<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dc="http://purl.org/dc/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:sch="http://www.ascc.net/xml/schematron" xmlns:xopus="http://www.xopus.com/xmlns/xsd" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta>
    <owmskern>
      <dcterms:identifier>24585_11</dcterms:identifier>
      <dcterms:title>De verordening op de heffing en de invordering van onroerende zaakbelastingen 2017</dcterms:title>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type>
      <dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Menameradiel</dcterms:creator>
      <dcterms:modified>2017-01-12T10:51:41Z</dcterms:modified>
      <dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Menameradiel</dcterms:spatial>
    </owmskern>
    <owmsmantel>
      <dcterms:alternative>De verordening op de heffing en de invordering van onroerende zaakbelastingen 2017</dcterms:alternative>
      <dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220 </dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220a</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220b</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220c</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220d</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220e</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220f</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220g</dcterms:source>
      <dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 220h</dcterms:source>
      <dcterms:issued>2016-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ynformaasje, 2017, 1</dcterms:isFormatOf>
      <dcterms:publisher scheme="overheid:Gemeente">Menameradiel</dcterms:publisher>
      <overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy>
    </owmsmantel>
    <cvdripm>
      <overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum>
      <overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum>
      <overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft>
      <overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk>
      <overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving>
        <al>Geen.</al>
      </overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving>
      <overheidrg:redactioneleToevoeging>
        <al>Deze verordening is met ingang van 1 januari 2018 op grond van artikel 32 van de Wet algemene regels herindeling van rechtswege vervallen.</al>
      </overheidrg:redactioneleToevoeging>
    </cvdripm>
  </meta>
  <body>
    <intitule/>
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>
            <vet>De raad van de gemeente Menameradiel;</vet>
          </al>
          <al/>
          <al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 15 november
                        2016;</al>
          <al/>
          <al>gelet op de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet;</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>
            <vet>besluit:</vet>
          </al>
          <al/>
          <al/>
          <al>vast te stellen de:</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>
            <cursief>Verordening op de heffing en de invordering van onroerende
                            zaakbelastingen 2017.</cursief>
          </al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Belastingplicht</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1.">
              <al>Onder de naam “onroerende zaakbelastingen” worden ter zake van
                                binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen
                                geheven:</al>
              <lijst>
                <li nr="a.">
                  <al>een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het
                                        kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot
                                        woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
                                        recht of persoonlijk recht gebruikt, ver-der te noemen:
                                        gebruikersbelasting;</al>
                </li>
                <li nr="b.">
                  <al>een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het
                                        kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft
                                        krachtens eigendom, bezit of be-perkt recht, verder te
                                        noemen: eigenarenbelasting.</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
            <li nr="2.">
              <al>Bij de gebruikersbelasting wordt:</al>
              <lijst>
                <li nr="a.">
                  <al>gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak
                                        in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene
                                        die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel
                                        in gebruik heeft gegeven is bevoegd de belasting als zodanig
                                        te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is
                                        gegeven;</al>
                </li>
                <li nr="b.">
                  <al>het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor
                                        volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die
                                        die onroerende zaak ter beschik-king heeft gesteld; degene
                                        die de onroerende zaak ter beschikking heeft ge-steld is
                                        bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan
                                        wie die zaak ter beschikking is gesteld.</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
            <li nr="3.">
              <al>Met betrekking tot de eigenarenbelasting wordt als genothebbende
                                krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij
                                het begin van het kalenderjaar als zodanig in de kadastrale
                                registratie is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen
                                genothebbende krachtens eigendom, bezit, of beperkt recht is.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Belastingobject</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1.">
              <al>Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in
                                hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken. </al>
            </li>
            <li nr="2.">
              <al>Een onroerende zaak dient in hoofdzaak tot woning indien de waarde
                                die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken
                                is vastge-steld voor die onroerende zaak in hoofdzaak kan worden
                                toegerekend aan de-len van die onroerende zaak die dienen tot woning
                                dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Maatstaf van heffing</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1.">
              <al>De heffingsmaatstaf is de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet
                                waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde
                                waarde voor het ka-lenderjaar bedoeld in artikel 1.</al>
            </li>
            <li nr="2.">
              <al>Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is
                                vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering
                                onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak
                                bepaald met overeenkomstige toe-passing van het bepaalde bij of
                                krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet
                                waardering onroerende zaken. </al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Vrijstellingen</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1.">
              <al>In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij het bepalen van de
                                heffingsmaat-staf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet
                                reeds is geschied bij de be-paling van de in dat artikel bedoelde
                                waarde, de waarde van:</al>
              <lijst>
                <li nr="a.">
                  <al>ten behoeve van de land- of bosbouw bedrijfsmatig
                                        geëxploiteerde cultuur-grond, daaronder mede begrepen de
                                        open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die
                                        bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van
                                        gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te
                                        gebruiken;</al>
                </li>
                <li nr="b.">
                  <al>glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de
                                        kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond
                                        daarvan bestaat uit de in onder a. bedoelde grond;</al>
                </li>
                <li nr="c.">
                  <al>onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de
                                        openbare ere-dienst of voor het houden van openbare
                                        bezinningssamenkomsten van le-vensbeschouwelijke aard, een
                                        en ander met uitzondering van delen van zo-danige onroerende
                                        zaken die dienen als woning;</al>
                </li>
                <li nr="d.">
                  <al>één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de
                                        voet van de Natuurschoonwet 1928 (Stb. 1989, 252) aangewezen
                                        landgoed dat vol-doet aan de in artikel 1, derde lid,
                                        onderdeel b, van die wet bedoelde voor-waarden met
                                        uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde
                                        eigen-dommen;</al>
                </li>
                <li nr="e.">
                  <al>natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen,
                                        heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die
                                        door rechtspersonen met vol-ledige rechtsbevoegdheid welke
                                        zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van
                                        natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden;</al>
                </li>
                <li nr="f.">
                  <al>openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer
                                        per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken;</al>
                </li>
                <li nr="g.">
                  <al>waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden
                                        beheerd door organen, instellingen of diensten van
                                        publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de
                                        delen van zodanige werken die dienen als woning;</al>
                </li>
                <li nr="h.">
                  <al>werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en
                                        ander afvalwater en die worden beheerd door organen,
                                        instellingen of diensten van publiekrech-telijke
                                        rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige
                                        werken die dienen als woning;</al>
                </li>
                <li nr="i.">
                  <al>werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden
                                        afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die
                                        werktuigen wordt toege-bracht en die niet op zichzelf als
                                        gebouwde eigendommen zijn aan te mer-ken;</al>
                </li>
                <li nr="j.">
                  <al>onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden
                                        gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, met
                                        uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die
                                        bestemd zijn te worden gebruikt voor het geven van
                                        onderwijs;</al>
                </li>
                <li nr="k.">
                  <al>straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde
                                        eigendom-men – niet zijnde gebouwen – welke zijn geplaatst
                                        ten gerieve of in het be-lang van het publiek, ten dienste
                                        van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals
                                        lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden,
                                        monumen-ten, fonteinen, banken, abri’s, hekken en
                                        palen;</al>
                </li>
                <li nr="l.">
                  <al>plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in
                                        beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens
                                        eigendom, bezit of beperkt recht;</al>
                </li>
                <li nr="m.">
                  <al>begraafplaatsen, urnentuinen, strooivelden en crematoria,
                                        een en ander met uitzondering van delen van zodanige
                                        onroerende zaken die dienen als wo-ning;</al>
                </li>
                <li nr="n.">
                  <al>sportaccommodaties, waaronder wordt verstaan accommodaties
                                        welke uit-sluitend, dan wel grotendeels gebruikt worden voor
                                        de beoefening van de sport daaronder tevens begrepen de bij
                                        deze accommodaties behorende kleedruimtes, clubhuizen en
                                        opbergruimten;</al>
                </li>
                <li nr="o.">
                  <al>onderwijs, waaronder wordt verstaan onroerende zaken of
                                        delen daarvan die bestemd zijn te worden gebruikt voor het
                                        geven van basisonderwijs.</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
            <li nr="2.">
              <al>De vrijstelling met betrekking tot de in onderdeel j. van het eerste
                                lid bedoelde onroerende zaken voor de eigenarenbelasting geldt niet
                                voor zover de ge-meente van die zaken niet het genot heeft krachtens
                                eigendom, bezit of be-perkt recht.</al>
            </li>
            <li nr="3.">
              <al>In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de
                                heffingsmaat-staf voor de gebruikersbelasting buiten aanmerking
                                gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in
                                hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan
                                woondoeleinden.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Belastingtarieven</titel>
          </kop>
          <table>
            <tgroup cols="4">
              <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="25*"/>
              <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/>
              <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/>
              <colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="25*"/>
              <tbody>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al>1.</al>
                  </entry>
                  <entry nameend="col4" namest="col2">
                    <al>Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van
                                            de heffingsmaatstaf. Het percentage bedraagt voor:</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al/>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>a.</al>
                  </entry>
                  <entry nameend="col4" namest="col3">
                    <al>de gebruikersbelasting niet-woningen 0,1467%;</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al/>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>b.</al>
                  </entry>
                  <entry nameend="col4" namest="col3">
                    <al>bij de eigenarenbelasting</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al/>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al/>
                  </entry>
                  <entry colname="col3">
                    <al>1.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col4">
                    <al>voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen
                                            0,1425%;</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al/>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al/>
                  </entry>
                  <entry colname="col3">
                    <al>2.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col4">
                    <al>voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning
                                            dienen 0,2213%.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al>2.</al>
                  </entry>
                  <entry nameend="col4" namest="col2">
                    <al>Belastingaanslagen van minder dan € 10,00 worden niet
                                            opgelegd.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al>3.</al>
                  </entry>
                  <entry nameend="col4" namest="col2">
                    <al>Voor de toepassing van het bepaalde in het tweede lid
                                            wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde
                                            aanslagen onroerende zaakbelastingen of andere heffingen
                                            aangemerkt als één belastingaanslag.</al>
                  </entry>
                </row>
              </tbody>
            </tgroup>
          </table>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Wijze van heffing</titel>
          </kop>
          <al>De belastingen worden bij wege van aanslag geheven.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Termijnen van betaling</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1.">
              <al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald in drie gelijke termijnen. De
                                eerste termijn vervalt 1 maand na dagtekening van het aanslagbiljet
                                en elke volgende termijn telkens twee maanden later.</al>
            </li>
            <li nr="2.">
              <al>In afwijking van het eerste lid geldt dat zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke
                                termijnen. De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van
                                het aanslagbiljet en elk van de vol-gende termijnen telkens een
                                maand later.</al>
            </li>
            <li nr="3.">
              <al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                                lid gestel-de termijnen.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel>
          </kop>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        be-trekking tot de heffing en invordering van de onroerende
                        zaakbelastingen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Overgangsbepaling</titel>
          </kop>
          <al>De “verordening op de heffing en invordering van onroerende
                        zaakbelastingen 2016”, vastgesteld bij raadsbesluit van 22 december 2015, wordt ingetrokken
                        met ingang van 1 januari 2017, met dien verstande dat zij van toepassing blijft
                        op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10</nr>
            <titel>Inwerkingtreding</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1.">
              <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van de bekendmaking, doch niet voor de in lid 2 genoemde
                                datum.</al>
            </li>
            <li nr="2.">
              <al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>11</nr>
            <titel>Citeertitel</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening onroerende
                        zaakbe-lastingen 2017”. </al>
          <al/>
          <al/>
          <al/>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Menameradiel</al>
          <al>in zijn openbare vergadering van 21 december 2016;</al>
          <al/>
          <al>de griffier,</al>
          <al/>
          <al>de voorzitter,</al>
        </slotformulering>
      </regeling-sluiting>
      <bijlage/>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>
