de financiële administratie voldoet
                            aan het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten en
                            andere relevante wet- en regelgeving;</al>
            <al>b. de vereiste informatie verstrekt wordt aan het rijk, de provincie en
                            de Europese Unie, alsmede aan andere instellingen die specifieke
                            verantwoordingsverplichtingen opleggen aan gemeenten.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>26.</nr>
              <titel>Financiële organisatie</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt de zorg voor en legt (in een besluit) vast:</al>
            <al>a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een
                            eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de diensten</al>
            <al>b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden,
                            verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van interne controle wordt
                            voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie aan beleids-
                            en beheersorganen is gewaarborgd;</al>
            <al>c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                            verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en
                            investeringskredieten;</al>
            <al>d. de regels voor de opdrachtverlening en de verrekening van leveringen
                            tussen de diensten van de gemeente;</al>
            <al>e. de te maken afspraken met de diensten over de te leveren prestaties,
                            de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van
                            rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van
                            middelen;</al>
            <al>f. de regels voor de verlening van décharge over het gevoerde beheer van
                            de diensten.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>27.</nr>
              <titel>Aanbesteding en inkoop</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt zorg voor en legt (in een besluit) vast de interne
                            regels (protocol) voor de inkoop en aanbesteding van werken en diensten.
                            De regels waarborgen dat wordt gehandeld in overeenstemming met de
                            regels terzake van de Europese Unie.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>28.</nr>
              <titel>Subsidieverstrekking en steunverlening</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt zorg voor en legt (in een besluit) vast de interne
                            regels (protocol) voor de toekenning van steunverlening aan
                            ondernemingen en subsidies. De regels waarborgen dat wordt gehandeld in
                            overeenstemming met de regels terzake van de Europese Unie en de
                            subsidieverordening van de gemeente het Bildt. </al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Titel</label>
            <nr>5.</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al/>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>29.</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening treedt in werking per 1 november 2003, met dien
                            verstande dat de begroting, meerjarenraming, de jaarstukken, de
                            uitvoeringsinformatie en de informatie voor derden en de daarbij
                            behorende toelichtingen met ingang van de begroting voor het
                            begrotingsjaar 2004 voldoen aan de bepalingen van deze verordening.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>30.</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Financiële
                            verordening gemeente het Bildt”.</al>
            <al/>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad donderdag 25 september
                        2003</al>
          <al/>
          <al/>
          <al/>
          <al>De burgemeester, de griffier,</al>
          <al/>
        </slotformulering>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>
